|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 2003-2004, 29 258.
Handelingen II 2003-2004, blz. 1844-1858.
Kamerstukken I 2003-2004, 29 258 (A, B).
Handelingen I 2003-2004, zie vergaderingen d.d. 15 en 16 december 2003.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 19 december 2003, Stb.
2003, 553, tot wijziging van de wijze van aanpassing van de kinderbijslag, de Wet van 22 december 1994 tot nadere wijziging van de
Algemene Kinderbijslagwet, de Ziekenfondswet en de
Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1994, 957) en de Algemene
Kinderbijslagwet in verband met andere wijze van aanpassing
kinderbijslagbedragen. Inwerkingtreding: 1 januari 2004 (Stb.
2003, 554).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is de kinderbijslagbedragen in de kalenderjaren 2004 en 2005
aan te passen overeenkomstig de herziening van het wettelijk minimumloon
in de kalenderjaren 2004 en 2005 en de bijzondere verhogingen van de
kinderbijslag voor het eerste kind af te schaffen;
Zo is het dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art.
I. [MvT]
-1. In de kalenderjaren
2004 en 2005 worden in afwijking van artikel 13, tweede lid, van de
Algemene Kinderbijslagwet de bedragen, genoemd in artikel
12, herzien
conform de herziening van het minimumloon in het kalenderjaar 2004
onderscheidenlijk het kalenderjaar 2005 met toepassing van artikel 14
van de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag.
-2. In afwijking van
artikel IV, zesde lid, van de Wet van 22 december 1994 tot nadere
wijziging van de
Algemene Kinderbijslagwet, de Ziekenfondswet en de
Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1994, 957) worden de
in dat lid bedoelde rangordebedragen in de kalenderjaren 2004 en 2005
herzien overeenkomstig het eerste lid.
-3. Voor de eerstvolgende
toepassing van artikel 13, tweede lid, van de
Algemene Kinderbijslagwet met ingang van een na 2005 gelegen datum wordt onder "het
prijsindexcijfer waarop de laatste herziening is gebaseerd"
verstaan: het prijsindexcijfer over de maand oktober 2005.
Art.
II. [MvT]
Artikel V, vierde lid, van de Wet van 22 december 1994 tot nadere
wijziging van de
Algemene Kinderbijslagwet, de Ziekenfondswet en de
Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1994, 957) vervalt.
Art.
III. [MvT]
In artikel 12, eerste lid, van de
Algemene Kinderbijslagwet vervalt
"inclusief de verhogingen van het kinderbijslagbedrag, bedoeld in
artikel V, vierde lid, van de Wet van 22 december 1994 tot nadere
wijziging van de
Algemene Kinderbijslagwet, de Ziekenfondswet en de
Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1994, 957)".
Art.
IV. [MvT]
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip en kan terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen
tijdstip.¹ In dat besluit wordt zo nodig toepassing gegeven aan artikel
16 van de Tijdelijke referendumwet.
1. Bij Besluit
van 19 december 2003,
Stb. 2003, 554, is het tijdstip van inwerkingtreding bepaald
op 1 januari 2004, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
19 december 2003
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
Uitgegeven de dertigste
december 2003
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|