|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 2003-2004, 2004-2005, 29 483.
Handelingen II 2004-2005, blz. 515-550, 600-610, 645-661, 704-706.
Kamerstukken I 2004-2005, 29 483 (A, B, C, D).
Handelingen I 2004-2005, blz. 508-526, 534-539, 550-558, 560-560.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 23 december 2004, Stb.
2004, 725, tot wijziging van de Ziekenfondswet in verband met het
invoeren van een no-claimteruggaaf voor verzekerden die geen of weinig
gebruik hebben gemaakt van zorg waarop ingevolge die wet aanspraak
bestaat. Inwerkingtreding: 9 maart 2005 (Stb.
2005, 101).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is te bevorderen dat de eigen verantwoordelijkheid van
verzekerden ingevolge de Ziekenfondswet voor de kosten van ingevolge
die wet aan hen verstrekte zorg wordt vergroot door te bepalen dat
verzekerden die geen of weinig gebruik hebben gemaakt van zorg waarop
ingevolge die wet aanspraak bestaat, een no-claimteruggave ontvangen en
dat verzekerden zich hierdoor bewust worden van die kosten;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
[MvT]
In de Ziekenfondswet
wordt na artikel 18 een nieuw artikel ingevoegd,
luidende:
Art. 18a.
-1. Indien een verzekerde in enig kalenderjaar geen of weinig gebruik heeft gemaakt van zorg
waarop ingevolge deze wet aanspraak bestaat, heeft hij jegens het
ziekenfonds waarbij hij ingeschreven was aanspraak op een uitkering. Voor de
toepassing van dit artikel worden een vergoeding als bedoeld in
artikel 10 en een uitkering als bedoeld in artikel
11 gelijkgesteld aan het
gebruik maken van zorg waarop aanspraak bestaat. [MvT]
-2. Het bedrag van de
uitkering voor de verzekerde die geen gebruik heeft gemaakt van zorg
wordt bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld. Indien de ten
laste van de ziekenfondsverzekering komende kosten van zorg waarvan een
verzekerde gebruik heeft gemaakt lager zijn dan het in de eerste volzin bedoelde bedrag, is de uitkering voor de
verzekerde gelijk aan het
verschil tussen dat bedrag en de kosten van de zorg. [MvT]
-3. Voor de toepassing van
het eerste lid wordt het gebruik van verloskundige zorg,
kraamzorg en huisartsenzorg buiten beschouwing gelaten. Voor de toepassing
van het eerste lid worden tevens buiten beschouwing gelaten de
bedragen die de verzekerde op grond van artikel 8, vierde lid, als bijdrage
in de kosten van zorg heeft betaald. [MvT]
-4. Indien de zorg in de
vorm van een diagnose-behandelcombinatie wordt verleend, geldt als
tijdstip van gebruik van zorg het tijdstip waarop de diagnose-behandelcombinatie
is geopend.
-5. Verzekerden voor wie
geen nominale premie verschuldigd is, hebben geen aanspraak op de
uitkering. [MvT]
-6. Bij algemene maatregel
van bestuur wordt bepaald: [MvT]
a. binnen welke termijn en
op welke wijze de uitkering wordt betaald;
b. welk ziekenfonds de
uitkering betaalt indien de verzekerde in het kalenderjaar
achtereenvolgens bij meer dan één ziekenfonds was ingeschreven;
c. welke uitkering wordt
betaald indien de verzekerde slechts een deel van het kalenderjaar bij
een ziekenfonds was ingeschreven dan wel indien voor de verzekerde slechts
een deel van het kalenderjaar een nominale premie verschuldigd was;
d. de gevolgen van het
bekend worden van gebruik van zorg in een kalenderjaar waarvoor reeds
uitbetaling van de uitkering heeft plaatsgevonden;
e. welk bedrag aan kosten
voor de onderscheiden vormen van zorg voor de toepassing van dit
artikel in aanmerking wordt genomen;
f. het indexcijfer waarmee
het in het tweede lid bedoelde bedrag jaarlijks bij ministeriële
regeling wordt herzien, de berekeningswijze en de afronding die bij die
herziening worden gehanteerd.
Art. II.
[MvT]
Indien het bij koninklijke
boodschap van 17 juli 2003 ingediende voorstel van wet houdende
wijziging van de Ziekenfondswet, de
Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten en enkele andere wetten in verband met herziening van
het overeenkomstenstelsel in de sociale ziektekostenverzekering
alsmede enkele andere wijzigingen (Wet herziening
overeenkomstenstelsel zorg) (Kamerstukken 28 994) tot wet is of wordt verheven en
in werking treedt of is getreden, wordt in artikel
18a, eerste lid,
van de Ziekenfondswet
"een vergoeding als bedoeld in artikel 10 en een
uitkering als bedoeld in artikel 11" vervangen door:
vergoedingen als bedoeld in
de artikelen 9, derde lid, 10,
11 of 11a.
Art. III.
[MvT]
Aan artikel 31, tweede lid,
van de Wet werk en bijstand wordt, onder vervanging van de punt aan
het slot van onderdeel o ¹ door een puntkomma, een onderdeel
ingevoegd, luidende:
p.¹ een uitkering als
bedoeld in artikel 18a, eerste lid, van de
Ziekenfondswet.
1. Redactie: gelet op
het bepaalde in artikel I, onderdeel A, van
de Wet van 23 december 2004, Stb. 2004, 733,
dient "onderdeel o" te worden vervangen door
"onderdeel p" en de aanduiding "p"
door: q.
Art. IV.
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, met dien
verstande dat de uitkering, bedoeld in artikel
18a, eerste lid, van de Ziekenfondswet,
voor het eerst wordt gedaan in 2006.¹
1. Bij Besluit
van 19 februari 2005, Stb. 2005, 101, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 9 maart 2005, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
23 december 2004
BEATRIX
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
J.F. Hoogervorst
Uitgegeven de dertigste
december 2004
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|