|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2007-2008, 2008-2009,
31 441.
Handelingen II 2008-2009, blz. 297-316, 658-658.
Kamerstukken I 2008-2009, 31 441 (A, B, C, D).
Handelingen I 2008-2009, blz. 813-828, 853-876, 909-909.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 29 december 2008,
Stb. 2008, 592, tot wijziging van de Wet
werk en bijstand in verband met decentralisering van de
langdurigheidstoeslag en op bevordering van maatschappelijke
participatie gerichte ondersteuning van huishoudens met schoolgaande
kinderen. Inwerkingtreding: 1 januari 2009 (Stb.
2008, 593).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is gemeenten meer armslag te geven
voor gerichte ondersteuning van huishoudens met schoolgaande kinderen
ter bevordering van hun maatschappelijke participatie en dat het
wenselijk is de mogelijkheden voor inkomensondersteuning beter in
evenwicht te brengen met de mogelijkheden tot inkomensverbetering;
Zo is het dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
Wijziging van de Wet werk en bijstand [MvT]
De Wet werk en bijstand
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 5 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Onderdeel d komt te
luiden:
d. bijzondere bijstand: de
bijstand, bedoeld in artikel 35, en de
langdurigheidstoeslag, bedoeld in artikel 36;
2. Onderdeel e vervalt onder
verlettering van onderdeel f tot onderdeel e.
B. [MvT]
Artikel 8 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Aan het eerste lid wordt,
onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door een
puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
d. het verlenen van een
langdurigheidstoeslag als bedoeld in artikel 36.
2. Het tweede lid komt te
luiden:
-2. De regels, bedoeld in het
eerste lid, hebben:
a. voor zover het gaat om
het eerste lid, onderdeel a, in ieder geval betrekking op de
evenwichtige aandacht voor de in artikel 7, eerste lid,
onderdeel a, genoemde groepen, alsmede voor verschillende doelgroepen daarbinnen, en
op de wijze waarop rekening wordt gehouden met zorgtaken;
b. voor zover het gaat om
het eerste lid, onderdeel d, in ieder geval betrekking op de hoogte van
de langdurigheidstoeslag en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan
de begrippen langdurig en laag inkomen.
C. [MvT]
Het opschrift van paragraaf 4.1 komt te luiden:
Bijzondere bijstand
D. [MvT]
Artikel 35 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het opschrift komt te
luiden: Individuele en
categoriale bijzondere bijstand
2. Onder vernummering van
het vierde lid tot achtste lid worden vier leden ingevoegd, luidende:
-4. In afwijking van het
eerste lid kan bijzondere bijstand ook aan een persoon behorend tot een
categorie chronisch zieken of gehandicapten, of met een hem ten laste
komend kind dat tot die categorie behoort, worden verleend met
betrekking tot kosten in verband met chronische ziekte of handicap, zonder
dat wordt nagegaan of ten behoeve van die persoon of dat kind die
kosten ook daadwerkelijk noodzakelijk zijn of gemaakt zijn, indien ten
aanzien van de categorie waartoe hij of dat kind behoort aannemelijk is dat
die zich in bijzondere omstandigheden bevindt die leiden tot dergelijke
noodzakelijke kosten van bestaan waarin de algemene bijstand niet
voorziet en die de aanwezige draagkracht te boven gaan.
-5. In afwijking van het
eerste lid kan bijzondere bijstand ook aan een persoon met een hem ten
laste komend kind dat onderwijs of een beroepsopleiding volgt, worden verleend met betrekking tot kosten in
verband met maatschappelijke
participatie van dat kind, zonder dat wordt nagegaan of ten behoeve van
dat kind die kosten ook daadwerkelijk noodzakelijk zijn of gemaakt
zijn, indien ten aanzien van de categorie waartoe hij behoort
aannemelijk is dat die zich in bijzondere omstandigheden bevindt die leiden tot
dergelijke noodzakelijke kosten van bestaan waarin de algemene bijstand
niet voorziet en die de aanwezige draagkracht te boven gaan.
-6. In afwijking van het
eerste lid kan bijzondere bijstand ook aan een persoon worden verleend in
de vorm van een collectieve aanvullende ziektekostenverzekering zonder dat wordt nagegaan of ten aanzien van die
persoon de kosten van die
verzekering ook daadwerkelijk noodzakelijk zijn of gemaakt zijn.
-7. Voor de toepassing van
dit artikel wordt onder bijzondere bijstand niet verstaan
langdurigheidstoeslag als bedoeld in artikel 36.
E. Vervallen.¹ [MvT]
F. [MvT]
In artikel 39, tweede lid,
wordt "artikel 35, tweede lid, en artikel
36, vijfde lid," vervangen
door: en artikel 35, tweede lid,.
G. [MvT]
Artikel 48 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het opschrift komt te
luiden: Geldlening, borgtocht en
bijstand in natura
2. Er wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-4. Het college verstrekt
bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35,
vijfde lid, in natura,
tenzij dit naar het oordeel van het college leidt tot een ondoelmatige uitvoering van
dat lid.
H. [MvT]
In artikel 69, eerste lid,
onderdeel b, vervalt ", en van de langdurigheidstoeslag".
1. Redactie:
Ingevolge artikel VIIIc van de Intrekkingswet
IWwb komt onderdeel E te luiden als volgt:
Art. 36. Langdurigheidstoeslag
-1. Het college verleent op aanvraag een langdurigheidstoeslag aan een
persoon van 21 jaar of ouder doch jonger dan 65 jaar die langdurig een
laag inkomen en geen in aanmerking te nemen vermogen als bedoeld in artikel
34 heeft en geen uitzicht heeft op inkomensverbetering.
-2. Bij de vaststelling van het inkomen, bedoeld in het eerste lid,
wordt een eerder verstrekte langdurigheidstoeslag buiten beschouwing
gelaten.
-3. Een persoon kan slechts eenmaal binnen een periode van twaalf
maanden in aanmerking komen voor een langdurigheidstoeslag.
-4. De langdurigheidstoeslag wordt verleend met ingang van de datum
waarop de persoon langdurig een laag inkomen en geen in aanmerking te
nemen vermogen als bedoeld in artikel 34
heeft.
-5. De artikelen 12, 43,
44, 49 en 52
zijn niet van toepassing.
-6. De artikelen 5, 36
en 39, zoals die luidden op 31 december
2008, blijven van toepassing op een aanvraag voor een
langdurigheidstoeslag in 2009, indien:
a. die aanvraag ziet op een recht op een langdurigheidstoeslag
dat in 2009 is ontstaan;
b. in 2008 een recht op een langdurigheidstoeslag is ontstaan en
een aanvraag daarvoor in 2008 is ingediend; en
c. door toepassing van dit lid de hoogte van een
langdurigheidstoeslag niet lager uitvalt dan zonder toepassing van dit
lid het geval zou zijn. Dit lid vervalt met ingang van 1 januari 2010.
Art.
II. Wijziging van de
Invoeringswet Wet werk en bijstand ¹ [MvT]
Artikel 10 van de
Invoeringswet Wet werk en bijstand vervalt.
1. Gelet op het bepaalde in artikel
II van de Intrekkingwet IWwb dient volgens
de redactie artikel II te vervallen.
Art.
III. Inwerkingtreding
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.¹
1. Bij Besluit
van 29 december 2008, Stb. 2008, 593, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 januari 2009, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
29 december 2008
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J. Klijnsma
Uitgegeven de dertigste
december 2008
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|