|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2008-2009, 31 811.
Handelingen II 2008-2009, blz. 6028-6031, 6161-6161.
Kamerstukken I 2008-2009, 31 811 (A, B, C, D).
Handelingen I 2008-2009, blz. 1721-1721.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET
van 2 juli 2009, Stb. 2009, 318, tot wijziging van een aantal wetten
van het ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW-wetgeving 2009).
Inwerkingtreding: 1 augustus 2009 (Stb.
2009, 319).
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om
technische verbeteringen en enige andere wijzigingen in wetgeving op het
terrein van het ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid aan te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
Wijziging van de Werkloosheidswet [MvT]
De Werkloosheidswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
In artikel 6 wordt het vierde lid beginnend met
"Als dienstbetrekking
wordt niet beschouwd" en eindigend met "of vrijwillig vervroegd
uittreden." vernummerd tot vijfde lid.
aAa.
In artikel 21, eerste lid, wordt "c of
d" vervangen door:
c, d of f.
Aa.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 27g, vierde lid, onderdeel
a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel
4:93, vierde lid.
B.
[MvT]
In artikel 42a, derde lid, wordt na
"die is gegrond op
artikel 44,
eerste lid, onderdeel b, van de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten"
ingevoegd: of op artikel 5, eerste lid, van de
Wet maatschappelijke ondersteuning.
C.
[MvT]
Artikel 62, vierde lid, komt te luiden:
-4. Mede heeft recht op uitkering op grond van dit hoofdstuk de persoon,
niet zijnde werknemer, bedoeld in de artikelen 3 of
3a, die gewoonlijk
arbeid in Nederland verricht voor de werkgever, bedoeld in artikel 61 of
61a, mits er geen recht op een uitkering bestaat in een andere lidstaat
van de Europese Unie.
D.
[MvT]
In artikel 76, derde lid, wordt "een plan als bedoeld in
artikel 29,
tweede lid, dat" vervangen door: een re-integratievisie als bedoeld in
artikel 30a, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie
werk en inkomen die, of een re-integratieplan als bedoeld in artikel
30a, zesde lid, van die wet dat,.
E.
[MvT]
Artikel 77 vervalt.
Art. II.
Wijziging van de Ziektewet [MvT]
De Ziektewet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 29, twaalfde lid, beginnend met "Voor de toepassing van het
tweede lid, onderdeel d, onder 1º," en eindigend met "dezelfde
oorzaak" wordt vernummerd tot dertiende lid.
B.
[MvT]
Na artikel 29b wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 29c.
Indien ten aanzien van een werknemer als bedoeld in de artikelen
29b en
90 van deze wet ¹ bij aanvang van het dienstverband wordt vastgesteld dat
hij lijdt aan een ziekte of een gebrek die respectievelijk dat maakt dat
hij binnen de in artikel 29b, eerste en vierde lid, van deze wet
¹ bedoelde termijn van vijf jaren na aanvang van de dienstbetrekking
respectievelijk na vaststelling van het recht op uitkering een
aanzienlijk verhoogd risico heeft op ernstige gezondheidsklachten, wordt
die termijn van vijf jaar vóór afloop daarvan verlengd indien op dat
moment de ziekte of het gebrek dan wel het verhoogde risico op ernstige
gezondheidsklachten naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen nog bestaat.
C.
[MvT]
Artikel 38a, zesde lid, komt te luiden:
-6. Indien de verzekerde door toepassing van artikel 629, derde lid, van
Boek 7 van het Burgerlijk
Wetboek geen recht heeft op loon dan wel op
grond van artikel 76b, tweede lid, geen recht heeft op bezoldiging,
meldt de werkgever dit aan het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen.
D.
[MvT]
In artikel 38ab, tweede lid, wordt
"uiterlijk de vierde dag" vervangen
door: uiterlijk de tweede dag.²
E.
[MvT]
In artikel 45, eerste lid, onderdeel j, wordt
"wachtgeldfonds"
vervangen door: sectorfonds.
Ea.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 45g, vierde lid, onderdeel
a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door: artikel
4:93, vierde lid.
F.
[MvT]
In artikel 72b, eerste lid, wordt
"Onverminderd artikel 72b" vervangen
door: Onverminderd artikel 72c.
G.
[MvT]
Artikel 87 vervalt.
H.
Artikel 93 beginnend met "In gedingen" en eindigend met
"dan staat
een rechtsmiddel daartegen slechts gelijktijdig met de einduitspraak
open." wordt vernummerd tot artikel 94.
1. Volgens
de redactie dient "van deze wet" telkens te vervallen.
2. Volgens de redactie dient
"uiterlijk de tweede dag" te worden vervangen door: uiterlijk
op de tweede dag.
Art. III.
Wijziging van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen [MvT]
De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:
1.
In de alfabetische volgorde wordt ingevoegd:
- wachtgeld:
wachtgeld op grond van het Rijkswachtgeldbesluit
1959, uitkering
op grond van het Besluit
werkloosheid onderwijs- en onderzoekspersoneel,
wachtgeld of daarmee gelijkgestelde uitkering op grond van
de
Algemene
militaire pensioenwet of een met die wachtgelden of die uitkeringen
vergelijkbare uitkering op grond van ontslag of werkloosheid, met
uitzondering van een uitkering in verband met functioneel
leeftijdsontslag of vrijwillig vervroegd uittreden;.
[MvT]
2.
In de subonderdelen 1º en 2º van het onderdeel "zelfstandige" wordt
na "bedoeld in paragraaf
3.2.4 van
die
wet," ingevoegd: en de
MKB-winstvrijstelling, bedoeld in paragraaf 3.2.5 van die
wet,.
[MvT]
B.
[MvT]
Artikel 6, vijfde lid, eerste volzin, komt te luiden: De voordracht voor een krachtens het vierde lid vast te stellen algemene
maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een ministeriële
regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel van bestuur,
wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant is
bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier
weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied wensen en
bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen.
C.
[MvT]
In artikel 15, zesde lid, wordt na "die is gegrond op
artikel 44,
eerste lid, onderdeel b, van de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten"
ingevoegd: of op artikel 5, eerste lid, van de
Wet maatschappelijke ondersteuning.
D.
[MvT]
Aan artikel 18, eerste lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van onderdeel f door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:
g. de persoon wiens recht op een uitkering krachtens deze wet is
beëindigd.
E.
[MvT]
In artikel 23, zesde lid, wordt aan het slot van de laatste volzin
toegevoegd: en die geen recht heeft op loon op grond van artikel 629 van
Boek 7 van het Burgerlijk
Wetboek.
F.
Artikel 27 wordt als volgt gewijzigd:
1.
In het eerste lid wordt "Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen"
vervangen door: UWV.
2.
In het derde lid, onderdeel a, vervalt de komma.
Fa.
In artikel 32, tweede lid, vervalt ", voor een bij die regeling te
bepalen maximale periode,".
G.
[MvT]
In artikel 41 wordt na "nog
volledig" ingevoegd: en duurzaam.
H.
[MvT]
In artikel 49, eerste lid, onderdeel a, wordt "niet meer volledig
arbeidsongeschikt is" vervangen door: niet meer volledig en duurzaam
arbeidsongeschikt is.
I.
[MvT]
In artikel 51 wordt "70% van het
maandloon" vervangen door: 75% van
het maandloon.
J.
[MvT]
In artikel 52, tweede lid, wordt "het maatmaninkomen per kalendermaand"
vervangen door: het maatmaninkomen per maand.
K.
In artikel 55, eerste lid, onderdeel c, wordt "als" vervangen door:
dan.
L.
[MvT]
Artikel 58, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1.
In onderdeel b vervalt "of".
2.
Aan het slot van onderdeel c wordt de punt vervangen door een puntkomma.
3.
