|
Parlementaire
behandeling:
Kamerstukken II 1998-1999, 26 239.
Handelingen II 1998-1999, blz. 1940-1968, 2147.
Kamerstukken I 1998-1999, 26 239 (109, 109a).
Handelingen I 1998-1999, zie vergaderingen d.d. 21 en 22 december 1998.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 24 december 1998, Stb.
1998, 742, tot nadere wijziging van een aantal socialezekerheidswetten
en enige andere wetten, houdende technische alsmede enige andere
wijzigingen (Veegwet SZW 1998). Inwerkingtreding: 31 december
1998, zie artikel 56.
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is technische reparaties en enkele andere wijzigingen in
enkele socialezekerheidswetten en enige andere wetten aan te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
HOOFDSTUK
I
Doelgroep
Wagw en uitvoering loonkostensubsidie in de periode van 1 januari tot 1
juli 1998
Art. 1.
Doelgroep Wagw [MvT]
In de periode van 1
januari 1998 tot 1 juli 1998 wordt onder gehandicapte werknemer als bedoeld
in
artikel 1, onderdeel b, onder 1, van de Wet arbeid gehandicapte
werknemers tevens verstaan een werknemer aan wie een
arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten.
Art. 2.
Uitvoering
loonkostensubsidie [MvT]
In afwijking van artikel
70 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering worden in de periode van
1 januari 1998 tot 1 juli 1998 de werkzaamheden met
betrekking tot de uitvoering van artikel 62 van die wet verricht door de
uitvoeringsinstelling die de werkzaamheden, bedoeld in artikel 41 van de
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, verricht voor de sector waarbij de
in artikel 62 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
bedoelde werkgever
behoort. Artikel 66, vierde en vijfde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
is van overeenkomstige
toepassing.
HOOFDSTUK
II
Wijzigingen
Art. 3.
Algemene
bijstandswet [MvT]
De Algemene bijstandswet
wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 5, eerste lid,
onder 2º, wordt "artikel 44m, eerste of vierde lid" vervangen door: artikel
44m,
eerste of zevende lid.
B.
[MvT]
In artikel 9, tweede lid,
onderdeel c, wordt "scholing of opleiding als bedoeld in artikel
113,
eerste lid, onderdeel g" vervangen door: scholing of opleiding als bedoeld in
artikel 113, eerste lid, onderdeel e, dan wel een scholing of opleiding als
voorziening op grond van de Wet inschakeling
werkzoekenden.
C.
[MvT]
In artikel 14f, tweede lid,
wordt "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen" vervangen
door: , de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
D.
[MvT]
In artikel 17, vierde lid,
wordt "artikel 18c, eerste lid, van de Wet ziekenhuisvoorzieningen" vervangen door: artikel 7, eerste lid, van de
Wet
op bijzondere medische verrichtingen.
E.
[MvT]
In de artikelen 20, derde
lid, onderdeel b, en 52, eerste lid, onderdeel c, wordt
"aanvraag om bijstand" steeds vervangen door: aanvang van de
bijstandverlening.
F.
[MvT]
In de artikelen 24,
onderdeel b, 27, tweede lid, 43, tweede lid, onderdeel j,
44, 47, derde lid, 51,
eerste lid, onderdeel a, 52, eerste lid, onderdeel e,
67, derde lid, en 99, eerste
lid, wordt "bijstandverlening" steeds vervangen door:
bijstandsverlening.¹
G.
[MvT]
In artikel 36, eerste lid,
onderdeel b, wordt "scholing of opleiding als bedoeld in artikel
113,
eerste lid, onderdeel g" vervangen door: scholing of opleiding als bedoeld in
artikel 113, eerste lid, onderdeel e, dan wel een scholing of opleiding als
voorziening op grond van de Wet inschakeling
werkzoekenden.
H.
[MvT]
Aan artikel 43, tweede lid,
wordt onder vervanging van de punt aan het einde van onderdeel n door
een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
o. subsidies die op grond
van artikel 3 van de Wet inschakeling
werkzoekenden worden
verstrekt voor het onverplicht, in georganiseerd verband, verrichten van
onbetaalde maatschappelijk nuttige activiteiten, voor zover deze subsidies:
1º. binnen een tijdvak van
een kalendermaand minder bedragen dan ƒ150,00; en
2º. worden verstrekt aan een
langdurig werkloze als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de
Wet inschakeling werkzoekenden, dan wel aan een
belanghebbende die
behoort tot een categorie van personen voor wie één of meer van de
verplichtingen, bedoeld in artikel 113, eerste lid, niet gelden op grond van de
artikelen 107, eerste en tweede lid, of 113, vierde lid.
I.
[MvT]
In artikel 47, eerste lid,
onderdeel a, wordt de zinsnede "een premie voor het voltooien van een scholing of opleiding of voor het aanvaarden
of behouden van arbeid"
vervangen door: een premie voor het voltooien van een scholing of
opleiding of voor het aanvaarden of behouden van betaalde arbeid of een
subsidie voor het onverplicht, in georganiseerd verband, verrichten van
onbetaalde maatschappelijk nuttige activiteiten.
J.
[MvT]
In artikel 84, tweede lid,
wordt "gezinsbijstand" vervangen door: gezinsbijstand aan gehuwden.
K.
[MvT]
Indien artikel I, onderdeel C, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de
Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de Algemene
Ouderdomswet, de Algemene Kinderbijslagwet, de
Algemene nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) eerder in werking treedt dan deze wet, wordt
in artikel 95 de zinsnede
die begint met "Bij de beoordeling" en eindigt met "het te verhalen
bedrag" vervangen door: Bij de beoordeling van het bestaan van het
verhaalsrecht, bedoeld in artikel 93 of 94, en de omvang van het te verhalen
bedrag.
L. [MvT]
In artikel 122, eerste lid,
onderdeel c, wordt "artikel 7 van de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers" vervangen door:
artikel 8 van de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers.
M. [MvT]
Artikel 125, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "artikel 91, eerste lid, van de Organisatiewet sociale
verzekeringen" vervangen door "artikel
89, eerste lid, van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997" en wordt "artikel 56" vervangen door:
artikel 38,
eerste lid, onderdeel a.
2. Onderdeel c wordt
vervangen door:
c. burgemeester en
wethouders van andere gemeenten voor de uitvoering van deze wet, de
Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
en de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
N.
In artikel 56, tweede lid,
wordt "onderdeel h, i, l en m" vervangen door:
onderdeel
h, i, l, m
en o.
1. Gelet op de officiële
citeertitel "Besluit bijstandverlening
zelfstandigen" en de handhaving van de gebruikte spelling in de
citeertitel "Besluit bijstandverlening
zelfstandigen 2004", hanteert de redactie consistent de
spelling "bijstandverlening".
Art. 4.
Algemene
Kinderbijslagwet [MvT]
De Algemene Kinderbijslagwet wordt als volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
In artikel 7, tweede lid,
onderdeel a, wordt de zinsnede "overdag lessen of stages
volgt" vervangen
door: lessen of stages volgt.
B.
[MvT]
In artikel 8, onderdeel a,
wordt "artikel 7, twaalfde lid" vervangen door:
artikel 7, elfde lid.
C.
Indien artikel XIX,
onderdeel j, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 24 vernummerd tot zevende lid.
D.
In artikel 17g, derde lid,
wordt na "de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen," ingevoegd: de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars,.
Art. 5.
Algemene
nabestaandenwet [MvT]
De Algemene nabestaandenwet
wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 17, tweede lid,
wordt "met" vervangen door: van.
B.
[MvT
+ bis]
In artikel 26, tweede lid,
onderdeel a, vervalt de zinsnede "overdag".
C.
Indien artikel XIX,
onderdeel k, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 53 van de Algemene nabestaandenwet
vernummerd
tot zevende lid.
D.
In artikel 45, derde lid,
wordt na "de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen," ingevoegd: de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars,.
Art. 6.
Algemene
Ouderdomswet
De Algemene Ouderdomswet
wordt als volgt gewijzigd:
A.
Indien artikel XIX,
onderdeel i, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 24 van de Algemene
Ouderdomswet vernummerd tot
zevende lid.
B.
In artikel 17i, derde lid,
wordt na "de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen," ingevoegd: de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars,.
Art. 7.
Arbeidstijdenwet [MvT]
De Arbeidstijdenwet wordt
als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 2:4, derde lid,
onderdeel b, wordt na "varen" ingevoegd: , het vliegen.
B. [MvT]
In artikel 2:8 wordt
onderdeel c verletterd tot onderdeel d en wordt na onderdeel b een onderdeel ingevoegd, luidende:
c. op duikwerkzaamheden ten
behoeve van mijnbouwinstallaties op het continentaal plat, bedoeld in de Mijnwet continentaal plat, verricht op of
vanaf een zeeschip;.
C. [MvT]
In artikel 2:9 wordt het
tweede lid vernummerd tot derde lid en wordt na het eerste lid een lid ingevoegd, luidende:
-2. In afwijking van het
eerste lid is deze wet van toepassing op havensleepboten en op duikwerkzaamheden ten behoeve van
mijnbouwinstallaties,
verricht op of vanaf
zeeschepen.
D. [MvT]
In artikel 4:6, onderdeel a,
wordt "geneeskundige" vervangen door: arts.
