|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 2002-2003, 2003-2004, 28 978.
Handelingen II 2003-2004, blz. 1719.
Kamerstukken I 2003-2004, 28 978 (A).
Handelingen I 2003-2004, zie vergaderingen d.d. 15 en 16 december 2003.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 19 december 2003, Stb.
2003, 544, tot wijziging van een aantal socialeverzekeringswetten
(Verzamelwet sociale verzekeringen 2003). Inwerkingtreding: 1
januari 2004 (Stb. 2003, 545), zie artikel
XXIX.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is enkele correcties en andere wijzigingen aan te brengen in
een aantal socialeverzekeringswetten, inclusief pensioenwetten, en in
verband en in samenhang hiermee in de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen en de Invoeringswet Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen alsmede een daarmee verband
houdende wijziging aan te brengen in de bijlage bij de
Algemene wet bestuursrecht;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
Wijziging van de Algemene
Kinderbijslagwet [MvT]
De Algemene Kinderbijslagwet
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 7, achtste lid,
wordt vervangen door:
-8. Een in het tweede lid,
onderdeel c, bedoeld kind wordt als werkloos aangemerkt indien en zolang
het bij de Centrale organisatie werk en inkomen als werkzoekende is
geregistreerd. Deze registratie dient binnen een redelijke termijn plaats
te vinden. Ingeval dat kind wegens ziekte niet beschikbaar is om arbeid te
aanvaarden, wordt dat kind als werkloos aangemerkt zolang de ziekte
voortduurt voor een periode van ten hoogste zes maanden.
B.
[MvT]
Artikel 15 komt te luiden:
Art. 15.
-1. De verzekerde, alsmede de
persoon aan wie of de instelling waaraan op grond van artikel 21
kinderbijslag wordt betaald, zijn verplicht aan de Sociale
verzekeringsbank op
haar verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en
omstandigheden mee te delen waarvan hem of haar redelijkerwijs
duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op kinderbijslag,
de hoogte van de kinderbijslag, het geldend maken van het recht op
kinderbijslag of op het bedrag van de kinderbijslag dat wordt betaald.
-2. De verplichting van het
eerste lid geldt niet ingeval het kind voor wie kinderbijslag wordt betaald
recht krijgt op studiefinanciering op grond van de
Wet
studiefinanciering 2000.
C.
[MvT]
Artikel 21a komt te luiden:
Art. 21a.
-1. De Sociale
verzekeringsbank is bevoegd een voorschot te betalen op de nog niet vastgestelde kinderbijslag.
-2. Voor zover bij of
krachtens deze wet niet anders is bepaald, wordt een voorschot als bedoeld in het
eerste lid beschouwd als de kinderbijslag op grond van deze wet.
D.
[MvT]
Artikel 37 vervalt.
Art. II.
Wijziging van de Algemene
nabestaandenwet [MvT]
De Algemene nabestaandenwet
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 4, onderdeel b,
wordt "of een akte mede ondertekend door een advocaat" vervangen door:
of een akte mede ondertekend door een advocaat dan wel een akte
waarvan door de gewezen echtgenoot aannemelijk wordt gemaakt
dat die tot stand is gekomen door de inzet van een bij de echtscheiding betrokken advocaat.
B.
[MvT]
In artikel 18, tweede lid,
onderdeel a, vervalt de zinsnede "vermeerderd met de overhevelingstoeslag,
bedoeld in artikel 1 van de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies".
C.
In artikel 25, tweede lid,
wordt "onderdeel f" vervangen door: onderdeel
e.
D.
In artikel 38, eerste lid,
wordt de zinsnede "of 37
opgelegd" vervangen door: of 37 is opgelegd.
E. [MvT]
In artikel 48 vervalt voor
de tekst van het artikel de aanduiding "-1.".
F.
In artikel 63d wordt de
tekst na "is geëindigd;" op een nieuwe regel geplaatst.
G. [MvT]
Artikel 72 vervalt.
H. [MvT]
Artikel 103, vierde lid,
vervalt.
I. [MvT]
Artikel 106 komt te luiden:
Art. 106.
Na de inwerkingtreding van
deze wet berust de ministeriële regeling op grond van artikel 4 van de
Algemene Weduwen- en Wezenwet op artikel 8 van deze wet.
Art. III.
Wijziging van de Algemene
Ouderdomswet [MvT]
De Algemene Ouderdomswet
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 10, derde lid,
wordt de zinsnede "artikelen 29, tweede lid, en
72, tweede lid," vervangen
door: artikel 29, tweede lid, aanhef en
onder b,.
B. [MvT]
Artikel 21 komt te luiden:
Art. 21.
-1. De Sociale
verzekeringsbank is bevoegd een voorschot te betalen op een nog niet toegekend
ouderdomspensioen.
-2. Voor zover bij of
krachtens deze wet niet anders is bepaald, wordt een voorschot als bedoeld in het
eerste lid beschouwd als ouderdomspensioen op grond van deze wet.
C. [MvT]
Artikel 29 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt als
volgt gewijzigd:
a. Onderdeel a vervalt.
b. De onderdelen b tot en
met d worden verletterd tot onderdelen a tot en met c.
2. Het tweede lid wordt
vervangen door:
-2. De brutovakantie-uitkering per maand van een gehuwde pensioengerechtigde:
a. aan wie een volledige
toeslag is toegekend, is gelijk aan tweemaal de brutovakantie-uitkering als
bedoeld in het eerste lid, onderdeel c;
b. aan wie een
niet-volledige toeslag is toegekend met toepassing van artikel
10, tweede lid, is
gelijk aan de brutovakantie-uitkering, bedoeld in het eerste lid, onderdeel
c,
vermeerderd met de met behulp van de in artikel
10, derde lid,
bedoelde percenten over het verschil tussen de vastgestelde
brutovakantie-uitkering, bedoeld in onderdeel a, en de vastgestelde
brutovakantie-uitkering, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c.
3. In het zevende lid wordt "negende
lid" vervangen door: zesde lid.
D. [MvT]
In artikel 30, eerste en
derde lid, wordt "artikel 29, negende lid" vervangen door:
artikel 29,
zesde lid.
Art. IV.
Wijziging van de Wet
financiering volksverzekeringen [MvT]
De Wet financiering
volksverzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 39, eerste lid,
wordt onderdeel e verletterd tot onderdeel d.
B. [MvT]
Artikel 52, derde lid,
vervalt.
Art. V.
Wijziging van de Pensioen-
en spaarfondsenwet ¹ [MvT]
De Pensioen-
en spaarfondsenwet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 4 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vierde lid wordt
de zinsnede "Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds
2000" vervangen door: Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000.
2. Het vijfde lid wordt als
volgt gewijzigd:
a. Na "6" wordt ingevoegd: 6a,
6b, 6c, eerste en tiende lid,.
b. Na "2b" wordt
ingevoegd: , 2c.
B.
[MvT]
Artikel 6a wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt "en 6d" vervangen door: ,
6d en 6e.
2. Na het vierde lid wordt
een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-5. Onze Minister kan
verenigingen aanwijzen op wie het eerste lid, vierde volzin, en het vierde
lid voor een bij die aanwijzing te bepalen periode niet van toepassing
zijn.
C.
[MvT]
Na artikel 6c wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 6ca.
-1. Een geleding binnen de
deelnemersraad kan bij de ondernemingskamer van het gerechtshof te
Amsterdam beroep instellen tegen een besluit als bedoeld in
artikel 6b, eerste lid, onderdeel f of g, van het bevoegde orgaan van het
fonds wanneer dat besluit niet in overeenstemming is met het advies van de
deelnemersraad.
-2. Artikel 6c, derde tot en
met tiende lid, is van overeenkomstige toepassing.
D.
[MvT]
Artikel 20, tweede lid, komt
te luiden:
-2. Onze Minister kan met
betrekking tot de uitvoering van de artikelen 2a, 2b, 2c,
3b, 6a, 6d, 7,
8, 8a, 8b, 8c, 25, 29, 32, 32a, 32b, 32ba,
32c, 32e, 32f, 32g en 32h aan de
Pensioen- & Verzekeringskamer aanwijzingen van algemene aard geven
betreffende de uitoefening van de haar bij of krachtens deze wet opgelegde
taak.
E.
[MvT]
Artikel 23a, eerste lid,
komt te luiden:
-1. De Pensioen- &
Verzekeringskamer kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van
overtreding van voorschriften gesteld bij of krachtens de artikelen 2,
eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid, 4,
eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste lid,
6a, 6b, tweede en vierde lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9,
9a, eerste en tweede lid, 9b, 9c, 10, derde lid, 10a,
10b, 18, 19, 21, zesde lid,
22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, en
32b,
tweede lid.
F.
[MvT]
Artikel 23b, eerste lid,
komt te luiden:
-1. De Pensioen- &
Verzekeringskamer kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van
overtreding van voorschriften gesteld bij of krachtens de artikelen 2,
eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid,
3a,
derde en vierde lid, 4, eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met zevende
lid, 5a, eerste lid, 6a, 6b, tweede en vierde lid,
6c, eerste lid, 6d, derde
lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, eerste en tweede lid,
9b, 9c, 10,
derde lid, 10a, 10b, 11, eerste en tweede lid, 18, 19, 21, zesde lid, 22, tweede en
vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, en 32b, tweede lid.
G.
[MvT]
Artikel 23c, vijfde lid,
komt te luiden:
-5. Voor overtreding van voorschriften gesteld bij of krachtens een algemene maatregel van
bestuur op grond van de artikelen 2b, vijfde lid, 2c, tweede lid,
9d, 10,
tweede lid, 10b, achtste lid, 32, negende lid, en 32b, derde lid, wordt het bedrag
van de boete bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage behorend bij
die algemene maatregel van bestuur, met dien verstande dat de boete voor
een afzonderlijke overtreding ten hoogste €|907 560,00 bedraagt. Ten
aanzien van de regelen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, tweede volzin,
is de eerste volzin van overeenkomstige toepassing.