Er worden drie onderdelen toegevoegd, luidende:
d. hij onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van de
wachttijd wegens werkloosheid niet werkt en wachtgeld ontvangt uit
hoofde van een dienstbetrekking die is geëindigd vóór 1 januari 2001;
e. hij onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van de
wachttijd wegens werkloosheid niet werkt en wachtgeld ontvangt uit
hoofde van een dienstbetrekking die is geëindigd op of na 1 januari
2001 voor zover het recht op wachtgeld zich uitstrekt over een periode
gelegen na het bereiken van de volledige uitkeringsduur van het, in
verband met dezelfde werkloosheid ontstane, recht op uitkering op grond
van de Werkloosheidswet, bedoeld in hoofdstuk II van
die wet, inclusief
een eventuele verlenging van die duur op grond van artikel 76 van
die wet; of
f. het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidwet is
geëindigd wegens het ontvangen van een uitkering op grond van hoofdstuk
3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg en de verzekerde
onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van de wachttijd deze
laatste uitkering genoot.
M.
[MvT]
Artikel 59, derde lid, komt te luiden:
-3. De duur van de loongerelateerde uitkering, bedoeld in het eerste
lid, wordt verminderd met de duur van de ontvangen loongerelateerde
uitkering op grond van de Werkloosheidswet of met de duur van het
ontvangen wachtgeld indien de verzekerde, onmiddellijk voorafgaand aan
de eerste dag van de wachttijd, uitsluitend verzekerd was als gevolg van
het van toepassing zijn van de in artikel 58, eerste lid, onderdeel b,
c, d, e of f, bedoelde situaties. De duur van de loongerelateerde uitkering,
bedoeld in het eerste lid, wordt voorts verminderd met de duur van de
ontvangen loongerelateerde uitkering op grond van de Werkloosheidswet
die de verzekerde ontving onmiddellijk voorafgaand aan het ontstaan van
een recht op een WGA-uitkering als bedoeld in artikel
55, eerste lid,
onderdeel b of c.
N.
[MvT]
Artikel 60, derde lid, komt te luiden:
-3. Voor de verzekerde die op de dag dat recht ontstaat op een
WGA-uitkering, of die gedurende ten minste twee kalendermaanden slechts
in staat is geweest om met arbeid ten hoogste 20% te verdienen van het
maatmaninkomen per uur, als bedoeld in het tweede lid, geldt geen
inkomenseis tot de dag dat zijn resterende verdiencapaciteit hoger dan
20% van zijn maatmaninkomen per uur is geweest gedurende een periode van
24 kalendermaanden. Deze periode eindigt op het moment dat de verzekerde
gedurende ten minste twee kalendermaanden slechts in staat was met
arbeid ten hoogste 20% te verdienen van het maatmaninkomen per uur.
O.
[MvT]
Onder vernummering van het twaalfde lid tot dertiende lid wordt in
artikel 64 een lid ingevoegd, luidende:
-12. Het elfde lid is van overeenkomstige toepassing indien het recht op
uitkering op grond van deze wet later ontstaat dan wel herleeft of
indien de uitkering op grond van deze wet wordt verhoogd.
P.
[MvT]
Aan artikel 65 wordt een zin toegevoegd, luidende: De derde zin is niet
van toepassing indien de verzekerde op grond van artikel
29, tweede
lid, onderdeel e, f of g, van de Ziektewet recht heeft op ziekengeld.
Q.
[MvT]
Artikel 82, vierde lid, komt te luiden:
-4. Het eerste lid is niet van toepassing indien de uitkering wordt
toegekend aan de verzekerde die uit de dienstbetrekking waaruit de
WGA-uitkering is ontstaan recht had op een uitkering op grond van de Ziektewet, dan wel indien de uitkering wordt toegekend in aansluiting op
een uitkering toegekend op grond van de Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
R.
[MvT]
Artikel 83 wordt als volgt gewijzigd:
1.
In het eerste lid vervalt "arbeidsongeschiktheidsuitkering of".
2.
De eerste zin van het tweede lid komt te luiden: De door de eigenrisicodrager op grond van het eerste lid aan de
verzekerde betaalde loonaanvullingsuitkering, bedoeld in hoofdstuk
7, en
vervolguitkering, bedoeld in artikel 62, derde lid, voor zover die
uitkeringen meer bedragen dan hetgeen berekend is op grond van het
eerste en tweede lid van dat artikel, alsmede de op grond van enige wet
hierover verschuldigde premies die daarop niet in mindering kunnen
worden gebracht en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de
Zorgverzekeringswet, over deze beide uitkeringen, kunnen door hem op het
UWV worden verhaald.
Ra.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 96, vierde lid, onderdeel a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
S.
[MvT]
Aan artikel 101 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in
het eerste lid een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om
die reden de beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven,
wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de
aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
T.
[MvT]
Artikel 112 wordt als volgt gewijzigd:
1.
Voor de tekst wordt de aanduiding "-1." geplaatst.
2.
Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
-2. Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in
het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de
beslissing op bezwaar niet binnen de in het eerste lid bedoelde termijn
gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van artikel
7:10,
derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verdaagd met ten hoogste
zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in
kennis gesteld.
U.
[MvT]
Na artikel 123b wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 123c. Overgangsrecht in verband met artikel 59, derde lid
-1. Bij de toepassing van artikel 59, derde lid, van deze wet is de duur
van de te ontvangen loongerelateerde uitkering van de WGA-uitkering niet
korter dan de nog resterende duur van de beëindigde en niet-herleefde
loongerelateerde uitkering op grond van de
Werkloosheidswet.
-2. Dit artikel vervalt op ¹ 1 oktober 2018.
V.
[MvT]
Artikel 126 vervalt.
1. Volgens
de redactie dient "op" te worden vervangen door: met
ingang van.
Art. IV.
Wijziging van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen
naar arbeidsvermogen [MvT]
De Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar
arbeidsvermogen wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 2.7a vervalt.
B.
[MvT]
Artikel 2.7b komt te luiden:
Art. 2.7b. Overgangsrecht persoonsgebonden re-integratiebudget voor
zieke werknemer in dienstbetrekking
Artikel 2.7a zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan de dag van
inwerkingtreding van de Verzamelwet SZW-wetgeving 2009 blijft van
toepassing op de werknemer aan wie subsidie is verstrekt in de vorm van
een op zijn arbeidsinschakeling gericht persoonsgebonden
re-integratiebudget als bedoeld in artikel 2.7a
of ten behoeve van wie
een overeenkomst die is gericht op zijn arbeidsinschakeling als bedoeld
in artikel 2.7a is gesloten en op de werknemer die een aanvraag daartoe
heeft ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van de Verzamelwet
SZW-wetgeving 2009.
C.
[MvT]
Na artikel 2.10 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 2.10a. Afzien van horen belanghebbende
In afwijking van artikel 7:3 van de Algemene wet
bestuursrecht kan van
het horen van een belanghebbende worden afgezien indien de
belanghebbende niet binnen een door het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen gestelde redelijke termijn verklaart dat hij
gebruik wil maken van het recht te worden gehoord.
Art. V.
Wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet [MvT]
De Arbeidsomstandighedenwet
wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 1, derde lid, wordt als volgt gewijzigd:
1.
In onderdeel e, wordt "seksuele intimidatie" vervangen door
"direct
of indirect onderscheid met inbegrip van seksuele intimidatie" en wordt
na "werkdruk" een komma geplaatst.
2.
Het onderdeel waarin vrijwilliger wordt gedefinieerd, komt te luiden:
l. vrijwilliger: de persoon die niet bij wijze van beroep arbeid
verricht voor een privaatrechtelijk of publiekrechtelijk lichaam dat
niet is onderworpen aan de vennootschapsbelasting dan wel voor een
sportorganisatie en die geen werknemer is in de zin van artikel 2 van de
Wet op de
loonbelasting 1964, met uitzondering van de persoon die arbeid
verricht:
1º. ter voorbereiding op beroepsmatige arbeid;
2º. in het kader van een taakstraf dan wel in het kader van het voldoen
aan voorwaarden ter voorkoming van strafvervolging als bedoeld in
artikel 74, tweede lid, onderdeel f, of artikel 77f, eerste lid,
onderdeel b, van het Wetboek
van Strafrecht dan wel in het kader van
deelneming aan een project als bedoeld in artikel 77e van het Wetboek
van Strafrecht;
3º. als bedoeld in artikel 16, zesde lid, onderdeel c.
