|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2000-2001, 2001-2002,
27 873.
Handelingen II 2001-2002, blz. 3956-3970, 4077.
Kamerstukken I 2001-2002, 27 873 (282, 282a, 282b, 282c); 2002-2003, 27
873 (36, 36a).
Handelingen I 2002-2003, blz. 138.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET
van 14 november 2002, Stb. 2002, 584, tot wijziging van de Ziektewet en enkele andere
wetten in verband met de invoering van eigen risico dragen door de
werkgever (Wet eigen risico dragen Ziektewet). Inwerkingtreding:
1 maart 2003 (Stb. 2003, 72).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen,
die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is werkgevers de mogelijkheid te geven zelf het risico te
dragen van de wettelijke ziekengeldverzekering voor zover het betreft
uitkeringen aan personen als bedoeld in artikel
29, tweede lid, onderdeel
a, b en c, van de Ziektewet;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art I. Wijziging
van de Ziektewet [MvT]
De Ziektewet
wordt als volgt
gewijzigd:
A.
[MvT
+ bis]
In artikel 1, eerste lid, wordt de punt aan het einde van onderdeel g
vervangen door een puntkomma en wordt een nieuw onderdeel toegevoegd,
luidende:
h. eigenrisicodrager: de werkgever aan wie de toestemming is verleend,
bedoeld in artikel 63, eerste lid.
B.
[MvT
+ bis]
Artikel 2a vervalt.
C.
[MvT
+ bis]
Aan artikel 29 worden
twee leden toegevoegd, luidende:
-9. Het tijdvak van 52
weken, bedoeld in het vijfde lid, wordt verlengd met de duur van het
tijdvak dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
op grond van
artikel
71b,
derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
heeft vastgesteld.
-10. Het tweede lid,
onderdeel a, b of c, is niet van toepassing indien onderdeel
g van dat lid
van toepassing is.
D.
[MvT
+ bis]
Na artikel 30a wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 30b.
-1. De intrekking of
verlaging van een uitkering die voortvloeit uit het door de werkgever ingesteld bezwaar of
beroep vindt niet eerder plaats
dan de dag volgend op die
waarop de beslissing op bezwaar is bekendgemaakt of de uitspraak is
gedaan. De eerste zin is van overeenkomstige toepassing in geval van
intrekking van het bezwaar of beroep omdat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
geheel of gedeeltelijk is tegemoet gekomen aan het
bezwaar of beroep van de werkgever.
-2. Het eerste lid geldt niet indien de uitkering door eigen schuld of toedoen van de werknemer
ten onrechte of tot een te hoog bedrag is vastgesteld.
E.
[MvT
+ bis]
Artikel 52a wordt als
volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de
aanduiding "-1." geplaatst.
2. Er wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-2. De eigenrisicodrager
treedt voor de toepassing van het eerste lid in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
F.
[MvT
+ bis]
Na artikel 62 wordt een
hoofdstuk ingevoegd, luidende:
HOOFDSTUK IIIA. Eigen risico dragen door de werkgever
Art. 63. [MvT
+ bis]
-1. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
verleent aan een werkgever op
aanvraag
toestemming om het risico van betaling van het ziekengeld aan de
personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b en
c, die
laatstelijk tot hem in dienstbetrekking stonden, zelf te dragen, indien:
a. de werkgever een
schriftelijke garantie overlegt waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een
verzekeraar zich jegens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
verplicht, op het eerste verzoek van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen waarbij het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen schriftelijk meedeelt dat de verplichtingen die voortvloeien uit het
zelf dragen van dit risico niet worden nagekomen, die
verplichtingen na te komen tot een bedrag dat wordt berekend overeenkomstig
artikel 63e;
b. de werkgever ter zake
van de begeleiding van zijn zieke werknemers artikel 14, derde lid,
van de Arbeidsomstandighedenwet
1998 in acht neemt en een afschrift
overlegt van de schriftelijke vastlegging, bedoeld in artikel 14, vierde lid,
van die
wet.
-2. De overheidswerkgever,
bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de Wet overheidspersoneel onder
de werknemersverzekeringen, voor zover deze door Onze Minister in
overeenstemming met Onze Minister van Financiën is aangewezen, is ontheven van de verplichting tot het overleggen van
een schriftelijke
garantie, bedoeld in het eerste lid.
-3. De in het eerste lid
bedoelde toestemming wordt niet verleend gedurende drie jaren nadat het door de werkgever zelf dragen van het in
het eerste lid bedoelde
risico is beëindigd.