H.
[MvT]
Aan artikel 23l, eerste lid,
wordt een volzin toegevoegd, luidende: De Pensioen- &
Verzekeringskamer kan een op grond van de vorige volzin aangewezen persoon een
bezoldiging toekennen ten laste van het fonds of van de onderneming
waaraan het fonds is verbonden.
I.
[MvT]
Na artikel 34 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 35.
Pensioenfondsen brengen hun
statuten en reglementen binnen twee jaar na inwerkingtreding van
de Verzamelwet sociale verzekeringen 2003 in overeenstemming met de
artikelen 2c, 6a, 6b en 6c, eerste en tiende lid, van de
Pensioen- en
spaarfondsenwet.²
1. Zie artikel
XXV, red.
2. Volgens de redactie
dient de zinsnede ", van de Pensioen-
en spaarfondsenwet" te
vervallen.
Art. VI.
Wijziging van de
Wet van 21 december 2000, houdende wijziging van de
Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten (recht
van keuze voor ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van
mannen en vrouwen) [MvT]
Artikel IX van de Wet van 21
december 2000, houdende wijziging van de Pensioen-
en spaarfondsenwet en enige andere wetten (recht van keuze voor ouderdomspensioen in
plaats van nabestaandenpensioen en gelijke behandeling van mannen en
vrouwen) (Stb. 2000, 625) wordt als volgt gewijzigd:
1. Het derde lid komt te
luiden:
-3. Bij de toepassing van
artikel 32ba van de Pensioen-
en spaarfondsenwet is op pensioen of aanspraken
op pensioen die vóór de dag van inwerkingtreding van
artikel 32ba, eerste lid, onderdeel e, van de Pensioen-
en spaarfondsenwet zijn opgebouwd, artikel 32a, onderdeel f, van de
Pensioen- en
spaarfondsenwet van toepassing, tenzij artikel 32ba van de Pensioen-
en spaarfondsenwet wordt toegepast in verband met een keuze als bedoeld in
artikel 2b of 2c van die
wet en het pensioenfonds in zijn statuten of
reglementen artikel 32ba, eerste lid, onderdeel d en e, van de
Pensioen- en
spaarfondsenwet van toepassing heeft verklaard.
2. Het vierde lid komt te
luiden:
-4. Voor zover het bij de
toepassing van het eerste en tweede lid aanspraken op pensioen
betreft die als gevolg van een premievrije voortzetting van die
aanspraken worden opgebouwd, zijn de in het eerste en tweede lid genoemde
artikelen van de Pensioen- en spaarfondsenwet uitsluitend van toepassing
indien het recht op die premievrije voortzetting is ontstaan op of na de
datum van inwerkingtreding van het betreffende artikelonderdeel van de Wet
van 21 december 2000, houdende wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten in verband
met het recht van keuze voor
ouderdomspensioen in plaats van nabestaandenpensioen en
gelijke behandeling van mannen en vrouwen (Stb. 2000, 625).
3. Na het vierde lid wordt
een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-5. In afwijking van het
tweede lid is artikel I, onderdeel J, artikel 32, zevende lid, van de Pensioen-
en spaarfondsenwet voor zover het niet betreft pensioen dat wordt
berekend of mede wordt berekend op grond van een geldelijke bijdrage
slechts van toepassing op aanspraken op pensioen die vanaf 1 januari
2005 worden opgebouwd. Dit lid is niet van toepassing op afkoop die tot
de datum van inwerkingtreding van de Verzamelwet sociale
verzekeringen 2003 plaatsvindt.
Art. VII.
Wijziging van de Wet
betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling
[MvT]
De Wet betreffende
verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 3, onderdeel c,
wordt "verklaring van geen bezwaar" vervangen door: verklaring
van geen bedenkingen.
B. [MvT]
In artikel 18b, tweede lid,
wordt "pensioen- of spaarfondsen" respectievelijk "pensioen- of
spaarfonds"
telkens vervangen door: beroepspensioenfondsen respectievelijk
beroepspensioenfonds.
C. [MvT]
In de artikelen 21a, eerste
lid, en 21b, eerste lid van de Wet betreffende verplichte deelneming in een
beroepspensioenregeling vervalt " 9,".
Art. VIII.
Wijziging van de Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds
2000 [MvT]
De Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 11 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt
de zinsnede "de verplichtstelling voor alle deelnemers intrekken"
vervangen door: de verplichtstelling voor alle deelnemers in die
bedrijfstak intrekken.
2. Het derde lid komt te
luiden:
-3. Onze Minister kan op
aanvraag van het georganiseerde bedrijfsleven binnen een bedrijfstak dat
naar zijn oordeel een belangrijke meerderheid van de in die bedrijfstak
werkzame personen vertegenwoordigt, de verplichtstelling voor een
deel van de deelnemers die in de bedrijfstak werkzaam zijn, intrekken.
B. [MvT]
In artikel 12, vijfde lid,
wordt de zinsnede "trekt Onze Minister de verplichtstelling in"
vervangen door: trekt Onze Minister de verplichtstelling met betrekking tot die
bedrijfstak in.
Art.
IX.
Wijziging van de Ziektewet [MvT]
De Ziektewet wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 29 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt
vervangen door:
-1. Behoudens het tweede lid,
onderdeel e, en de artikelen 29a
en 29b wordt geen ziekengeld
uitgekeerd, indien de verzekerde uit hoofde van de dienstbetrekking op grond
waarvan hij de arbeid behoort te verrichten:
a. recht heeft op loon als
bedoeld in artikel 629 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel
indien het recht op loon door toepassing van het derde, vijfde, zesde of
negende lid van dat artikel geheel of gedeeltelijk ontbreekt;
b. recht heeft op
bezoldiging als bedoeld in artikel XV van de
Wet terugdringing ziekteverzuim,
dan wel indien het recht op die bezoldiging op grond van het vierde,
zevende, achtste, negende of tiende lid van dat artikel geheel of
gedeeltelijk ontbreekt.
2. In het tweede lid,
onderdeel d, vervalt "of 8a".
3. In het vierde lid wordt
na "de leeftijd van 65 jaar bereikt" een zinsdeel ingevoegd,
luidende: alsmede over de periode waarover de verzekerde een uitkering op
grond van artikel 3:7, tweede lid, 3:9 of
3:10, tweede en derde lid, van de
Wet arbeid en zorg ontvangt.
B.¹ [MvT]
Artikel 29b wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
na "Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten" een zinsdeel ingevoegd,
luidende: of werkzaam is als werknemer in de zin van de
Wet sociale werkvoorziening, op een arbeidsovereenkomst als
bedoeld in artikel 7 van de Wet sociale werkvoorziening of op een arbeidsovereenkomst als bedoeld in
artikel 4
van de Wet inschakeling werkzoekenden, voor
zover de situatie, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van
die wet, van toepassing is,.
2. Het vijfde lid komt te
luiden:
-5. Dit artikel is niet van
toepassing indien de werknemer werkzaam is in een dienstbetrekking in de
zin van de Wet sociale werkvoorziening.
C. [MvT]
In artikel 31, derde lid,
wordt "3:7, eerste lid, 3:8, of
3:10, eerste lid," vervangen door: 3:7,
3:8,
3:9 of 3:10.
D.
In de artikelen 38, vierde
lid, en 38a, zesde lid, wordt "De artikel" vervangen door: De
artikelen.
E.
In artikel 62 wordt "Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekering" vervangen door: Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
F. [MvT]
In artikel 64, tweede lid,
aanhef, wordt "artikel 3, tweede, derde en vierde lid" vervangen door:
artikel 3, tweede, vierde en vijfde lid.
G. [MvT]
Artikel 75 komt te luiden:
Art. 75.
In deze paragraaf wordt
verstaan onder:
a. medisch besluit: een
besluit waaraan een beoordeling van medische gegevens ten grondslag ligt;
b. werknemer: degene op
wiens medische gegevens de beoordeling betrekking heeft;
c. werkgever: de
belanghebbende bij een medisch besluit die niet de eigenrisicodrager of de
werknemer is.
H. [MvT]
Artikel 75a, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. Na "eigenrisicodrager" wordt ingevoegd: of werkgever.
2. "persoon, bedoeld in
artikel 63, eerste lid," wordt vervangen door: werknemer.
I. [MvT]
Artikel 75c wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
na "gemachtigde van de eigenrisicodrager" ingevoegd: of van de
werkgever.
2. Het tweede lid wordt
vervangen door twee nieuwe leden, luidende:
-2. De gemachtigde, die arts
is, treedt in de plaats van de werkgever bij de voorbereiding van een
medisch besluit.
-3. De arbodienst van de
eigenrisicodrager dan wel de gemachtigde, die arts is, van de
eigenrisicodrager of van de werkgever treedt in de plaats van de eigenrisicodrager dan
wel de werkgever bij:
a. het opstellen van een
bezwaar- of beroepschrift; en
b. de behandeling van een
bezwaar of beroep;
voor zover betrekking hebbend op medische
gegevens.
J. [MvT]
Artikel 75d wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt
na "eigenrisicodrager" ingevoegd: of de werkgever.
2. In het derde lid wordt
na "gemachtigde van de eigenrisicodrager" ingevoegd: of van de
werkgever.
K. [MvT]
Artikel 75g komt te luiden:
Art. 75g.
De artikelen 7:4, zesde lid,
8:29 en 8:32, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn niet
van toepassing op stukken of inlichtingen die medische gegevens bevatten.