B.
[MvT]
In artikel 4, eerste lid, wordt "artikel 1, onderdeel a" vervangen
door: artikel 1, eerste lid, onderdeel a.
C.
[MvT]
In artikel 14, tweede lid, onderdeel c, wordt "ten behoeve van wie
overeenkomstig artikel 20 een certificaat is afgegeven" vervangen door:
als bedoeld in het eerste lid, aanhef.
D.
[MvT]
Artikel 20 wordt als volgt gewijzigd:
1.
Het derde, vierde en vijfde lid komen te luiden:
-3. Een certificaat als bedoeld in het eerste lid en een aanwijzing als
bedoeld in het tweede lid worden gegeven voor een beperkte tijdsduur.
Aan een aanwijzing en een certificaat kunnen voorschriften worden
verbonden. De bedoelde beperking en voorschriften worden in de
aanwijzing en het certificaat vermeld.
-4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels
gesteld onder meer met betrekking tot:
a. de wijze waarop de aanvraag om een certificaat als bedoeld in
het eerste lid en een aanwijzing als bedoeld in het tweede lid wordt
gedaan en de gegevens die daarbij van de aanvrager worden verlangd;
b. de gronden waarop een aanwijzing kan worden gegeven,
gewijzigd, geschorst of ingetrokken;
c. de gronden waarop en de gevallen waarin de afgifte van een
certificaat kan worden geweigerd dan wel een afgegeven certificaat kan
worden geschorst of ingetrokken;
d. de vergoeding van de kosten die is verschuldigd in verband met
de afgifte van een certificaat of het geven van een aanwijzing.
-5. De kosten van onderzoeken of nog steeds wordt voldaan aan de
voorwaarden voor de afgifte van een certificaat onderscheidenlijk het
geven van een aanwijzing, kunnen eveneens ten laste worden gebracht van
de houder van het certificaat onderscheidenlijk de aangewezen
instelling, mits deze onderzoeken en kosten zijn vastgelegd in een
voorschrift als bedoeld in het derde lid.
2.
Onder vernummering van het zesde lid tot negende lid worden drie leden
ingevoegd, luidende:
-6. Indien bij de afgifte van een certificaat, het geven van een
aanwijzing of het verrichten van een onderzoek als bedoeld in het vijfde
lid, diensten van derden worden benut, kunnen ook de door die derden
gemaakte kosten ten laste worden gebracht van de houder van het
certificaat onderscheidenlijk de aangewezen instelling dan wel de
aanvrager, bedoeld in het vierde lid, onderdeel a.
-7. De berekening van de door derden gemaakte kosten als bedoeld in het
zesde lid, voor zover deze ten laste worden gebracht van de houder van
een certificaat onderscheidenlijk de aangewezen instelling dan wel de
aanvrager, bedoeld in het vierde lid, onderdeel a, geschiedt door die derden
op zorgvuldige, transparante en eenduidige wijze met inachtneming van
de redelijkheid en proportionaliteit.
-8. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld betreffende
de wijze van betaling van de vergoeding van de kosten, bedoeld in het
vierde, vijfde en zesde lid.
E.
Artikel 28 wordt als volgt gewijzigd:
1.
In het vierde lid wordt "ambtenaar" vervangen door: toezichthouder.
2.
In het vijfde lid wordt "Degene" vervangen door: De toezichthouder.
F.
[MvT]
Na artikel 29 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 29a. Gegevensuitwisseling
-1. Bestuursorganen en een instelling als bedoeld in artikel 20, tweede
lid, zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht desgevraagd aan Onze
Minister en de toezichthouder kosteloos alle gegevens en inlichtingen te
verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering en het toezicht op
de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet en dit
noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of
meer van de voornoemde instanties.
-2. Onze Minister en de toezichthouder verstrekken andere
bestuursorganen en een instelling als bedoeld in artikel 20, tweede lid,
kosteloos alle gegevens en inlichtingen die zijn verkregen door de
uitvoering of het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
krachtens deze wet, welke noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun
wettelijke taak en dit noodzakelijk is ten behoeve van een
samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.
-3. Onze Minister, bestuursorganen, de toezichthouder en een instelling
als bedoeld in artikel 20, tweede lid, kunnen bij het verwerken van
persoonsgegevens gebruik maken van het burgerservicenummer of, bij het
ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
-4. De gegevensverstrekking, bedoeld in het eerste en tweede lid, vindt
niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene
daardoor onevenredig wordt geschaad.
-5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden
gesteld omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop in ieder geval
gegevens worden verstrekt.
Art. VI.
Wijziging van de Arbeidstijdenwet [MvT]
De Arbeidstijdenwet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
Onder vervanging van de punt achter onderdeel g van artikel 1:7 door een
puntkomma wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
h. toezichthouder: de toezichthouder, bedoeld in de Algemene wet
bestuursrecht, en als zodanig aangewezen op grond van artikel 8:1,
eerste of tweede lid.
B.
[MvT]
Aan artikel 2:8, onderdeel d, wordt een subonderdeel toegevoegd,
luidende:
3º. in of op spoorvoertuigen;.
C.
[MvT]
In artikel 3:3, eerste lid, wordt "Een daartoe aangewezen ambtenaar als
bedoeld in artikel 8:1, eerste lid" vervangen door: De toezichthouder,
bedoeld in artikel 8:1, eerste lid.
D.
[MvT]
In artikel 4:1, vijfde lid, wordt "Een daartoe aangewezen ambtenaar als
bedoeld in artikel 8:1" vervangen door: De toezichthouder.
E.
[MvT]
Na artikel 8:6 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:
§ 8.5. Gegevensuitwisseling
Art. 8:7.
-1. Bestuursorganen zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht
desgevraagd aan Onze
Minister en de toezichthouder kosteloos alle
gegevens en inlichtingen te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de
uitvoering en het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
krachtens deze wet en dit noodzakelijk is ten behoeve van een
samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde instanties.
-2. Onze Minister en de toezichthouder verstrekken andere
bestuursorganen kosteloos alle gegevens en inlichtingen die zijn
verkregen door de uitvoering of het toezicht op de naleving van het
bepaalde bij of krachtens deze wet, welke noodzakelijk zijn voor de
uitvoering van hun wettelijke taak en dit noodzakelijk is ten behoeve
van een samenwerkingsverband tussen twee of meer van de voornoemde
instanties.
-3. Onze Minister, bestuursorganen en de toezichthouder kunnen bij het
verwerken van persoonsgegevens gebruik maken van het burgerservicenummer
of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer.
-4. De gegevensverstrekking, bedoeld in het eerste en tweede lid, vindt
niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene
daardoor onevenredig wordt geschaad.
-5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden
gesteld omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop in ieder geval
gegevens worden verstrekt.
F.
[MvT]
In artikel 10:10 wordt "artikel 10:5, eerste en tweede lid" vervangen
door: artikel 10:5, eerste of tweede lid.
G.
[MvT]
In artikel 10:16, eerste lid, wordt "en in artikel 8:1, tweede lid"
vervangen door: of in artikel 8:1, tweede lid.
Art. VII.
Wijziging van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
[MvT]
De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt als volgt
gewijzigd:
A.
[MvT]
Artikel 18, negende lid, komt te luiden:
-9. De voordracht voor een krachtens het achtste lid vast te stellen
algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een
ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel
van bestuur, wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant
is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen
vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied wensen en
bedenkingen ter kennis van Onze
Minister te brengen. Gelijktijdig met de
bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers van de Staten-Generaal overgelegd.
Aa.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 29g, vierde lid, onderdeel a,
"artikel 4:93,
derde lid" vervangen door: artikel 4:93, vierde lid.
B.
