St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

OVERGANGSWET  VERZORGINGSHUIZEN

Versie 26 september 1996

 

  
 

 

 
Parlementaire behandeling:

Kamerstukken II 1995-1996, 24 606.
Handelingen II 1995-1996, blz. 6084-6123, 6252-6265, 6342-6352, 6438-6439.
Kamerstukken I 1995-1996, 24 606 (310, 310a, 310b); 1996-1997, 24 606 (1, 1a).
Handelingen I 1996-1997, zie vergadering d.d. 24 september 1996.

 

 

WET van 26 september 1996, Stb. 1996, 478, houdende het onderbrengen van de zorg, bestaande uit duurzaam verblijf en verzorging in een verzorgingshuis, in de aanspraken op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten en tijdelijke regeling van de subsidiëring van verzorgingshuizen door de Ziekenfondsraad (Overgangswet verzorgingshuizen). Inwerkingtreding: 2 oktober 1996 (Stb. 1996, 479); 1 januari 1997 (Stb. 1996, 567); 1 januari 2001 (Stb. 2000, 341 en 436).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de zorg, bestaande uit duurzaam verblijf en verzorging in een verzorgingshuis, onder te brengen in de aanspraken op zorg op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, te regelen dat de Ziekenfondsraad tijdelijk tot taak heeft verzorgingshuizen, alsmede enige activiteiten van deze instellingen, te subsidiëren en enige daarmee verband houdende onderwerpen te regelen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

[Voor de socialezekerheidswetgeving relevante artikelen, red.]

 

 

HOOFDSTUK  XI

Overgangs- en slotbepalingen in verband met de intrekking van de Wet op de bejaardenoorden

 

Art. 32.
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 6, derde lid, eerste zin, komt te luiden:
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan als voorwaarde voor het verkrijgen van een verstrekking worden gesteld dat de verzekerde bijdraagt in de kosten daarvan: de bijdrage kan verschillen naargelang de groep waartoe de verzekerde behoort en de zorg die verstrekt wordt en mede afhankelijk gesteld worden van het inkomen van de verzekerde en diens echtgenoot.
B.
In artikel 8h wordt na "van de Wet ziekenhuisvoorzieningen is getroffen" toegevoegd: of een omzetting van capaciteit als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Overgangswet verzorgingshuizen is gerealiseerd.
C.
Na artikel 9 worden twee artikelen toegevoegd, luidende:
Art. 9a.
-1. Burgemeester en wethouders voorzien erin dat ten behoeve van de inwoners van hun gemeente er in hun gemeente een onafhankelijk indicatieorgaan werkzaam is dat kosteloos beoordeelt of een inwoner in aanmerking komt voor één van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen vormen van zorg.
-2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de samenstelling en werkwijze van het orgaan, waaronder de heroverweging van beoordelingen als bedoeld in het eerste lid en gegevens die Onze Minister voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs behoeft. Deze regels zijn zodanig dat wordt gewaarborgd dat beoordelingen en heroverwegingen onafhankelijk geschieden.
Art. 9b.
-1. Verzekerden kunnen hun aanspraken op vormen van zorg, bedoeld in artikel 9a, eerste lid, eerst tot gelding brengen indien zij een advies hebben overgelegd van het in dat artikel bedoelde orgaan waaruit blijkt dat zij op die zorg zijn aangewezen.
-2. In afwijking van het eerste lid worden er bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld voor gevallen waarin het advies niet afgewacht kan worden.
-3. Voor andere vormen van zorg dan die ingevolge artikel 9a, eerste lid, kan de aanspraak slechts tot gelding worden gebracht voor zover de verzekerde, gelet op zijn behoefte en uit een oogpunt van doelmatige zorgverlening, redelijkerwijs daarop naar aard, inhoud en omvang is aangewezen. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden geregeld door wie en op welke wijze wordt vastgesteld of de verzekerde aangewezen is op een bepaalde vorm van zorg. Deze regels zijn zodanig dat wordt gewaarborgd dat de vaststelling onafhankelijk geschiedt.
D.
De artikelen 81 tot en met 96 vervallen.

 

Art. 34.
Artikel 39 van de Wet financiering volksverzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
1. Onder vervanging van de punt door een puntkomma aan het eind van onderdeel c wordt aan het eerste lid een onderdeel d toegevoegd, luidende:
d. de bijdragen, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Overgangswet verzorgingshuizen.
2. Onder vervanging van de punt door een puntkomma aan het eind van onderdeel i wordt aan het derde lid een onderdeel j toegevoegd, luidende:
j. subsidies als bedoeld in de Overgangswet verzorgingshuizen.

 

Art. 41.
Artikel 40, eerste lid, van de Ziektewet komt als volgt te luiden:
-1. Indien degene aan wie ziekengeld is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen, is de bedrijfsvereniging bevoegd het ziekengeld tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie het ziekengeld is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad.

 

Art. 42.
Artikel 54, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering komt als volgt te luiden:
-1. Indien degene aan wie een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen, is de bedrijfsvereniging bevoegd de arbeidsongeschiktheidsuitkering tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie de arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad.

 

Art. 44.
Artikel 39, eerste lid, van de Werkloosheidswet komt als volgt te luiden:
-1. Indien degene aan wie een uitkering is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen, is de bedrijfsvereniging bevoegd de uitkering tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie de uitkering is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad.