E. [MvT]
Artikel 5:9 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid,
laatste volzin, wordt "artikel 5:8, eerste lid, en de bij of krachtens artikel 5:12
gestelde regels" vervangen door: de bij of krachtens deze wet gestelde
regels.
2. Het derde lid wordt als
volgt gewijzigd:
a. In de derde volzin wordt "eerste lid, onderdeel b" vervangen door: derde lid, onderdeel
b.
b. In de laatste volzin
wordt "artikel 5:8, derde lid, en de bij of krachtens artikel 5:12 gestelde
regels" vervangen door: de bij of krachtens deze wet gestelde regels.
F. [MvT]
In artikel 5:11, zesde lid,
wordt "de artikelen 5:3" vervangen door: de artikelen 5:3, eerste lid.
G. [MvT]
Het opschrift van artikel
8:1 komt te luiden: Aanwijzing toezichthouders.
H. [MvT]
De artikelen 12:14 tot en
met 12:19 en 12:21 vervallen.
Art. 8.
Arbeidsvoorzieningswet 1996 [MvT]
De Arbeidsvoorzieningswet 1996 wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 1, onderdeel l,
wordt vervangen door:
l. werknemer: de persoon die
in dienstbetrekking werkzaam is en verzekerd is voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
B. [MvT]
Voor de tekst van artikel 7
wordt de aanduiding "-1." geplaatst en aan dit artikel wordt een lid toegevoegd, luidende:
-2. De
Arbeidsvoorzieningsorganisatie geeft overeenkomstig het eerste lid kennis aan de
Sociale
Verzekeringsbank dat een omstandigheid als bedoeld in artikel
7, zesde
lid, tweede volzin, van de Algemene
Kinderbijslagwet zich
voordoet.
Art. 9.
Coördinatiewet
Sociale Verzekering
Artikel 6 van de
Coördinatiewet Sociale Verzekering wordt als volgt gewijzigd:
1. Het bij de Wet
financiering loopbaanonderbreking tot stand gekomen eerste lid, onderdeel
aa, wordt, onder vervanging van de punt achter het bij de Wet van 18 december
1997, houdende wijziging van enkele belastingwetten c.a. 1998 (fiscale
milieuversterking) (Stb. 1997, 732) tot stand gekomen onderdeel aa door
een puntkomma, verletterd tot onderdeel bb.
2. Aan het tiende lid wordt,
onder vervanging van de punt aan het slot door een komma, een zinsnede
toegevoegd, luidende: waarbij kan worden afgeweken van het
eerste lid, onderdeel aa.
Art. 10.
Invoeringswet
herinrichting Algemene Bijstandswet [MvT]
In artikel 16, eerste lid,
van de Invoeringswet herinrichting Algemene
Bijstandswet wordt "drie
jaren" vervangen door: vier jaren.
Art. 11.
Invoeringswet
nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen [MvT]
De Invoeringswet nieuwe en
gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel III. Beschikkingen
inzake werkvoorzieningen van de Invoeringswet nieuwe en
gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen, vervalt.¹
B. [MvT]
In artikel XIII, tweede lid,
vervalt "43,".
1. Volgens de redactie
dient "Artikel III. Beschikkingen inzake werkvoorzieningen van de
Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen,
vervalt" te worden vervangen door: Artikel III (Beschikkingen inzake
werkvoorzieningen) vervalt.
Art. 12.
Invoeringswet
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
In artikel 65 van de
Invoeringswet
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997 wordt "het Landelijk
instituut sociale verzekeringen" vervangen door: Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen.
Art. 13.
Invoeringswet
stelselherziening sociale zekerheid [MvT]
De Invoeringswet
stelselherziening sociale zekerheid wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 10 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid komt als
volgt te luiden:
-1. Tot het tijdstip
aangewezen op grond van artikel 7, eerste lid, van de nieuwe Werkloosheidswet
kunnen ten aanzien van degene die overheidswerknemer is, in de zin van artikel
1,
onderdeel l, onder 1º, van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen, uit hoofde van zijn arbeidsverhouding tot
de Stichting Pensioenfonds ABP of een lichaam als bedoeld in artikel 2 van
de Wet privatisering
ABP, niet zijnde het Rijk, een provincie,
gemeente,
waterschap, veenschap of veenpolder, bij algemene maatregel van
bestuur voorschriften worden gegeven omtrent zijn ten laste van die
stichting of dat lichaam komende aanspraken bij werkloosheid.
2. In het tweede lid wordt "ambtenaar" vervangen door
"overheidswerknemer" en wordt "artikel B 2 van
de Algemene burgerlijke pensioenwet, zoals deze wet
luidde op 31 december 1995" vervangen door: artikel 2, onderdeel
b tot en met e, van de Wet
privatisering ABP.
B. [MvT]
In artikel 24, tweede lid,
wordt de zinsnede "een uitkering als bedoeld in hoofdstuk IIa,
afdeling
II, van de nieuwe Werkloosheidswet berekend naar een dagloon gelijk aan het
minimumloon, bedoeld in artikel 14, tweede lid, van de nieuwe Werkloosheidswet" vervangen door: 70% van het
minimumloon, zijnde het
minimumloon per maand, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van
de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag, gedeeld door 21,75, of,
indien het een persoon jonger dan 23 jaar betreft, het minimumloon per
maand dat voor zijn leeftijd geldt op grond van artikel 7, derde lid, en
artikel 8, derde lid, van genoemde
wet, gedeeld door 21,75.
C. [MvT]
In artikel 48, eerste lid,
wordt de zinsnede "108/100 maal 70% van het minimumloon" vervangen door: 70% van het
minimumloon.
D. [MvT]
Artikel 64a wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt "een uitkering als bedoeld in artikel 29 van de
Ziektewet berekend naar
een
dagloon gelijk aan het minimumloon" vervangen door: 70% van het
minimumloon, zijnde het minimumloon per maand, bedoeld in artikel 8,
eerste lid, onderdeel a, van de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag, gedeeld door 21,75, of, indien het een persoon jonger dan
23 jaar betreft, het minimumloon per maand dat voor zijn leeftijd geldt
op grond van artikel 7, derde lid, en artikel 8, derde lid, van genoemde
wet,
gedeeld door 21,75.
2. In het derde lid vervalt "en tweede".
Art. 14.
Organisatiewet
sociale verzekeringen 1997 [MvT]
De
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997 wordt als volgt gewijzigd:
A.
Het bij de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten tot stand gekomen subonderdeel 12 van
artikel 1, onderdeel h, wordt vernummerd tot subonderdeel 13.
B. [MvT]
Artikel 1, onderdeel m,
vervalt.
C. [MvT]
Artikel 38, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt na
de zinsnede "de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten," ingevoegd: de Wet financiering
loopbaanonderbreking,.
2. In onderdeel c wordt "subonderdeel 9 tot en met 12" vervangen door:
subonderdeel 9 tot
en met 13.
3. Achter onderdeel i wordt
de komma vervangen door een puntkomma.
D. [MvT]
In artikel 63, eerste lid,
wordt de zinsnede "erkenning als
uitvoeringsinstelling" vervangen door:
op
artikel 59 gebaseerde erkenning.
E.
In artikel 74, vijfde lid,
wordt de zinsnede "subonderdeel 1 tot en met 4, 10 en 12" vervangen
door: subonderdeel 1 tot en met 4 en 10 tot en met 13.
F.
[MvT]
In artikel 80, derde lid,
wordt na "het Arbeidsongeschiktheidsfonds jonggehandicapten," ingevoegd: het Reïntegratiefonds,.
G.
De tweede zin van artikel 84, tweede lid, komt te luiden:
De verklaring wordt verbijzonderd naar de Werkloosheidswet, de
Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen
arbeidsongeschiktheidscriteria, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, de Toeslagenwet, de
Algemene Ouderdomswet, de Algemene
nabestaandenwet, de Algemene Kinderbijslagwet, de
Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten en de Wet financiering
loopbaanonderbreking.
H.
In artikel 107 wordt "de
artikelen 52, derde lid, 89 en 97 van deze wet" vervangen door
"de artikelen 53, eerste lid, 89 en
97 van deze wet" en
wordt "artikel 21, zesde
lid, 35, vierde lid, en 46, vierde lid, van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten" vervangen door: artikel
21, vierde lid, 35, vijfde lid, en 46,
vierde lid, van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
Art. 15.
Toeslagenwet
De Toeslagenwet wordt als
volgt gewijzigd:
A.
Het bij de Wet van 26 maart
1998 tot wijziging van de Vreemdelingenwet en enige andere wetten teneinde de aanspraak van vreemdelingen jegens
bestuursorganen op
verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen en vergunningen te koppelen
aan het rechtmatig verblijf van de vreemdeling in Nederland (Stb.
1998, 203) tot stand gekomen onderdeel i van artikel 1 wordt verletterd
tot onderdeel j.
B.
In artikel 15, vijfde lid,
wordt "zij" vervangen door: het.
C.
Indien artikel XIX,
onderdeel h, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 20 vernummerd tot zevende lid.
D.
In artikel 14g, derde lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen door:, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 16.
Werkloosheidswet [MvT]
De Werkloosheidswet wordt
als volgt gewijzigd:
A.
