|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 1995-1996, 1996-1997, 1997-1998, 24 800.
Handelingen II 1997-1998, blz. 2276, 2393.
Kamerstukken I 1997-1998, 24 800 (154).
Handelingen I 1997-1998, zie vergaderingen d.d. 15 en 16 december 1997.
WET van 18 december 1997, Stb.
1997, 737, tot wijziging van enkele wetten in verband met
de herziening van het stelsel van bestuurlijke
boeten en van het fiscale strafrecht (Invoeringswet bestuurlijke
boeten). Inwerkingtreding: 1 januari 1998 (Stb.
1997, 739).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie
Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz.
enz.
Allen, die deze zullen zien
of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging
genomen hebben, dat het wenselijk is enkele wetten te wijzigen in
verband met de herziening van het stelsel van bestuurlijke boeten en van
het fiscale strafrecht;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij
deze:
[Voor de
socialezekerheidswetgeving relevante artikelen, red.]
Art. XVIII.
In artikel 17, derde lid,
van de Coördinatiewet sociale verzekering wordt
"verhoging"
vervangen door: boete.
Art.
XXIII.
Deze wet treedt in werking
op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip en vindt voor het
eerst toepassing met betrekking tot aangiften en betalingen die betrekking
hebben op tijdvakken of tijdstippen die aanvangen onderscheidenlijk
liggen op of na de datum van inwerkingtreding.¹
1. Bij Besluit
van 18 december 1997, Stb. 1997, 739, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 januari 1998, red.
Lasten en bevelen dat deze
in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige
uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
18 december 1997
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Financiën,
W.A.F.G. Vermeend
Uitgegeven de negenentwintigste
december 1997
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager
|