|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2007-2008, 31 249.
Handelingen II 2007-2008, blz. 4972-5001, 5200-5213, 5563-5565.
Kamerstukken I 2007-2008, 2008-2009, 31 249 (A, B, C, D).
Handelingen I 2008-2009, blz. 207-215, 232-245.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 30 oktober 2008, Stb.
2008, 526, houdende wijziging van de Zorgverzekeringswet
in verband met de verstrekking van bijdragen aan zorgaanbieders die
inkomsten derven ten gevolge van het verlenen van medisch noodzakelijke
zorg aan bepaalde groepen vreemdelingen en van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten met het oog op verzekering van bepaalde
groepen minderjarige vreemdelingen. Inwerkingtreding: 1 januari 2009 (Stb.
2008, 527).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is te regelen dat zorgaanbieders die medisch noodzakelijke
zorg hebben verleend aan bepaalde groepen vreemdelingen als bedoeld in
de Vreemdelingenwet
2000 een bijdrage kunnen ontvangen in de inkomsten die zij
dientengevolge derven, en dat het wenselijk is bepaalde groepen
minderjarige vreemdelingen onder de verzekering, bedoeld in de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten, en daarmee onder de verzekeringsplicht,
bedoeld in de Zorgverzekeringswet, te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art.
I. [MvT]
Na artikel 122 van de Zorgverzekeringswet
wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 122a. [MvT]
-1. Het College
zorgverzekeringen verstrekt bijdragen aan zorgaanbieders die
inkomsten derven ten gevolge van het verlenen van medisch noodzakelijke
zorg aan: [MvT
+ bis]
a. vreemdelingen als bedoeld in artikel 8, onderdeel f of h,
van de Vreemdelingenwet
2000, voor zover het betreft vreemdelingen die in afwachting zijn
van een beslissing op een aanvraag tot het verlenen van een
verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van die
wet, dan wel vreemdelingen die in afwachting zijn van een beslissing
op een bezwaarschrift of een beroepschrift naar aanleiding van een
beslissing als hiervoor bedoeld en deze procedure krachtens de Vreemdelingenwet
2000 of op grond van een rechterlijke beslissing in Nederland mogen
afwachten; en
b. vreemdelingen als bedoeld in artikel 10 van de Vreemdelingenwet
2000.
-2. Onder medisch noodzakelijke zorg wordt
verstaan zorg of overige diensten als bedoeld in artikel
11 van deze wet of in artikel 6 van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten, met uitzondering van bij of krachtens
algemene maatregel van bestuur aan te wijzen vormen van zorg of
diensten, en slechts voor zover de zorgaanbieder verstrekking ervan,
gezien de aard van de prestaties en de verwachte duur van het verblijf
van de vreemdeling, medisch noodzakelijk acht. [MvT
+ bis]
-3. Geen bijdrage wordt verstrekt voor zover de
kosten voor de verleende zorg: [MvT
+ bis]
a. op de vreemdeling of een verzekeraar van de vreemdeling kunnen
worden verhaald;
b. op grond van een andere wettelijke bepaling kunnen worden
vergoed; of
c. hoger zijn dan in de Nederlandse marktomstandigheden in
redelijkheid passend is.
-4. Indien zorg is verleend die aan verzekerden
doorgaans zonder verwijzing, recept of zonder indicatie als bedoeld in
de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt
verleend, bedraagt de bijdrage: [MvT
+ bis]
a. 100% van de kosten die verband houden met zwangerschap en
bevalling; en
b. 80% van de kosten in de overige gevallen;
voor zover deze
kosten niet op grond van het derde lid zijn of kunnen worden betaald of
buiten beschouwing dienen te blijven.