Het bij de Wet van 26 maart
1998 tot wijziging van de Vreemdelingenwet en enige andere wetten teneinde de aanspraak van vreemdelingen jegens
bestuursorganen op
verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen en vergunningen te koppelen
aan het rechtmatig verblijf van de vreemdeling in Nederland (Stb.
1998, 203) tot stand gekomen onderdeel h van artikel 1 wordt verletterd
tot onderdeel j.
B.
[MvT]
In artikel 6, eerste lid,
onderdeel a, wordt "artikel 2, onderdeel a, van de Ambtenarenwet" vervangen
door: artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Ambtenarenwet.
C.
[MvT]
Artikel 17a, eerste lid,
komt als volgt te luiden:
-1. Voor de vaststelling van
het in artikel 17, onderdeel a, bedoelde aantal van 39 weken worden niet in aanmerking genomen weken
gedurende welke de
werknemer:
a. wegens ziekte of
arbeidsongeschiktheid geen arbeid kon verrichten;
b. werkzaamheden heeft
verricht als bedoeld in artikel 8 en hij op grond van dat artikel de hoedanigheid van werknemer heeft herkregen;
c. met toepassing van
artikel 23, tweede lid, van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten een reïntegratie-uitkering ontvangt als bedoeld in het eerste
lid
van dat artikel; of
d. wegens het genieten van
onbetaald verlof geen arbeid heeft verricht, tot een maximum van 78 weken.
D.
[MvT]
Artikel 19, eerste lid,
onderdeel b, komt te luiden:
b.
1º. een uitkering
ontvangt op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, berekend
naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 80%, of een
uitkering ontvangt die naar aard en strekking met één van de genoemde
uitkeringen overeenkomt; of
2º. een uitkering ontvangt
op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen, berekend naar
een arbeidsongeschiktheid van ten minste 80%, tenzij de
werknemer werkloos is geworden uit een dienstbetrekking die hij,
voorafgaand aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid in de zin van de Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, vervulde
naast de werkzaamheden uit hoofde waarvan hij verzekerd was op grond van
de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen;.
E.
In de artikelen 22a, eerste
lid, 30, eerste en tweede lid, en 66 wordt "hij" vervangen door: het.
F.
In de artikelen 25 en 26,
eerste lid, onderdeel a en b, wordt "de Landelijk instituut sociale
verzekeringen" vervangen door: het Landelijk
instituut sociale verzekeringen.
G.
[MvT]
In artikel 26, tweede lid,
wordt "inschrijving" vervangen door: registratie.
H.
[MvT]
Artikel 27g wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt de
zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen"
vervangen door:, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
2. In het achtste lid wordt
de zinsnede "de artikelen 475c en 475d van het Wetboek
van Burgerlijke Rechtsvordering" vervangen door: de
artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek
van Burgerlijke Rechtsvordering.
I.
[MvT]
Aan artikel 28 wordt een lid
toegevoegd, luidende:
-3. Voor de toepassing van
het eerste lid wordt een weigering van de uitkering geacht te zijn voortgezet gedurende de periode dat het recht op
uitkering geheel is
geëindigd op grond van artikel 20, eerste lid, onderdeel a of d, en de betrokkene
recht heeft op een reïntegratie-uitkering op grond van artikel 23 van de
Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
J.
In artikel 34, vijfde lid,
onderdeel c, wordt "45, vijfde lid" vervangen door:
45, vierde lid.
K.
Indien artikel XIX,
onderdeel d, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 36 vernummerd tot zevende lid.
L. [MvT]
Artikel 43 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Aan het tweede lid wordt
een zin toegevoegd, luidende:
De eerste zin blijft buiten
toepassing voor zover de laatstgenoemde uitkering wordt ontvangen op
grond van artikel 29a, eerste lid, van de Ziektewet.
2. Aan het derde lid wordt
een zin toegevoegd, luidende:
Bij de toepassing van de eerste zin
vormt het ontvangen van ziekengeld op grond van artikel 29a,
eerste lid, van de Ziektewet geen onderbreking van de periode waarover de in
artikel 19, eerste lid, onderdeel a, bedoelde uitkeringen worden
ontvangen.
M. [MvT]
Hoofdstuk V komt te luiden:
HOOFDSTUK V. Subsidies
Art. 69.
Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen kan, met inachtneming van bij algemene maatregel van
bestuur te stellen regels, subsidies verstrekken voor tijdelijke
projecten die ten doel hebben het beroep op een uitkering krachtens deze
wet terug te dringen.
N. [MvT]
Artikel 90, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. Het bij de Veegwet SZW
1997 tot stand gekomen onderdeel h wordt, onder vervanging van de punt
achter het bij de Wet premieregime bij marginale arbeid tot stand
gekomen onderdeel h door een puntkomma, verletterd tot onderdeel
i.
2. Onder vervanging van de
punt achter onderdeel i door een puntkomma wordt een
onderdeel toegevoegd, luidende:
j. de subsidies, bedoeld in
artikel 69.
O.
De bij de Wet financiering
loopbaanonderbreking tot stand gekomen onderdelen f, g en
h van artikel 92 worden, onder vervanging van de punt
achter het bij de
Veegwet SZW
1997
tot stand gekomen onderdeel f door een puntkomma,
verletterd tot onderdelen g,
h en i.
P. [MvT]
Artikel 93 komt te luiden:
Art. 93.
Ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds komen:
a. de op grond van deze wet
te betalen uitkeringen, met uitzondering van de uitkeringen, bedoeld in artikel
90, eerste lid;
b. de op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel d, e, en f, en
artikel 70 van de
Ziektewet te betalen uitkeringen;
c. de uitvoeringskosten, voor zover deze betrekking hebben op de in de onderdelen a en b bedoelde
uitkeringen;
d. de op grond van enige wet
over de uitkeringen, bedoeld in onderdeel a en b, door het
Landelijk
instituut sociale verzekeringen verschuldigde
premies die niet op deze
uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
e. de bedragen die op grond
van artikel 90, vierde lid, door het Landelijk instituut sociale verzekeringen ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds zijn
gebracht;
f. de subsidies op grond van
de Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening
havens;
g. de premies voor de
betaling waarvan aan werkgevers op grond van artikel 5 van de Wet premieregime bij marginale arbeid vrijstelling is
verleend, voor zover deze
niet ten laste komen van een wachtgeldfonds;
h. het op grond van artikel
42 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten aan het Reïntegratiefonds
af te dragen bedrag;
i. de financiële
tegemoetkomingen op grond van de Wet financiering loopbaanonderbreking en de
daaraan verbonden uitvoeringskosten.
Q.
Voor de tekst van artikel 89
wordt de aanduiding "-1."
geplaatst, waarna twee leden worden toegevoegd, luidende:
-2. In afwijking van het
eerste lid, onderdeel d en f, komen niet ten gunste van het
wachtgeldfonds:
a. het door de
overheidswerkgever, bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de
Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen verschuldigde bedrag,
bedoeld in artikel 46 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; en
b. de bedragen die het Landelijk
instituut sociale verzekeringen van de overheidswerkgever ontvangt
door toepassing van artikel 71a, tweede en derde lid, van de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
-3. Het tweede lid en dit lid
vervallen op het tijdstip van aanvang van fase 2 van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen,
bedoeld in artikel 53 van
die wet.
R.
Aan artikel 102 worden twee
leden toegevoegd, luidende:
-3. Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen beheert en administreert de middelen, bedoeld in artikel
89, tweede lid, in de vorm van een
afzonderlijke rekening per
betrokken sector en brengt die middelen, uiterlijk op het tijdstip
van aanvang van fase 2 van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen, bedoeld in artikel 53 van
die wet, ten gunste van het
wachtgeldfonds van de betrokken sector.
-4. Het derde lid en dit lid
vervallen op het tijdstip van aanvang van fase 2 van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen,
bedoeld in artikel 53 van
die wet.
Art. 17.
Wet aanpassing
uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies [MvT]
Artikel 70 van de Wet
aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies vervalt.
Art. 18.
Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen [MvT]
De Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 1, onderdeel m,
wordt vernummerd tot artikel 1, eerste lid, onderdeel m.
B.
[MvT]
Aan artikel 3, tweede lid,
wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
g. die recht heeft op een
toelage als bedoeld in artikel 28 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
C.
[MvT
+
bis
+ bis
+ bis]
Artikel 8 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het elfde, twaalfde en
dertiende lid, wordt na "het op grond van artikel
72, tweede lid, aangewezen
bedrag" ingevoegd: gedeeld door 261.
[MvT]
2. Het zestiende lid komt te
luiden:
[MvT]
-16. Voor de toepassing van
het elfde tot en met het dertiende lid wordt onder loon, arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, ziekengeld op grond van de
Ziektewet of uitkering op grond van de Werkloosheidswet
tevens verstaan de vakantie-uitkering waarop
uit hoofde van dat loon of die uitkering recht bestaat, voor zover die
vakantie-uitkering over dezelfde periode is berekend. Voor de toepassing
van het veertiende lid wordt onder loon, arbeidsongeschiktheidsuitkering
op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, ziekengeld op grond van de
Ziektewet of uitkering op grond van de
Werkloosheidswet niet verstaan de vakantie-uitkering waarop uit hoofde van dat
loon of die uitkering recht bestaat en wordt onder dagloon verstaan het
dagloon maal 100/108.