[MvT]
Aan artikel 44, tweede lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van onderdeel b door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:
c. wordt onderbroken met de periode waarin inkomsten uit arbeid
zijn genoten doch waarin geen arbeid is verricht, mits die periode
langer dan vier weken duurt.
C.
[MvT]
In artikel 65h wordt na "bedoeld in
artikel 65d," ingevoegd: de
termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede omtrent de
rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en
met betrekking tot de aanvraag.
D.
[MvT]
Aan artikel 86b wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in
het eerste lid een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om
die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden,
wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de
aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
E.
[MvT]
Artikel 87d wordt als volgt gewijzigd:
1.
Voor de tekst wordt de aanduiding "-1" geplaatst.
2.
Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
-2. Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in
het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de
beslissing op bezwaar niet binnen de in het eerste lid bedoelde termijn
gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van artikel
7:10,
derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verdaagd met ten hoogste
zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in
kennis gesteld.
F.
[MvT]
Artikel 91e beginnend met "In gedingen" en eindigend met
"dan staat
een rechtsmiddel daartegen slechts gelijktijdig met de einduitspraak
open." wordt vernummerd tot artikel 91h.
Art. VIII.
Wijziging
van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen [MvT]
De Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 1, onderdeel f en g, wordt na "bedoeld in paragraaf
3.2.4
van die
wet" telkens ingevoegd:
, en de MKB-winstvrijstelling, bedoeld in
paragraaf 3.2.5 van die
wet.
B. [MvT]
Artikel 2, achtste lid, komt te luiden:
-8. De voordracht voor een krachtens het zevende lid vast te stellen
algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een
ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel
van bestuur, wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant
is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen
vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied wensen en
bedenkingen ter kennis van Onze
Minister te brengen. Gelijktijdig met de
bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers van de Staten-Generaal overgelegd.
Ba.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 54, vierde lid, onderdeel a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
C. [MvT]
Aan artikel 58, tweede lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van onderdeel b door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:
c. wordt onderbroken met de periode waarin inkomsten uit arbeid zijn
genoten doch waarin geen arbeid is verricht, mits die periode langer dan
vier weken duurt.
D. [MvT]
In artikel 65, onderdeel b, wordt "en van een voorziening als bedoeld
in artikel 67c" vervangen
door: , de termijn waarbinnen die aanvraag
wordt ingediend, alsmede de rechtsgevolgen die aan overschrijding van
die termijn zijn verbonden, en de aanvraag van een voorziening als
bedoeld in artikel 67c.
E. [MvT]
Artikel 65, zoals dat luidt nadat het bij koninklijke boodschap van 24
augustus 2007 ingediende voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken II 2007/2008, 31 124)
tot wet is verheven en in werking is getreden, komt te luiden:
Art. 65. Nadere regelgeving
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking
tot:
a. de wijze van tenuitvoerlegging van de beschikking waarbij is
vastgesteld dat onverschuldigd is betaald;
b. de aanvraag van loonsuppletie als bedoeld in artikel 67a, van
inkomenssuppletie als bedoeld in artikel 67b, de termijn waarbinnen die
aanvraag wordt ingediend, alsmede de rechtsgevolgen die aan
overschrijding van die termijn zijn verbonden, en de aanvraag van een
voorziening als bedoeld in artikel 67c.
F. [MvT]
Aan artikel 95 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in
het eerste lid een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om
die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden,
wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de
aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
G.
Artikel 96 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt na
" beslist het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen" ingevoegd: , in afwijking van
artikel 7:10,
eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht,.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
-3. Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in
het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de
beslissing op bezwaar niet binnen de in het tweede lid bedoelde termijn
gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van artikel
7:10,
derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verdaagd met ten hoogste
zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in
kennis gesteld. [MvT]
Art. IX.
Wijziging
van de Wet zwangerschaps- en bevallingsuitkering zelfstandigen
[MvT]
In artikel VI, eerste lid, van de
Wet zwangerschaps- en bevallingsuitkering
zelfstandigen wordt "De bepalingen van
deze wet"
vervangen door "De bepalingen van de
Wet arbeid en
zorg" en wordt
"paragraaf 2" vervangen door
"hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 2,
van de Wet arbeid en zorg".
Art.
X.
Wijziging
van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
[MvT]
De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten wordt als
volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 2, negende lid, komt te luiden:
-9. De voordracht voor een krachtens het achtste lid vast te stellen
algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een
ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel
van bestuur, wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant
is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen
vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied wensen en
bedenkingen ter kennis van Onze
Minister te brengen. Gelijktijdig met de
bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers van de Staten-Generaal overgelegd.
B. [MvT]
In artikel 9a, derde lid, wordt "voor" vervangen door: met betrekking
tot.
Ba.
Aan artikel 50, tweede lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van onderdeel b door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:
c. wordt onderbroken met de periode waarin inkomsten uit arbeid zijn
genoten doch waarin geen arbeid is verricht, mits die periode langer dan
vier weken duurt.
Bb.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 46, vierde lid, onderdeel a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
C. [MvT]
In artikel 59i wordt na "bedoeld in
artikel
59g," ingevoegd: de
termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede omtrent de
rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en
met betrekking tot de aanvraag.
D. [MvT]
Aan artikel 69 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-5. Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in
het eerste lid een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om
die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden,
wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de
aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
E.
Artikel 70 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt na
" beslist het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen" ingevoegd: , in afwijking van
artikel 7:10,
eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht,.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
-3. Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in
het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de
beslissing op bezwaar niet binnen de in het tweede lid bedoelde termijn
gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van artikel
7:10,
derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verdaagd met ten hoogste
zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in
kennis gesteld. [MvT]
Art. XI.
Wijziging
van de Wet arbeid en zorg [MvT]
De Wet arbeid en zorg wordt als volgt gewijzigd:
aA.
Aan artikel 3:16, eerste lid, wordt ¹ een onderdeel toegevoegd, luidende:
p. ter zake van het afzien van het horen van de belanghebbende: artikel
72d.
A. [MvT]
In artikel 3:23, derde lid, wordt na "het tweede
lid" ingevoegd: en
van artikel 3:29, derde lid, onderdeel b,.
B. [MvT]
Artikel 3:27 wordt als volgt gewijzigd:
1. Aan het eerste lid wordt
² een onderdeel toegevoegd, luidende:
n. ter zake van het afzien van het horen van de belanghebbende: artikel
95b.
2. In het vijfde lid wordt
"de beroepsbeoefenaar op arbeidsovereenkomst"
vervangen door: de vrouwelijke beroepsbeoefenaar op
arbeidsovereenkomst of de vrouwelijke zelfstandige.
1. Volgens
de redactie dient na "wordt" te worden ingevoegd: ,
onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel o door
een puntkomma,.
2. Volgens de redactie dient na "wordt" te worden
ingevoegd: , onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel m
door een puntkomma,.
Art. XII.
Wijziging
van de Wet financiering sociale verzekeringen [MvT]
De Wet financiering sociale verzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
A.
In het dertiende en veertiende lid van artikel 40 vervalt telkens:
onderdeel b,.
Aa.
Artikel 61 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het derde tot en met het zesde lid tot vierde
tot en met zevende lid wordt na het tweede lid een lid ingevoegd,
luidende:
-3. Nadat de betalingen op een belastingaanslag zijn toegerekend
overeenkomstig artikel 7, tweede lid, van de Invorderingswet
1990 en
alvorens de SVB beslist dat de premieplichtige schuldig nalatig is als
bedoeld in het eerste lid, wordt het door de premieplichtige reeds
betaalde deel van de op aanslag verschuldigde premie voor de
volksverzekeringen in een bepaald jaar achtereenvolgens toegerekend aan:
a. de premie verschuldigd gebleven voor de algemene verzekering
bijzondere ziektekosten en de nabestaandenverzekering;
b. de premie verschuldigd gebleven voor de algemene
ouderdomsverzekering, waarbij de betaling eerst wordt toegerekend aan
het oudste tijdvak.