L. [MvT]
Artikel 75h komt te luiden:
Art. 75h.
-1. In afwijking van artikel
8:62 van de Algemene wet bestuursrecht vindt het onderzoek ter zitting,
voor zover betrekking hebbend op medische gegevens, met gesloten
deuren plaats.
-2. In de uitnodiging,
bedoeld in artikel 8:56 van de Algemene wet
bestuursrecht, wordt
mededeling gedaan van het bepaalde in het vorige lid.
M. [MvT]
Artikel 75i komt te luiden:
Art. 75i.
De toepassing van de
artikelen 8:81 tot en met 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht, alsmede
de behandeling van hoger beroep als bedoeld in artikel 18 van de
Beroepswet geschiedt voor zover nodig met inachtneming van deze paragraaf.
N. [MvT]
De artikelen 75j en 75k
vervallen.
O. [MvT]
Na artikel 75i wordt een
nieuwe paragraaf ingevoegd, luidende:
§ 3. Geschillen van
geneeskundige aard
Art. 75j. [MvT]
Deze paragraaf is van
toepassing op geschillen van geneeskundige aard over het al dan niet bestaan
of voortbestaan van ongeschiktheid tot werken.
Art. 75k. [MvT]
In afwijking van artikel 6:7
van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn voor het indienen
van een bezwaarschrift in een geschil als bedoeld in artikel 75j
twee
weken.
Art. 75l. [MvT]
-1. In afwijking van artikel 7:4, eerste lid, van de
Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden in
een geschil als bedoeld in artikel 75j
nog tijdens het horen nadere
stukken indienen.
-2. In afwijking van artikel 7:4, tweede lid, van de
Algemene wet bestuursrecht, en met
inachtneming van de overige artikelen van deze paragraaf, worden in een
geschil als bedoeld in artikel 75j het bezwaarschrift en alle verder op de zaak
betrekking hebbende stukken:
a. voorafgaand aan het horen
aan belanghebbenden gezonden; dan wel
b. ten minste twee dagen
voorafgaand aan de hoorzitting voor belanghebbenden ter inzage
gelegd.
-3. In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de
Algemene wet bestuursrecht beslist het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen binnen vier weken na
ontvangst van het bezwaarschrift, bedoeld in artikel 75k.
P.
Na artikel 75l wordt het
opschrift "§ 3. Beroep in cassatie" vervangen door: § 4. Beroep in
cassatie.
Q.
Het enige artikel van
paragraaf 4 wordt vernummerd tot artikel 75m.
1. Zie artikel
XXVI, onder a, red.
Art.
X.
Wijziging van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering [MvT]
De Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 1, eerste lid,
worden de onderdelen k en l verletterd tot onderdelen i en j.
B.
In artikel 6, eerste lid,
vervalt de komma na "onderdeel a of d,".
C. [MvT]
In artikel 19, zevende lid,
wordt na de zinsnede "de wachttijd niet eerder eindigt dan vijftien weken
na dat verzoek" toegevoegd: , tenzij de werkgever vóór het
verstrijken van het tijdvak van die vijftien weken geen loon meer verschuldigd is,
omdat de dienstbetrekking is geëindigd.
D. [MvT]
In artikel 19a, tweede lid,
wordt de derde volzin vervangen door: De artikelen 18, tweede tot en
met vierde lid, en 30, eerste lid, onderdeel a, zijn niet van toepassing,
behoudens voor zover het betreft de op de dag voorafgaande aan de eerste
dag dat die persoon rechtens zijn vrijheid is ontnomen aanwezige arbeidsongeschiktheid in de zin van
artikel 18,
eerste lid.
E. [MvT]
Artikel 24 komt te luiden:
Art. 24.
-1. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de door hem daartoe aangewezen
deskundige kunnen de persoon die aanspraak maakt op of in het genot is van
een arbeidsongeschiktheidsuitkering voorschriften geven in het
belang van een behandeling of van genezing dan wel voor zover dit
voortvloeit uit de taak, bedoeld in artikel 10 van de
Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, tot behoud, herstel en bevordering van de
mogelijkheid tot het verrichten van arbeid.
-2. Het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen kan in het kader van de uitvoering van het
eerste lid voorschrijven dat de persoon, bedoeld in het eerste lid, zich laat
registreren als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen.
F. [MvT]
Artikel 28 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "Centrale organisatie voor werk en
inkomen" vervangen door: Centrale organisatie werk en inkomen.
2. Onderdeel g wordt
vervangen door:
g. indien de belanghebbende
zonder redelijke gronden niet meewerkt aan een scholing of
opleiding die door zijn werkgever of het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uit
hoofde van de uitoefening van hun taak op grond van artikel 8
of 10 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten wenselijk wordt
geacht voor
zijn inschakeling in de arbeid;.
G. [MvT]
Artikel 34 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het vierde lid wordt
vervangen door:
-4. Indien niet binnen de
termijn ingevolge artikel 87, tweede lid, een beslissing is genomen op een
tijdig ingediende aanvraag tot voortzetting van de
arbeidsongeschiktheidsuitkering, wordt de uitkering voortgezet tot het tijdstip waarop de
beschikking op de aanvraag is bekendgemaakt.
2. Het zevende lid komt te
luiden:
-7. Bij ministeriële
regeling kan worden bepaald dat ten aanzien van bepaalde groepen
arbeidsongeschikten geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden die
afwijkt van de in het eerste lid genoemde termijn.
H. [MvT]
Artikel 36, derde lid, komt
te luiden:
-3. Bij ministeriële
regeling kan worden bepaald dat ten aanzien van bepaalde groepen
arbeidsongeschikten geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden die
afwijkt van de in het tweede lid genoemde termijn.
I. [MvT]
In artikel 37, tweede lid,
vervalt de zinsnede ", dan wel artikel 7b
en artikel 7a, onderdeel
a,".
J. [MvT]
In artikel 43, vierde lid,
vervalt de zinsnede ", tenzij artikel 21, vierde lid, van toepassing
is".
K. [MvT]
Artikel 43a, derde lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. De zinsnede "na het
einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen"
wordt vervangen door: na het
einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de
Wet
arbeidsongeschiktheidverzekering zelfstandigen.
2. De zinsnede "sinds het
einde van die wachttijd op grond van artikel 7 van de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen" wordt
vervangen door: sinds het
einde van die wachttijd op grond van artikel 8 van de
Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
Ka.
In artikel 44, vierde lid,
wordt de zinsnede "Na afloop van een kalenderkwartaal wordt het gezamenlijke
bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die op grond van het derde
lid niet zijn uitbetaald wegens het genieten van het loon,
bedoeld in het derde lid" vervangen door: Maandelijks wordt het
geraamde bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die op grond van het derde
lid niet worden uitbetaald wegens het genieten van dat loon.
L.
In hoofdstuk III wordt het
opschrift "§ 1. Het Landelijk instituut sociale verzekeringen en de
uitvoeringsinstellingen" vervangen door: § 1. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
M. [MvT]
Aan artikel 71b, eerste lid,
wordt een volzin toegevoegd, luidende: Het plan van aanpak wordt periodiek geëvalueerd.
N. [MvT]
Artikel 75 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het vijfde lid komt te
luiden:
-5. De schriftelijke
garantie, bedoeld in het eerste lid, strekt zich niet uit tot
arbeidsongeschiktheidsuitkeringen ter zake van arbeidsongeschiktheid die is ontstaan door een
omstandigheid als bedoeld in artikel 64, tweede lid, van de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993 of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1,
eerste lid, van de Wet
aansprakelijkheid kernongevallen.
2. Toegevoegd wordt een
negende lid, luidende:
-9. Aan een gemeente wordt
geen toestemming verleend om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering zelf te dragen ten
aanzien van werknemers die
werkzaam zijn in een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale
werkvoorziening.
O. [MvT]
In artikel 76a, eerste lid,
onderdeel b, wordt "de artikelen 76b,
78, 79a
en
79b" vervangen door: de
artikelen 76b, 78 en 79b.
P.
In artikel 76c wordt de
puntkomma aan het slot van onderdeel f vervangen door een punt.
Q. [MvT]
In artikel 76d, eerste lid,
vervalt, onder verlettering van de onderdelen f tot en met h
tot de
onderdelen e tot en met g ¹, onderdeel e.
R.
In artikel 78, derde lid,
wordt de tweede volzin vervangen door: Indien een werkgever met toepassing
van artikel 97l en artikel 97m
van de Werkloosheidswet is
aangesloten bij verschillende sectoren, worden de in de eerste zin bedoelde
opslag en korting afzonderlijk vastgesteld voor elk bedrijfsonderdeel van de
werkgever waar werkzaamheden worden verricht die behoren tot een
afzonderlijke sector.
S. [MvT]
In hoofdstuk IV wordt het
opschrift "§ 4. Premievrijstelling en premiekorting" vervangen door: § 4.
Premiekorting.
T. [MvT]
Artikel 79a wordt als volgt
gewijzigd:
1.² ¹ In het eerste lid wordt
na "werknemer," de zinsnede ingevoegd: "die in dienstbetrekking werkzaam
is geweest en" en vervalt, onder vervanging van de komma na "artikel
77" door een punt, de zinsnede "voor zover hij over dat
kalenderjaar premie over het loon van die werknemer verschuldigd is of
verschuldigd zou zijn indien artikel 79b
niet van toepassing zou zijn
geweest".
2. Het tweede lid vervalt,
onder vernummering van het derde en vierde lid tot tweede en derde lid.
3.² ² Het tot tweede lid
vernummerde derde lid komt te luiden:
-2. Dit artikel is niet van
toepassing op de premie over het loon van de persoon die arbeid verricht
als bedoeld in artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening of
artikel 4
van de Wet inschakeling werkzoekenden.
