|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 1994-1995, 1995-1996, 24 142.
Handelingen II 1995-1996, blz. 2443-2450.
Kamerstukken I 1995-1996, 24 142 (132, 130a).
Handelingen I 1995-1996, zie vergadering d.d. 19 december 1995.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 20 december 1995, Stb.
1995, 684, tot wijziging van de Ziekenfondswet ter vereenvoudiging van
de identificatie van verzekerden door het gebruik van het
sociaal-fiscaal nummer in de verzekerdenadministratie van de
ziekenfondsverzekering, alsmede om enige andere wijzigingen in die wet
aan te brengen en wijziging van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
ter bevordering van een gelijkvormige redactie van de
informatiebepalingen van de sociale ziektekostenverzekeringen (Wet
sociaal-fiscaal nummer Ziekenfondswet). Inwerkingtreding: 1 april
1996 (Stb. 1996, 193).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is de mogelijkheden tot identificatie van verzekerden in de
zin van de Ziekenfondswet te vereenvoudigen door het gebruik van het
sociaal-fiscaal nummer in de verzekerdenadministratie van die sociale
ziektekostenverzekering in te voeren, alsmede enige andere wijzigingen
in die wet aan te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
In de Ziekenfondswet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
A. [MvT]
De aanduiding van de
onderscheiden hoofdstukken komt te luiden: Hoofdstuk I tot en met IX.
B. [MvT]
Artikel 1 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid, onderdeel
c, wordt "vijfde hoofdstuk" gewijzigd in: hoofdstuk
V.
2. In het eerste lid, onderdeel
d, wordt "tweede hoofdstuk" gewijzigd in: hoofdstuk
II.
C. [MvT]
Het tiende lid van artikel 3
vervalt.
D. [MvT]
De laatste volzin van
artikel 8i komt te luiden: In afwijking van artikel
77, aanhef en onder a, kan ter
zake geen beroep worden ingesteld.
E. [MvT]
De eerste volzin van artikel 17, derde lid, komt te luiden: De
nominale premie is verschuldigd vanaf
het tijdstip van aanvang van de verzekering.
F. [MvT]
In artikel 18, tweede lid,
vervalt de tekst na het woord "kosten".
G. [MvT]
Artikel 40 komt te luiden:
Art. 40.
-1. In de administratie van
de ziekenfondsen ter zake van de uitvoering van deze wet wordt het
sociaal-fiscaal nummer opgenomen waaronder een verzekerde is
geregistreerd bij de rijksbelastingdienst.
-2. Het eerste lid van dit
artikel is niet van toepassing ten aanzien van personen die behoren tot een
door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van
Financiën, aangewezen groep van verzekerden.
-3. Bij de verstrekking van
gegevens door de ziekenfondsen aan de in artikel
73b en 73c genoemde
organen en personen wordt gebruik gemaakt van het sociaal-fiscaal
nummer.
-4. De Ziekenfondsraad kan
regelen stellen betreffende:
a. de minimumeisen waaraan
de administratie der ziekenfondsen moet voldoen, met inbegrip
van het verzamelen van statistische gegevens;
b. de inhoud, de vorm en het
tijdstip van het door de ziekenfondsen bij de Ziekenfondsraad in te
dienen jaarlijks verslag van hun werkzaamheden, met inbegrip van financiële gegevens;
c. de arbeidsvoorwaarden van
het personeel van de ziekenfondsen.
H. [MvT]
Artikel 42 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het zevende lid vervalt.
2. Het achtste tot en met elfde lid worden
vernummerd tot vijfde tot en met achtste lid.
3. In het zesde lid (nieuw)
wordt "achtste lid" vervangen door: vijfde lid.
4. In het achtste lid wordt "achtste en
negende" vervangen door: vijfde en zesde.
I. [MvT]
In artikel 44, negende lid,
en in artikel 44a, vierde lid, wordt na
"artikel 45," ingevoegd: eerste lid,
aanhef en.
J. [MvT]
In artikel 47, derde lid,
wordt "elfde lid" vervangen door: tiende lid.