-4. Onder een
kredietinstelling als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan een op grond
van
artikel 52, tweede lid, van de Wet
toezicht kredietwezen 1992 geregistreerde kredietinstelling.
-5. Onder een verzekeraar
als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan een verzekeraar:
1º. die in het bezit is
van de op grond van artikel 24, eerste lid, van de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993 vereiste vergunning of heeft
voldaan aan de op grond
van de artikelen 37 of 38 van die
wet vereiste procedure met betrekking
tot een bijkantoor in Nederland; of
2º. die heeft voldaan
aan de vereiste procedure, bedoeld in de artikelen 111, eerste lid,
onderdeel
a tot en met c, of tweede lid, 113, eerste of
vierde lid, 116, eerste
lid, onderdeel a tot en met c, of derde lid, of 118, tweede of vijfde lid, van
de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993, indien het de aldaar bedoelde
dienstverrichting naar Nederland betreft.
-6. De garantie, bedoeld
in het eerste lid, wordt voor onbepaalde tijd gegeven. Deze garantie
strekt zich uit tot rechtsopvolgers onder algemene titel van de eigenrisicodrager en tot het risico dat overgaat op de
verkrijgende werkgever,
bedoeld in artikel 63b, derde lid. Deze garantie kan door de
desbetreffende kredietinstelling of verzekeraar niet worden beëindigd zonder
schriftelijke opzegging bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
-7. De garantie, bedoeld
in het eerste lid, strekt zich niet uit tot:
a. ziekengeld ter zake
van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid
als bedoeld in artikel 64, tweede lid, van de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993 of door een kernongeval als bedoeld in
artikel 1, eerste lid, van de Wet
aansprakelijkheid kernongevallen;
b. de boete, bedoeld in
het negende lid.
-8. De toestemming,
bedoeld in het eerste lid, wordt verleend met ingang van 1 januari of 1
juli van enig jaar, mits de aanvraag ten minste dertien weken vóór de
desbetreffende datum is ingediend. Aan een startende werkgever wordt
op zijn verzoek toestemming verleend met ingang van het tijdstip
waarop deze aanvangt werkgever te zijn.
-9. Indien de werkgever
zich met betrekking tot de begeleiding van zijn zieke werknemers niet
meer laat bijstaan door een arbodienst, meldt hij dat zo spoedig mogelijk.
Indien de werkgever deze verplichting niet is nagekomen, legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem
een boete op van ten
hoogste €|454,00. De artikelen 45a, vierde, vijfde en zevende lid,
45b, 45c, 45e, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, en
45g, eerste, vierde, zesde,
achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
-10. Het door de werkgever
zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid:
a. eindigt met ingang van
de dag waarop de schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid, eindigt, onderscheidenlijk met ingang van de
dag waarop de
eigenrisicodrager in staat van faillissement is verklaard of ten aanzien van hem de
schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard
dan wel de dag waarop hij ophoudt werkgever te zijn;
b. wordt door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op 1 januari of 1 juli van
enig jaar beëindigd op aanvraag van de werkgever, mits deze aanvraag ten
minste dertien weken vóór de desbetreffende datum is ingediend;
c. kan door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen zonder aanvraag van de werkgever
met onmiddellijke ingang worden beëindigd, indien:
1º. de rechtbank de
noodregeling, bedoeld in hoofdstuk IX van de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993, onderscheidenlijk de bijzondere
voorziening als bedoeld
in hoofdstuk X van de Wet
toezicht kredietwezen 1992 heeft uitgesproken
over de betrokken verzekeraar onderscheidenlijk kredietinstelling; of
2º. de werkgever zich
met betrekking tot de begeleiding van zijn zieke werknemers niet meer laat
bijstaan door een arbodienst.
-11. Aan een gemeente kan
toestemming worden verleend om het risico, bedoeld in het eerste lid, zelf te dragen met uitzondering van dat
risico ten aanzien van
zijn werknemers die werkzaam zijn bij:
a. een door één of meer
gemeenten, al dan niet tezamen met één of meer privaatrechtelijke
rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid, in stand gehouden school;
b. een door een openbare
rechtspersoon als bedoeld in artikel 47 van de Wet
op het primair onderwijs in stand gehouden school;
c. een door een stichting
als bedoeld in artikel 17 of artikel 48 van de Wet
op het primair onderwijs in stand gehouden school;
d. een door het bevoegd
gezag van een openbare school, al dan niet met één of meer andere
bevoegde gezagsorganen als bedoeld in de Wet
op het primair onderwijs,
de Wet op de
expertisecentra of de Wet
op het voortgezet onderwijs, in
stand gehouden centrale dienst zoals die beschreven wordt in
artikel 68 van de Wet
op het primair onderwijs, voor zover de kosten voor
de betrokken werknemers door het Rijk worden bekostigd; of
e. openbare scholen als
bedoeld in artikel 1, onderdeel a tot en met c, en artikel 124,
onderdeel
a tot en met c, van de Wet
op het voortgezet onderwijs.