U. [MvT]
Artikel 79b wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het derde lid wordt als
volgt gewijzigd:
a. De eerste en tweede
volzin komen te luiden: Het eerste en tweede lid zijn slechts van toepassing
indien het loon van de werknemer over het kalenderjaar ten minste 50%
van het naar een jaarbedrag herleide minimumloon bedraagt zoals
dat voor de werknemer gold op 1 januari van het desbetreffende
kalenderjaar. Voor de werknemer wiens loon minder dan 50% van het
hiervoor bedoelde minimumloon bedraagt, geldt een bedrag van €|227,00.
b. In de derde volzin
vervalt "en op grond van de artikelen 82,
82a of 97c
van de
Werkloosheidswet".
2. In het zevende lid wordt
de zinsnede "het eerste en tweede lid" vervangen door: het eerste,
tweede en derde lid.
3. In het achtste lid wordt
de zinsnede "kan het bedrag" vervangen door: kunnen de bedragen.
4. Na het achtste lid wordt
een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-9. Indien de toepassing van
dit artikel ertoe zou leiden dat een negatieve premie wordt
geheven, wordt de premie op nihil vastgesteld.
Ua.
In artikel 80a worden, onder
vernummering van het tweede lid tot het vierde lid, twee leden
ingevoegd, luidende:
-3.³ Voor de toepassing van
het eerste lid wordt onder recht krijgen op een
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet verstaan het voor de eerste maal betaald
krijgen van de arbeidsongeschiktheidsuitkering na toekenning daarvan.
-4.³ Indien een werkgever, met
toepassing van de artikelen 97l en 97m
van de Werkloosheidswet, is aangesloten bij verschillende sectoren, vindt
voor elk bedrijfsonderdeel
van de werkgever waar werkzaamheden worden verricht die behoren
tot een afzonderlijke sector, de in het eerste lid bedoelde openbaarmaking
afzonderlijk plaats.
V. [MvT]
Artikel 81 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt
in de aanhef "artikel 3, tweede, derde en vierde lid" vervangen door:
artikel 3, tweede, vierde en vijfde lid.
2. In het derde lid wordt "eerste lid, onderdeel
a" vervangen door: tweede lid, onderdeel a.
1. Volgens de redactie
dient "onder verlettering van de onderdelen f tot en met h
tot de
onderdelen e tot en met g" te worden vervangen
door: onder verlettering van de onderdelen f tot en met i
tot de
onderdelen e tot en met h.
2.1. Ingevolge het Besluit van 19 december 2003, Stb.
2003, 545, treedt artikel X, onderdeel T, onder
1, niet in werking, red.
2.2. Zie artikel
XXVI, onder b, red.
3. Volgens de redactie
dient de aanduiding "-3." te worden vervangen door
"-2." en de aanduiding "-4." door: -3.
Art.
XI.
Wijziging van de Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen [MvT]
De Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 2, achtste lid,
onderdeel b, wordt "tien weken" vervangen door: acht weken.
B.
Aan het slot van artikel 3,
tweede lid, onderdeel f, wordt de punt vervangen door een
puntkomma.
C.
In artikel 7b, tweede en
vierde lid, wordt "Artikel 7, zevende lid," vervangen door:
Artikel 7,
zesde lid,.
D. [MvT]
Artikel 8 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het twaalfde lid wordt
de zinsnede "ten grondslag zou liggen als hij arbeidsongeschikt zou
zijn geworden in de zin van die wet" vervangen door: ten grondslag ligt of
zou liggen als hij bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid tevens
arbeidsongeschikt is in de zin van die wet dan wel arbeidsongeschikt
zou zijn geworden in de zin van die wet.
2. Aan het twaalfde lid
wordt een volzin toegevoegd, luidende: De eerste zin blijft buiten toepassing
als artikel 59, eerste of tweede lid, van toepassing is.
3. Aan het dertiende lid
wordt een volzin toegevoegd, luidende: De eerste zin blijft buiten toepassing
als artikel 59, eerste of tweede lid, van toepassing is.
E.
In artikel 41, derde lid,
vervalt na "doen ondervragen en" de komma.
F.
In artikel 43, tweede lid,
wordt "Centrale organisatie voor werk en inkomen" vervangen door:
Centrale organisatie werk en inkomen.
G.
Artikel 46 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "Centrale organisatie voor werk en
inkomen" vervangen door: Centrale organisatie werk en inkomen.
2. In onderdeel g vervalt de
zinsnede "indien de belanghebbende".
H.
In artikel 47, vijfde lid,
wordt "derde en vierde lid" vervangen door: eerste lid.
I.
In artikel 54, tweede lid,
wordt "de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jong-gehandicapten"
vervangen door: de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
Ia.
In artikel 58, vierde lid,
wordt de zinsnede "Na afloop van een kalenderkwartaal wordt het gezamenlijke
bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die op grond van het derde
lid niet zijn uitbetaald wegens het genieten van dat loon,"
vervangen door: Maandelijks wordt het geraamde bedrag aan
arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die op grond van het
derde lid niet worden
uitbetaald wegens het genieten van dat loon,.
J. [MvT]
Artikel 59 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste en tweede lid komen te luiden:
-1. Indien ter zake van
arbeidsongeschiktheid recht bestaat op:
a. zowel herziening van de
arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met de artikelen 12 tot en
met 17 als op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de
Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering uit hoofde van een
dienstbetrekking die is aangevangen na het intreden van de
arbeidsongeschiktheid op grond waarvan recht is ontstaan op eerstbedoelde
arbeidsongeschiktheidsuitkering; of
b. zowel toekenning van
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van artikel 20 als toekenning
van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering uit hoofde van een dienstbetrekking die
is aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op
grond waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel
20,
eerste lid, onderdeel a, werd toegekend dan wel tijdens of na de
wachttijd, bedoeld in onderdeel b van dat lid;
wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering uitbetaald voor zover deze de
arbeidsongeschiktheidsuitkering
op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering overtreft. In de situatie,
bedoeld onder a, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering
in ieder geval uitbetaald tot de hoogte van het bedrag onmiddellijk voorafgaande aan de herziening.
-2. Indien ter zake van
arbeidsongeschiktheid recht bestaat op:
a. zowel herziening van de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met de
artikelen 36 tot en met 40
van die wet als toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering uit hoofde van werkzaamheden
als verzekerde die zijn aangevangen na het
intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan recht is
ontstaan op eerstbedoelde arbeidsongeschiktheidsuitkering; of
b. zowel toekenning van
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van artikel 43a
van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering als toekenning van een
arbeidsongeschiktheidsuitkering uit hoofde van werkzaamheden als verzekerde
die zijn aangevangen na het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering,
bedoeld in artikel 43a,
eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering,
werd toegekend dan wel tijdens of na de wachttijd, bedoeld in onderdeel b van dat lid;
wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering
uitbetaald voor zover deze de
herziene of toegekende
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
overtreft.
2. In het derde lid vervalt
de zinsnede "en die uitkering".
3. In het vijfde lid,
onderdeel b, wordt "vijfde lid" vervangen door: derde lid.
K.
Het opschrift van artikel 65
komt te luiden: Nadere regels.
L. [MvT]
In artikel 71, eerste lid,
wordt "derde lid" vervangen door: vierde lid.
M. [MvT]
Artikel 72, derde lid,
vervalt.
N.
Het opschrift van artikel 81
komt te luiden: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
O.
Het opschrift van artikel 96
komt te luiden: Beslistermijn Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij
bezwaarschrift.
P. [MvT]
Artikel 101 komt te luiden:
Art. 101. Overtredingen
De in artikel 99 bedoelde
strafbare feiten worden als overtredingen beschouwd.
Art.
XII.
Wijziging van de Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten [MvT]
De Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 2, negende lid,
onderdeel b, wordt "tien weken" vervangen door: acht weken.
B. [MvT]
In artikel 11, vijfde lid,
vervalt de zinsnede ", tenzij artikel 8, derde lid, van toepassing
is".
C. [MvT]
In artikel 17, tweede lid,
vervalt de zinsnede ", tenzij artikel 8, derde lid, van toepassing
is".
D.
In artikel 35, tweede lid,
onderdeel b, wordt "Centrale organisatie voor werk en
inkomen" vervangen
door: Centrale organisatie werk en inkomen.
E.
Artikel 38 wordt als volgt
gewijzigd:
1. "Centrale organisatie
voor werk en inkomen" wordt vervangen door: Centrale organisatie werk en inkomen.
2. In onderdeel g vervalt de
zinsnede "indien de belanghebbende".
F.¹ [MvT]
Artikel 50, derde lid, komt
te luiden:
-3. Het tweede lid vindt geen toepassing indien de jonggehandicapte die recht heeft op een
arbeidsongeschiktheidsuitkering inkomsten uit
arbeid geniet op grond van:
a. een arbeidsovereenkomst
als bedoeld in hoofdstuk 2 en 3 van de
Wet sociale werkvoorziening; of
b. een arbeidsovereenkomst
als bedoeld in artikel 4 van de Wet inschakeling
werkzoekenden, voor zover de situatie, bedoeld in artikel
10, tweede lid, van die wet, van
toepassing is.
G.
Het opschrift van artikel 70
komt te luiden: Beslistermijn Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij
bezwaarschrift.
H. [MvT]
Artikel 75 komt te luiden:
Art. 75. Overtredingen
De in artikel 73 bedoelde
strafbare feiten worden als overtredingen beschouwd.
1. Zie artikel
XXVI, onder c, red.
Art.
XIII.
Wijziging van de
Werkloosheidswet [MvT]
De Werkloosheidswet wordt
als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 1 wordt als volgt
gewijzigd:
1. De punt aan het slot
van onderdeel b wordt vervangen door een puntkomma.
