|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2004-2005, 30
133.
Handelingen II 2004-2005, blz. 5933-5934
Kamerstukken I 2004-2005, 30 133 (A).
Handelingen I 2004-2005, blz. 1567-1569.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET
van 15 september 2005, Stb. 2005, 472, houdende wijziging van de Werkloosheidswet
ter uitvoering van Richtlijn nr. 2002/74/EG. Inwerkingtreding: 30
september 2005.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het
noodzakelijk is uitvoering te geven aan Richtlijn nr. 2002/74/EG van het
Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 september 2002
(PbEG L 270) tot wijziging van Richtlijn nr. 80/987/EG van de Raad
betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten
inzake de bescherming van de werknemers bij insolventie van de
werkgever;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
Wijziging Werkloosheidswet [MvT]
Artikel 62 van de
Werkloosheidswet
wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de
aanduiding "-1." geplaatst.
2. Er wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-2. Indien de werkgever,
bedoeld in artikel 61, eerste lid, een vaste
inrichting heeft op het
grondgebied van ten minste één andere lidstaat van de Europese Unie of een
in ten minste één andere lidstaat van de Europese Unie wonende of
gevestigde vaste vertegenwoordiger heeft, bestaat slechts recht op
uitkering op grond van dit hoofdstuk indien de werknemer zijn arbeid voor
deze werkgever gewoonlijk verricht of verrichtte voor een vaste
inrichting van de werkgever in Nederland onderscheidenlijk een in
Nederland wonende of gevestigde vaste vertegenwoordiger van de
werkgever.
Art. II.
Inwerkingtreding [MvT]
Deze wet treedt in werking
met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad
waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze
in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige
uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
15 september 2005
BEATRIX
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus
Uitgegeven de
negenentwintigste september 2005
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|