Art. 63a. [MvT
+ bis]
-1. De eigenrisicodrager
verricht met betrekking tot de persoon, bedoeld in artikel
63, eerste
lid, de werkzaamheden ter zake van de voorbereiding van besluiten op grond
van deze wet inzake uitkeringen, met uitzondering van besluiten op grond
van artikel 45a en besluiten op grond van bezwaar of beroep. De
eigenrisicodrager begeleidt de persoon, bedoeld in artikel
63, eerste lid, bij
gebleken ongeschiktheid als zou hij in een privaatrechtelijke dienstbetrekking tot de
eigenrisicodrager staan, met toepassing van artikel 71b, derde lid,
van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
-2. Bij de uitvoering van
het eerste lid treedt de eigenrisicodrager voor de toepassing van de
artikelen 28, eerste lid, 30, derde lid, 37, eerste lid, en
39, eerste en tweede
lid, in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
De eerste zin blijft buiten toepassing voor zover noodzakelijk voor het
verrichten van werkzaamheden op grond van het vierde of vijfde lid door
het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
-3. De eigenrisicodrager
betaalt het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
toegekende ziekengeld namens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de persoon, bedoeld
in artikel 63, eerste
lid. Indien de eigenrisicodrager het ziekengeld niet betaalt, wordt dit
betaald door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen verhaalt het ziekengeld,
alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde
premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht,
op de eigenrisicodrager.
-4. Op verzoek van een
eigenrisicodrager verricht het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
de werkzaamheden als bedoeld in de eerste zin van het eerste lid of onderdelen hiervan. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
brengt de kosten daarvan, alsmede de kosten die voortvloeien
uit het derde lid, in rekening bij de eigenrisicodrager.
-5. Indien de
eigenrisicodrager werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid naar het oordeel van
het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet, niet
voldoende of niet juist verricht, verricht het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen die werkzaamheden. Het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen brengt de kosten daarvan, alsmede de kosten die
voortvloeien uit het derde lid, in rekening bij de eigenrisicodrager.
-6. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vergoedt aan de eigenrisicodrager op
aanvraag de schade die deze lijdt door toepassing van artikel 30b, eerste
lid.
-7. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt, onder goedkeuring van
Onze Minister, nadere regels met betrekking tot dit artikel.
Art. 63b. [MvT
+ bis]
-1. De eigenrisicodrager
draagt het risico, bedoeld in artikel 63, eerste lid, voor zover de eerste
dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen op of na de dag waarop de werkgever eigenrisicodrager is geworden.
-2. Indien het zelf dragen
van het risico eindigt of wordt beëindigd, blijft de werkgever ten aanzien
van een persoon het risico, bedoeld in artikel
63, eerste lid, dragen,
voor zover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen vóór
het einde van het eigen risico dragen. Indien de werkgever in staat van
faillissement is verklaard of indien ten aanzien van hem de
schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel indien
hij ophoudt werkgever te zijn, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
het ziekengeld en verhaalt
het deze uitkering,
alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die
niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht, op de
kredietinstelling of verzekeraar, bedoeld in artikel
63, eerste lid.
-3. In geval van overgang
van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij
faillissement, waarbij de werkgever die de onderneming overdraagt
eigenrisicodrager is, gaat het risico van de betaling van ziekengeld
dat is of wordt toegekend aan de werknemer die op de eerste dag van de
ongeschiktheid tot werken in dienstbetrekking stond tot de werkgever
die de onderneming heeft overgedragen alsmede aan degene die op grond van
artikel 46 van deze wet aanspraak op
ziekengeld heeft en
laatstelijk vóór het einde van de verzekering tot voornoemde werkgever in
dienstbetrekking stond, over op de werkgever die de onderneming
verkrijgt, ook indien deze geen eigenrisicodrager is.