2. De onderdelen k, l en
m worden verletterd tot onderdelen i, j en k.
B.
In artikel 6a, eerste
lid, wordt de zinsnede "de directeurgrootaandeelhouder als bedoeld in
artikel
6" vervangen door: de directeur-grootaandeelhouder,
bedoeld in artikel 6.
C. [MvT]
Artikel 19, eerste lid,
onderdeel b, wordt vervangen door:
b. een uitkering ontvangt
op grond van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering, berekend naar een
arbeidsongeschiktheid van ten minste 80%, of een
uitkering ontvangt die naar aard en strekking met die uitkering overeenkomt;.
D.
[MvT]
In artikel 26, eerste
lid, onderdeel e, vervalt "artikel
69 en".
E.
[MvT]
Artikel 27 wordt als
volgt gewijzigd:
1. Het derde lid wordt
vervangen door:
-3. Indien de werknemer
een verplichting hem op grond van de artikelen
24, eerste lid,
onderdeel b, onder 1º of 4º, of zesde lid, of 26 of artikel
55, tweede lid,
van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen opgelegd, niet of
niet behoorlijk is nagekomen, dan wel de verplichting, bedoeld in
artikel 25 of de artikelen 28, tweede lid, en
29, eerste lid, van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet binnen de door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk de Centrale organisatie werk en inkomen,
daarvoor vastgestelde termijn is
nagekomen, weigert het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk.
2. In het vijfde lid
wordt de zinsnede "Indien het niet nakomen van de verplichting, bedoeld in
artikel 28, tweede lid, of 29, eerste lid, van de
Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, of het niet tijdig nakomen van de
verplichting, bedoeld in artikel 25," vervangen door: Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
25 of de artikelen
28, tweede
lid, en 29, eerste lid van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen,.
F.
In artikel 39, derde lid,
wordt een komma ingevoegd na "Ziekenfondswet".
G.
In artikel 52e vervalt de
komma na "28, eerste en derde
lid,".¹
H. [MvT]
In artikel 53, eerste
lid, aanhef, wordt "artikel
3, tweede, derde en vierde
lid" vervangen door:
artikel 3, tweede, vierde en vijfde lid.
I.
Onder vernummering van
het elfde en twaalfde lid tot tiende en elfde lid vervalt in artikel
74, tot elfde vernummerde lid, de komma na de zinsnede "De
artikelen 34 tot en
met 37,".²
J. [MvT
+ bis]
Artikel 82 wordt als
volgt gewijzigd:
1. Het tweede lid wordt
als volgt gewijzigd:
a. De zinsnede "ten
gunste van" wordt vervangen door: ten laste van.
b. De zinsnede "op het
totaal van zijn premieplichtige loonsom" vervalt.
2. In het derde lid wordt
de zinsnede "ten gunste van" vervangen door: ten laste van.
3. Het vierde lid wordt
als volgt gewijzigd:
a. De eerste en tweede
volzin komen te luiden: Het tweede en derde lid zijn slechts van
toepassing indien het loon van de werknemer over het kalenderjaar ten
minste
50% van het naar een jaarbedrag herleide minimumloon bedraagt
zoals dat voor de werknemer gold op 1 januari van het desbetreffende
kalenderjaar. Voor de werknemer wiens loon minder dan 50% van het
hiervoor bedoelde minimumloon bedraagt, geldt een bedrag van €|227,00.
b. De derde volzin
vervalt.
4. In het zevende lid
wordt de zinsnede "tweede en derde
lid" vervangen door: tweede,
derde en vierde lid.
5. In het achtste lid
wordt de zinsnede "kan het
bedrag" vervangen door: kunnen de bedragen.
6. Na het achtste lid
wordt een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-9. Indien de toepassing
van dit artikel ertoe zou leiden dat een negatieve premie wordt
geheven, wordt de premie op nihil vastgesteld.
K. [MvT
+ bis]
Artikel 82a wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste en
tweede lid wordt de zinsnede "ten gunste
van" telkens vervangen door:
ten laste van.
2. Het derde lid wordt
als volgt gewijzigd:
a. De eerste en tweede
volzin komen te luiden: Het tweede en derde lid zijn slechts van
toepassing indien het loon van de werknemer over het kalenderjaar ten
minste
50% van het naar een jaarbedrag herleide minimumloon bedraagt
zoals dat voor de werknemer gold op 1 januari van het desbetreffende
kalenderjaar. Voor de werknemer wiens loon minder dan 50% van het
hiervoor bedoelde minimumloon bedraagt, geldt een bedrag van €|227,00.
b. De derde volzin
vervalt.
3. In het zevende lid
wordt de zinsnede "eerste en tweede
lid" vervangen door: eerste,
tweede en derde lid.
4. In het achtste lid
wordt de zinsnede "kan het
bedrag" vervangen door: kunnen de bedragen.
5. Na het achtste lid
wordt een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-9. Indien de toepassing
van dit artikel ertoe zou leiden dat een negatieve premie wordt
geheven, wordt de premie op nihil vastgesteld.
L.
Artikel 93 wordt als
volgt gewijzigd:
1. Onder vervanging van
de punt aan het slot van het met de Wet van 17 mei 2001 tot wijziging
van de Werkloosheidswet en de Wet op de (re)integratie
arbeidsgehandicapten in verband met de invoering van een regeling inzake de
financiering van kinderopvang voor uitkeringsgerechtigden (Stb.
2001, 259) toegevoegde
onderdeel j door een puntkomma wordt het met de Invoeringswet
arbeid en zorg toegevoegde onderdeel j verletterd tot
onderdeel k.
2. Onder vervanging van
de punt aan het slot van het met de Invoeringswet arbeid en
zorg toegevoegde onderdeel j, dat onder 1 is verletterd tot onderdeel
k, wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
l. de kosten in verband
met de uitvoering van artikel 72.
M. [MvT]
In artikel 97b, zesde,
zevende en achtste lid, wordt de zinsnede "uitkering, premies en
tegemoetkomingen" telkens vervangen door: uitkering, premies,
tegemoetkoming of vergoeding.
N. [MvT
+ bis]
Artikel 97c wordt als
volgt gewijzigd:
1. Het achtste lid wordt
als volgt gewijzigd:
a. De eerste en tweede
volzin van het derde lid komen te luiden: Het zesde en zevende lid
zijn slechts van toepassing indien het loon van de werknemer over het
kalenderjaar ten minste 50% van het naar een jaarbedrag herleide
minimumloon bedraagt zoals dat voor de werknemer gold op 1 januari van het
desbetreffende kalenderjaar. Voor de werknemer wiens loon minder dan 50%
van het hiervoor bedoelde minimumloon bedraagt, geldt een
bedrag van €|227,00.
b. De derde volzin
vervalt.
2. In het twaalfde lid
wordt de zinsnede "zesde en zevende
lid" vervangen door: zesde,
zevende en achtste lid.
3. In het dertiende lid
wordt de zinsnede "kan het
bedrag" vervangen door: kunnen de bedragen.
4. Na het dertiende lid
wordt een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-14. Indien de toepassing
van dit artikel ertoe zou leiden dat een negatieve premie wordt
geheven, wordt de premie op nihil vastgesteld.
O. [MvT]
Artikel 97d, eerste lid,
wordt vervangen door:
-1. De overheidswerkgever
mag op het loon van de overheidswerknemer, met uitzondering van de
overheidswerknemer, bedoeld in artikel 97c, eerste lid,
een bedrag inhouden overeenkomstig hetgeen op grond van de artikelen
81, derde lid, 84 en 86 verschuldigd zou zijn door de overheidswerknemer
indien die artikelen op hem van toepassing zouden zijn.
P.
Artikel 97f, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel g komt te
luiden:
g. de korting op de door
de overheidswerkgever verschuldigde premie, bedoeld in artikel 97c,
zesde lid.
2. Onder vervanging van
de punt aan het slot van onderdeel o door een puntkomma wordt een
onderdeel toegevoegd, luidende:
p. de kosten in verband
met de uitvoering van artikel 72 ten behoeve van personen als bedoeld
in artikel 78a die recht hebben op uitkering op grond van
hoofdstuk IIa of IIb.
Q.
De punt na het opschrift
van hoofdstuk VII, paragraaf 3, vervalt.
R. [MvT]
Artikel 130, eerste lid,
wordt vervangen door:
-1. Bij algemene maatregel
van bestuur kan ten behoeve van een experiment met een
tijdsduur van ten hoogste vier jaar dat ten doel heeft de inschakeling in het
arbeidsproces te bevorderen van werknemers die recht hebben op uitkering
op grond van hoofdstuk IIa of IIb, worden bepaald dat het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen werkzaamheden verbonden aan de
uitvoering van artikel 72 opdraagt aan derden die in het kader van de
uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid
bevorderen.
1. Volgens de redactie
dient de komma te worden gehandhaafd.
2. Volgens de redactie dient de komma te worden gehandhaafd.
Art. XIV.
Wijziging van de
Toeslagenwet [MvT]
De Toeslagenwet wordt als
volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 1, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel d wordt
na "de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten"
ingevoegd: , op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf
1, van de Wet
arbeid en zorg aan de werknemer of de gelijkgestelde, bedoeld in artikel
3:6,
eerste lid, van die wet,.
2. De onderdelen g en h
vervallen.
B.
In artikel 4 wordt "artikel
1, onderdeel i" vervangen door: artikel
1, onderdeel
g.