2. In het vierde lid (vernummerd) wordt
"de aanslag voor de premie voor
de volksverzekeringen de verschuldigd gebleven premie" vervangen door:
de aanslag het op aanslag verschuldigde bedrag.
3. Het vijfde lid (vernummerd) wordt vervangen door:
-5. In geval van een gehele of gedeeltelijke betaling van het op aanslag
verschuldigde bedrag, bedoeld in het vierde lid, worden, nadat deze
betalingen zijn toegerekend overeenkomstig artikel 7, tweede lid, van de
Invorderingswet
1990, de premies volksverzekeringen toegerekend aan:
a. de premie verschuldigd gebleven voor de algemene verzekering
bijzondere ziektekosten en de nabestaandenverzekering;
b. de opslag, bedoeld in het vierde lid;
c. de premie verschuldigd gebleven voor de algemene
ouderdomsverzekering, waarbij de betaling eerst wordt toegerekend aan
het oudste tijdvak of de oudste tijdvakken binnen de termijn van vijf
jaren, bedoeld in het vierde lid.
4. Het zesde lid (vernummerd) wordt vervangen door:
-6. In geval van gehele of gedeeltelijke toerekening van een betaling als
bedoeld in het vierde lid aan de premie verschuldigd gebleven voor de
algemene ouderdomsverzekering wordt de beslissing op grond van het
eerste lid in zoverre gewijzigd of ingetrokken.
5. In het zevende lid (vernummerd) wordt
"vijfde lid" vervangen door:
zesde lid.
B. [MvT]
In artikel 97, derde lid, wordt "ambtshalve of op
verzoek" vervangen
door: op aanvraag.
Ba.
Aan artikel 99 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van
onderdeel d door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
e. de bedragen die het UWV ontvangt van de werkgever in het kader van de
toepassing van artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon
Besluit Arbeidsverhoudingen 1945.
C. [MvT]
Artikel 100 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel a, aanhef, komt te luiden:
a. de op grond van de Werkloosheidswet te betalen uitkeringen:.
2. In onderdeel b wordt na
"uitkeringen" ingevoegd: en de uitkeringen
op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b en c, die direct
aansluitend zijn toegekend op een uitkering op grond van artikel
29,
tweede lid, onderdeel d, e, f of g, van de Ziektewet of
artikel 70 van
de Ziektewet.
D. [MvT]
Artikel 104 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, onderdeel
c, wordt na "te betalen
uitkeringen"
ingevoegd: en de uitkeringen op grond van artikel
29, tweede lid,
onderdeel d, e, f en g, die direct aansluitend zijn toegekend op een
uitkering op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b of
c, of
artikel 70 van de Ziektewet,.
[MvT]
2. Het eerste lid, onderdeel
d, komt te luiden:
d. de door het UWV te betalen WGA-uitkeringen aan een werknemer die uit
de dienstbetrekking waaruit de WGA-uitkering is ontstaan recht had op
een uitkering als bedoeld in onderdeel c dan wel van dit recht was
uitgesloten op grond van artikel 19a
of artikel 19b van de Ziektewet,
gedurende de periode die op grond van artikel
82, eerste lid, van de Wet
werk en inkomen naar arbeidsvermogen geldt op de dag waarop het recht
op een uitkering op grond van die wet is ontstaan, te rekenen vanaf de
laatstgenoemde dag;.
[MvT]
3. Het vierde lid komt te luiden:
-4. Het UWV brengt hetgeen ten laste van het sectorfonds komt, ten laste
van het Algemeen Werkloosheidsfonds voor zoveel dit meer bedraagt dan
het voor het sectorfonds op grond van artikel
105, eerste en derde lid,
vastgestelde maximum, met dien verstande dat het UWV ten laste van het
Arbeidsongeschiktheidsfonds brengt, voor zoveel dit uitkeringen, bedoeld
in artikel 104, eerste lid, onderdeel d, betreft die meer bedragen dan
dit maximum.
[MvT]
E.
In artikel 105, eerste lid,¹ onderdeel b, wordt na "Algemeen
Werkloosheidsfonds" ingevoegd: of het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
F. [MvT]
Artikel 108, eerste lid, onderdeel d, komt te luiden:
d. de door het UWV te betalen WGA-uitkeringen aan de personen, bedoeld
in artikel 24, die uit de dienstbetrekking waaruit de WGA-uitkering is
ontstaan recht hadden op een uitkering als bedoeld in artikel
29,
tweede lid, onderdeel a, b of c, van de Ziektewet dan wel van dit recht
waren uitgesloten op grond van de artikelen 19a
en 19b van de Ziektewet,
en op een uitkering op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel d,
e, f en g, die aansluitend is toegekend op de uitkering op grond van
artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b of c, van de
Ziektewet of artikel
70 van de Ziektewet, gedurende de periode die op grond van
artikel 82,
eerste lid, van de Wet werk en inkomen naar
arbeidsvermogen geldt op de
dag waarop het recht op een uitkering op grond van die wet is ontstaan,
te rekenen vanaf de laatstgenoemde dag;.
G. [MvT]
Aan artikel 115, eerste lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van onderdeel q door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:
r. de bedragen die op grond van artikel
104, vierde lid, ten laste van
het Arbeidsongeschiktheidsfonds kunnen worden gebracht.
Ga.
Artikel 117, negende lid, onderdeel c, vervalt, onder vervanging van de
puntkomma aan het slot van onderdeel b door een punt.
H.
In artikel 117b, eerste lid,
vervalt "onderdeel b,".
Ha.
Aan artikel 121a wordt een opschrift toegevoegd, luidende:
Financieringsregeling rijksbijdragen
I. [MvT]
In hoofdstuk 7a wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 122e. Voortzetting eigen risico dragen WAO bij overgang onderneming
naar nieuwe werkgever
Artikel 40, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen
² zoals dat lid luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van
de wet van 12 december 2007, houdende wijziging van de Wet financiering
sociale verzekeringen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en
de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen in verband met het
afschaffen van de mogelijkheid om eigenrisicodrager te worden voor de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de inkomensvoorziening
voor volledig en duurzaam arbeidsongeschikten in het kader van de Wet
werk en inkomen naar arbeidsvermogen, het afschaffen van de
premiedifferentiatie voor de Arbeidsongeschiktheidskas en enige andere
wijzigingen (Stb. 2007, 557), blijft van toepassing bij overgang van de
onderneming van de werkgever die zelf het risico draagt van betaling van
de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk
IIIa van de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, naar een werkgever die
daarmee de hoedanigheid van werkgever heeft verkregen, met dien
verstande dat indien sprake is van meerdere rechtsvoorgangers, voor
toepassing van dit artikel al deze rechtsvoorgangers zelf het risico
dragen van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering
overeenkomstig hoofdstuk IIIa van de Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering. De aanvraag tot voortzetting van het
eigen risico dragen wordt uiterlijk op het moment van overgang van de
onderneming gedaan, waarbij een garantie als bedoeld in artikel
40,
tweede lid, aan de inspecteur wordt overgelegd uiterlijk binnen vijf
weken nadien.
1. Volgens
de redactie dient "eerste lid" te worden vervangen
door: tweede lid.
2. Volgens
de redactie dient "van de Wet financiering sociale verzekeringen"
te vervallen.
Art. XIII.
Wijziging
van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag [MvT]
De Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 18a komt te luiden:
Art. 18a.
-1. Met het toezicht op de naleving van deze wet en de daarop berustende
bepalingen zijn belast de bij besluit van Onze
Minister aangewezen,
onder hem ressorterende ambtenaren.
-2. Met betrekking tot door Onze Minister aangewezen categorieën van
arbeid zijn met het toezicht op de naleving van deze wet en de daarop
berustende bepalingen belast of mede belast de door hem aangewezen
andere ambtenaren dan de in het eerste lid bedoelde. Indien ambtenaren
worden aangewezen die ressorteren onder een andere minister, wordt het
besluit tot aanwijzing van die ambtenaren genomen door Onze Minister en
die andere minister gezamenlijk.