3. Het negentiende lid komt
te luiden: [MvT]
-19. Voor de toepassing van
het elfde tot en met het veertiende lid en het zestiende lid wordt met een uitkering op grond van de
Werkloosheidswet
gelijkgesteld een uitkering ter zake van ontslag of werkloosheid, onder welke
benaming dan ook, met uitzondering van een uitkering in verband met functioneel leeftijdsontslag of vrijwillig
vervroegd uittreden, uit
hoofde van een arbeidsverhouding als bedoeld in artikel
1, onderdeel l, van
de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen. Dit
lid vervalt op het tijdstip van aanvang van fase 3 van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen,
bedoeld in artikel 54 van
die wet.
4. Het twintigste en
eenentwintigste lid vervallen. [MvT]
D. [MvT]
Artikel 20, derde lid,
onderdeel b, komt te luiden:
b. indien artikel 29b van de Ziektewet
toepassing kan vinden, tenzij de toe te kennen arbeidsongeschiktheidsuitkering het ziekengeld overtreft.
E. [MvT]
Aan artikel 29 wordt na "in
aanmerking werd genomen" toegevoegd: , zoals die sinds de beëindiging van de uitkering op grond van
artikel 8 zou
zijn herzien.
F. [MvT]
Artikel 59, derde lid, komt
te luiden:
-3. Indien zowel recht
bestaat op een uitkering in verband met bevalling als bedoeld in artikel 22
als op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, wordt:
a. indien de grondslag van
de uitkering in verband met bevalling lager is dan de grondslag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering of daaraan
gelijk is, de uitkering in
verband met bevalling uitbetaald voor zover deze samen met de
arbeidsongeschiktheidsuitkering niet meer bedraagt dan de grondslag van de
arbeidsongeschiktheidsuitkering;
b. indien de grondslag van
de uitkering in verband met bevalling hoger is dan de grondslag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, de uitkering
in verband met bevalling
uitbetaald voor zover deze samen met de arbeidsongeschiktheidsuitkering
niet meer bedraagt dan de grondslag van de uitkering in verband met
bevalling;
c. indien het recht op
uitkering in verband met bevalling ontstaat in het tijdvak van 52 weken, bedoeld
in artikel 7, tweede lid, in afwijking van de onderdelen a en b, de
uitkering in verband met bevalling uitbetaald voor zover deze de
arbeidsongeschiktheidsuitkering overtreft.
G.
Indien artikel XIX,
onderdeel l, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zevende lid vernummerde
zesde lid van artikel 63 vernummerd tot achtste lid.
H. [MvT]
Indien artikel XIII,
onderdeel C, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, komt het opschrift van
artikel 65 te luiden: Nadere regels.
I. [MvT]
Artikel 69, tweede lid, komt
te luiden:
-2. Overeenkomstig door Onze
Minister te stellen regels kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen in plaats van het bedrag van de
periodieke verstrekkingen de
contante waarde daarvan vorderen.
J.
In artikel 70, tweede lid,
vervalt de komma voor "alsmede".
K.
In artikel 80, onderdeel d,
wordt "toelagen" vervangen door: subsidies.
L. [MvT]
In artikel 86, tweede lid,
wordt de zinsnede "Voor de toepassing van de artikelen
14, tweede lid, en 15, eerste lid, onderdeel c," vervangen door: Voor de toepassing van de
artikelen 14, tweede lid, 15, eerste lid, onderdeel c, en
16.
M. [MvT]
Artikel 87 vervalt.
N.
In artikel 54, derde lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen
door: , de
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 19.
Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten [MvT]
De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 1, onderdeel h,
wordt vernummerd tot artikel 1, eerste lid, onderdeel h.
B.
[MvT
+
bis]
In artikel 5, tweede lid,
onderdeel e, wordt de zinsnede "overdag lessen of stages
volgt" vervangen
door: lessen of stages volgt.
C.
[MvT]
Artikel 19, derde lid,
onderdeel b, komt te luiden:
b. indien artikel 29b van de Ziektewet
toepassing kan vinden, tenzij de toe te kennen arbeidsongeschiktheidsuitkering het ziekengeld overtreft.
D.
Indien artikel XIX,
onderdeel m, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 55 vernummerd tot zevende lid.
E. [MvT
+
bis
+
bis]
Indien artikel XIV,
onderdeel C, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, komt het opschrift van
artikel 57 te luiden: Nadere regels.
F.
Artikel 61, tweede lid, komt
te luiden:
-2. Overeenkomstig door Onze
Minister te stellen regels kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen in plaats van het bedrag van de
periodieke verstrekkingen de
contante waarde daarvan vorderen.
G.
In artikel 62, tweede lid,
vervalt de komma voor "alsmede".
H. Vervallen.
I.
In artikel 66b, tweede lid,
wordt de zinsnede "Voor de toepassing van de artikelen
13, tweede lid, en 14, eerste lid, onderdeel c," vervangen door: Voor de toepassing van de
artikelen 13, tweede lid, 14, eerste lid, onderdeel c, en
15.
J.
In artikel 46, derde lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen door:, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 20.
Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen [MvT]
De Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 7 komt te luiden:
Art. 7.
Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen, genoemd in
hoofdstuk 4 van de
Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, is belast met de
uitvoering van deze wet, voor zover die uitvoering niet krachtens deze wet aan anderen is opgedragen.
B.
In artikel 8 wordt "Organisatiewet sociale verzekeringen" vervangen door:
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997.
Art. 21.
Wet financiële
voorzieningen privatisering ABP [MvT]
Artikel 29 van de Wet
financiële voorzieningen privatisering ABP wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de bestaande tekst
wordt de aanduiding "-1." geplaatst.
2. Er wordt een tweede lid
toegevoegd, luidende:
-2. In afwijking van het
eerste lid wordt voor de vaststelling van de inhouding inzake
werkloosheid, bedoeld in artikel 31, de heffingsgrondslag, bedoeld in het eerste lid en
herleid naar een jaarbedrag, voor zoveel mogelijk verminderd
met het bedrag dat wordt verkregen door het bedrag voor de werknemer,
bedoeld in artikel 9, vierde lid, van de
Coördinatiewet Sociale Verzekering, te vermenigvuldigen met 261.
Art. 22.
Wet financiering
loopbaanonderbreking [MvT]
A. [MvT]
Indien de Wet van 14 mei
1998 tot wijziging van het Burgerlijk
Wetboek, het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 en van enige andere
wetten (flexibiliteit en zekerheid) (Stb. 1998, 300) in werking treedt, wordt de
Wet financiering
loopbaanonderbreking als volgt gewijzigd:
1. Artikel 2, tweede lid,
onderdeel a, tweede volzin, komt te luiden: De artikelen 668a, eerste en tweede lid,
en 672, negende lid, van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek zijn van
overeenkomstige toepassing.
2. Artikel 18 vervalt.
B. [MvT]
In artikel 4, tweede lid,
wordt "kalendermaanden" vervangen door: maanden.
Art. 23.
Wet financiering
volksverzekeringen [MvT]
In artikel 44 van de Wet
financiering volksverzekeringen vervallen het eerste lid alsmede de aanduiding
"-2." voor het tweede lid.
Art. 24.
Wet gelijke
behandeling van mannen en vrouwen [MvT]
De Wet
gelijke behandeling van mannen en vrouwen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
De verdeling in
hoofdstukken, de nummering van de hoofdstukken en de aanduiding van de hoofdstukken vervallen.
B.
[MvT]
Artikel 4, eerste lid, komt
te luiden:
-1. De natuurlijke persoon of
de rechtspersoon die een beroepsopleiding, voortgezette beroepsopleiding of cursus voor bijscholing of
omscholing onder welke
benaming dan ook in stand houdt, dan wel de natuurlijke persoon of
rechtspersoon die een examen verband houdend met de hiervoor bedoelde
opleidingen of cursussen afneemt, mag bij de toelating tot en de
behandeling binnen de opleiding, dan wel bij het afnemen van het examen, geen
onderscheid maken tussen mannen en vrouwen, noch ten aanzien van
de criteria, noch ten aanzien van de niveaus.
C.
[MvT]
In artikel 11 vervalt de
tweede zin.
D.
[MvT]
In artikel 12f wordt "arbeider" vervangen door: werknemer.
E.
[MvT]
Vóór artikel 21 wordt
ingevoegd de aanduiding: § 4. Slotbepalingen.
F.
[MvT]
In artikel 21, eerste lid,
wordt "artikel 1637y" vervangen door: artikel 646 van Boek 7.
Art. 25.
Wet
inkomensvoorziening kunstenaars [MvT]
De
Wet inkomensvoorziening kunstenaars wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 4 wordt onderdeel
b vervangen door:
b. hetzij gedurende een
zekere periode als kunstenaar werkzaam is geweest en met deze werkzaamheden gedurende een bij algemene
maatregel van bestuur te
bepalen periode ten minste het in die maatregel te bepalen bruto-inkomen of
bruto-omzet heeft verworven;.
B.