-4. Indien slechts een
deel van een onderneming als bedoeld in het derde lid overgaat, blijft het in dat lid bedoelde risico berusten bij de
werkgever die een deel
van de onderneming overdraagt.
Art. 63c. [MvT]
De eigenrisicodrager die
ter dekking van het risico, bedoeld in artikel
63, eerste lid, een verzekering heeft afgesloten, mag de door hem ter zake van
die verzekering verschuldigde premie niet verhalen op de werknemer. Elk beding waarbij wordt
afgeweken van de eerste zin is nietig.
Art. 63d. [MvT
+ bis]
Voor de toepassing van
dit hoofdstuk wordt de ongeschiktheid tot werken geacht niet te
zijn onderbroken indien de tijdvakken van ongeschiktheid tot werken
elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij
de vaststelling van de periode van vier weken blijven perioden waarin
uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van
artikel 3:7, eerste lid, 3:8 of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt
genoten, buiten beschouwing.
Art. 63e. [MvT]
-1. Het bedrag, bedoeld in
artikel 63, eerste lid, onderdeel a, is gelijk aan de helft van het voor de
werkgever door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
voor het kalenderjaar vastgestelde ziekterisicocijfer, vermenigvuldigd met de
som van het loon waarover op grond van de Werkloosheidswet het,
over het vóór dat kalenderjaar voorafgaande kalenderjaar, door de
werkgever verschuldigde bedrag aan voorschotpremie is vastgesteld.
-2. Indien de in het
eerste lid bedoelde som van het loon niet kan worden vastgesteld, wordt
daarvoor in de plaats gesteld de som van het loon waarover op grond
van de Werkloosheidswet laatstelijk ten laste van de werkgever premie is
vastgesteld of, bij het ontbreken daarvan, de som van het loon waarover op
grond van de Werkloosheidswet voorschotpremie of premie zal worden
vastgesteld.
-3. Het bedrag, bedoeld in
artikel 63, eerste lid, onderdeel a, is niet lager dan de helft van het door
het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor het kalenderjaar vastgestelde gemiddelde
premieplichtige loon per
werknemer.
-4. Het ziekterisicocijfer
wordt berekend op basis van de formule:
A = U : L
waarbij:
A = het
ziekterisicocijfer;
U = de uitkeringen in het
kalenderjaar die op grond van artikel 90, eerste lid, onderdeel c, juncto
het vierde en vijfde lid, van de Werkloosheidswet
ten laste komen van het
wachtgeldfonds van de sector waartoe de werkgever behoort,
bedoeld in artikel 102 van die wet, alsmede de uitvoeringskosten met
betrekking tot die uitkeringen en de op grond van enige wet over die
uitkeringen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die
niet op die uitkeringen in mindering kunnen worden
gebracht;
L = het totaalbedrag van
het loon, bedoeld in artikel 84 van de Werkloosheidswet, waarover het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in het kalenderjaar, ten gunste van het wachtgeldfonds van de
sector waartoe de
werkgever behoort, de aldaar bedoelde premies ontvangt, met
uitzondering van de uitkeringen en het loon waarop artikel
85, derde lid, van de
Werkloosheidswet van toepassing is.
-5. Indien een
wachtgeldfonds bestaat uit onderdelen die niet afzonderlijk worden beheerd, terwijl
het deel van de premie dat ten gunste komt van het
wachtgeldfonds voor elk van die onderdelen afzonderlijk wordt vastgesteld, wordt
voor de toepassing van het vierde lid onder het wachtgeldfonds verstaan
het onderdeel van het wachtgeldfonds.
-6. Bij de vaststelling
van de som van het loon, bedoeld in het eerste en tweede lid, blijft artikel
9, derde en vierde lid, van de
Coördinatiewet
Sociale Verzekering
buiten toepassing.
G.
[MvT
+ bis]
De derde afdeling,
paragraaf 2, wordt vervangen door:
§ 2. Medische besluiten
Art. 75. [MvT]
In deze paragraaf wordt
verstaan onder medisch besluit: een besluit waaraan een beoordeling
van medische gegevens ten grondslag ligt.
Art. 75a. [MvT]
-1. De eigenrisicodrager
heeft slechts recht op inzage in dan wel kennisname of toezending
van enig stuk dat medische gegevens bevat, indien de persoon,
bedoeld in artikel 63, eerste lid, hiervoor toestemming heeft gegeven.
-2. De toestemming wordt
schriftelijk gegeven.
-3. De toestemming kan te
allen tijde schriftelijk worden ingetrokken.
