St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

WET  GEBRUIK  BURGERSERVICENUMMER  IN  DE  ZORG

Versie 10 april 2008

(Recente versie)

 

 

 

 
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2005-2006, 2006-2007, 30 380.
Handelingen II 2006-2007, blz. 13-27, 401-407, 610-611
Kamerstukken I 2006-2007, 2007-2008, 30 380 (A, B, C, D, E, F, G).
Handelingen I 2007-2008, blz. 1056-1082.

 

 

WET van 10 april 2008, Stb. 2008, 164, houdende regels inzake het gebruik van het burgerservicenummer in de zorg (Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg). Inwerkingtreding: 1 juni 2008 (Stb. 2008, 186).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is in de zorgsector het burgerservicenummer te gebruiken teneinde te waarborgen dat verwerkte persoonsgegevens op de betrokken cliënt betrekking hebben;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

[Voor de socialezekerheidswetgeving relevante artikelen, red.]

 

 

HOOFDSTUK 4

Slotbepalingen

 

Art. 18.
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt als volgt gewijzigd:
A.
Aan artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel k door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
l. burgerservicenummer: het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
B.
In artikel 9bis, eerste lid, wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, zijn sociaal-fiscaal nummer.
C.
Artikel 9b wordt als volgt gewijzigd:
1. Aan het eerste lid wordt een zin toegevoegd, luidende: De verzekerde vermeldt bij de aanvraag zijn burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, zijn sociaal-fiscaal nummer.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
-6. Op het indicatieorgaan, bedoeld in het eerste lid, en de stichting, bedoeld in het vierde lid, is, met uitzondering van de bewaartermijn als omschreven in artikel 52, eerste lid, het bepaalde bij of krachtens de artikelen 9bis, tweede tot en met vijfde lid, en 52 van overeenkomstige toepassing met betrekking tot het nemen van onderscheidenlijk het besluit, bedoeld in het eerste lid, en het besluit, bedoeld in het vierde lid.
D.
Artikel 52 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
2. Onder vernummering van het vijfde tot het zesde lid worden het tweede tot en met het vierde lid vervangen door:
-2. De zorgverzekeraar stelt bij de eerste opname in zijn administratie en vervolgens indien daartoe aanleiding is het burgerservicenummer van de verzekerde vast met overeenkomstige toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg. Bij het ontbreken van het burgerservicenummer verifieert de zorgverzekeraar het sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde indien daartoe aanleiding is.
-3. De zorgverzekeraar gebruikt het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde met het doel te waarborgen dat de in het kader van de verzekering van zorg te verwerken persoonsgegevens op die verzekerde betrekking hebben.
-4. Bij gegevensuitwisseling tussen de zorgverzekeraars en de in de artikelen 53 tot en met 56 genoemde personen en instanties wordt, voor zover die personen en instanties tot gebruik van dat nummer bevoegd zijn, het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer gebruikt.
-5. Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing op de gegevensuitwisseling tussen de zorgverzekeraars en de zorgaanbieders, indicatieorganen en zorgverzekeraars in de zin van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg die niet in de artikelen 53 tot en met 56 zijn genoemd.
3. In het zesde lid wordt "eerste, tweede en vierde lid" vervangen door: eerste en tweede lid.
4. Er worden drie leden toegevoegd, luidende:
-7. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald aan welke beveiligingseisen de gegevensverwerking, bedoeld in het eerste, vierde en vijfde lid, voldoet.
-8. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels gesteld worden over de bij de gegevensuitwisseling, bedoeld in het vierde en vijfde lid, te verwerken feiten of gegevens met betrekking tot verzekerden van wie het vaststellen van het burgerservicenummer of het sociaal-fiscaal nummer onmogelijk blijkt of een onevenredige inspanning kost. Bij of krachtens die maatregel kan worden bepaald aan welke beveiligingseisen de verwerking van die feiten of gegevens voldoet.
-9. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen vormen van zorg als bedoeld in artikel 6, alsmede categorieën van zorgverzekeraars en in de artikelen 53 tot en met 56 genoemde personen en instanties worden uitgezonderd van de toepassing van het bepaalde bij of krachtens eerste tot en met het achtste lid.