-5. In bijdragen als bedoeld in het eerste lid
voor andere zorg dan de zorg, bedoeld in het vierde lid, wordt voorzien
door middel van met het oog op verlening van die zorg tussen het College
zorgverzekeringen en zorgaanbieders gesloten overeenkomsten. [MvT
+ bis]
-6. Indien een zorgaanbieder zowel in zorg als
bedoeld in het vierde lid als in zorg als bedoeld in het vijfde lid kan
voorzien, kan een overeenkomst als bedoeld in het vijfde lid zich tevens
uitstrekken over de in het vierde lid bedoelde zorg en kunnen in die
overeenkomst van het vierde lid afwijkende afspraken worden gemaakt. [MvT
+ bis]
-7. Het College zorgverzekeringen zendt jaarlijks
vóór 1 oktober aan Onze Minister een
begroting van de kosten van de bijdragen, bedoeld in het eerste lid,
voor het volgende kalenderjaar. [MvT
+ bis]
-8. Het voor de bijdragen in een kalenderjaar beschikbare bedrag wordt vóór
1 december van het daaraan voorafgaande jaar door Onze Minister
vastgesteld. [MvT
+ bis]
-9. Het bedrag, bedoeld in het achtste lid, wordt gedekt uit ’s Rijks
kas en wordt door het College zorgverzekeringen afzonderlijk beheerd en
geadministreerd. [MvT
+ bis]
-10. De artikelen 40, tweede tot en met
elfde lid, 72, tweede tot en met zesde lid, 73
en 75 zijn van overeenkomstige toepassing. [MvT
+ bis]
-11. De zorgaanbieder die in aanmerking wenst te
komen voor een bijdrage als bedoeld in dit artikel verstrekt het College
zorgverzekeringen of door dat college aangewezen, bij de uitvoering van
dit artikel betrokken personen, bij ministeriële regeling te bepalen
gegevens die noodzakelijk zijn om het recht op en de omvang van een
bijdrage te kunnen vaststellen, dan wel stelt hem deze gegevens voor dit
doel voor inzage of het nemen van afschrift ter beschikking. [MvT
+ bis]
-12. In afwijking van artikel
116 kan een zorgaanbieder tegen een op grond van dit artikel genomen
besluit van het College zorgverzekeringen beroep instellen bij het College
van Beroep voor het bedrijfsleven. [MvT
+ bis]
Art.
Ia.
-1. Ten aanzien van rechten en
verplichtingen die op grond van het Reglement Financiële Bijdragen van
de Stichting Koppeling te Amsterdam zijn ontstaan vóór de
inwerkingtreding van deze wet, dan wel na dat tijdstip zijn ontstaan ter
zake van de afwikkeling van het Reglement Financiële Bijdragen van de
Stichting Koppeling te Amsterdam, blijft het recht van toepassing zoals
dat gold voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
-2. Ten aanzien van bezwaar en beroep tegen
een besluit dat op grond van het Reglement Financiële Bijdragen van de
Stichting Koppeling te Amsterdam is genomen vóór het tijdstip van
inwerkingtreding van deze wet, dan wel na dat tijdstip is genomen ter
zake van de afwikkeling van het Reglement Financiële Bijdragen van de
Stichting Koppeling te Amsterdam, is het recht zoals dat gold
voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet van
toepassing.
-3. Met ingang van de datum van
inwerkingtreding van deze wet is het College
zorgverzekeringen de rechtsopvolger van Stichting Koppeling te
Amsterdam ten aanzien van rechten en verplichtingen als bedoeld in het
eerste lid en ten aanzien van bezwaar en beroep als bedoeld in het
tweede lid.
Art.
II. [MvT]
Artikel 5 van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten wordt als volgt gewijzigd:
Onder vernummering van het derde en vierde lid tot vierde en vijfde lid
wordt een lid ingevoegd, luidende:
-3. In afwijking van het tweede lid zijn verzekerd:
a. kinderen in Nederland geboren uit een in Nederland wonende
vreemdeling die rechtmatig verblijf geniet als bedoeld in artikel 8,
onderdeel a tot en met e of l, van de Vreemdelingenwet
2000, dan wel in het buitenland geboren uit in Nederland wonende
ouders die rechtmatig verblijf genieten als bedoeld in artikel 8, onderdeel
a tot en met e of l, van de Vreemdelingenwet
2000;
b. kinderen die door in Nederland wonende personen met de
Nederlandse nationaliteit dan wel met rechtmatig verblijf als bedoeld in
artikel 8, onderdeel a tot en met e of l, van de Vreemdelingenwet
2000, worden geadopteerd en voor wie met het oog op adoptie
beginseltoestemming is verleend op grond van artikel 2 van de Wet
opneming buitenlandse kinderen ter adoptie. De verzekering gaat in
vanaf het moment van adoptie naar het recht van het land waar het kind
zijn gewone verblijf heeft of vanaf het moment van de gezagsoverdracht
van het kind met het oog op adoptie aan een echtpaar of een persoon die
zijn gewone verblijf in Nederland heeft en die de procedure van opneming
ter adoptie van een kind ingevolge de Wet
opneming buitenlandse kinderen ter adoptie heeft gevolgd.
Art.
III. [MvT]
Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan
de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten
van artikel 122a van de Zorgverzekeringswet
in de praktijk.
Art.
IV. [MvT]
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip.¹
1. Bij Besluit
van 21 november 2008, Stb. 2008, 527, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 januari 2009, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
30 oktober 2008
BEATRIX
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
A. Klink
Uitgegeven de zestiende
december 2008
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|