St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

WET  OVERGANGSRECHT  BEËINDIGING  RECHT  OP  TW-TOESLAG  BINNEN  EU,  EER  EN  ZWITSERLAND

Versie 7 december 2006

 

  
 

 

 
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2004-2005, 30 063.
Handelingen II 2004-2005, blz. 5933-5934.
Kamerstukken I 2004-2005, 30 063 (A, B, C, D, E, F, G, H).
Handelingen I 2005-2006, blz. 1235-1249; 2006-2007, blz. 417-419, 439-442, 482-482.

MEMORIE VAN TOELICHTING

 

 

WET van 7 december 2006, Stb. 2006, 695, houdende overgangsrecht inzake de beëindiging van het recht op toeslag op grond van de Toeslagenwet binnen de Europese Unie, de Europese Economische Ruimte en Zwitserland. Inwerkingtreding: 23 december 2006.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is overgangsrecht te formuleren ten behoeve van uitkeringsgerechtigden die, woonachtig buiten Nederland maar in de Europese Unie, de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, als gevolg van een wijziging van Verordening (EEG) nr. 1408/71 het recht op toeslag op grond van de Toeslagenwet verliezen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.  [MvT]
Na het opschrift van hoofdstuk VII van de Toeslagenwet wordt een artikel ingevoegd, luidende: ¹
Art. 44.
-1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder verordening verstaan: Verordening (EG) nr. 647/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 13 april 2005 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, en van Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71 (PbEU L 117).
-2. Aan de persoon, bedoeld in artikel 2, eerste, tweede of derde lid, die:
a. op de dag vóór de inwerkingtreding van de verordening recht op toeslag heeft op grond van artikel 10, eerste lid, van Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149); en
b. niet in Nederland woont, maar wel in een andere lidstaat van de Europese Unie, in een land aangesloten bij de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland;
wordt in afwijking van artikel 4a:
1º. vanaf de datum van inwerkingtreding van de verordening tot en met één jaar na de eerste dag van de kalendermaand volgend op de datum van inwerkingtreding van de verordening het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen;
2º. gedurende het tweede jaar na de eerste dag van de kalendermaand volgend op de datum van inwerkingtreding van de verordening twee derde van het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen; en
3º. gedurende het derde jaar na de eerste dag van de kalendermaand volgend op de datum van inwerkingtreding van de verordening een derde van het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen.

1. Volgens de redactie dient "Na het opschrift van hoofdstuk VII van de Toeslagenwet wordt een artikel ingevoegd, luidende:" te worden vervangen door: Na artikel 44 van de Toeslagenwet wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 44a.

 

Art. II.  [MvT]
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 5 mei 2005.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te ’s-Gravenhage, 7 december 2006

 

BEATRIX

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
H.A.L. van Hoof

 

Uitgegeven de tweeëntwintigste december 2006
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x