|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2003-2004,
2004-2005, 2005-2006, 29 738.
Handelingen II 2003-2004, blz. 6288-6306; 2004-2005, blz. 3480-3489;
3490-3497; 2005-2006, blz. 2848-2872, 2911-2928, 2891-2910, 3050-3051,
3052-3053.
Kamerstukken I 2005-2006, 29 738 (A, B, C, D).
Handelingen I 2005-2006, blz. 1103-1109.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 30 maart 2006, Stb.
2006, 167, tot
wijziging van de Werkloosheidswet en enige andere
wetten in verband met
aanscherping van de wekeneis. Inwerkingtreding: 1 april 2006 (Stb.
2006, 168).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is de instroom in de Werkloosheidswet
te beperken door de
toetredingsvoorwaarden voor het recht op uitkering aan te scherpen;
Zo is het dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
Wijziging van de Werkloosheidswet [MvT]
De Werkloosheidswet wordt
als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 17, onderdeel a,
komt te luiden:
a. in 36 weken onmiddellijk
voorafgaande aan de eerste dag van werkloosheid in ten minste
26 weken als werknemer arbeid heeft verricht;.
B. [MvT
+ bis]
Artikel 17a wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "39" vervangen door: 36.
2. Het derde lid komt te
luiden:
-3. Bij algemene maatregel
van bestuur kan voor bepaalde groepen werknemers het in artikel
17, onderdeel a, bedoelde aantal van 36 weken hoger worden vastgesteld en
het in dat onderdeel bedoelde aantal van 26 weken lager worden
vastgesteld.
Art.
II. Wijziging van de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers [MvT]
De Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers wordt
als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 9 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vierde lid wordt
de zinsnede "Indien de som van de uitkering krachtens artikel 52 van de
Werkloosheidswet en de toeslag krachtens artikel
8, vierde lid, van
de Toeslagenwet" vervangen door: Indien de
hoogte van de uitkering
vastgesteld op grond van artikel 47 of artikel
52i van de Werkloosheidswet en
de toeslag op grond van artikel 8, vierde lid,
van de Toeslagenwet
gezamenlijk.
2. Het vijfde lid vervalt,
onder vernummering van het zesde lid tot vijfde lid.
3. In het tot vijfde
vernummerde lid wordt de zinsnede "Het vierde en vijfde lid zijn" vervangen
door: Het vierde lid is.
B.
Aan hoofdstuk VII wordt een
artikel waarvan de nummering aansluit op het laatste artikel van dat
hoofdstuk toegevoegd, luidende:
Art. #
Voor de toepassing van
artikel 9, vierde lid, wordt, indien artikel
130h van de Werkloosheidswet op
de in dat lid bedoelde uitkering van toepassing was, voor "artikel 47 of
artikel 52i van de Werkloosheidswet"
gelezen: artikel 52 van de Werkloosheidswet, zoals dat artikel luidde op
31 december 2003.
Art.
III. Wijziging van de Wet werk
en inkomen naar arbeidsvermogen
Artikel 58 van de Wet werk
en inkomen naar arbeidsvermogen wordt als volgt gewijzigd:
1. "39 weken" wordt
telkens vervangen door: 36 weken.
2. Het derde lid komt te
luiden:
-3. Bij algemene maatregel
van bestuur kan voor bepaalde groepen werknemers het in het eerste
lid bedoelde aantal van 36 weken hoger worden vastgesteld en het in
dat lid bedoelde aantal van 26 weken lager worden vastgesteld.
Art.
IV. Wijziging van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid
[MvT]
In artikel 12, tweede lid,
van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid wordt
"39 weken" vervangen door: 36 weken.
Art.
V. Wijziging van de Wet kinderopvang [MvT]
In artikel 6, eerste lid,
onderdeel h, van de Wet
kinderopvang wordt
"artikel 29, derde lid"
vervangen door: artikel 29, tweede lid.
Art.
VI. Inwerkingtreding [MvT]
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de
verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden
vastgesteld.¹
1. Bij Besluit
van 30 maart 2006, Stb. 2006, 168, is het tijdstip van
inwerkingtreding voor alle artikelen bepaald op 1 april 2006, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Punta del Este,
30 maart 2006
BEATRIX
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus
Uitgegeven de eenendertigste
maart 2006
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|
|