[MvT]
Artikel 5 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Onderdeel a wordt
vervangen door:
a. algemene bijstand op
grond van de Algemene bijstandswet ontvangt, tenzij hij voldoet
aan artikel 47, eerste lid, van deze wet of de bijstand wordt verleend in
afwachting van het besluit op de aanvraag, bedoeld in artikel
19,
tweede lid;
2. Onderdeel c wordt
vervangen door:
c. niet rechtmatig verblijf
houdt in de zin van artikel 1b, aanhef en onder 1, van de Vreemdelingenwet;
3. Onderdeel e wordt
vervangen door twee onderdelen, luidende:
e. de eerste dag van de
maand waarin hij 65 jaar wordt, heeft bereikt;
f. die onbetaald verlof
geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Werkloosheidswet
of die
gehuwd is met een zodanig persoon, voor zover diens gebrek aan
middelen daarvan het gevolg is, tenzij belanghebbende alleenstaande
ouder is en hij verlof geniet als bedoeld in artikel 644 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek.
4. Voor de tekst van het
artikel wordt de aanduiding "-1." geplaatst, waarna een lid wordt toegevoegd, luidende:
-2. Bij algemene maatregel
van bestuur kan worden bepaald dat hier te lande verblijvende vreemdelingen, anders dan die bedoeld in artikel
1b, aanhef en onder 1, van de Vreemdelingenwet, recht op uitkering hebben, onverminderd de overige
vereisten voor dat recht:
a. ter uitvoering van een
verdrag dan wel een besluit van een volkenrechtelijke organisatie; of
b. in nader bij die
maatregel aan te wijzen gevallen waarin de vreemdeling, na rechtmatig in
Nederland
verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 1b, aanhef en
onder 1, van de Vreemdelingenwet, tijdig toelating in aansluiting op
dat verblijf heeft aangevraagd, dan wel bezwaar heeft gemaakt of
beroep heeft ingesteld tegen de intrekking van het besluit tot toelating,
totdat op die aanvraag, dat bezwaar of dat beroep is beslist.
C.
[MvT]
In het eerste lid van
artikel 6 wordt de zinsnede "De uitkering van de kunstenaar wordt
beëindigd,
indien hij" vervangen door: Het recht op uitkering wordt
beëindigd,
indien de kunstenaar.
D.
[MvT]
Artikel 7 wordt vervangen
door:
Art. 7.
Een kunstenaar kan opnieuw
uitkering aanvragen indien een omstandigheid als bedoeld in artikel
5,
eerste lid, op grond waarvan het recht op uitkering is geëindigd,
ophoudt te bestaan of indien een grond voor beëindiging van de
uitkering als bedoeld in artikel 6, eerste lid, is komen te vervallen.
E.
[MvT]
Artikel 9 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt
vervangen door:
-1. Onverminderd paragraaf 1
heeft de kunstenaar recht op uitkering indien er geen in aanmerking te nemen vermogen is en het in aanmerking
te nemen inkomen:
a. van een alleenstaande
lager is dan ƒ1367,53;
b. van een alleenstaande
ouder lager is dan ƒ1758,25;
c. van gehuwden lager is dan ƒ1953,61.
2. In het tweede lid wordt
de zinsnede "Het maandelijkse bedrag is voor" vervangen door: De uitkering heeft voorlopig de vorm van een
renteloze geldlening en
bedraagt per kalendermaand voor.
3. Het derde lid wordt
vervangen door:
-3. Indien de echtgenoot van
de kunstenaar, bedoeld in het eerste lid, in een omstandigheid verkeert
als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, c of d, wordt de hoogte van de
uitkering, bedoeld in het tweede lid, vastgesteld op het bedrag
voor een alleenstaande of voor een alleenstaande ouder.
4. Het vierde lid wordt
vervangen door:
-4. Vooruitlopend op de
definitieve vaststelling van de hoogte van de uitkering, bedoeld in
artikel 10, wordt op de uitkering, bedoeld in het tweede lid, het inkomen van
de kunstenaar en zijn gezin in mindering gebracht voor zover de som
van het bedrag, genoemd in het tweede lid, en het inkomen in een
kalendermaand waarin recht op uitkering bestaat meer bedraagt dan het
bedrag genoemd in respectievelijk het tweede lid, onderdeel a, b of
c, van artikel 10.
5. Het vijfde en zesde lid
vervallen.
F.
[MvT]
Artikel 10 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt
vervangen door:
-1. Zodra het inkomen van de
kunstenaar en zijn gezin over het kalenderjaar waarin
uitkering is verleend bekend is, wordt de hoogte van de uitkering, bedoeld in
artikel 9, definitief vastgesteld en wordt de uitkering, overeenkomstig
het derde lid, omgezet in een bedrag om niet, voor zover de kunstenaar en
zijn gezin geen in aanmerking te nemen vermogen hebben.
2. Het tweede lid vervalt,
waarna het derde lid wordt vernummerd tot tweede lid.
3. In het nieuwe tweede lid
wordt de aanhef vervangen door:
Bij de definitieve
vaststelling van de hoogte van de uitkering, bedoeld in het eerste lid, wordt op
het
bedrag, genoemd in artikel 9, tweede lid, het inkomen van de kunstenaar en
zijn gezin over het kalenderjaar waarin uitkering is verleend in
mindering gebracht, voor zover de som van dat bedrag en het naar een
gemiddeld maandbedrag omgerekende inkomen meer bedraagt dan:
4. Na het tweede lid wordt
een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het bedrag van de
verleende uitkering, bedoeld in artikel 9:
a. lager is dan de
definitief vastgestelde hoogte van de uitkering, wordt voor het verschil
ambtshalve
uitkering verleend en wordt de als renteloze geldlening verleende
uitkering omgezet in een bedrag om niet;
b. gelijk is aan de
definitief vastgestelde hoogte van de uitkering, wordt de als renteloze geldlening
verleende uitkering omgezet in een bedrag om niet;
c. hoger is dan de
definitief vastgestelde hoogte van de uitkering, wordt de als renteloze geldlening
verleende uitkering omgezet in een bedrag om niet tot een bedrag gelijk
aan de definitief vastgestelde hoogte van de uitkering.
5. Het vierde en vijfde lid
vervallen, waarna een nieuw vierde lid wordt toegevoegd, luidende:
-4. Indien de verleende
uitkering, bedoeld in artikel 9, als gevolg van het opleggen van een maatregel
als bedoeld in artikel 16 tijdelijk geheel of gedeeltelijk is geweigerd
of als gevolg van het opleggen van een boete op grond van deze of een
andere wet is gekort, wordt bij de vaststelling van de hoogte van de
ambtshalve toe te kennen uitkering, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, de
verleende uitkering in aanmerking genomen alsof de maatregel niet was
opgelegd respectievelijk de korting niet had plaatsgevonden.
G.
[MvT]
Na artikel 10 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 10a.
-1. Bij de toepassing van
artikel 9 en 10 wordt het inkomen, bedoeld in die artikelen, verminderd met de overeenkomstig het tweede lid in
aanmerking te nemen
beroepskosten, met dien verstande dat het inkomen niet op minder dan nihil
wordt gesteld.
-2. Bij of krachtens algemene
maatregel van bestuur worden voor de in aanmerking te nemen beroepskosten normbedragen
vastgesteld, die voor
de verschillende
kunstrichtingen verschillend kunnen zijn. Indien de kunstenaar aantoont dat zijn
werkelijke beroepskosten hoger zijn dan het voor hem geldende
normbedrag, worden deze werkelijke kosten in aanmerking genomen, voor
zover zij niet uit anderen hoofde worden
vergoed.
H.
[MvT]
In artikel 11 wordt het
tweede lid vervangen door:
-2. De uitkering wordt
verhoogd met de loonbelasting en de premies volksverzekeringen waarvoor de
gemeente die de uitkering verleent
krachtens de Wet
op de loonbelasting 1964 inhoudingsplichtige is, alsmede met de over de
uitkering verschuldigde ziekenfondspremie.
I.
[MvT]
Artikel 14, vierde lid,
onderdeel d, wordt vervangen door:
d. wordt bij de definitieve
vaststelling van de hoogte van de uitkering, bedoeld in artikel
10, het
in artikel 10, tweede lid, onderdeel c, genoemde bedrag aangehouden.
J.
[MvT]
In artikel 24 wordt de
zinsnede "De artikelen 78a, 81,
82, 85, 86 en
87" vervangen door: De artikelen
78a, 78b, 78c,
81, 82, 85,
86 en 87.
K.
[MvT]
Artikel 48 wordt vervangen
door:
Art. 48.
-1. Onze
Minister herziet met
ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet de in de artikelen
9,
10 en 47 genoemde bedragen en het in
artikel 11 genoemde
percentage op de in artikel 12 voorgeschreven wijze voor zover de ontwikkeling
van het nettominimumloon en de nettoaanspraak op
minimumvakantiebijslag, gerekend vanaf 1 juli 1996, daartoe aanleiding geeft.
-2. Gedurende het eerste jaar
na de inwerkingtreding van deze wet herziet Onze Minister
telkens met ingang van de dag waarop het nettominimumloon wijzigt de in
artikel 47 genoemde bedragen op de in artikel 12 voorgeschreven wijze.
L.