-4. Tijdens het horen in
bezwaar of ter zitting van de rechtbank kan de toestemming ook mondeling
worden ingetrokken.
Art. 75b. [MvT]
De artikelen 75c en 75d
zijn, voor zover nodig in afwijking van de Algemene wet
bestuursrecht, van toepassing indien de in artikel 75a
bedoelde toestemming niet
is gegeven.
Art. 75c. [MvT]
-1. Inzage in dan wel
kennisname of toezending van enig stuk dat medische gegevens bevat,
is voorbehouden aan de arbodienst van de eigenrisicodrager of een
gemachtigde van de eigenrisicodrager die arts is.
-2. De arbodienst dan wel
de gemachtigde, die arts is, treedt in de plaats van de eigenrisicodrager
bij:
a. het opstellen van een
bezwaar- of beroepschrift; en
b. de behandeling van een
bezwaar of beroep;
voor zover betrekking hebbend op medische
gegevens.
Art. 75d. [MvT]
-1. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
vermeldt de motivering van een
medisch besluit, voor zover betrekking hebbend op medische gegevens, op een
aparte bijlage.
-2. De bijlage wordt niet
aan de eigenrisicodrager verstrekt.
-3. Desgevraagd wordt de
bijlage verstrekt aan de arbodienst van de eigenrisicodrager of de
gemachtigde van de eigenrisicodrager, die arts is.
-4. Het tweede en derde
lid zijn van overeenkomstige toepassing op een rapport of een advies van
een arts of een psycholoog waarnaar bij de motivering van een
medisch besluit wordt verwezen.
Art. 75e. [MvT]
Bij de bekendmaking van
een medisch besluit wordt gewezen op de artikelen 75a tot en met
75d en 75f.
Art. 75f. [MvT]
In afwijking van artikel
6:5 van de Algemene wet bestuursrecht worden de gronden van het
bezwaar en beroep, die betrekking hebben op medische gegevens, op een
aparte bijlage vermeld.
Art. 75g. [MvT]
In afwijking van artikel
6:7 van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn voor het
indienen van een bezwaarschrift in een geschil van geneeskundige aard,
omtrent het al dan niet bestaan of voortbestaan van ongeschiktheid tot
werken, twee weken.
Art. 75h. [MvT]
-1. In afwijking van
artikel 7:4, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht
kunnen belanghebbenden in
een geschil als bedoeld in artikel 75g
nog tijdens het horen
nadere stukken indienen.
-2. In afwijking van
artikel 7:4, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, en met inachtneming van de overige artikelen van deze
paragraaf, worden in een
geschil als bedoeld in artikel 75g het bezwaarschrift en alle verder op de zaak
betrekking hebbende stukken:
a. voorafgaand aan het
horen aan belanghebbenden gezonden; dan wel
b. ten minste twee dagen
voorafgaand aan de hoorzitting voor belanghebbenden ter inzage gelegd.
-3. In afwijking van
artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht
beslist het Landelijk instituut sociale verzekeringen
¹ binnen
vier weken na ontvangst
van het bezwaarschrift, bedoeld in artikel 75g.
Art. 75i. [MvT]
De artikelen 7:4, zesde
lid, 8:29 en 8:32, tweede lid, van de
Algemene wet bestuursrecht zijn
niet van toepassing op stukken of inlichtingen die medische gegevens
bevatten.
Art. 75j. [MvT]
-1. In afwijking van
artikel 8:62 van de Algemene wet bestuursrecht
vindt het onderzoek ter
zitting, voor zover betrekking hebbend op medische gegevens, met gesloten
deuren plaats.
-2. In de uitnodiging als
bedoeld in artikel 8:56 van de Algemene wet bestuursrecht
wordt
mededeling gedaan van het bepaalde in het vorige lid.
Art. 75k. [MvT]
De toepassing van de
artikelen 8:81 tot en met 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht,
alsmede de behandeling van het hoger beroep als bedoeld in artikel 18 van
de Beroepswet, geschiedt voor zover nodig met
inachtneming van deze
paragraaf.
H. [MvT]
Artikel 29b wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid
wordt na "voorafgaand aan zijn dienstbetrekking" ingevoegd: , bedoeld in
artikel 3, 4 of 5,.
2. In het derde lid wordt
voor "op verzoek van de werkgever" ingevoegd: van de werknemer, bedoeld in
artikel 3,.