 

Art. 21.
De Zorgverzekeringswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
Aan artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel t door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
u.¹ burgerservicenummer: het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
B.
In artikel 4, eerste lid, en artikel 9, tweede lid, onderdeel a, wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
C.
Aan artikel 14 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. Op de stichting, bedoeld in het derde lid, is, met uitzondering van de bewaartermijn als omschreven in artikel 86, eerste lid, het bepaalde bij of krachtens de artikelen 4, tweede tot en met vijfde lid, en 86 van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de indicatie, bedoeld in het derde lid.
D.
Aan artikel 26 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-4. Het College toezicht ² zendt de beheerder van het register van zorgverzekeraars, bedoeld in artikel 14 van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg, onverwijld een afschrift van de melding onder vermelding van de datum van ontvangst ervan.
E.
In artikel 35, eerste lid, onderdeel a, wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
F.
Artikel 86 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
2. Onder vernummering van het vierde lid tot het zesde lid worden het tweede en derde lid vervangen door:
-2. De zorgverzekeraar stelt bij de eerste opname in zijn administratie en vervolgens indien daartoe aanleiding is het burgerservicenummer van de verzekerde vast met overeenkomstige toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg. Bij het ontbreken van het burgerservicenummer verifieert de zorgverzekeraar het sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde indien daartoe aanleiding is.
-3. De zorgverzekeraar gebruikt het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer van de verzekerde met het doel te waarborgen dat de in het kader van de verzekering van zorg te verwerken persoonsgegevens op die verzekerde betrekking hebben.
-4. Bij gegevensuitwisseling tussen de zorgverzekeraars en de stichtingen, bedoeld in artikel 14, derde lid, alsmede tussen de zorgverzekeraars en de in de artikelen 88 en 89 genoemde personen en instanties wordt, voor zover die stichtingen, personen en instanties tot gebruik van dat nummer bevoegd zijn, het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer gebruikt.
-5. Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing op de gegevensuitwisseling tussen de zorgverzekeraars en de zorgaanbieders, indicatieorganen en zorgverzekeraars in de zin van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg die niet in de artikelen 88 en 89 zijn genoemd.
3. Er worden drie leden toegevoegd, luidende:
-7. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald aan welke beveiligingseisen de gegevensverwerking, bedoeld in het eerste, vierde en vijfde lid, voldoet.
-8. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels gesteld worden over de bij de gegevensuitwisseling, bedoeld in het vierde en vijfde lid, te verwerken feiten of gegevens met betrekking tot verzekerden van wie het vaststellen van het burgerservicenummer of het sociaal-fiscaal nummer onmogelijk blijkt of een onevenredige inspanning kost. Bij of krachtens die maatregel kan worden bepaald aan welke beveiligingseisen de verwerking van die feiten of gegevens voldoet.
-9. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen vormen van zorg of andere diensten als bedoeld in artikel 11, alsmede categorieën van zorgverzekeraars, van stichtingen als bedoeld in artikel 14, derde lid, en van in de artikelen 88 en 89 genoemde personen en instanties worden uitgezonderd van de toepassing van het bepaalde bij of krachtens het eerste tot en met het achtste lid.
G.
Artikel 118 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het derde lid wordt "het in dat document opgenomen sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: het met inachtneming van artikel 7 van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg vastgestelde burgerservicenummer.
2. In het vierde lid wordt "sociaal-fiscaal nummer" vervangen door: burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.

1. Volgens de redactie dient onderdeel u te worden verletterd tot onderdeel w.
2. Volgens de redactie dient "Het College toezicht" te worden vervangen door: De zorgautoriteit.

 

Art. 24.
Indien het bij koninklijke boodschap van 27 mei 2005 ingediende voorstel van wet houdende nieuwe regels betreffende maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) (Kamerstukken II 2004-2005, 30 131, nrs. 1-2), na tot wet te zijn verheven, in werking is getreden of in werking treedt, komt artikel 18 van de Wet maatschappelijke ondersteuning als volgt te luiden:
Art. 18.
Bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen personen en instellingen kunnen het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer van een persoon die een eigen bijdrage verschuldigd is, gebruiken voor zover dat noodzakelijk is ter uitvoering van de artikelen 16 en 19, waarbij eveneens van dat nummer gebruik kan worden gemaakt:
a. in het verkeer met de persoon op wie het nummer betrekking heeft; en
b. in hun contacten met de personen en instanties voor zover deze zelf gemachtigd zijn tot het gebruik van het nummer.

 

Art. 25.
Deze wet wordt aangehaald als: Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg.

 

Art. 26.
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan alsmede voor verschillende vormen van zorg en categorieën van zorgaanbieders, indicatieorganen en zorgverzekeraars verschillend kan worden vastgesteld.¹

1. Bij Besluit van 23 mei 2008, Stb. 2008, 186, is het tijdstip van inwerkingtreding bepaald op 1 juni 2008, met uitzondering van de artikelen 4 tot en met 9, 12, 13 en 21, onderdeel C, die in werking treden met ingang van 1 juni 2009, red.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te ’s-Gravenhage, 10 april 2008

 

BEATRIX

 

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
A. Klink

 

Uitgegeven de twintigste mei 2008
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x