Aan artikel 49 wordt een
zinsnede toegevoegd, luidende: , met dien verstande dat wat betreft de doeltreffendheid en de effecten van
artikel 10
in de praktijk de genoemde
ministers verslag uitbrengen binnen anderhalf jaar na de inwerkingtreding
van deze wet.
Art. 26.
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
[MvT]
De Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
In artikel 20, zesde lid,
wordt "eerste en het vijfde lid" vervangen door: eerste en het vierde
lid.
B.
[MvT]
In artikel 34 vervalt het
derde lid, onder vernummering van het vierde lid tot derde lid.
C.
[MvT]
Artikel 43 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "bijstand" vervangen door: uitkering.
2. In het tweede lid wordt "De mandaat" vervangen door: Het mandaat.
D.
[MvT]
Artikel 48, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "artikel 91, eerste lid, van de Organisatiewet sociale
verzekeringen" vervangen door "artikel
89, eerste lid, van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997" en wordt "artikel 56" vervangen door:
artikel 38,
eerste lid, onderdeel a.
2. In onderdeel c wordt de
zinsnede "en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze
werknemers;"
vervangen door: , de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars;.
E.
[MvT]
In artikel 20f, tweede lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers" vervangen door: , de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 27.
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers
[MvT]
De Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers wordt
als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 1, tweede lid,
wordt "het eerste lid, onderdeel f" vervangen door: het eerste lid, onderdeel
e.
B.
[MvT]
Artikel 2 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid,
onderdeel c, onder 4º, vervalt "de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet,".
2. Het tweede lid vervalt,
alsmede de aanduiding "-1." voor het eerste lid.
C.
[MvT]
Artikel 20 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het vierde lid wordt "vierde lid" vervangen door: derde lid.
2. In het zesde lid wordt "vierde en het vijfde lid" vervangen door: derde en het vierde lid.
D.
[MvT]
In artikel 34 vervalt het
derde lid, onder vernummering van het vierde lid tot derde lid.
E.
[MvT]
Artikel 43 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "bijstand" vervangen door: uitkering.
2. In het tweede lid wordt "De mandaat" vervangen door: Het mandaat.
F.
[MvT]
Artikel 48, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel a wordt "artikel 91, eerste lid, van de Organisatiewet sociale
verzekeringen" vervangen door "artikel
89, eerste lid, van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997" en wordt "artikel 56" vervangen door:
artikel 38,
eerste lid, onderdeel a.
2. In onderdeel c wordt de
zinsnede "en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen;"
vervangen door: , de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
en de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars;.
G.
In artikel 20f, tweede lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen door:, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 28.
Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering [MvT]
De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 1 wordt als volgt
gewijzigd:
1. De punt aan het slot van
het eerste lid, onderdeel h, wordt vervangen door een puntkomma.
2. Onderdeel i wordt, onder
vervanging van de punt aan het slot door een puntkomma, vernummerd tot
eerste lid, onderdeel i.
3. Onderdeel j wordt vernummerd tot eerste lid, onderdeel j.
B.
[MvT]
Artikel 4, eerste lid,
onderdeel g, vervalt.
C.
[MvT]
In artikel 6, eerste lid,
onderdeel a, wordt "artikel 2, onderdeel a, van de Ambtenarenwet" vervangen
door: artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Ambtenarenwet.
D.
[MvT]
In artikel 25, eerste lid,
onderdeel a, wordt "de door het Landelijk instituut sociale
verzekeringen aangewezen deskundige" vervangen door: het Landelijk
instituut sociale verzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige.
E.
In artikel 28 wordt "artikel 88 van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997" vervangen door:
artikel 89, vierde lid, van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997.
F.
Het bij de Wet van 20
december 1979, houdende nadere wijziging van de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
en de Ziektewet (invoering
gelijke uitkeringsrechten voor mannen en vrouwen) (Stb. 1979, 708) tot stand gekomen vierde lid van
artikel
30 wordt
vernummerd tot vijfde lid.
G.
[MvT]
Artikel 40, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de zinsnede ", wordt
met ingang van de dag" wordt ingevoegd: of betaling van bezoldiging op grond van
artikel
XV, tweede lid, van de Wet terugdringing
ziekteverzuim.
2. De zinsnede "de in
artikel 629, eerste lid, van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde
tijdvak" wordt vervangen door: het in artikel
629, eerste lid, van
Boek 7 van het Burgerlijk
Wetboek of in artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing
ziekteverzuim bedoelde tijdvak.
H.
[MvT]
In artikel 41, tweede lid,
wordt na "Burgerlijk
Wetboek" ingevoegd: of in artikel XV, tweede lid, van
de Wet terugdringing ziekteverzuim.
I.
[MvT
+
bis]
Artikel 43a wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt
voor "de grondslag" telkens ingevoegd: 108/100-maal.
[MvT]
2. Het vierde lid, onderdeel b, komt te luiden:
[MvT]
b. indien artikel 29b van de Ziektewet
toepassing kan vinden, tenzij de toe te kennen arbeidsongeschiktheidsuitkering het ziekengeld overtreft.
J.
[MvT
+
bis]
Artikel 43c wordt als volgt
gewijzigd:
1. De zinsnede "de
artikelen 38 en 39a" wordt vervangen door de zinsnede: de
artikelen 37, 38,
39 en 39a.
[MvT]
2. Na "Burgerlijk
Wetboek"
wordt toegevoegd: dan wel op bezoldiging op grond van artikel XV, tweede lid, vierde zin, van de
Wet terugdringing ziekteverzuim.
[MvT]
K.
In artikel 53, derde lid,
wordt de zinsnede "die arbeidsongeschiktheidsuitkering uitkering is
toegekend"
vervangen door: die arbeidsongeschiktheidsuitkering
is toegekend.
L.
In artikel 57, eerste lid,
wordt de zinsnede "als bedoeld artikel 36a" vervangen door: als bedoeld
in artikel 36a.
M.
Indien artikel XIX,
onderdeel f, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene
Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene
nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278) in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel
tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 57 vernummerd tot zevende lid.
N. [MvT
+ bis]
Artikel 71a wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te
luiden: [MvT]
-1. De werkgever, bedoeld in
artikel 38, eerste lid, en artikel 38a, derde lid, van de Ziektewet, legt,
uiterlijk nadat de ongeschiktheid van de werknemer dertien weken
heeft geduurd, aan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen een
door hem in overleg met de werknemer opgesteld adequaat voorlopig
of volledig reïntegratieplan over ten behoeve van de herintreding
van de werknemer in het arbeidsproces. Voor het bepalen van het
tijdvak van dertien weken worden tijdvakken van ongeschiktheid tot werken
samengeteld indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan
vier weken opvolgen. Het Landelijk instituut sociale verzekeringen stelt
regels inzake voorlopige of volledige reïntegratieplannen en
eventueel noodzakelijke vervolgplannen en stelt minimumeisen waaraan deze
plannen moeten voldoen.
2. Het tweede lid vervalt,
onder vernummering van het derde tot en met zevende lid tot tweede tot en met zesde lid. [MvT]
3. In het tot tweede lid
vernummerde derde lid wordt "het tweede lid, eerste volzin" vervangen door: de eerste zin van het eerste lid. [MvT]
4. In het tot derde lid
vernummerde vierde lid wordt "de verplichting, bedoeld in het eerste,
tweede of derde lid," vervangen door: de verplichting, bedoeld in het
eerste of tweede lid, of de verplichtingen op grond van de regels van het
Landelijk instituut sociale verzekeringen, bedoeld in het eerste lid,. [MvT]
O. [MvT]
Artikel 75a wordt als volgt
gewijzigd:
1. Aan het eerste lid wordt,
onder vervanging van de punt achter onderdeel c door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
d. aan de werknemer, bedoeld
in onderdeel a, ten aanzien van wie op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel
b, geen toepassing kan worden gegeven aan artikel 43a, eerste lid, als bedoeld in de onderdelen
b en c.
2. In het tweede lid wordt
na "artikel 43a, eerste lid," ingevoegd: of aan de werknemer, bedoeld in
het
eerste lid, onderdeel d,.
3. Het derde lid komt als
volgt te luiden:
-3. Het eerste lid is niet
van toepassing indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering
wordt toegekend aan een werknemer die:
a. bij het aangaan van de
dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, arbeidsgehandicapte was als
bedoeld in artikel 2 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten;
b. tot de dag waarop de
arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend arbeidsgehandicapte is gebleven; en
c. een periode van zes jaar,
te rekenen vanaf de dag waarop de dienstbetrekking, bedoeld
onder a, is aangegaan, niet is verstreken.
De periode
van zes jaar,
bedoeld onder c, is niet van toepassing indien de
arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend in aansluiting op een voordien op
grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten toegekende
uitkering.
Het eerste lid is evenmin
van toepassing indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering
wordt toegekend aan een vervanger als bedoeld in de Wet
financiering loopbaanonderbreking, indien de verlofganger die hij vervangt in de verlofperiode arbeidsongeschikt is
geworden en ter zake van die
ongeschiktheid recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering
heeft verkregen.
P. [MvT]
In artikel 75e, eerste lid,
wordt "Artikel 71a, tweede tot en met zevende lid" vervangen door:
Artikel 71a, tweede tot en met zesde lid.