C. [MvT]
Artikel 11, achtste lid,
komt te luiden:
-8. In afwijking van het
tweede lid wordt de aanvraag van een toeslag in aanvulling op een
uitkering op grond van de Werkloosheidswet ingediend bij het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen indien het een aanvraag betreft tot
toekenning van een toeslag in aanvulling op een uitkering waarvan de
aanvraag op grond van artikel 22 van de Werkloosheidswet wordt
ingediend bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
of in aanvulling op een uitkering op grond van die wet waarvan de
aanvraag is of wordt behandeld door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
D. [MvT]
Artikel 14 wordt als
volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt
vervangen door:
-1. Indien degene die
aanspraak maakt op toeslag, zijn echtgenoot of zijn wettelijke
vertegenwoordiger een verplichting hem op grond van artikel 13 of
artikel 55,
tweede lid, van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen opgelegd, niet of niet behoorlijk is nagekomen, dan wel de
verplichting, bedoeld in artikel 12 of in de artikelen
28, tweede lid,
en 29, eerste lid, van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet binnen de door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk de Centrale organisatie werk en inkomen,
daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen, weigert het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de toeslag tijdelijk of
blijvend, geheel of gedeeltelijk.
2. In het derde lid wordt
de zinsnede "Indien het niet nakomen van de verplichting, bedoeld in
artikel 28, tweede lid, of 29, eerste lid, of
55, tweede lid, van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, of het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
12," vervangen door: Indien
het niet tijdig nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
12 of
de artikelen 28, tweede lid, en 29, eerste lid, van de
Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
E. [MvT]
Artikel 15a, eerste lid,
komt te luiden:
-1. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
schort de betaling van de toeslag op indien
degene aan wie een toeslag is toegekend een vreemdeling als bedoeld
in de Vreemdelingenwet
2000 is die niet rechtmatig in Nederland
verblijf houdt als bedoeld in artikel 8 van die
wet.
Art.
XIVa.
Wijziging van de Wet
gevolgen brutering uitkeringsregelingen
In artikel 28 van de Wet
gevolgen brutering uitkeringsregelingen wordt "De artikelen 1a
en 38
TW zijn" vervangen door: Artikel 38
TW is.
Art.
XV.
Wijziging van de Wet op
de (re)integratie arbeidsgehandicapten [MvT]
De Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A.¹ [MvT]
Artikel 2 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vierde lid
wordt de zinsnede "vanaf de datum van vaststelling" vervangen door: vanaf de
datum van het intreden van de arbeidshandicap.
2. Aan het vijfde lid,
onderdeel b, wordt, onder vervanging van de punt door een komma,
toegevoegd: of op een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 4 van de
Wiw, voor zover de situatie, bedoeld in artikel
10, tweede lid, van die wet van
toepassing is.
B. [MvT]
In artikel 10, eerste
lid, vervalt, onder vervanging van de puntkomma achter onderdeel d door
een punt, onderdeel e.
C. [MvT]
In artikel 16, eerste
lid, aanhef, wordt "indien" vervangen door: voor zover.
D. [MvT]
Het opschrift van artikel
20 komt te luiden: Intrekken of wijzigen van subsidie.
E. [MvT]
Artikel 22a, eerste lid,
komt te luiden:
-1. Het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan ten behoeve van de
arbeidsgehandicapte ten behoeve van wie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
werkzaamheden gericht op de bevordering van de inschakeling in het
arbeidsproces als bedoeld in artikel 10, derde lid, laat verrichten of aan
wie een voorziening als bedoeld in artikel 22, eerste tot en met vierde lid, is
toegekend, of die werkzaamheden op een proefplaats verricht als
bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, op diens aanvraag een
schriftelijke overeenkomst met betrekking tot kinderopvang sluiten met
een rechtspersoon of een natuurlijk persoon.
F. [MvT]
Artikel 24, eerste lid,
wordt vervangen door:
-1. Een aanvraag voor
toekenning van een reïntegratie-uitkering wordt vóór aanvang van de
onbeloonde werkzaamheden, scholing of opleiding als bedoeld in artikel
23, eerste lid, of binnen één maand na die aanvang, ingediend.
G. [MvT]
In artikel 25, eerste
lid, wordt de zinsnede "33, eerste en tweede lid" vervangen door:
33,
eerste, tweede en derde lid.
H. [MvT]
In artikel 32 wordt het
zinsdeel "die werk in dienstbetrekking aanvaardt" vervangen door: die werk
in dienstbetrekking aanvaardt of verricht.
I. [MvT]
Artikel 33a wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid
wordt na "een arbeidsgehandicapte werknemer als bedoeld in artikel
31,
eerste lid," een zinsnede ingevoegd, luidende: en van de persoon, bedoeld
in artikel 8, twaalfde lid, aan wie de eigenrisicodrager ziekengeld moet betalen,.
2. Het derde lid vervalt.
3. Onder vernummering van
het vierde en vijfde lid tot het zesde en zevende lid worden drie leden ingevoegd, luidende:
-3. De in het eerste lid
bedoelde subsidieontvanger laat de werkzaamheden die zijn gericht op
arbeidsinschakeling, bedoeld in het eerste lid, verrichten door een
natuurlijk persoon dan wel rechtspersoon die in het kader van de uitoefening
van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid
bevordert.
-4. De in het eerste lid
bedoelde aanvrager verstrekt de gegevens voor zover deze
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de werkzaamheden die zijn gericht op
arbeidsinschakeling, bedoeld in het eerste lid, alsmede zijn
sociaal-fiscaal nummer aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon die in het
kader van de uitoefening van beroep of bedrijf zijn inschakeling in de
arbeid bevordert.
-5. De in het vierde lid
bedoelde natuurlijke persoon of rechtspersoon verwerkt de in dat lid
bedoelde gegevens slechts voor zover dat noodzakelijk is voor de werkzaamheden,
bedoeld in het eerste lid, en gebruikt slechts met dat doel het
sociaal-fiscaal nummer bij die verwerking.
J. [MvT]
In artikel 34, tweede
lid, wordt de zinsnede "artikel 30 of 33" vervangen door:
artikel 30, 33 of
33a.
K. [MvT]
In artikel 35, tweede
lid, wordt de zinsnede "artikel 30 of 33" vervangen door:
artikel 30, 33 of
33a.
L. [MvT]
Aan artikel 39 wordt na "ingediend" een zinsnede toegevoegd, luidende: alsmede omtrent
de rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn
verbonden.
M. [MvT]
Aan artikel 44 wordt een
lid toegevoegd, luidende:
-3. Het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen kan bij de subsidieverlening,
bedoeld in het eerste of het tweede lid, aan de subsidieontvanger
verplichtingen opleggen omtrent vermogensvorming, het hanteren van een
registratiesysteem waaruit blijkt of het doel van de subsidie is bereikt en de
vergoeding van met subsidie behaald vermogensvoordeel.
N. [MvT]
Met ingang van 1 januari
2004 komt artikel 49b te luiden:
Art. 49b. Bijzondere
beslistermijnen
-1. Een beschikking op
grond van artikel 24 wordt gegeven:
a. indien de aanvraag
betrekking heeft op het verkrijgen van een reïntegratie-uitkering
die verband houdt met een proefplaatsing: binnen twee weken na ontvangst
van de aanvraag;
b. indien de aanvraag
betrekking heeft op het verkrijgen van een reïntegratie-uitkering
die verband houdt met scholing: binnen vier weken na ontvangst van de
aanvraag.
-2. Indien een beschikking
als bedoeld in het eerste lid niet binnen de toepasselijke termijn kan
worden gegeven, wordt dit schriftelijk aan de aanvrager medegedeeld
onder vermelding van een zo kort mogelijke termijn waarbinnen de
beschikking wel tegemoet kan worden gezien.
-3. Indien in verband met
het geven van een beschikking als bedoeld in het eerste lid informatie
is gevraagd aan een persoon of instantie buiten Nederland en om die reden
de beschikking niet binnen de toepasselijke termijn gegeven kan
worden, wordt deze termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en
wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis
gesteld.
O. [MvT]
Na het tweede lid van
artikel 87b wordt een lid toegevoegd, luidende:
-3. Een aanvraag voor een
subsidie op grond van het in het eerste lid bedoelde artikel 15 kan
tot 1 januari 2004 worden ingediend.
1. Zie artikel
XXVI, onder d, red.
Art. XVI.
Wijziging van de Wet
overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen [MvT]
Artikel 62, derde lid,
van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen
vervalt.
Art. XVII.
Wijziging van de Wet
beslistermijnen sociale verzekeringen [MvT]
De Wet beslistermijnen
sociale verzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel X wordt "1
januari 2004" vervangen door: 1 januari 2005.
B. [MvT]
In artikel XII wordt "1
januari 2004" vervangen door: 1 januari 2005.
C. [MvT]
In artikel XIV wordt "1
januari 2004" vervangen door: 1 januari 2005.
D. [MvT]
Artikel XVI vervalt.
Art. XVIII.
Wijziging van de
Verzamelwet SZW-wetten 2001
Artikel IV, onderdeel B,
van de Verzamelwet SZW-wetten 2001 vervalt.
Art. XIX.
Wijziging van de
Coördinatiewet Sociale Verzekering [MvT]
De Coördinatiewet
Sociale Verzekering wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 6, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. Aan onderdeel c wordt
een zinsnede toegevoegd, luidende: , waaronder mede worden
begrepen aanspraken op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf
1,
of hoofdstuk 7 van de Wet
arbeid en zorg.
2. In onderdeel i wordt "ƒ1158,00" vervangen door:
€|526,00.¹
B. [MvT]
In artikel 17a, vierde
lid, wordt "Landelijk instituut sociale
verzekeringen" vervangen door:
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
C. [MvT]
Het opschrift "§ 8. Slotbepalingen" na artikel 18b
komt te vervallen.
D. [MvT]
Na artikel 18c wordt een
opschrift ingevoegd, luidende: § 8. Slotbepalingen.
