St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

RIJKSWET  WIJZIGING  GRONDWET  INZAKE  VERDEDIGING

Versie 10 juli 1995

 

  
 

 

 
Parlementaire behandeling:

Kamerstukken II 1993-1994, 1994-1995, 23 802 (R 1507).
Handelingen II, 1994-1995, blz 2829-2843, 2854.
Kamerstukken I 1994-1995, 23 802 (R 1507) (285).
Handelingen I 1994-1995, blz. 1426.

 

 

RIJKSWET van 10 juli 1995, Stb. 1995, 401, houdende verandering in de Grondwet van bepalingen inzake de verdediging. Inwerkingtreding: 5 september 1995.

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de Rijkswet van 9 maart 1994 (Stb. 1994, 172) heeft verklaard dat er grond bestaat het daarbij vastgestelde voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet van bepalingen inzake de verdediging;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.
De Grondwet ondergaat de in de artikelen II tot en met V omschreven veranderingen.

 

Art. II.
In de Grondwet wordt artikel 98, eerste lid, vervangen door:
-1. Tot bescherming van de belangen van de Staat is er een krijgsmacht die bestaat uit vrijwillig dienenden en mede kan bestaan uit dienstplichtigen.

 

Art. III.
In de Grondwet wordt artikel 98, derde lid, eerste volzin, vervangen door: De wet regelt de verplichte krijgsdienst en de bevoegdheid tot opschorting van de oproeping in werkelijke dienst.

 

Art. IV.
Aan de Grondwet wordt het volgende additionele artikel toegevoegd:
Art. XXX.
Totdat ter zake bij de wet een voorziening is getroffen, blijft artikel 101 van de Grondwet naar de tekst van 1987 van kracht.

 

Art. V.
Artikel 101 van de Grondwet vervalt.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te Tavarnelle, 10 juli 1995

 

BEATRIX

 

De Minister-President, Minister van Algemene Zaken,
W. Kok

De Minister van Binnenlandse Zaken,
H.F. Dijkstal

De Minister van Defensie,
J.J.C. Voorhoeve

De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager

 

Uitgegeven de vijfde september 1995
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting AB. Alle rechten voorbehouden.
x