Q. [MvT]
Onder verlettering van de
onderdelen f, g en i tot onderdelen e, f en
g vervalt artikel 76c, onderdeel e.
R. [MvT]
Onder verlettering van de
onderdelen c tot en met g tot onderdelen b tot en met f vervalt
artikel
76e,
onderdeel b.
S. [MvT]
Artikel 76f wordt als volgt
gewijzigd:
1. Aan het tweede lid wordt
een zin toegevoegd, luidende:
De eerste zin is tevens van toepassing op
de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van
artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, maar met toepassing
van artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van
artikel 43a, vierde lid,
onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
2. Aan het derde lid wordt
een zin toegevoegd, luidende:
De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is
toegekend met toepassing van
artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, maar met toepassing van
artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid,
onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
3. Het vierde lid, onderdeel c, komt te luiden:
c. het een
arbeidsongeschiktheidsuitkering, anders dan bedoeld in het tweede of derde lid,
betreft, toegekend aan een werknemer die:
1º. bij het aangaan van de
dienstbetrekking waaruit de arbeidsongeschiktheid is ontstaan arbeidsgehandicapte was als bedoeld in
artikel 2 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten;
2º. tot de dag waarop de
arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend arbeidsgehandicapte is gebleven; en
3º. een periode van zes
jaar, te rekenen vanaf de dag waarop de dienstbetrekking, bedoeld
onder 1º, is aangegaan, niet is verstreken.
De periode van zes jaar,
bedoeld onder 3º, is niet van toepassing indien de
arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend in aansluiting op een voordien op
grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten toegekende uitkering.
Het eerste lid is
evenmin
van toepassing indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering
wordt toegekend aan een vervanger als bedoeld in de Wet
financiering loopbaanonderbreking, indien de verlofganger die hij vervangt in de verlofperiode arbeidsongeschikt is
geworden en ter zake van die
ongeschiktheid recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering
heeft verkregen.
4. Het vierde lid, onderdeel e, vervalt.
T. [MvT]
Aan artikel 77b wordt een
lid toegevoegd, luidende:
-6. Onder
arbeidsongeschiktheidsuitkeringen als bedoeld in het eerste tot en met derde lid
wordt
verstaan uitkeringen op grond van deze wet, uitkeringen op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en uitkeringen
op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten.
U.
[MvT]
Artikel 77d wordt vervangen
door:
Art. 77d.
-1. Aan de werkgever die
aantoont dat hij in een kalenderjaar werknemers in dienst heeft
die arbeidsgehandicapte zijn als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten en in dat jaar één of meer opdrachten
verleent aan een bedrijf waar arbeid wordt verricht onder aangepaste
omstandigheden als bedoeld in de Wet sociale werkvoorziening en die niet
in aanmerking komt voor een korting als bedoeld in de artikelen 77b
en 77c, wordt door het Landelijk
instituut sociale verzekeringen,
overeenkomstig artikel 77b, vierde lid, onderdeel c, en
artikel
77c, vierde en
vijfde lid, onderdeel c, een korting toegekend op de door hem verschuldigde
basispremie indien hij aantoont dat de som van de netto toegevoegde
waarde, bedoeld in artikel 77c, eerste lid, en het totaalbedrag, bedoeld in
artikel 77b, eerste lid, ten minste gelijk is aan 5 procent van zijn
premieplichtige loonsom in het kalenderjaar waarin de opdracht is verleend.
-2. De werkgever aan wie een
korting is toegekend als bedoeld in het eerste lid, is
overeenkomstig artikel 77b, derde lid, de basispremie niet verschuldigd over het loon
van de tot hem in dienstbetrekking staande arbeidsgehandicapte
werknemers, bedoeld in het eerste lid.
V.
Artikel 78 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt "artikel 52 van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997"
vervangen door: artikel 53 van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997.
2. In het negende lid wordt "in tweede lid" vervangen door: in het tweede lid.
W. [MvT]
Artikel 81 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid,
onderdeel c, wordt achter "om" ingevoegd: , in of buiten Nederland,.
2. Onder het vervallen van "of" achter het tweede lid, onderdeel
c, en vervanging van de punt achter onderdeel d van dat lid door
"; of" wordt
aan het tweede lid een
onderdeel toegevoegd, luidende:
e. die Nederlander is en
buiten Nederland werkzaamheden verricht die worden bekostigd door het Rijk en die tevens in opdracht van het Rijk
worden verricht in het kader
van een wettelijke taakomschrijving of ter uitvoering van een
internationaal verdrag dan wel een daarmee gelijk te stellen overeenkomst of een
besluit van een volkenrechtelijke organisatie.
3. In het vierde lid wordt "onderdeel b en c" vervangen door: onderdeel
b, c en e.
X. [MvT]
Artikel 83 wordt als volgt
gewijzigd:
1. De punt na het eerste
lid, onderdeel b, wordt vervangen door een puntkomma.
2. Het eerste lid, onderdeel e, wordt vervangen door: [MvT]
e. door de in artikel 81,
tweede lid, onderdeel b, c en e, bedoelde persoon: binnen vier weken
na de dag van zijn vertrek naar het buitenland dan wel, indien de in
artikel 81, tweede lid, onderdeel c, bedoelde werkzaamheden worden
verricht in Nederland, binnen vier weken na de dag waarop die werkzaamheden
een aanvang hebben genomen.
3. Het vierde lid, onderdeel d, wordt vervangen door: [MvT]
d. voor de in artikel 81,
tweede lid, onderdeel b, c en e, bedoelde persoon: op de dag van zijn vertrek naar het buitenland dan wel, indien de
in artikel 81, tweede lid,
onderdeel c, bedoelde werkzaamheden worden verricht in Nederland, op de
dag waarop die werkzaamheden een aanvang hebben genomen.
Y.
In artikel 85 wordt de komma
na onderdeel c vervangen door een puntkomma.
Z.
Artikel 17 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "privaatrechtelijke
dienstbetrekking" vervangen door:
dienstbetrekking.
2. In het vijfde lid wordt
na "Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet" ingevoegd: of artikel
28,
eerste lid, van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
AA.
In artikel 29g, derde lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen door:, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
BB.
Artikel 47 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt "binnen één maand" vervangen door: binnen
vier weken.
2. In het derde lid wordt de
zinsnede "welke gelegen is binnen één maand na de dag met ingang van welke die uitkering werd toegekend of
wegens toegenomen
arbeidsongeschiktheid werd herzien, heeft, indien hij binnen die maand weer
arbeidsongeschikt wordt," vervangen door: die gelegen is binnen vier weken
na de dag met ingang waarvan die uitkering werd toegekend of wegens
toegenomen arbeidsongeschiktheid werd herzien, heeft, indien hij
binnen die periode van vier weken weer arbeidsongeschikt wordt,.
3. In het vierde lid wordt "binnen één maand" vervangen door: binnen vier weken.
Art. 29.
Wet op de
bedrijfsorganisatie [MvT]
In artikel 136 van de Wet
op de bedrijfsorganisatie wordt "artikel 11" vervangen door: artikel 110.
Art. 30.
Wet op de
economische delicten [MvT]
In artikel 1, onder 4º, van
de Wet op
de economische delicten vervalt "de Rijtijdenwet 1936, de artikelen 2, 5 en 9, eerste lid, alsmede
- voor zover
aangeduid als strafbare
feiten - de artikelen 1 en 15".
Art. 31.
Wet op de
ondernemingsraden
De Wet op de
ondernemingsraden wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 23a, tweede lid,
wordt "artikel 23, zesde lid" vervangen door: artikel 23, vijfde lid.
B.
In artikel 46d wordt "artikel 23, derde lid" vervangen door: artikel 23, tweede lid.
C.
In artikel 4, eerste lid,
wordt "100 personen" vervangen door: 50 personen.
D.
In artikel 28, derde lid,
wordt "gehandicapte" vervangen door: gehandicapten.
Art. 32.
Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten [MvT]
De Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT
+ bis]
Artikel 1 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt na
de zinsnede "de persoon aan wie" ingevoegd: , of de
instelling waaraan,. [MvT]
2. Onderdeel q wordt
vervangen door: [MvT]
q. werknemer: de persoon die
in dienstbetrekking werkzaam is en verzekerd is voor de WAO;.
B. [MvT]
Artikel 2, vijfde lid, wordt
vervangen door:
-5. Voor de toepassing van
deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt niet als arbeidsgehandicapte aangemerkt:
a. de persoon, bedoeld in
het eerste tot en met vierde lid, vanaf de eerste dag van de maand waarin hij de leeftijd van 65 jaar bereikt;
b. de persoon die werkzaam
is als werknemer in de zin van de Wsw of op een arbeidsovereenkomst
als bedoeld in artikel 7 van de Wsw.
C.
Artikel 3 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt
de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen"
vervangen door: , de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
2. In het derde lid wordt de
zinsnede "ten aanzien van de persoon waarvoor de vaststelling" vervangen door: ten aanzien van de persoon
voor wie de vaststelling.
D. [MvT]
Artikel 16, eerste lid, komt
te luiden:
-1. Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen verstrekt op aanvraag aan de werkgever, bedoeld in
artikel 8, die een tot hem in dienstbetrekking staande voor de eigen arbeid
ongeschikt geworden arbeidsgehandicapte werknemer in een andere
functie arbeid laat verrichten, een eenmalige subsidie in de vorm van een
herplaatsingsbudget. De subsidie bedraagt ƒ8000,00 indien de arbeid
in de andere functie gedurende ten minste één jaar na herplaatsing wordt
verricht.