 

Art. 45.
Artikel 20, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet komt als volgt te luiden:
-1. Indien degene aan wie een ouderdomspensioen is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen, is de Sociale Verzekeringsbank bevoegd het ouderdomspensioen tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie ouderdomspensioen is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad.

 

Art. 46.
Artikel 57, eerste lid, van de Algemene nabestaandenwet komt als volgt te luiden:
-1. Indien degene aan wie een pensioen is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen, is de Sociale Verzekeringsbank bevoegd het pensioen tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie pensioen is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan de Ziekenfondsraad.

 

Art. 49.
Artikel 43 van de Invoeringswet herinrichting Algemene Bijstandswet vervalt.

 

 

HOOFDSTUK  XII

Overgangs- en slotbepalingen in verband met het onderbrengen van zorg, bestaande uit duurzaam verblijf en verzorging in een verzorgingshuis, in de aanspraken op zorg op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten

 

Art. 54.
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 6, derde lid, wordt "de zorg die verstrekt wordt" vervangen door: de zorg en voorzieningen die verstrekt worden.
B.
In artikel 8h vervalt "of een omzetting van capaciteit als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Overgangswet verzorgingshuizen is gerealiseerd".

 

Art. 57.
Artikel 39 van de Wet financiering volksverzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt de puntkomma aan het eind van onderdeel c vervangen door een punt en vervalt onderdeel d.
2. In het derde lid wordt de puntkomma aan het eind van onderdeel i vervangen door een punt en vervalt onderdeel j.

 

Art. 63.
In artikel 40, eerste lid, van de Ziektewet vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".

 

Art. 64.
In artikel 54, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".

 

[Art. 65a.¹
In artikel 57, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is op grond van artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".]

1. Ingevolge artikel XXXIV van de Aanpassingswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen is met ingang van 31 december 1997 een nieuw artikel 65a ingevoegd, red.

 

[Art. 65b.¹
In artikel 49, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is op grond van artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".]

1. Ingevolge artikel XXXIV van de Aanpassingswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen is met ingang van 31 december 1997 een nieuw artikel 65b ingevoegd, red.

 

Art. 66.
In artikel 39, eerste lid, van de Werkloosheidswet vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".

 

Art. 67.
In artikel 20, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".

 

Art. 68.
In artikel 57, eerste lid, van de Algemene nabestaandenwet vervalt ", dan wel een bijdrage verschuldigd is ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 15 van de Overgangswet verzorgingshuizen".

 

 

HOOFDSTUK  XIII

Overige slotbepalingen

 

Art. 69.
-1. Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld. Voor de artikelen 26 en 50 tot en met 68 wordt dat tijdstip niet later gesteld dan 1 januari 2001. De artikelen 1 tot en met 25 vervallen op het in de tweede zin bedoelde tijdstip.¹
-2. In afwijking van het eerste lid:
a. verstrekt de Ziekenfondsraad eerst subsidies vanaf 1 januari van het jaar volgende op het jaar waarin artikel 2, eerste lid, in werking is getreden;
b. worden, indien de artikelen 2, tweede lid, en 14 in werking treden op een tijdstip gelegen tussen 1 juli tot en met 31 december van enig kalenderjaar, het bedrag dan wel de bedragen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, die beschikbaar zijn voor het eerste kalenderjaar waarin de Ziekenfondsraad subsidie verstrekt op grond van deze wet, onderscheidenlijk de begroting, bedoeld in artikel 14, zo spoedig mogelijk meegedeeld onderscheidenlijk vastgesteld.

1. Bij Besluit van 26 september 1996, Stb. 1996, 479, is het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen 1, eerste lid, onderdeel a, b, d tot en met h, tweede tot en met vierde lid, 2 tot en met 14, 15, tweede en derde lid, 16 tot en met 24, 29 tot en met 32, met uitzondering van onderdeel C van artikel 32, voor zover betrekking hebbend op artikel 9b, eerste en derde lid, en 39 tot en met 46 bepaald op 2 oktober 1996, bij Besluit van 15 november 1996, Stb. 1996, 567, is het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen 1, eerste lid, onderdeel c, 15, eerste lid, 25, 27, 28, 32, onderdeel C, voor zover betrekking hebbend op artikel 9b, eerste en derde lid, 33 tot en met 38 en 47 tot en met 49 bepaald op 1 januari 1997, bij Besluit van 22 juli 2000, Stb. 2000, 341, is het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen 26, 50 tot en met 60, 62 tot en met 64 en 66 bepaald op 1 januari 2001 en bij Besluit van 26 september 2000, Stb. 2000, 436, is het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen 65a, 65b, 67 en 68 bepaald op 1 januari 2001. Ingevolge artikel IX van de Wet instelling College van toezicht op de zorgverzekeringen zijn de artikelen 61 en 65 komen te vervallen, red.

 

Art. 70.
Deze wet wordt aangehaald als: Overgangswet verzorgingshuizen.

 

 

     Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

 

Gegeven te 's-Gravenhage, 26 september 1996

 

BEATRIX

 

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E.G. Terpstra

 

Uitgegeven de eerste oktober 1996
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x