|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 1999-2000, 27 086.
Handelingen II 1999-2000, blz. 5461.
Kamerstukken I 1999-2000, 27 086 (266).
Handelingen I 1999-2000, blz. 1595.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 5 juli 2000, Stb.
2000, 338, tot wijziging van de artikelen 19 en
77 van de Ziekenfondswet,
artikel 62 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
en artikel 51 van de Wet financiering volksverzekeringen.
Inwerkingtreding: 25 augustus 2000.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is de door de Wet van 27 maart 1999 tot wijziging van de Ziekenfondswet, de
Wet tarieven
gezondheidszorg en de Wet
ziekenhuisvoorzieningen in verband met wijzigingen in de taak,
samenstelling en de werkwijze van de in die wetten geregelde
bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee
(uitvoeringsorganen volksgezondheid) (Stb. 1999, 185),
niet-beoogde
wijzigingen in de aanduiding van het orgaan waarbij het personeel van
het College voor zorgverzekeringen beroep kan instellen en van het
orgaan waarbij door een belanghebbende beroep kan worden ingesteld tegen
een besluit van het College in het kader van de kring der verzekerden
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, ongedaan te maken alsmede een door
die wet onduidelijke tekst van artikel 51 van de
Wet financiering
volksverzekeringen te corrigeren;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
[MvT]
De Ziekenfondswet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 19, zesde lid,
wordt "de tweede en derde volzin" vervangen door: de tweede volzin.
B. [MvT]
Artikel 77 komt te luiden:
Art. 77.
Een belanghebbende kan tegen
ingevolge deze wet genomen besluiten van Onze
Minister, van het
bestuur van het College, van de commissie, bedoeld in artikel
1u, en
van rechtspersonen als bedoeld in artikel 1p,
tweede lid, beroep instellen
bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van
State. De eerste
volzin geldt niet ten aanzien van een besluit genomen jegens een persoon
die behoort tot het personeel van het College.
Art. II.
[MvT]
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Aan artikel 5, derde lid,
wordt een volzin toegevoegd, luidende: In die algemene maatregel van
bestuur kan aan het bestuur van het College worden opgedragen op een
aanvraag van een belanghebbende die bij de algemene maatregel van
bestuur van de verzekering ingevolge deze wet is uitgezonderd, een
verklaring af te geven dat hij niet verzekerd is.
B. [MvT]
Artikel 62 komt te luiden:
Art. 62.
Een belanghebbende kan tegen
ingevolge deze wet genomen besluiten van Onze
Minister, van het
bestuur van het College en van de commissie, bedoeld in artikel
1u van de Ziekenfondswet, beroep instellen bij de
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van
State. De eerste volzin geldt niet ten aanzien van
een besluit van het bestuur van het College krachtens artikel
5, derde
lid, tweede volzin.
Art. III.
[MvT]
Artikel 51 van de Wet
financiering volksverzekeringen komt te luiden:
Art. 51.
Een belanghebbende kan
beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van
State tegen
besluiten van het bestuur van het College, genomen krachtens
artikel 40, eerste, tweede of vierde lid, alsmede tegen besluiten van
de commissie, bedoeld in artikel 1u, van de
Ziekenfondswet, genomen
krachtens artikel 40, eerste, tweede of derde
lid.
Art. IV.
[MvT]
Een beroep tegen een besluit
als bedoeld in artikel 77, tweede volzin, van de
Ziekenfondswet
respectievelijk artikel 62, tweede volzin, van de
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, zoals die artikelen luiden met
ingang van de datum van
inwerkingtreding van deze wet, dat vóór die datum bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van
State is ingesteld op grond van
artikel 77 van de Ziekenfondswet respectievelijk
artikel 62 van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten, zoals die artikelen tot dat tijdstip
luidden, en waarop nog niet onherroepelijk is beslist, wordt ter
behandeling overgedragen aan de bevoegde rechtbank.
Art. V.
Deze wet treedt in werking
met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad
waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
5 juli 2000
BEATRIX
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers
Uitgegeven de vierentwintigste
augustus 2000
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
|
|