K. [MvT]
Na artikel 73a wordt een
nieuw hoofdstuk ingevoegd, luidende:
HOOFDSTUK VA. Het verstrekken van
inlichtingen
Art. 73b. [MvT]
-1. Een ieder verstrekt op
verzoek aan de Ziekenfondsraad, het College van toezicht sociale
verzekeringen, het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming,
bedrijfsverenigingen, uitvoeringsinstellingen als bedoeld in
hoofdstuk V van de
Organisatiewet sociale verzekeringen, de Sociale
Verzekeringsbank, organen
als bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van de
Algemene Ouderdomswet welke
ingevolge een vergunning van de Sociale Verzekeringsbank
belast zijn met de betaalbaarstelling van pensioenen ingevolge de
Algemene Ouderdomswet, de rijksbelastingdienst, het gemeentebestuur,
ziekenfondsen of aan een daartoe door of vanwege één van deze
instanties aangewezen persoon kosteloos alle gegevens en inlichtingen die
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze wet door de desbetreffende
rechtspersoon ten opzichte van:
a. hemzelf;
b. degenen die in aanmerking
kunnen komen voor medeverzekering;
c. degene die ten opzichte
van hem bij of krachtens deze wet is of was aangewezen als werkgever;
d. degene die in zijn dienst
dan wel te zijnen behoeve werkt of gewerkt heeft;
e. degene van wie een
pensioen of uitkering wordt, zal worden of is verkregen;
f. degene aan wie een
pensioen of uitkering wordt, zal worden of is verstrekt;
g. degene van wie inkomen
uit of in verband met het verrichten van arbeid in het bedrijfs- of
beroepsleven wordt, zal worden of is ontvangen;
h. degene aan wie inkomen
uit of in verband met het verrichten van arbeid in het bedrijfs- of
beroepsleven wordt, zal worden of is verstrekt.
-2. De in het eerste lid
bedoelde gegevens en inlichtingen worden op verzoek verstrekt in
schriftelijke vorm, of in een andere vorm die redelijkerwijs kan worden verlangd, binnen
een termijn die schriftelijk wordt gesteld bij het in het
eerste lid bedoelde verzoek.
-3. Een ieder geeft op
verzoek van een rechtspersoon als bedoeld in het eerste lid inzage in alle
bescheiden en andere gegevensdragers, stelt deze op verzoek ter beschikking
voor het nemen van afschrift en verleent de ter zake verlangde
medewerking, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van deze wet door
de desbetreffende rechtspersoon.
Art. 73c. [MvT]
-1. De in artikel 73b, eerste
lid, bedoelde instanties zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht
op verzoek uit de onder hun verantwoordelijkheid gevoerde administratie aan
elkaar of aan een daartoe door of vanwege één van deze
instanties aangewezen persoon de gegevens te verstrekken die noodzakelijk
zijn voor de uitvoering van deze wet. De verstrekking van de gegevens
geschiedt kosteloos, tenzij bij of krachtens wet anders is bepaald.
-2. Publiekrechtelijke
lichamen zijn verplicht hun medewerking te verlenen bij het verkrijgen
van inlichtingen benodigd voor de uitvoering van deze wet. De
verstrekking van de gegevens geschiedt kosteloos, tenzij bij of krachtens wet anders
is bepaald. Onze Minister en Onze Minister van Binnenlandse Zaken
kunnen regelen stellen met betrekking tot de wijze waarop en de vorm
waarin de inlichtingen worden verstrekt.
-3. Alle ambtenaren tot
afgifte van uittreksels uit registers van burgerlijke stand bevoegd, zijn
verplicht aan een in artikel 73b, eerste lid,
bedoelde instantie de door
deze gevraagde uittreksels uit de registers kosteloos toe te zenden.
-4. Griffiers van colleges,
geheel of ten dele met rechtspraak belast, verstrekken op verzoek,
kosteloos, aan de Ziekenfondsraad en aan de ziekenfondsen alle gegevens,
inlichtingen en uittreksels uit of afschriften van uitspraken, registers en
andere stukken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze wet door
de desbetreffende rechtspersoon.
Art. 73d. [MvT]
Bij de verstrekking van
gegevens, bedoeld in artikel 73b en
73c, aan de in die artikelen genoemde
instanties en personen wordt, indien degene die de gegevens verstrekt en
degene die de gegevens ontvangt daartoe bevoegd zijn, gebruik
gemaakt van het sociaal-fiscaal nummer.
Art. 73e. [MvT]
Degene die op grond van de
artikelen 73b en 73c gegevens verstrekt,
gaat na of degene aan wie de
gegevens worden verstrekt redelijkerwijs bevoegd is te achten die
gegevens te verkrijgen.
L. [MvT]
Artikel 88 vervalt.
M. [MvT]
Onder vernummering van
artikel 89 tot artikel 88 worden na artikel 88
drie nieuwe artikelen
ingevoegd, luidende:
Art. 89. [MvT]
Hij die niet voldoet aan een
hem bij artikel 73b tot en met 73e
opgelegde verplichting of
ter zake onjuiste inlichtingen verstrekt, wordt gestraft met een geldboete
van de tweede categorie.
Art. 89a. [MvT]
Hij die op grond van bij of
krachtens deze wet vastgestelde bepalingen gehouden is inlichtingen of
gegevens te verstrekken, een aangifte of mededeling te doen of een
verklaring af te leggen en daarbij opzettelijk een valse opgave doet dan
wel opzettelijk in strijd met bedoelde gehoudenheid iets verzwijgt, wordt
gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of
geldboete van de vierde categorie.
