|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2005-2006,
2006-2007, 30 666.
Handelingen II 2006-2007, blz. 499-504, 613-613.
Kamerstukken I 2006-2007, 30 666 (A).
Handelingen I 2006-2007, blz. 126-127.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 2 november 2006, Stb.
2006, 558, tot wijziging van de Algemene
Ouderdomswet in verband met samenwonen ten behoeve van zorg voor een
hulpbehoevende. Inwerkingtreding: 22 november 2006.
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is dat het ouderdomspensioen niet wordt herzien indien sprake
is van samenwonen als gevolg van zorg voor een hulpbehoevende en beide
pensioengerechtigden beschikken over een eigen woning;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art.
I. Wijziging van de Algemene Ouderdomswet [MvT]
De Algemene Ouderdomswet wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het tweede tot en
met vijfde lid tot derde tot en met zesde lid wordt een lid toegevoegd,
luidende:
-2. In afwijking van het eerste lid vindt geen herziening van het
ouderdomspensioen plaats, indien:
a. sprake is van zorg voor een pensioengerechtigde die
hulpbehoevend is als bedoeld in artikel 1,
onderdeel j, van de Algemene nabestaandenwet;
b. door deze zorg een gezamenlijke huishouding ontstaat van twee
pensioengerechtigden; en
c. de pensioengerechtigde en de hulpbehoevende
pensioengerechtigde ieder beschikken over een woning en daarvoor de
financiλle lasten dragen.
2. In het vijfde lid (nieuw) wordt "tweede
en derde lid" vervangen door: derde en vierde lid.
B. [MvT]
Na artikel 61 wordt een paragraaf met
opschrift ingevoegd, luidende:
§ 3. Overgangsrecht artikel 17
Art. 62.
-1. De besluiten tot herziening van het ouderdomspensioen genomen met
toepassing van artikel 17 zoals dat artikel
luidde op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de Wet
van 2 november 2006 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in
verband met samenwonen ten behoeve van zorg voor een hulpbehoevende (Stb.
2006, 558), worden op aanvraag door de Sociale
verzekeringsbank met toepassing van artikel
17, tweede lid, gewijzigd met ingang van 4 april 2006 of indien de
herziening op een later tijdstip heeft plaatsgevonden, met ingang van
dat tijdstip, indien:
a. de herziening voortvloeit uit de omstandigheid van het voeren
van een gezamenlijke huishouding in verband met zorg door een
pensioengerechtigde voor een hulpbehoevende pensioengerechtigde als
bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van
de Algemene nabestaandenwet;
b. de pensioengerechtigden ieder beschikken over een eigen
woning.
-2. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend binnen zes
maanden na de datum van inwerkingtreding van de in het eerste lid
genoemde wet.
C. [MvT]
In artikel 71 wordt "het
ouderdomspensioen op grond van artikel 12"
vervangen door: het ouderdomspensioen.
Art.
II. Inwerkingtreding [MvT]
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te s-Gravenhage,
2 november 2006
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
H.A.L. van Hoof
Uitgegeven de eenentwintigste
november 2006
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|