E. [MvT]
In artikel 18f wordt "artikel
6, eerste lid, onderdeel cc" vervangen door: artikel
6, eerste lid,
onderdeel bb.
1. Ingevolge artikel XXV,
onderdeel A, onder 2, van het Belastingplan 2003 Deel I is onderdeel i
van artikel 6 komen te vervallen, red.
Art.
XX.
Wijziging van de
Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen
[MvT]
De Invoeringswet nieuwe
en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen wordt als volgt
gewijzigd:
A.
Artikel I wordt gewijzigd
als volgt:
1. De punt aan het slot
van onderdeel b wordt vervangen door een puntkomma.
2. Onderdeel g wordt
verletterd tot onderdeel f.
B.
In artikel V, tweede lid,
onderdeel b, wordt "Landelijk instituut sociale
verzekeringen" vervangen
door:
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
C. [MvT
+ bis]
Artikel XIII wordt als
volgt gewijzigd:
1. Aan het tweede lid
wordt een volzin toegevoegd, luidende: Artikel 36a blijft niet van
toepassing voor zover de hoogte van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de
Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering overtreft, tenzij artikel VI van toepassing
is.
2. In het vierde lid
wordt na "artikelen" toegevoegd: 7b,.
D. [MvT]
In artikel XXIV, vierde
lid, wordt na "artikelen" toegevoegd: 6b,
Art.
XXI.
Wijziging van de Wet
bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie
In de bijlage bij de Wet
bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie wordt in onderdeel 13 "De Wet
betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds" vervangen door:
Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000.
Art.
XXII.
Wijziging van de Wet
premieregime bij marginale arbeid
In artikel 2, eerste lid,
van de Wet premieregime bij marginale arbeid vervalt de zinsnede ",
waarbij deze werkgever op grond van de artikelen 52 en
53 van de
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 van rechtswege is aangesloten,".
Art.
XXIII.
Wijziging van de Wet
structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen [MvT]
De Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 10, vierde
lid, wordt voor "het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen"
ingevoegd: de Centrale organisatie werk en inkomen
en.
B.
In artikel 13, eerste
lid, vervalt het woord "voor" na "Centrale organisatie".
C.
In artikel 14, eerste
lid, wordt na "algemene maatregel" ingevoegd: van bestuur.
D. [MvT]
Artikel 16, zevende lid,
komt te luiden:
-7. Onze Minister stelt de
rechtspositie van de leden van de Raad voor werk en inkomen vast.
Daarbij stelt hij in elk geval hun bezoldiging of schadeloosstelling vast,
alsmede hun aanspraken op vergoeding van kosten die verband houden
met hun functie.
E. [MvT]
Artikel 28, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. De zinsnede "een
toeslag op grond van de Toeslagenwet" wordt vervangen door: van een
toeslag in aanvulling op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet
als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de
Toeslagenwet.
2. In de derde volzin
vervalt het woord "voor" na "Centrale organisatie".
F.
In artikel 29, tweede
lid, wordt "derde zin" vervangen door: vierde zin.
G. [MvT]
In artikel 30, eerste
lid, onderdeel e, wordt "indien de werknemer een geschil heeft met de
werkgever over de ongeschiktheid tot werken" vervangen door: indien de
werknemer een geschil heeft met zijn werkgever over recht op
loon als bedoeld in artikel 629, eerste lid, van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek of recht op bezoldiging als bedoeld in artikel
XV, tweede lid,
van de Wet terugdringing ziekteverzuim.
H.
In artikel 41 vervalt in
de zinsnede "artikel 37, eerste lid, genoemde": ", eerste
lid," en in de
zinsnede "artikel 37, eerste lid, onderdeel d":
eerste
lid,.
I. [MvT]
In artikel 43 wordt na "Centrale organisatie werk en inkomen," ingevoegd: het
Inlichtingenbureau,.
J. [MvT]
Artikel 46, derde lid,
komt te luiden:
-3. Bij ministeriële
regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de inhoud en de indiening
van de begroting en ontwerpen daarvan, van het jaarplan en van het
meerjarenbeleidsplan.
K. [MvT]
Aan artikel 54, derde
lid, worden, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel j door
een puntkomma, twee onderdelen toegevoegd, luidende:
k. de Informatie Beheer Groep, bedoeld in de
Wet
verzelfstandiging Informatiseringsbank;
l. het Landelijk Bureau
Inning Onderhoudsbijdragen, bedoeld in de Wet
Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen.
L. [MvT]
In artikel 55, tweede
lid, wordt voor "een geldig rijbewijs als bedoeld in artikel 107 van de
Wegenverkeerswet
1994" ingevoegd: een geldig rijbewijs dat is
afgegeven op basis van de Wegenverkeerswet dan wel.
M. [MvT]
In artikel 62, derde lid,
wordt de zinsnede "worden regels gesteld" vervangen door: kunnen
regels worden gesteld.
N. [MvT]
In artikel 63, derde lid,
wordt de zinsnede "de taken en de financiering van" vervangen door: de
taken, de financiering, de goedkeuring door Onze Minister van het
jaarplan en de begroting.
O.
In artikel 71 wordt "63,
tweede lid" vervangen door: 63, derde lid.
P.¹ [MvT]
Artikel 73, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "Pensioenen
spaarfondsenwet" vervangen door: Pensioen-
en spaarfondsenwet.
2. Onder vervanging van
de punt aan het eind van onderdeel c door een puntkomma wordt een
onderdeel toegevoegd, luidende:
d. aan verzekeraars als
bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Wet
toezicht verzekeringsbedrijf 1993, alle gegevens en inlichtingen afkomstig van
werkgevers
die worden verwerkt in de administratie, bedoeld in artikel
33, te
verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van
overeenkomsten met werkgevers tot verzekering van het risico van betaling van
loon in geval van ziekte van de werknemer dan wel van het risico van het
betalen van arbeidsongeschiktheidsuitkering of de gedifferentieerde premie
op grond van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Q.
Artikel 84, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. De zinsnede "63,
zevende lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen" wordt
vervangen door: 63, zesde lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
2. De zinsnede "24,
zesde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet" wordt vervangen door: en
24, zesde lid, van de Algemene Kinderbijslagwet,.
3. Tussen "39, vijfde lid," en
"53, zesde lid" wordt ingevoegd:
en.
1. Zie artikel
XXVI, onder e, red.
Art. XXIV.
Wijziging van de
Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
[MvT]
De Invoeringswet Wet
structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 4 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vijfde lid
wordt "de" voor "Arbeidsongeschiktheidsfonds
zelfstandigen" vervangen
door: het.
2. In het achtste lid
vervalt na "bedrijfs- en beroepsleven" het woord "dat".
3. In het tiende lid
wordt voor "wordt beheerd" ingevoegd: afzonderlijk.
B. [MvT]
In artikel 21 wordt "Lisv" vervangen door: Landelijk instituut sociale
verzekeringen.
C. [MvT]
In artikel 26, derde lid,
wordt "artikel 34, eerste lid, onderdeel f" vervangen door:
artikel 34, eerste lid, onderdeel e.
D. [MvT]
In artikel 40, derde lid,
eerste volzin, wordt "tweede lid" vervangen door: eerste lid.
E. [MvT]
Artikel 57, onderdeel BBb,
vervalt.
Art. XXV.
Wijzigingen in verband
met de Wet tot wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet
(bestuursstructuur pensioenfondsen) [MvT]
Indien het bij
koninklijke boodschap van 16 december 2002 ingediende voorstel van Wet tot
wijziging van de Pensioen-
en spaarfondsenwet (bestuursstructuur
pensioenfondsen), Kamerstukken II 2002-2003, 28 354, tot wet is
verheven en in werking is getreden, wordt artikel V als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel A komt te
luiden:
A.
Artikel 4 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vierde lid
wordt de zinsnede "Wet betreffende verplichte deelneming in een
bedrijfstakpensioenfonds 2000" vervangen door: Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000.
2. In het vijfde lid
wordt na "2b" ingevoegd: , 2c.
2. Onderdeel B komt te
luiden:
B.
Artikel 6a wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het derde lid wordt
de zinsnede "De artikelen 6b, 6c, 6d en 6f" vervangen door: De
artikelen 6b, 6c, 6d, 6e en 6f.
2. Na het vierde lid
wordt een nieuw lid toegevoegd, luidende:
-5. Onze Minister kan
verenigingen aanwijzen op wie het eerste lid, onderdeel b, en het
vierde lid voor een bij die aanwijzing te bepalen periode niet van
toepassing zijn.
3. Onderdeel C vervalt.
4. Onderdeel D komt te
luiden:
D.
Artikel 23a, eerste lid,
komt te luiden:
-1. De Pensioen- &
Verzekeringskamer kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van
overtreding van voorschriften gesteld bij of krachtens de artikelen 2,
eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid,
4, eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste
lid, 6, eerste lid, 6a, 6b, zevende en tiende lid, 6d, derde lid, 7,
7a, 8,
vijfde en zesde lid, 9, 9a, eerste en tweede lid, 9b, 9c, 10, derde lid,
10a, 10b, 18,
19, 21, zesde lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste
en derde lid, en 32b, tweede lid.
5. Onderdeel E komt te
luiden:
E.
Artikel 23b, eerste lid,
komt te luiden:
-1. De Pensioen- &
Verzekeringskamer kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van
overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens de artikelen 2,
eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid,
3a, derde en vierde lid, 4, eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met
zevende lid, 5a, eerste lid, 6, eerste lid, 6a, 6b, zevende en tiende lid,
6c, eerste
lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, eerste en tweede lid,
9b, 9c, 10, derde lid, 10a, 10b, 11, eerste en tweede lid, 18, 19, 21, zesde
lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, en
32b,
tweede lid.