-3. Van een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt
mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
B. [MvT]
Artikel 18p komt te luiden:
Art. 18p.
-1. Bestuursorganen zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht
desgevraagd aan Onze
Minister en de ambtenaren, bedoeld in artikel 18a,
eerste en tweede lid, kosteloos alle gegevens en inlichtingen te
verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering en het toezicht op
de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet en dit
noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of
meer van de voornoemde instanties.
-2. Onze Minister en de ambtenaren, bedoeld in artikel 18a, eerste en
tweede lid, verstrekken andere bestuursorganen kosteloos alle gegevens
en inlichtingen die zijn verkregen door de uitvoering of het toezicht
op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, welke
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun wettelijke taak en dit
noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband tussen twee of
meer van de voornoemde instanties.
-3. Onze Minister, bestuursorganen en de ambtenaren, bedoeld in artikel
18a, eerste en tweede lid, kunnen bij het verwerken van persoonsgegevens
gebruik maken van het burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan,
het sociaal-fiscaal nummer.
-4. De gegevensverstrekking, bedoeld in het eerste en tweede lid, vindt
niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene
daardoor onevenredig wordt geschaad.
-5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden
gesteld omtrent de gevallen waarin en de wijze waarop in ieder geval
gegevens worden verstrekt.
-6. Indien aan een werkgever een boete is opgelegd, worden de daarvoor in
aanmerking komende verenigingen van werknemers en werkgevers daarvan in
kennis gesteld.
C. [MvT]
In artikel 20 wordt "twee
jaren" vervangen door: vijf jaren.
Art. XIV.
Wijziging
van de Wet werk en bijstand [MvT]
De Wet werk en bijstand wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 7 vervalt het vierde lid, onder vernummering van het vijfde en
zesde lid tot vierde en vijfde lid.
B. [MvT]
Artikel 31, tweede lid, onderdeel o, komt te luiden:
o. inkomsten uit arbeid tot 25 procent van deze inkomsten, met een
maximum van €|183,00 per maand, voor
zover hij algemene bijstand ontvangt, waarbij voor een persoon jonger
dan 65 jaar geldt dat die inkomsten gedurende ten hoogste zes
aaneengesloten maanden niet tot de middelen worden gerekend en dat dit
naar het oordeel van het college moet bijdragen aan zijn
arbeidsinschakeling.
Ba.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 60, vijfde lid, onderdeel a, "artikel
4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
Bb.
Artikel 64 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, onderdeel
j, wordt "Landbouw, Natuurbeheer en
Visserij" vervangen door:
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
2. In het vierde en twaalfde lid wordt
"de Centrale organisatie werk en
inkomen" telkens vervangen door: het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen.
C. [MvT]
In artikel 74, eerste lid, wordt "een aanvullende
uitkering" vervangen
door: een incidentele aanvullende uitkering of een meerjarige
aanvullende uitkering.
D. [MvT]
Na artikel 74 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 74a. Nadere bepaling meerjarige aanvullende uitkering
-1. Onze
Minister kan voorwaarden verbinden aan het besluit tot verlening
van een meerjarige aanvullende uitkering als bedoeld in artikel
74,
eerste lid.
-2. Onze Minister kan een verleende meerjarige aanvullende uitkering
verminderen of intrekken indien het college in strijd handelt met een
wettelijk voorschrift dat betrekking heeft op de meerjarige aanvullende
uitkering, of met een voorwaarde die aan het besluit tot verlening van
een meerjarige aanvullende uitkering is verbonden.
-3. De meerjarige aanvullende uitkering die als gevolg van een besluit
als bedoeld in het tweede lid onverschuldigd is betaald, wordt door Onze
Minister teruggevorderd.
-4. Indien volledige terugvordering naar het oordeel van Onze Minister
leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard, stelt Onze Minister de
terugvordering vast op een percentage van de meerjarige aanvullende
uitkering.
-5. Onze Minister kan de onverschuldigd betaalde uitkering, bedoeld in
het derde lid, invorderen bij dwangbevel.
-6. Een oordeel als bedoeld in artikel 73, tweede lid, dat betrekking
heeft op een verzoek tot een meerjarige aanvullende uitkering, wordt
gepubliceerd op internet.
E. [MvT]
In artikel 75, onderdeel c, wordt "de aanvullende
uitkering" vervangen
door: de incidentele aanvullende uitkering en de meerjarige aanvullende
uitkering.
Art. XV.
Wijziging
van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
werkloze werknemers [MvT
+ bis]
De Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
werkloze werknemers wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT
+ bis]
Het bij de Wet van 20 december 2007 tot wijziging van de Wet sociale
werkvoorziening in verband met een betere realisering van de met die wet
beoogde doelen (Stb. 2007, 564) aan artikel 14 toegevoegde zevende lid wordt
vernummerd tot het achtste lid.
Aa.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 20f, vijfde lid, onderdeel a,
"artikel 4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
Ab.
Artikel 35 komt te luiden:
Art. 35.
-1. De gemeenteraad stelt bij verordening regels met betrekking tot het
ondersteunen bij arbeidsinschakeling en het aanbieden van voorzieningen
gericht op arbeidsinschakeling, bedoeld in artikel
34, eerste lid,
onderdeel a.
-2. De regels, bedoeld in het eerste lid, hebben in ieder geval
betrekking op de taken vermeld in artikel 34, eerste lid, onderdeel a.
B. [MvT
+ bis]
Na artikel 38 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 38a.
Het college kan ter uitvoering van artikel 34, eerste lid, onderdeel a,
degene die uitkering op grond van deze wet ontvangt en voor wie de kans
op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die daardoor
vooralsnog niet bemiddelbaar is op de arbeidsmarkt, onbeloonde
additionele werkzaamheden laten verrichten gedurende maximaal twee jaar.
Artikel 10a, tweede tot en met zesde en achtste tot en met tiende lid,
van de Wet werk en bijstand alsmede de regels, bedoeld in
artikel 8,
eerste lid, onderdeel e en f, van die
wet, zijn van overeenkomstige
toepassing.
Art. XVI.
Wijziging
van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
gewezen zelfstandigen [MvT]
De Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
gewezen zelfstandigen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Het bij de Wet van 20 december 2007 tot wijziging van de Wet sociale
werkvoorziening in verband met een betere realisering van de met die wet
beoogde doelen (Stb. 2007, 564) aan artikel 14 toegevoegde zevende lid wordt
vernummerd tot het achtste lid.
Aa.
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 20f, vijfde lid, onderdeel a,
"artikel 4:93,
derde lid" vervangen door:
artikel 4:93, vierde lid.
Ab.
Artikel 35 komt te luiden:
Art. 35.
-1. De gemeenteraad stelt bij verordening regels met betrekking tot het
ondersteunen bij arbeidsinschakeling en het aanbieden van voorzieningen
gericht op arbeidsinschakeling, bedoeld in artikel
34, eerste lid,
onderdeel a.
-2. De regels, bedoeld in het eerste lid, hebben in ieder geval
betrekking op de taken vermeld in artikel 34, eerste lid, onderdeel a.
B. [MvT]
Na artikel 38 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 38a.
Het college kan ter uitvoering van artikel 34, eerste lid, onderdeel a,
degene die uitkering op grond van deze wet ontvangt en voor wie de kans
op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die daardoor
vooralsnog niet bemiddelbaar is op de arbeidsmarkt, onbeloonde
additionele werkzaamheden laten verrichten gedurende maximaal twee jaar.
Artikel 10a, tweede tot en met zesde en achtste tot en met tiende lid,
van de Wet werk en bijstand alsmede de regels, bedoeld in
artikel 8,
eerste lid, onderdeel e en f, van die
wet, zijn van overeenkomstige
toepassing.
C. [MvT]
In artikel 45, eerste lid, onderdeel j, wordt "Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij" vervangen door:
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
Art. XVII.