3. Het vijfde lid komt te
luiden:
-5. Dit lid is niet van
toepassing indien de werknemer werkzaam is in een dienstbetrekking in
de zin van de Wet sociale werkvoorziening of de
Wet inschakeling werkzoekenden.
1. Volgens de redactie dient
"Landelijk instituut sociale verzekeringen" te worden
vervangen door: Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen.
Art.
II.
Wijziging van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
[MvT]
De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 43d wordt na "recht bestaat op" ingevoegd: ziekengeld op grond van
artikel 29,
negende lid, van de Ziektewet, op.
B. [MvT]
In artikel 71b wordt,
onder vernummering van het derde lid tot het vierde lid, een lid ingevoegd, luidende:
-3. In afwijking van het
eerste lid is artikel 71a, eerste, tweede, derde, vijfde, zesde, zevende en
achtste lid, van overeenkomstige toepassing op de eigenrisicodrager, bedoeld in
artikel 1, eerste lid, onderdeel
h, van de
Ziektewet, ten aanzien van
de persoon, bedoeld in artikel 63, eerste lid, van die
wet. Indien bij de
behandeling van de aanvraag, bedoeld in artikel
34, derde lid, en de
beoordeling, bedoeld in artikel 34a, blijkt dat de eigenrisicodrager, bedoeld in de eerste zin,
zonder deugdelijke grond de uit die zin voortvloeiende
verplichtingen dan wel de krachtens het zevende lid gestelde regels niet of
niet volledig nakomt of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht, stelt het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
een tijdvak
vast gedurende welke de persoon, bedoeld in
de eerste zin, recht op
ziekengeld heeft op grond van artikel 29 van de Ziektewet. Dit tijdvak is
ten hoogste 52 weken en wordt afgestemd op de aard en de ernst van het
verzuim, alsmede op de periode die nodig wordt geacht om alsnog
voldoende reïntegratie-inspanningen te leveren.
C. [MvT]
Artikel 28 wordt als
volgt gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt
de zinsnede "of artikel 34a, eerste lid" vervangen door: ,
artikel
34a, eerste lid, of artikel 34a, vierde lid.
2. In onderdeel h wordt
de zinsnede "zonder deugdelijke grond weigert mee te werken" vervangen
door "zonder deugdelijke grond weigert of heeft geweigerd mee te
werken" en wordt na "te verrichten" de zinsnede ingevoegd: dan wel indien
bij de behandeling van de aanvraag, bedoeld in artikel
34, derde lid,
en bij de beoordeling als bedoeld in artikel 34a, eerste lid, blijkt dat de
belanghebbende zonder deugdelijke grond onvoldoende
reïntegratie-inspanningen heeft verricht.
3. Aan onderdeel h wordt
een zin toegevoegd, luidende:
Voor de toepassing van dit onderdeel wordt onder werkgever mede verstaan de
eigenrisicodrager,
bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet.
D. [MvT]
Artikel 34a wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid
wordt na "de werknemer" de zinsnede ingevoegd: dan wel de eigenrisicodrager, bedoeld in
artikel 1, eerste lid, onderdeel
h,
van de Ziektewet en de persoon, bedoeld in artikel
63, eerste lid, van
die wet,.
2. In het tweede lid
wordt na "artikel 71a, negende lid," ingevoegd: of
artikel
71b, derde lid,
tweede zin,.
3. Aan het vierde lid
worden, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel b door een
puntkomma, twee onderdelen toegevoegd, luidende:
c. uiterlijk dertien
weken vóór het verstrijken van het tijdvak waarover de eigenrisicodrager,
bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet, op grond van
artikel 29, negende lid, van die wet verplicht is het ziekengeld te
betalen;
d. zo spoedig mogelijk,
indien het tijdvak waarover de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel
1,
eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet, op grond van
artikel 29,
negende lid, van die wet verplicht is het ziekengeld te betalen, minder bedraagt
dan dertien weken.
Art.
III.
Wijziging van de Werkloosheidswet [MvT]
De Werkloosheidswet
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 85, eerste
lid, wordt na de eerste zin een zin ingevoegd, luidende:
Daarbij blijven
ten aanzien van eigenrisicodragers als bedoeld in artikel 63 van de Ziektewet, uitkeringen op grond van
artikel 29, tweede lid,
onderdeel
a, b en c, van die wet, vermeerderd met een door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
vast te stellen opslag in verband met kosten ter
zake van de betaling van die uitkeringen en van de werkzaamheden, bedoeld in
artikel 63a, eerste lid, van die wet, alsmede de op grond van enige wet
over die uitkeringen verschuldigde premies die niet op die uitkeringen
in mindering kunnen worden gebracht, buiten beschouwing.