Art. 89b. [MvT]
Hij die op andere wijze dan
door het valselijk opmaken of vervalsen van een geschrift, dat bestemd
is om tot bewijs van enig feit te dienen, opzettelijk een opgave in
strijd met de waarheid doet, zulks met het oogmerk om aldus een
verstrekking of een grotere verstrekking, een uitkering of een hogere
uitkering ingevolge deze wet te verkrijgen, wordt gestraft met gevangenisstraf
van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.
N. [MvT]
De artikelen 94 tot en met
106 vervallen.
Art. II.
[MvT]
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
Artikel 56 komt te luiden:
Art. 56.
-1. Een ieder verstrekt op
verzoek aan de Ziekenfondsraad, het College van toezicht sociale
verzekeringen, bedrijfsverenigingen, uitvoeringsinstellingen als bedoeld in
hoofdstuk V
van de Organisatiewet sociale verzekeringen, de Sociale
Verzekeringsbank, de rijksbelastingdienst, het gemeentebestuur,
ziekenfondsen, ziektekostenverzekeraars en uitvoerende organen of aan een daartoe
door of vanwege één van deze instanties aangewezen
persoon kosteloos alle gegevens en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor
de uitvoering van deze wet door de desbetreffende rechtspersoon.
-2. De in het eerste lid
bedoelde gegevens en inlichtingen worden op verzoek verstrekt in
schriftelijke vorm, of in een andere vorm die redelijkerwijs kan worden verlangd, binnen
een termijn die schriftelijk wordt gesteld bij het in het
eerste lid bedoelde verzoek.
-3. Een ieder geeft op
verzoek van een rechtspersoon als bedoeld in het eerste lid inzage in alle
bescheiden en andere gegevensdragers, stelt deze op verzoek ter beschikking
voor het nemen van afschrift en verleent de ter zake verlangde
medewerking, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van deze wet door
de desbetreffende rechtspersoon.
B. [MvT]
Artikel 57 komt te luiden:
Art. 57.
-1. De in artikel 56, eerste
lid, bedoelde instanties zijn bevoegd uit eigen beweging en verplicht op
verzoek uit de onder hun verantwoordelijkheid gevoerde administratie aan
elkaar of aan een daartoe door of vanwege één van deze instanties
aangewezen persoon de gegevens te verstrekken die noodzakelijk zijn voor
de uitvoering van deze wet. De verstrekking van de gegevens geschiedt
kosteloos, tenzij bij of krachtens wet anders is bepaald.
-2. Publiekrechtelijke
lichamen zijn verplicht hun medewerking te verlenen bij het verkrijgen
van inlichtingen benodigd voor de uitvoering van deze wet. De
verstrekking van de gegevens geschiedt kosteloos, tenzij bij of krachtens wet anders
is bepaald. Onze Minister en Onze Minister van Binnenlandse Zaken
kunnen regelen stellen met
betrekking tot de wijze waarop en de vorm waarin de inlichtingen worden
verstrekt.
-3. Alle ambtenaren tot
afgifte van uittreksels uit registers van burgerlijke stand bevoegd, zijn
verplicht aan een in artikel 56, eerste lid,
bedoelde instantie de door
deze gevraagde uittreksels uit de registers kosteloos toe te zenden.
-4. Griffiers van colleges,
geheel of ten dele met rechtspraak belast, verstrekken op verzoek,
kosteloos, aan de Ziekenfondsraad en aan de ziekenfondsen alle gegevens,
inlichtingen en uittreksels uit of afschriften van uitspraken, registers en
andere stukken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze wet door
de desbetreffende rechtspersoon.
Art.
III. [MvT]
De verzekerden ingevolge de Ziekenfondswet
die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel
I, onderdeel G, van deze wet zijn ingeschreven bij een ziekenfonds delen uiterlijk binnen
één maand nadat het ziekenfonds hen
schriftelijk daarom heeft verzocht hun sociaal-fiscaal nummer mee aan dat
ziekenfonds. Het vorenbedoeld verzoek
wordt gedaan binnen twee maanden na het tijdstip waarop vorenbedoeld
artikel in werking is getreden.
Art. IV.
[MvT]
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de
verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden
gesteld.¹
1. Bij Besluit
van 28 februari 1996, Stb. 1996, 193, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 april 1996, red.
Art. V.
Deze wet wordt aangehaald
als: Wet sociaal-fiscaal nummer Ziekenfondswet.
Lasten en bevelen dat deze wet in het Staatsblad zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
20 december 1995
BEATRIX
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
R.L.O. Linschoten
Uitgegeven de achtentwintigste
december 1995
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager
|
|