6. Onderdeel H komt te
luiden:
H.
Na artikel 34 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 35.
Pensioenfondsen brengen
hun statuten en reglementen binnen twee jaar na inwerkingtreding
van de Verzamelwet sociale verzekeringen 2003 in overeenstemming met
artikel 2c van de Pensioen-
en spaarfondsenwet.
Art. XXVI.
Wijzigingen in verband
met de invoering van de Wet werk en bijstand
Indien het bij
koninklijke boodschap van 7 juni 2003 ingediende voorstel van wet Invoeringswet Wet
werk en bijstand (Kamerstukken II 2002-2003, 28 960) tot wet is
verheven en in werking is getreden, wordt deze wet als volgt gewijzigd:
a. Artikel IX, onderdeel B, komt te luiden:
B.
Artikel 29b wordt als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid
wordt na "Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten"
een zinsdeel
ingevoegd, luidende: of werkzaam is als werknemer in de zin van
de Wet sociale werkvoorziening of op een arbeidsovereenkomst als
bedoeld in artikel 7 van de Wet sociale
werkvoorziening.
2. Het vijfde lid komt te
luiden:
-5. Dit artikel is niet
van toepassing indien de werknemer werkzaam is in een dienstbetrekking in
de zin van de Wet sociale werkvoorziening.
b. In artikel X ,
onderdeel T, onder 3, komt het tot tweede lid vernummerde derde lid van
artikel
79a
te luiden:
-2. Dit artikel is niet
van toepassing op de premie over het loon van de persoon die arbeid
verricht als bedoeld in artikel 2 van de Wet sociale
werkvoorziening.
c. Artikel XII, onderdeel
F, vervalt.
d. Artikel XV, onderdeel A, komt te luiden:
A.
In artikel 2, vierde lid,
wordt de zinsnede "vanaf de datum van
vaststelling" vervangen
door: vanaf de datum van het intreden van de arbeidshandicap.
e. In artikel XXIII wordt
na onderdeel P een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende:
Pa.
In artikel 82a wordt "artikel 26 van de
Werkloosheidswet" vervangen door: de artikelen
22,
tweede lid, en 26 van de Werkloosheidswet.
Art.
XXVIa. Wijziging van de Wet werk
en bijstand
De Wet werk en bijstand
wordt als volgt gewijzigd:
a. In artikel 8, eerste
lid, onderdeel b, vervallen de woorden "en de
langdurigheidstoeslag".
b. In artikel 18, tweede
lid, vervallen de woorden "of de langdurigheidstoeslag".
c. Artikel 36, zesde lid,
komt te luiden:
-6. De artikelen 8, eerste
lid, onderdeel b, 13, eerste lid, onderdeel a, en derde lid,
18, tweede en
derde lid, 40, 46, eerste, derde, vierde en vijfde lid,
54, paragraaf 6.4 en
6.5, alsmede artikel 63 zijn van overeenkomstige toepassing.
d. Artikel 58, eerste
lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel e wordt
verletterd tot onderdeel f.
2. Na onderdeel d wordt
een onderdeel e ingevoegd, luidende:
e. anderszins
onverschuldigd is betaald voor zover de belanghebbende dit redelijkerwijs had
kunnen begrijpen; of.
3. In de aanhef van
onderdeel f vervalt "voor
zover de belanghebbende dit redelijkerwijs had
kunnen begrijpen".
Art.
XXVIb. Wijziging van de
Invoeringswet Wet werk en bijstand
De Invoeringswet Wet werk
en bijstand wordt als volgt gewijzigd:
a. Artikel 23, onderdeel
M, komt te luiden:
M.
Artikel 37a komt te
luiden:
Art. 37a.
-1. Indien daarvoor
dringende redenen aanwezig zijn, kunnen burgemeester en wethouders in
individuele gevallen tijdelijk ontheffing verlenen van één of meer
verplichtingen als bedoeld in artikel 37. Zorgtaken kunnen als
dringende redenen worden aangemerkt, voor zover hiermee geen rekening kan
worden gehouden door middel van een voorziening als bedoeld
in artikel 34, eerste lid, onderdeel a. Indien de tijdelijke ontheffing een
alleenstaande ouder betreft, maken burgemeester en wethouders in het
bijzonder een afweging tussen het belang van arbeidsinschakeling en de
invulling die de ouder wenst te geven aan de zorgplicht.
-2. De verplichting om
algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden, geldt voor de
alleenstaande ouder met kinderen tot 12 jaar slechts nadat het college zich
genoegzaam heeft overtuigd van de beschikbaarheid van passende kinderopvang, de
toepassing van voldoende scholing en de belastbaarheid van de
betrokkene.
b. Artikel 24, onderdeel
M, komt te luiden:
M.
Artikel 37a komt te
luiden:
Art. 37a.
-1. Indien daarvoor
dringende redenen aanwezig zijn, kunnen burgemeester en wethouders in
individuele gevallen tijdelijk ontheffing verlenen van één of meer
verplichtingen als bedoeld in artikel 37. Zorgtaken kunnen als
dringende redenen worden aangemerkt, voor zover hiermee geen rekening kan
worden gehouden door middel van een voorziening als bedoeld
in artikel 34, eerste lid, onderdeel a. Indien de tijdelijke ontheffing een
alleenstaande ouder betreft, maken burgemeester en wethouders in het
bijzonder een afweging tussen het belang van arbeidsinschakeling en de
invulling die de ouder wenst te geven aan de zorgplicht.
-2. De verplichting om
algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden, geldt voor de
alleenstaande ouder met kinderen tot 12 jaar slechts nadat het college zich
genoegzaam heeft overtuigd van de beschikbaarheid van passende kinderopvang, de
toepassing van voldoende scholing en de belastbaarheid van de
betrokkene.
Art.
XXVIc. Wijziging van de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
werkloze werknemers
De Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers als
volgt gewijzigd:
a. In de artikelen
3,
tweede lid, onderdeel b, en 4, onderdeel b, wordt na
"een bloedverwant in de
eerste graad" ingevoegd: of een bloedverwant in de tweede graad indien er
bij één van de bloedverwanten in de tweede graad sprake is van
zorgbehoefte.
b. In artikel 45, eerste
lid, wordt het onderdeel dat luidt "derden die in het kader van de
uitoefening van beroep of bedrijf de arbeidsinschakeling van personen
bevorderen" verletterd tot onderdeel m, onder vervanging van de punt achter
onderdeel l door een puntkomma.
Art.
XXVId. Wijziging van de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
gewezen zelfstandigen
In de artikelen 3, tweede
lid, onderdeel b, en 4, onderdeel a, van de
Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen wordt na
"een bloedverwant in de eerste graad" ingevoegd: of een bloedverwant in de
tweede graad indien er bij één van de bloedverwanten in de
tweede graad sprake is van zorgbehoefte.
Art.
XXVIe. Wijziging van de Wet
inkomensvoorziening kunstenaars
Artikel 12 van de Wet
inkomensvoorziening kunstenaars komt te luiden:
Art. 12.
Onze Minister herziet
telkens met ingang van de dag waarop het nettominimumloon wijzigt de in
de artikelen 4, 9 en
10 genoemde bedragen, alsmede het percentage,
genoemd in artikel 11, eerste lid. Artikel
37, eerste, tweede en derde
lid, van de Wet werk en bijstand is van overeenkomstige toepassing.
Art. XXVII.
Wijziging van de bijlage
bij de Algemene wet bestuursrecht [MvT]
Aan onderdeel F
(Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid) van de bijlage bij de Algemene wet bestuursrecht
wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
5. Artikel 42 van de
Arbeidsvoorzieningswet 1996.
Art. XXVIII.
Wijziging van de Wet van
17 januari 2002, houdende wijziging van de Wet op het primair
onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet
op het voortgezet onderwijs in verband met het vervoer van
leerlingen
In artikel V, derde lid,
van de Wet van 17 januari 2002, houdende wijziging van de Wet
op het primair onderwijs, de Wet
op de expertisecentra en de Wet
op het voortgezet onderwijs in verband met het vervoer van leerlingen wordt
"Landelijk instituut sociale
verzekeringen" vervangen door: Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen.
Art.
XXIX.
Inwerkingtreding
-1. De artikelen van deze
wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan
worden vastgesteld.¹
-2. Artikel XX, onderdeel
C, onder 1, werkt terug tot en met 1 januari 1998.
-3. De artikelen X, onderdeel
S, T en U, XIII,
onderdeel J, K en N, XV,
onderdeel B, C, D en I,
onder 2 en 3, en XXVII (in afwijking van artikel
8:5, tweede lid, van de
Algemene wet bestuursrecht) werken terug tot en met 1 januari 2002.
-4. Artikel V, onderdeel B, onder 2, werkt terug tot en met 28 februari 2003.
-5. Artikel XV, onderdeel E, werkt terug tot en met 1 juli 2003.
-6. Artikel XIII,
onderdeel L, onder 2, en onderdeel P, onder 2, werken terug tot en met
15 september 2003.
-7. Indien deze wet na 1
januari 2004 tot wet wordt verheven en in werking treedt, werkt
artikel XV, onderdeel M, terug tot en met 1 januari 2004.
-8. Artikel XXVIb
treedt
in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het
Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst.
1. Bij Besluit
van 19 december 2003, Stb. 2003, 545, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 januari 2004, met uitzondering van artikel
X, onderdeel T, onder 1, red.
Art.
XXX.
Citeertitel
Deze wet wordt aangehaald
als: Verzamelwet sociale verzekeringen 2003.
Lasten en bevelen dat
deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de
nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
19 december 2003
BEATRIX
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
Uitgegeven de dertigste
december 2003
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|