B. [MvT]
Artikel 89, onderdeel d,
komt te luiden:
d. de bedragen die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
ontvangt door toepassing
van de artikelen 63, negende lid, 63a, derde tot en met vijfde lid, en
63b, tweede lid, van de Ziektewet.
C. [MvT]
Artikel 90 wordt als
volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid,
onderdeel f, komt te luiden:
f. de kosten van de
werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, vierde en vijfde lid, van de Ziektewet
alsmede de schade, bedoeld in het zesde lid van
dat artikel, die wordt
vergoed aan een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 63 van die
wet en
de daaraan verbonden uitvoeringskosten;.
2. In het vierde lid
wordt "artikel 94" vervangen door: artikel
94, eerste lid,.
3. Na het vierde lid
wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. In afwijking van het
eerste lid, onderdeel c, d en e, komen de
uitkeringen die worden
betaald door een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 63 van de Ziektewet
of een werkgever die een onderneming verkrijgt als bedoeld in
artikel 63b, derde lid, van die wet, en de door hem gemaakte kosten ter zake
van de betaling van die uitkeringen en van de werkzaamheden, bedoeld in
artikel 63a, eerste lid, van die wet, alsmede de op grond van enige wet
over die uitkeringen verschuldigde premies die niet op die uitkeringen
in mindering kunnen worden gebracht, niet ten laste van een wachtgeldfonds.
D. [MvT]
Artikel 94 komt te
luiden:
Art. 94.
-1. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
stelt elk jaar voor elk wachtgeldfonds
afzonderlijk een maximum vast dat in een boekjaar op grond van artikel 90 ten
laste van dat wachtgeldfonds komt.
-2. Bij de vaststelling
van het maximum, bedoeld in het eerste lid, blijven buiten beschouwing:
a. de bedragen die ten
laste van een wachtgeldfonds komen op grond van artikel
90, eerste
lid, onderdeel c en h; en
b. de lasten die op grond
van artikel 90, vierde lid, bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds in rekening worden
gebracht.
-3. Indien één of meer
werkgevers eigenrisicodrager zijn als bedoeld in artikel 63 van de Ziektewet, kan
Onze Minister het deel van de premie dat
ten gunste komt van het desbetreffende wachtgeldfonds maximeren, voor
zover dat deel
betrekking heeft op de uitkeringen, bedoeld in artikel
90, eerste lid, onderdeel
c, alsmede de uitvoeringskosten met betrekking tot die uitkeringen en de
op grond van enige wet over die uitkeringen verschuldigde premies die
niet op die uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht.
E. [MvT]
Artikel 97c, derde lid,
wordt vervangen door:
-3. De premie wordt door
het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
geheven naar een door Onze Minister vastgesteld percentage van het loon dat, in het
tijdvak waarover de betaling loopt, is genoten door de overheidswerknemer. Dit
percentage kan uitsluitend voor verschillende werkgevers verschillen,
omdat bij de vaststelling daarvan ten aanzien van de eigenrisicodrager,
bedoeld in artikel 63 van de Ziektewet, uitkeringen op grond van
artikel 29,
tweede lid, onderdeel a, b en c, van die wet, vermeerderd met een
opslag in verband met kosten ter zake van de betaling van die uitkeringen en van de werkzaamheden als bedoeld in
artikel 63a, eerste lid,
van die wet, alsmede de op grond van enige wet over die uitkeringen
verschuldigde premies die niet op die uitkeringen in mindering kunnen worden
gebracht, buiten beschouwing blijven.
F. [MvT]
Aan artikel 97e wordt,
onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel j door een
puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
k. de bedragen die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
ontvangt door toepassing
van de artikelen 63, negende lid, 63a, derde tot en met vijfde lid, en
63b, tweede lid, van de Ziektewet.
