|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2003-2004,
2004-2005, 29 623.
Handelingen II 2004-2005, blz. 3131-3143, 3217-3217.
Kamerstukken I 2004-2005, 29 623 (A, B, C, D, E).
Handelingen I 2004-2005, blz. 1183-1263, 1301-1304.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 16 juni 2005, Stb.
2005, 347, tot wijziging van de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten, de
Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998 en de Ziekenfondswet
in verband met invoering van een identificatieplicht bij
het verkrijgen van zorg, invoering van het sofinummer in de Wtz 1998,
elektronisch berichtenverkeer in de Ziekenfondswet en enige andere
wijzigingen (fraudebestrijding zorgverzekeringswetten).
Inwerkingtreding: 13 juli 2005 (Stb. 2005,
348), zie artikel V.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is bepalingen vast te stellen met betrekking tot de doelmatige
uitvoering en de bestrijding en het tegengaan van fraude in de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten, de Wet op de toegang tot
ziektekostenverzekeringen 1998 en de Ziekenfondswet, alsmede enige
wijzigingen in de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998
en in de Ziekenfondswet aan te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
[MvT]
De Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten wordt gewijzigd als volgt:
A.
Na artikel 10 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 10a.
-1. Degene die als verzekerde
zijn aanspraak op een bij ministeriële regeling aangewezen vorm van
zorg geldend wil maken, verstrekt aan de persoon of instelling tot
wie onderscheidenlijk welke hij zich wendt voor het ontvangen van de
desbetreffende zorg, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1, eerste
lid, van de Wet
op de identificatieplicht of een ander bij ministeriële
regeling aan te wijzen document ter inzage waarmee zijn identiteit kan
worden vastgesteld. Indien het identiteitsbewijs niet onmiddellijk ter inzage
kan worden verstrekt, kan de persoon of instelling bepalen dat
uiterlijk binnen een termijn van veertien dagen aan deze verplichting wordt
voldaan.
-2. De persoon of instelling
die de in het eerste lid bedoelde zorg verleent, stelt de
identiteit van degene aan wie deze zorg wordt verleend vast aan de hand van het ter
inzage verstrekte document.
B.¹
In artikel 42, vierde lid,
wordt na de zinsnede "dient een overeenkomst als bedoeld in het eerste
lid in ieder geval in te houden" een zinsnede ingevoegd, luidende: een
bepaling betreffende de verplichting als bedoeld in artikel
10a, tweede lid,.
C. [MvT]
In artikel 65d wordt, onder
vernummering van het tweede lid tot derde lid, een lid ingevoegd,
luidende:
-2. Het besluit tot
terugvordering levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede
Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
1. Zie artikel IV, onderdeel A, red.
Art. II.
[MvT]
De Wet op de toegang
ziektekostenverzekeringen 1998 wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
Na artikel 4 worden twee
artikelen ingevoegd, luidende:
Art. 4a. [MvT]
-1. In de administratie van
de ziektekostenverzekeraars en het uitvoeringsorgaan ter zake
van de uitvoering van deze wet wordt van de personen met wie een
overeenkomst van standaardverzekering is gesloten het sociaal-fiscaal
nummer, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel j, van de Algemene
wet inzake rijksbelastingen, opgenomen, tenzij aan de betrokken
persoon geen sociaal-fiscaal nummer is bekendgemaakt.
-2. Bij de verstrekking van
gegevens ter uitvoering van deze wet met betrekking tot personen met
wie een overeenkomst van standaardverzekering is gesloten, wordt door de
ziektekostenverzekeraars, het uitvoeringsorgaan en de in
artikel 4b genoemde instanties gebruik gemaakt van het
sociaal-fiscaal nummer.
Art. 4b. [MvT]
De rijksbelastingdienst, het
gemeentebestuur, de Informatie Beheer Groep, genoemd in de
Wet
verzelfstandiging Informatiseringsbank, de
ziekenfondsen, toegelaten
overeenkomstig artikel 34 van de Ziekenfondswet,
de ziektekostenverzekeraars
en het uitvoeringsorgaan zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht op verzoek uit de onder hun verantwoordelijkheid
gevoerde administratie aan
elkaar of aan een daartoe door of vanwege één van deze
instanties aangewezen persoon de gegevens te verstrekken die noodzakelijk
zijn voor de uitvoering van deze wet. De verstrekking van de gegevens
geschiedt kosteloos, tenzij bij of krachtens wet anders is bepaald.
B. [MvT]
In artikel 8 wordt in de
eerste volzin na "schadebedragen" toegevoegd: waarvan aan het
uitvoeringsorgaan opgave is gedaan.