Wijziging
van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen [MvT]
De Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Aan artikel 54, tiende lid, wordt na "inlichtingen" toegevoegd: ,
waarbij bepaald kan worden dat gegevens die verwerkt worden door Onze
Minister of Onze Minister wie het aangaat,¹ aangewezen toezichthouders,
verstrekt worden aan opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel
85,
tweede lid.
B. [MvT]
Artikel 73, vijfde lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. Na
"Onze
Minister" wordt ingevoegd: en de
Inspectie Werk en Inkomen.
2. Na
"opgedragen
taken," wordt ingevoegd: waarbij regels worden
gesteld voor het door opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel
85,
tweede lid, verwerken van gegevens bij de uitvoering van hun taak, die
verder verwerkt worden door toezichthouders, en.
1. Volgens
de redactie dient na "aangaat," te worden ingevoegd:
en.
Art. XVIII.
Wijziging
van de Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en
inkomen [MvT]
Artikel 43, onderdeel Za, van de Invoeringswet Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen vervalt.
Art. XIX.
Wijziging
van de Pensioenwet [MvT]
De Pensioenwet wordt als volgt gewijzigd:
aA.
Aan artikel 2 worden twee leden toegevoegd, luidende:
-9. Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld met
betrekking tot kapitaalovereenkomsten of premieovereenkomsten waarbij
het op de pensioendatum beschikbaar komende kapitaal wordt gesplitst in
een deel dat wordt aangewend voor aankoop van een direct ingaande
tijdelijke uitkering en een deel dat later wordt aangewend voor de
aankoop van een, op de tijdelijke uitkering aansluitende, levenslange
uitkering. In deze regeling:
a. kunnen dergelijke uitkeringen, en daarbij horende uitkeringen voor
nabestaanden, worden gelijkgesteld met een pensioen als bedoeld in
artikel 1;
b. kan worden bepaald dat dit pensioen voldoet aan de artikelen 15 en
63;
c. kan worden bepaald dat pensioenuitvoerders verplicht zijn mee te
werken aan splitsing zoals beschreven in de aanhef; en
d. kunnen regels worden gesteld betreffende een goede uitvoering.
-10. De regeling, bedoeld in het negende lid, is uitsluitend van
toepassing indien de pensioendatum is gelegen na 31 december 2008 en het
op de pensioendatum beschikbaar komende kapitaal nog niet is aangewend
voor aankoop van een levenslange uitkering.
aB.
Na artikel 17 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 17a. Evenredig doorberekenen van kosten
Het doorberekenen van kosten in het kader van een premieovereenkomst
vindt evenredig in de tijd plaats.
A. [MvT]
In artikel 40, derde lid, wordt "de
deelnemer" vervangen door: de
gewezen deelnemer.
B. [MvT]
In artikel 55, eerste lid, vervalt "op grond van het
pensioenreglement".
C. [MvT]
In artikel 72, onderdeel b, onder 1º, wordt "artikel
3:160" vervangen
door: artikel 3:161.
D. [MvT]
Artikel 80, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef wordt de zinsnede
"van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
2. In onderdeel c wordt de zinsnede
"de deelnemer" vervangen door: de
deelnemer, gewezen deelnemer of andere aanspraakgerechtigde.
E.
Artikel 81, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef wordt de zinsnede
"van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
2. In onderdeel b wordt de zinsnede
"de deelnemer" vervangen door: de
deelnemer, gewezen deelnemer of andere aanspraakgerechtigde.
F.
Artikel 82 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te luiden:
-1. In geval van overdracht van pensioenkapitaal op de pensioendatum ten
behoeve van aankoop van een periodieke pensioenuitkering draagt de
overdragende pensioenuitvoerder het pensioenkapitaal over:
a. aan de door de deelnemer of gewezen deelnemer aangewezen ontvangende
pensioenuitvoerder op de pensioendatum of binnen acht weken na het
verzoek hiertoe van de deelnemer of gewezen deelnemer indien deze dat
verzoek minder dan acht weken vóór de pensioendatum heeft gedaan;
b. aan de door de aanspraakgerechtigde, niet zijnde de deelnemer of
gewezen deelnemer, aangewezen ontvangende pensioenuitvoerder binnen acht
weken na het verzoek hiertoe van die aanspraakgerechtigde.
2. In het tweede lid wordt de zinsnede
"de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: de deelnemer, gewezen deelnemer of andere
aanspraakgerechtigde.
G.
In artikel 89 wordt de zinsnede "van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
H.
In artikel 146 wordt na "met dien
verstande" ingevoegd: dat artikel
390 van genoemd wetboek
niet van toepassing is en.
Art. XX.
Wijziging
van de Wet verplichte beroepspensioenregeling [MvT]
De Wet
verplichte beroepspensioenregeling wordt als volgt gewijzigd:
aA.
Aan artikel 2 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-4. Bij regeling van Onze
Minister kunnen regels worden gesteld met
betrekking tot kapitaalregelingen of premieregelingen waarbij het op de
pensioendatum beschikbaar komende kapitaal wordt gesplitst in een deel
dat wordt aangewend voor aankoop van een direct ingaande tijdelijke
uitkering en een deel dat later wordt aangewend voor de aankoop van een,
op de tijdelijke uitkering aansluitende, levenslange uitkering. In deze
regeling:
a. kunnen dergelijke uitkeringen, en daarbij horende uitkeringen voor
nabestaanden, worden gelijkgesteld met een pensioen als bedoeld in
artikel 1;
b. kan worden bepaald dat dit pensioen voldoet aan de artikelen 31 en
75;
c. kan worden bepaald dat pensioenuitvoerders verplicht zijn mee te
werken aan splitsing zoals beschreven in de aanhef; en
d. kunnen regels worden gesteld betreffende een goede uitvoering.
-5. De regeling, bedoeld in het vierde lid, is uitsluitend van toepassing
indien de pensioendatum is gelegen na 31 december 2008 en het op de
pensioendatum beschikbaar komende kapitaal nog niet is aangewend voor
aankoop van een levenslange uitkering.
A. [MvT]
Na artikel 19 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 19a. Kaderwet zelfstandige bestuursorganen
De Kaderwet
zelfstandige bestuursorganen is niet van toepassing op de
pensioenuitvoerder die een beroepspensioenregeling uitvoert.
Aa.
Na artikel 33 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 33a. Evenredig doorberekenen van kosten
Het doorberekenen van kosten in het kader van een premieregeling vindt
evenredig in de tijd plaats.
B. [MvT]
In artikel 51, derde lid, wordt "de
deelnemer" vervangen door: de
gewezen deelnemer.
C. [MvT]
In artikel 66, eerste lid, vervalt "op grond van het
pensioenreglement".
D. [MvT]
In artikel 83, onderdeel b, onder 1º, wordt "artikel
3:160" vervangen
door: artikel 3:161.
E. [MvT]
Artikel 88, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef wordt de zinsnede
"van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
2. In onderdeel c wordt de zinsnede
"de deelnemer" vervangen door: de
deelnemer, gewezen deelnemer of andere aanspraakgerechtigde.
F.
Artikel 89, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef wordt de zinsnede
"van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
2. In onderdeel
b wordt de zinsnede "de
deelnemer" vervangen door: de
deelnemer, gewezen deelnemer of andere aanspraakgerechtigde.
G.
Artikel 90 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te luiden:
-1. In geval van overdracht van pensioenkapitaal op de pensioendatum ten
behoeve van aankoop van een periodieke pensioenuitkering draagt de
overdragende pensioenuitvoerder het pensioenkapitaal over:
a. aan de door de deelnemer of gewezen deelnemer aangewezen ontvangende
pensioenuitvoerder op de pensioendatum of binnen acht weken na het
verzoek hiertoe van de deelnemer of gewezen deelnemer indien deze dat
verzoek minder dan acht weken vóór de pensioendatum heeft gedaan;
b. aan de door de aanspraakgerechtigde, niet zijnde de deelnemer of
gewezen deelnemer, aangewezen ontvangende pensioenuitvoerder binnen acht
weken na het verzoek hiertoe van die aanspraakgerechtigde.
