|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 2004-2005, 29 767.
Handelingen II 2004-2005, blz. 1491-1509, 1543-1575, 1597-1603,
1605-1608, 1609-1610.
Kamerstukken I 2004-2005, 29 767 (A, B, C, D, E).
Handelingen I 2004-2005, blz. 349-374, 407-432, 471-497, 526-527.
WET van 16 december 2004, Stb.
2004, 653, houdende wijziging van enkele belastingwetten (Belastingplan
2005). Inwerkingtreding: 1 januari 2005.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie
Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz.
enz.
Allen, die deze zullen zien
of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging
genomen hebben, dat het in het kader van het fiscale beleid voor het jaar
2005 wenselijk is maatregelen te treffen op het gebied van arbeidsmarkt- en
inkomensbeleid, economische infrastructuur, mobiliteit en milieu,
alsmede enkele overige maatregelen te treffen;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij
deze:
[Voor de
socialezekerheidswetgeving relevante artikelen, red.]
Art.
XX.
In de Coördinatiewet
Sociale Verzekering vervalt artikel 6, eerste lid, onderdeel
y.
Art. XXIV.
(...)
B.
Artikel 6, eerste lid,
onderdeel y, van de Coördinatiewet
Sociale Verzekering, zoals dit
onderdeel luidde op 27 augustus 2004, vóór 17.00 uur, blijft van toepassing
voor gevallen waarin het computers en bijbehorende apparatuur
betreft die door de werknemer vóór het genoemde tijdstip in gebruik
zijn genomen of ter zake waarvan door de werknemer nog vóór dat
tijdstip een verplichting tot aanschaffing is aangegaan.
Art.
XXXII.
Ingeval de samenloop van
wetten die in 2004 in het Staatsblad zijn of worden gepubliceerd en
wijzigingen aanbrengen in één of meer belastingwetten, niet of niet juist is
geregeld, of als gevolg van die samenloop onjuistheden ontstaan in de
aanduiding van artikelonderdelen, verwijzingen en dergelijke in de desbetreffende wetten, herstelt
Onze Minister
van Financiën dat bij
ministeriële regeling.
Art.
XXXIII.
-1. Onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet treedt deze wet in werking
met ingang van 1 januari 2005, met dien verstande dat artikel I, onderdeel A,
H, M, Q, R, S, T, U en V, en artikel IV,
onderdeel E, F, G, H en I,
eerst toepassing vinden nadat artikel 10.1 van de Wet
inkomstenbelasting 2001 bij het begin van het kalenderjaar 2005 is toegepast.
-2. In afwijking in zoverre
van het eerste lid werkt artikel XI, onderdeel A, tweede lid, terug tot en met
1 januari 2003.
-3. In afwijking in zoverre
van het eerste lid werken de artikelen IV, onderdeel B, XX en
XXIV
terug tot en met 27 augustus 2004, 17.00 uur.
-4. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel XXI, onderdeel A, in werking op 31 december 2004.
-5. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel VI, onderdeel B, in werking op een bij
koninklijk besluit te bepalen tijdstip, met dien verstande dat indien het
Staatsblad waarin dat besluit wordt geplaatst na 1 januari 2005 wordt
uitgegeven, in dat besluit bepaald wordt dat deze bepaling terugwerkt tot en
met 1 januari 2005.
-6. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel XIV in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip.
-7. In afwijking in zoverre
van het eerste lid treedt artikel XXXIa in werking op een bij
koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat zo nodig terugwerkende kracht heeft
tot 1 januari 2005.
-8. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel XII, onderdeel B, eerste en vijfde lid, in werking met
ingang van 1 juli 2005.
-9. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel XIXb, onderdeel C, in werking met ingang van 1
januari 2006.
-10. In afwijking van het
eerste lid treedt artikel X, onderdeel C, in werking met ingang van 1
januari 2007.
-11. In afwijking van het
eerste lid treden de artikelen XIII, XVII en XVIII in werking op een bij
koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Art.
XXXIV.
Deze wet wordt aangehaald
als: Belastingplan 2005.
Lasten en bevelen dat deze
in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige
uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
16 december 2004
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Financiën,
J.G. Wijn
De Minister van Financiën,
G. Zalm
Uitgegeven de drieëntwintigste
december 2004
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|