C. [MvT]
In artikel 10, vijfde lid,
wordt "kan zijn beslissing herroepen" vervangen door: kan binnen
vijf jaar na
de in het vierde lid bedoelde mededeling zijn beslissing herroepen.
D. [MvT]
Voor artikel 24 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 23a.
Onze Minister kan
beleidsregels vaststellen met betrekking tot de werkwijze en de uitoefening
van de taken van het uitvoeringsorgaan.
E. [MvT]
Aan artikel 24, tweede lid,
wordt na "Het uitvoeringsorgaan kan, gehoord de Pensioen- &
Verzekeringskamer, regels stellen voor de inrichting van de
administratie van de ziektekostenverzekeraars voor zover het betreft de uitvoering
van de omslagregeling" toegevoegd: , voor het door de accountant uit te
voeren controleonderzoek van de opgaven, bedoeld in artikel 15,
tweede lid, alsmede voor de door de accountant af te geven verklaringen of
mededelingen.
F. [MvT]
Aan artikel 24 worden twee
leden toegevoegd, luidende:
-4. De
ziektekostenverzekeraar machtigt bij de opdracht tot het doen van een controleonderzoek,
bedoeld in artikel 15, tweede lid, de accountant schriftelijk, aan het
uitvoeringsorgaan alle inlichtingen te verstrekken die redelijkerwijze geacht
kunnen worden nodig te zijn voor de uitvoering van de haar bij of krachtens
deze wet opgelegde taak en legt hem bij die opdracht tevens de
verplichting op volledige medewerking te verlenen aan onderzoeken van het
uitvoeringsorgaan en hem inzage te geven in de zakelijke bescheiden betrekking hebbende op gedane opgaven. Het
uitvoeringsorgaan stelt de
ziektekostenverzekeraar in de gelegenheid aanwezig te zijn bij het
verstrekken van inlichtingen door de accountant.
-5. Indien de accountant naar
het oordeel van het uitvoeringsorgaan niet of niet meer de nodige
waarborgen biedt dat deze de toevertrouwde taak met betrekking tot de
ziektekostenverzekeraar naar behoren zal vervullen, kan het uitvoeringsorgaan,
gehoord de Pensioen- & Verzekeringskamer, bepalen dat hij niet bevoegd
is een verklaring als bedoeld in het tweede lid van artikel 15 met
betrekking tot die ziektekostenverzekeraar af te leggen.
G. [MvT]
In artikel 27, derde lid,
wordt "een verklaring omtrent de getrouwheid" gewijzigd in: een verklaring
omtrent de getrouwheid en rechtmatigheid.
Art. III.
[MvT]
De Ziekenfondswet wordt
gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
In artikel 3, vierde lid,
onderdeel d, wordt "artikel 1, onderdeel
i, van de Werkloosheidswet" vervangen
door: artikel 1, onderdeel g, van de Werkloosheidswet.
B.
Aan artikel 3d wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-10. Voor de toepassing van
het eerste lid geschiedt de toerekening van de gemeenschappelijke inkomensbestanddelen en bestanddelen van de
rendementsgrondslag van de
verzekerde en zijn partner overeenkomstig artikel 2.17 van de Wet
inkomstenbelasting 2001. Onder partner wordt verstaan degene die partner
is in de zin van artikel 1.2 van de Wet
inkomstenbelasting 2001 en
degene die geen keuze voor behandeling als binnenlandse
belastingplichtige als bedoeld in artikel 1.2, derde lid, onderdeel b, van de
Wet
inkomstenbelasting 2001 heeft gedaan of heeft kunnen doen. Ingeval de
verzekerde en zijn partner beiden belastingplichtig zijn, geldt de gemaakte
keuze, bedoeld in de artikelen 1.2, eerste lid, onderdeel b, en 2.17,
tweede lid, van de Wet
inkomstenbelasting 2001 ook voor de toepassing van
het eerste lid.
C. [MvT]
Na artikel 9 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 9a.
-1. Degene die als verzekerde
zijn aanspraak op een bij ministeriële regeling aangewezen
verstrekking geldend wil maken, verstrekt aan de persoon of instelling tot
wie onderscheidenlijk welke hij zich voor het ontvangen van de
desbetreffende verstrekking wendt, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1,
eerste lid, van de Wet
op de identificatieplicht of een ander bij
ministeriële regeling aan te wijzen document ter inzage waarmee zijn
identiteit kan worden vastgesteld. Indien het identiteitsbewijs niet
onmiddellijk ter inzage kan worden verstrekt, kan de persoon of instelling
bepalen dat uiterlijk binnen een termijn van veertien dagen aan deze verplichting
wordt voldaan.