2. In het tweede lid wordt de zinsnede
"de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: de deelnemer, gewezen deelnemer of andere
aanspraakgerechtigde.
H.
In artikel 97 wordt de zinsnede "van de deelnemer of gewezen
deelnemer" vervangen door: van de deelnemer, gewezen deelnemer of
andere aanspraakgerechtigde.
I.
In artikel 141 wordt na "met dien
verstande" ingevoegd: dat artikel
390 van genoemd wetboek
niet van toepassing is en.
Art. XXI.
Wijziging
van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000
[MvT]
In de Wet
verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 wordt na artikel 16 een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 16a. Kaderwet zelfstandige bestuursorganen
De Kaderwet
zelfstandige bestuursorganen is niet van toepassing op
bedrijfstakpensioenfondsen.
Art. XXII.
Wijziging
van de Wet
verevening pensioenrechten bij scheiding [MvT]
In artikel 1, vierde lid, onderdeel i,
van de Wet
verevening pensioenrechten bij scheiding
wordt "een pensioenovereenkomst
van een natuurlijk persoon aan degene" vervangen door: een
pensioenovereenkomst tussen een natuurlijk persoon en degene.
Art.
XXIII.
Wijziging
van de Wet op de bedrijfsorganisatie [MvT]
De Wet op
de bedrijfsorganisatie wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 54, eerste lid, komt te luiden:
-1. De middelen tot dekking van de bij de begroting toegestane uitgaven
worden verkregen door opslagen te heffen op bedragen welke krachtens
artikel 49 van de Handelsregisterwet
2007 verschuldigd zijn.
B. [MvT]
Artikel 55 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
"bij het voorgaande artikel, onderdeel
a,"
vervangen door: in het voorgaande artikel, eerste lid, onderdeel a.
2. In het tweede lid wordt
"bij het voorgaande artikel, onderdeel
b," vervangen door: in het voorgaande artikel, eerste lid, onderdeel
b,.
C. [MvT]
Artikel 55 komt te luiden:
-1. De Raad stelt jaarlijks bij verordening het aantal
opslagen, als
bedoeld in het voorgaande artikel, eerste lid, vast. De Kamers van
Koophandel en Fabrieken innen deze opslagen voor de Raad tegelijk met en
op dezelfde wijze als de haar krachtens artikel 49 van de Handelsregisterwet
2007 verschuldigde bedragen.
-2. De verordening, bedoeld in het eerste lid, behoeft de goedkeuring van
Onze Minister van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid.
Art. XXIV.
Wijziging
van het Burgerlijk Wetboek [MvT]
Boek 7 van het Burgerlijk
Wetboek wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 664, eerste lid, onderdeel a, komt te luiden:
a. de verkrijger aan de werknemer, bedoeld in artikel 663, een zelfde
aanbod doet tot het sluiten van een pensioenovereenkomst als hij reeds vóór het tijdstip van overgang heeft gedaan aan zijn werknemers;.
B.
In artikel 655, vierde lid, wordt "drie
dagen" vervangen door: vier
dagen.
Art.
XXIVa.
Vervallen.
Art.
XXIVb.¹
Wijziging
van de Intrekkingswet IWwb
Het in artikel VIIId van de Wet van 29 december 2008 tot intrekking van
de Invoeringswet Wet werk en bijstand (Stb. 2008, 586) opgenomen
artikel 62i komt te luiden:
Art. 62i. Schakelbepaling
-1. De artikelen 58, vierde lid, en 60, tweede, vierde en vijfde lid,
zijn met betrekking tot het verhaal van kosten van bijstand van
overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat artikel 479e, tweede
lid, van het Wetboek
van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing is.
-2. De beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met
475e,
van het Wetboek
van Burgerlijke Rechtsvordering, is niet van toepassing
indien degene op wie verhaal wordt gezocht zijn verplichting, bedoeld in
artikel 60, tweede lid, niet nakomt.
1. Gelet op
de inwerkingtreding met ingang van 1 juli 2009 van artikel
23 van hoofdstuk 10 van de Aanpassingswet
vierde tranche Awb, kan artikel XXIVb niet meer in werking
treden, red.
Art.
XXIVc.
Wijziging
van de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank
Artikel 9e, zesde lid, van de Wet
verzelfstandiging Informatiseringsbank komt te luiden:
-6. Uit het basisregister onderwijs worden desgevraagd kosteloos
persoonsgegevens verstrekt aan:
a. de Sociale verzekeringsbank, voor zover dat noodzakelijk is voor de
uitvoering van de Algemene Kinderbijslagwet en artikel VI, eerste lid,
van de Wet van 29 mei 2008 tot wijziging van diverse
onderwijswetten in verband met het door scholen om niet ter beschikking
stellen van lesmateriaal aan de leerlingen in het voortgezet onderwijs (Stb.
2008, 206);
b. het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen, voor zover dat
noodzakelijk is voor de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel
30,
eerste lid, 30a, eerste en tweede lid,
30b, 30d, en
31 van de Wet
structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
Art.
XXIVd.
Wijziging
van de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid
In artikel 15 van de Wet
gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid wordt
"Onderwijs, Cultuur en
Wetenschappen" vervangen door:
Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap.
Art.
XXIVe.
Wijziging
van de Wet op de ondernemingsraden
In artikel 53, tweede lid, van de Wet
op de ondernemingsraden wordt
"Onderwijs, Cultuur en
Wetenschappen" vervangen door:
Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap.
Art.
XXIVf.¹
Wijziging
van de Algemene bijstandswet
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 14f, vijfde lid, onderdeel a, van de
Algemene
bijstandswet "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93,
vierde lid.
1. Gelet op
het bepaalde in het enig artikel, aanhef en
onder b, onder 1º, van het Besluit 25 juni
2009, Stb. 2009, 266, dient volgens de redactie
artikel XXIVf te vervallen.
Art.
XXIVg.
Wijziging
van de Algemene Kinderbijslagwet
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 17g, vierde lid, onderdeel a, van de
Algemene
Kinderbijslagwet "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93, vierde lid.
Art.
XXIVh.
Wijziging
van de Algemene nabestaandenwet
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 45, vierde lid, onderdeel a, van de
Algemene
nabestaandenwet "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93, vierde lid.
Art.
XXIVi.
Wijziging
van de Algemene Ouderdomswet
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt artikel 17i, vierde lid, onderdeel a, van de
Algemene
Ouderdomswet "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93,
vierde lid.
Art.
XXIVj.
Wijziging
van de Toeslagenwet
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 14g, vierde lid, onderdeel a, van de
Toeslagenwet "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93,
vierde lid.
Art.
XXIVk.
Wijziging
van de Wet werk en inkomen kunstenaars
Indien het bij koninklijke boodschap van 24 augustus 2007 ingediende
voorstel van wet tot aanpassing van bijzondere wetten aan de
vierde tranche van de Algemene wet
bestuursrecht (Aanpassingswet vierde tranche
Awb) (Kamerstukken 31 124) tot wet is of wordt verheven en in werking
treedt, wordt in artikel 34, vierde lid, onderdeel a, van de
Wet werk en
inkomen kunstenaars "artikel
4:93, derde
lid" vervangen door:
artikel
4:93, vierde lid.
Art. XXV.
Citeertitel
Deze wet wordt aangehaald als: Verzamelwet SZW-wetgeving 2009.
Art. XXVI.
Inwerkingtreding [MvT]
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of
onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, en kunnen
terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip, dat voor
de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden
vastgesteld.¹
1. Bij Besluit
van 18 juli 2009, Stb. 2009, 319, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 augustus 2009, met uitzondering van de in dat
besluit genoemde bepalingen, red.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te
’s-Gravenhage, 2 juli 2009
BEATRIX
De
Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.P.H. Donner
De
Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J. Klijnsma
Uitgegeven
de zevenentwintigste juli 2009
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|