G. [MvT]
Artikel 97f wordt als
volgt gewijzigd:
a. Voor de tekst wordt de
aanduiding "-1."geplaatst.
b. Onderdeel l van het
nieuwe eerste lid komt te luiden:
l. de kosten van de
werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, vierde en vijfde lid, van de Ziektewet,
alsmede de schade, bedoeld in het zesde lid van
dat artikel, die wordt
vergoed aan een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 63 van die
wet en
de daaraan verbonden uitvoeringskosten;.
c. Er wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-2. In afwijking van het
eerste lid, onderdeel b, c en d, komen de
uitkeringen die worden
betaald door een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 63 van de Ziektewet
of een werkgever die een onderneming verkrijgt als bedoeld in
artikel 63b, derde lid, van die wet, en de door hem gemaakte kosten ter zake
van de betaling van die uitkeringen en van de werkzaamheden, bedoeld in
artikel 63a, eerste lid, van die wet, alsmede de op grond van enige wet
over die uitkeringen verschuldigde premies die niet op die uitkeringen
in mindering kunnen worden gebracht, niet ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid.
H.
Artikel 116, derde lid,
wordt vervangen door:
-3. Het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
vastgestelde maximum, bedoeld in artikel 94, eerste lid, behoeft de
goedkeuring van Onze Minister. Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan het door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vastgestelde maximum,
stelt hij dat zelf vast.
Art.
IV.
Wijziging van de Wet op de ondernemingsraden [MvT]
Aan artikel 25, eerste
lid, onderdeel m, van de Wet
op de ondernemingsraden wordt de zinsnede
toegevoegd: of artikel 63, eerste lid, van de Ziektewet.
Art. V.
Wijziging van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
[MvT]
De Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 18 ¹, eerste
lid, onderdeel e, wordt "indien de werknemer een geschil heeft met de
werkgever over de ongeschiktheid tot werken" vervangen door: indien de werknemer een geschil heeft met zijn
werkgever over het recht
op loon als bedoeld in artikel 629, eerste lid, van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek of het recht op bezoldiging als bedoeld in artikel XV, tweede
lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim.
B. [MvT]
Artikel 30, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt
na "een werknemer" de zinsnede ingevoegd "dan wel een eigenrisicodrager als bedoeld in
artikel 1, eerste lid,
onderdeel h, van de Ziektewet of een persoon als bedoeld in
artikel 63, eerste lid, van
die wet"
en wordt na "de werkgever" de zinsnede ingevoegd: ,
respectievelijk de persoon die recht heeft op ziekengeld voor de eigenrisicodrager,.
2. In onderdeel g wordt
na "een werknemer" de zinsnede ingevoegd "dan wel een eigenrisicodrager als bedoeld in
artikel 1, eerste lid,
onderdeel h, van de Ziektewet of een persoon als bedoeld in
artikel 63, eerste lid, van
die wet"
en wordt na "zieke werknemer" de zinsnede ingevoegd: ,
respectievelijk die eigenrisicodrager ten aanzien van de persoon aan wie hij
ziekengeld moet betalen,.
1. Volgens de redactie
dient "artikel 18" te worden vervangen door:
artikel 30.
Art. Va.
Wijziging van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten
De Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 8 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Aan het zevende lid
wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door
een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
e. de verplichtingen van
de werkgever in verband met de beëindiging van de dienstbetrekking
van de in het eerste lid bedoelde werknemer.
2. Er wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-12. Zo nodig in afwijking
van het elfde lid zijn het eerste, tweede, vijfde, zesde, achtste en negende
lid, alsmede de regels op grond van het zevende lid, onderdeel d
en e, en op grond van het tiende lid, van overeenkomstige
toepassing op de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel
1, eerste lid, onderdeel
h,
van de ZW en de persoon, bedoeld in artikel
63, eerste lid, van de
ZW,
gedurende de periode dat de eigenrisicodrager aan die persoon ziekengeld
moet betalen.
B.
Aan artikel 9 wordt een
lid toegevoegd, luidende:
-4. Voor de toepassing van
dit artikel wordt onder werkgever mede verstaan de eigenrisicodrager, bedoeld in
artikel 8, twaalfde lid, en wordt
onder werknemer, bedoeld in artikel 8, eerste lid, mede verstaan de persoon, bedoeld in
artikel 8, twaalfde lid, aan wie de eigenrisicodrager ziekengeld moet betalen.
Art.
VI.
Evaluatie
Onze Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid zendt na twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een
verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
Art.
VII.
Inwerkingtreding
Deze wet treedt in
werking met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat
voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden
vastgesteld.¹
1. Bij Besluit
van 24 februari 2003, Stb. 2003, 72, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 maart 2003, red.
Art.
VIII.
Citeertitel
Deze wet wordt aangehaald
als: Wet eigen risico dragen Ziektewet.
Lasten en bevelen dat
deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
14 november 2002
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
Uitgegeven de tiende
december 2002
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|