|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2004-2005, 2005-2006,
2006-2007, 30 071.
Handelingen II 2005-2006, blz. 5562-5586, 6119-6132, 6264-6265;
2006-2007, blz. 1473-1473.
Kamerstukken I 2006-2007, 30 071 (A, B, C, D).
Handelingen I 2006-2007, blz. 1055-1055.
WET van 28 juni 2007, Stb.
2007, 284, houdende wijziging van de Mededingingswet
als gevolg van de evaluatie van die
wet. Inwerkingtreding: 1 oktober 2007 (Stb.
2007, 291).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
als gevolg van de opgedane ervaring met de uitvoering van de Mededingingswet
en in verband met de afstemming op het Europees mededingingsrecht
wenselijk is die wet met
betrekking tot het verbod op mededingingsafspraken, het toezicht op
concentraties van ondernemingen en de handhaving van de regels omtrent
mededingingsafspraken, economische machtsposities en concentraties van
ondernemingen te wijzigen;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
[Voor de
Algemene wet bestuursrecht relevante artikelen, red.]
Art.
IIIA.
De bijlage bij de Algemene wet bestuursrecht
wordt als volgt gewijzigd:
Er wordt een onderdeel J toegevoegd,
luidende:
J. Ministerie van Economische Zaken
Artikel 49a, eerste lid, van de Mededingingswet
voor zover de aanvraag is afgewezen, alsmede artikel 49c, tweede
lid, van die wet voor
zover de intrekking of wijziging geschiedt op de gronden, bedoeld in het
eerste lid, onderdeel b of c, van dat artikel.
Art.
VII.
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of
onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.¹
1. Bij Besluit
van 21 juli 2007, Stb. 2007, 291, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 oktober 2007, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
28 juni 2007
BEATRIX
De Minister van
Economische Zaken,
M.J.A. van der Hoeven
Uitgegeven de zestiende
augustus 2007
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|