-2. De persoon of instelling
die in de in het eerste lid bedoelde verstrekking verleent, stelt
de identiteit van degene aan wie deze zorg wordt verleend vast aan de
hand van het ter inzage verstrekte document.
D.
Artikel 34 wordt gewijzigd
als volgt:
1. Onderdeel e van het derde
lid wordt vervangen door:
e. waarvan het beleid wordt
bepaald door natuurlijke personen van wie de deskundigheid naar het
oordeel van het College zorgverzekeringen voldoende is voor de
uitoefening van de taken van een ziekenfonds;.
2. In het derde lid wordt,
onder verlettering van de onderdelen f, g en h tot
onderdelen g, h en i, een onderdeel ingevoegd, luidende:
f. waarvan het beleid wordt
bepaald of mede bepaald door natuurlijke personen wier voornemens, handelingen of antecedenten het College
zorgverzekeringen geen
aanleiding geven tot het oordeel dat de betrouwbaarheid van deze personen, met het
oog op de belangen van de verzekerden die ingevolge
deze wet moeten worden gediend, niet buiten twijfel staat;.
3. In het vijfde lid wordt "is het derde lid, onderdeel
e," vervangen door: zijn de onderdelen e
en f van het derde lid.
E. [MvT]
Na artikel 38c wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 39.
-1. Een ziekenfonds maakt
voor de uitwisseling van gegevens ten behoeve van de uitvoering
van deze wet gebruik van een elektronische infrastructuur.
-2. Het College
zorgverzekeringen kan regels stellen met betrekking tot de in het eerste lid
bedoelde gegevensuitwisseling. De regels kunnen betrekking hebben op:
a. de wijze waarop het
gebruik van de infrastructuur wordt georganiseerd en beheerd, waaronder
begrepen de inrichting en instandhouding van een gemeenschappelijke
database;
b. de wijze waarop de
uitwisseling van gegevens plaatsvindt, waaronder begrepen de
aansluiting van ziekenfondsen op deze infrastructuur;
c. de aard en omvang van de
gegevensuitwisseling en de voorschriften waaraan de
gegevensuitwisseling ten minste moet voldoen;
d. de financiering van het
gebruik van de infrastructuur en de wijze waarop de kosten ervan
worden verdeeld.
F.¹
In artikel 44, derde lid,
wordt na de zinsnede "dient een overeenkomst als bedoeld in het eerste
lid in ieder geval in te houden" een zinsnede ingevoegd, luidende: een
bepaling betreffende de verplichting als bedoeld in artikel
9a, tweede lid,.
G. [MvT]
In artikel 83d wordt, onder
vernummering van het tweede lid tot derde lid, een lid ingevoegd,
luidende:
-2. Het besluit tot
terugvordering levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede
Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
1. Zie artikel IV, onderdeel B, red.
Art. IV.
[MvT]
Indien het bij koninklijke
boodschap van 17 juli 2003 ingediende voorstel van wet houdende
wijziging van de Ziekenfondswet, de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten en enkele andere
wetten in
verband met herziening van
het overeenkomstenstelsel in de sociale ziektekostenverzekering
alsmede enkele andere wijzigingen (Wet herziening
overeenkomstenstelsel zorg) (Kamerstukken II 2002-2003, 28 994) tot wet is
verheven en
vóór deze wet in werking is getreden, wordt deze wet gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
Artikel I, onderdeel B, komt
te luiden:
B.
Artikel 43, eerste lid,
onderdeel f, komt te luiden:
f. de administratieve
voorwaarden die partijen bij de uitvoering van de overeenkomst in acht zullen
nemen, waaronder in elk geval de in artikel
10a, tweede lid, genoemde verplichting.
B. [MvT]
Artikel III, onderdeel F,
komt te luiden:
F.
Artikel 45, eerste lid,
onderdeel f, komt te luiden:
f. de administratieve
voorwaarden die partijen bij de uitvoering van de overeenkomst in acht zullen
nemen, waaronder in elk geval de in artikel 9a, tweede lid, genoemde
verplichting.
Art. V.
[MvT]
De artikelen van deze wet
treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat
voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan
worden vastgesteld, met dien verstande dat artikel III, onderdeel
B,
terugwerkt tot en met 1 januari 2001.¹
1. Bij Besluit
van 27 juni 2005, Stb. 2005, 348, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 13 juli 2005, met uitzondering van de artikelen
I, onderdeel A en B, en III,
onderdeel C en F, die in werking treden met ingang
van 1 januari 2006, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
16 juni 2005
BEATRIX
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
J.F. Hoogervorst
Uitgegeven de twaalfde
juli 2005
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|