E.
In artikel 18, vierde lid,
wordt de zinsnede "de werknemer waarvoor de subsidie wordt
aangevraagd"
vervangen door: de werknemer voor wie de subsidie wordt aangevraagd.
F.
In artikel 19, tweede lid,
wordt de zinsnede "de werknemers waarvoor subsidies zijn verstrekt" vervangen door: de werknemers voor wie
subsidies zijn verstrekt.
G. [MvT]
Artikel 20 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het tweede en derde lid
komen te luiden:
-2. In afwijking van het
eerste lid wordt het besluit tot vaststelling van een subsidie als bedoeld in
artikel 16 of 17 ook ingetrokken of gewijzigd indien de dienstbetrekking
eindigt, of de arbeid in de dienstbetrekking geheel of ten dele niet
langer wordt verricht, binnen de periode waarvoor de subsidie is verstrekt.
-3. Bij de wijziging, bedoeld
in het tweede lid, wordt de subsidie verminderd met een bedrag
dat gelijk is aan het bedrag van de verstrekte subsidie vermenigvuldigd met
een breuk waarvan de teller gelijk is aan het aantal zo nodig herleide
werkdagen dat de arbeidsgehandicapte in de periode waarvoor subsidie is
verstrekt de arbeid in dienstbetrekking niet heeft verricht en de noemer
gelijk is aan het totaal aantal werkdagen in die periode.
2. Na het derde lid wordt
een lid ingevoegd, luidende:
-4. Het tweede lid is niet
van toepassing indien de werkgever aannemelijk maakt dat de kosten die hij
heeft gemaakt ten behoeve van het verrichten van arbeid door
de arbeidsgehandicapte werknemer ten minste gelijk zijn aan het op grond
van het derde lid op de subsidie in mindering te brengen bedrag. Indien de
kosten van de werkgever lager zijn dan laatstgenoemd bedrag, wordt
bij de wijziging, bedoeld in het tweede lid, de subsidie verminderd met
een bedrag dat gelijk is aan het verschil tussen dat bedrag en de
kosten van de werkgever.
H. [MvT
+ bis]
Artikel 27 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
de zinsnede "indien betrokkene over de uren waarop hij de werkzaamheden
op een proefplaats verricht werkloos zou zijn gebleven of de
uitkering op grond van artikel 19, eerste lid, onderdeel m, van de
WW niet zou zijn
beëindigd" vervangen door: voor zover betrokkene over de uren
waarop hij de werkzaamheden op een proefplaats verricht werknemer zou zijn
gebleven of het recht op uitkering op grond van artikel
19, eerste
lid, onderdeel m, van de WW niet zou zijn geëindigd. [MvT]
2. Het tweede lid komt te
luiden: [MvT]
-2. Bij de bepaling van de
hoogte van de reïntegratie-uitkering wordt geen rekening gehouden met een eventuele verlaging of eindiging van de
uitkering op grond van de WW die zou zijn opgetreden indien deze uitkering gedurende de
proefplaatsing, scholing of opleiding zou zijn doorbetaald.
I. [MvT]
Artikel 28 komt te luiden:
Art. 28. Toelagen
arbeidsgehandicapte WAZ verzekerden
Indien het treffen van een
voorziening tot gevolg heeft dat de arbeidsgehandicapte die verzekerd is
op grond
van de WAZ geen of slechts gedeeltelijk arbeid kan
verrichten en uit dien hoofde inkomen derft, heeft hij tijdens de duur van die
voorziening aanspraak op een door het Landelijk
instituut sociale verzekeringen op aanvraag toe te kennen toelage die overeenkomt met
het bedrag van het gederfde inkomen, met dien verstande dat de
toelage of, indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de
WAZ,
WAO of Wajong wordt genoten, de toelage vermeerderd met die
uitkering, per dag het in artikel 9, eerste lid, van de
Coördinatiewet Sociale Verzekering
bedoelde maximum dagloon
niet te boven gaat.
J.
In artikel 31, vijfde lid,
wordt "artikel 4, derde lid, van de Arbeidsvoorzieningswet 1996" vervangen door: artikel 4, tweede lid, van de Arbeidsvoorzieningswet
1996.
K.
In artikel 35, vierde lid,
wordt "het vijfde en zesde lid" vervangen door: het zesde en zevende lid.
L. [MvT]
Artikel 39 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt "de overheidswerknemer bedoeld in
artikel 1, onderdeel
l, van de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen"
vervangen door "de overheidswerknemer, bedoeld in artikel
1, onderdeel
l, van
de Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen" en
wordt de zinsnede "die de werkzaamheden, bedoeld in artikel 41 van de
Osv 1997 ten aanzien van deze personen zouden verrichten"
vervangen door: die de werkzaamheden, bedoeld in artikel 41 van de Osv 1997, ten aanzien van deze personen zou verrichten.
2. Aan het zesde lid wordt,
onder vervanging van de punt na onderdeel c door een puntkomma, een
onderdeel toegevoegd, luidende:
d. kan voor bijzondere
groepen nadere en zo nodig van het eerste en tweede lid afwijkende regels
stellen omtrent de
uitvoeringsinstelling die de werkzaamheden, bedoeld in
artikel 7, tweede lid, uitvoert.
M.
In artikel 40 wordt de
zinsnede "indien een arbeidsgehandicapte door hun tussenkomst als bedoeld
in artikel 10 in een dienstbetrekking wordt geplaatst" vervangen door:
indien een arbeidsgehandicapte als bedoeld in artikel 10 door hun
tussenkomst in een dienstbetrekking wordt geplaatst.
N.
In artikel 45 wordt de
zinsnede "of waarvan verstrekking of toekenning wordt overwogen" vervangen
door: of aan wie verstrekking of toekenning daarvan wordt overwogen.
O.
In artikel 48 wordt de
zinsnede "de aanspraken die hij op grond van deze wet heeft" vervangen
door: de aanspraken die de arbeidsgehandicapte op grond van deze wet heeft.
P. [MvT]
Het opschrift van artikel 57
komt te luiden: Strafbepaling inzake overige als strafbaar feit geduide
overtredingen.
Q. [MvT]
Aan artikel 75 worden drie
leden toegevoegd luidende:
-6. De bruikleenovereenkomst
of de overeenkomst met betrekking tot het in gebruik geven van een blindengeleidehond tussen het
Landelijk
instituut sociale verzekeringen en een persoon aan wie een voorziening is toegekend op grond van
artikel 57 van de AAW, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van deze
wet, betreffende de verstrekking van een blindengeleidehond, wordt met ingang van de datum die is bepaald op
grond van het vijfde lid,
onderdeel a, of indien de overeenkomst op een latere datum is aangegaan,
met ingang van die datum, aangemerkt als een bruikleenovereenkomst of
een overeenkomst met betrekking tot het in gebruik geven van een blindengeleidehond tussen de
Ziekenfondsraad en
genoemde persoon.
-7. De overeenkomst tot
levering of de overeenkomst met betrekking tot het in gebruik geven van een
blindengeleidehond tussen een persoon of rechtspersoon die
blindengeleidehonden opleidt en het Landelijk instituut sociale verzekeringen, dat
genoemde overeenkomst aangaat of is aangegaan met als doel deze
hond te verstrekken aan een persoon aan wie deze voorziening is toegekend op grond van artikel 57 van de AAW,
zoals dat luidde vóór de
inwerkingtreding van deze wet, wordt met ingang van de datum die is bepaald
op grond van het vijfde lid, onderdeel a, of indien de overeenkomst op
een latere datum is aangegaan, met ingang van die datum, aangemerkt
als een overeenkomst tot levering of een overeenkomst met betrekking
tot het in gebruik geven van een blindengeleidehond tussen de persoon of
rechtspersoon die blindengeleidehonden opleidt en de
Ziekenfondsraad.
-8. De blindengeleidehond die
op of na de op grond van het vijfde lid, onderdeel a, vastgestelde datum tot het eigendom van het Landelijk
instituut sociale
verzekeringen behoort, wordt met ingang van de datum waarop het Landelijk
instituut sociale verzekeringen eigendom heeft verkregen, doch niet eerder
dan met ingang van de op grond van het vijfde lid, onderdeel a, vastgestelde datum, eigendom van de Ziekenfondsraad.
R. [MvT]
Na artikel 76 wordt een
artikel ingevoegd, luidende:
Art. 76a.
Overgangsbepaling arbeidsgehandicapte
Voor de toepassing van
artikel 2, tweede lid, wordt onder de persoon, bedoeld in het eerste lid,
onderdeel a, van dat artikel tevens verstaan de persoon die recht heeft op
een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de AAW, op een met
overeenkomstige toepassing van de WAO
toegekende
arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 32, eerste lid, van de
Wet privatisering
ABP, op een pensioen ter zake van arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel
E 6,
eerste lid, van de Algemene militaire pensioenwet of op
een uitkering die naar aard en strekking met één van de genoemde
uitkeringen overeenkomt en wordt onder de arbeidsongeschiktheidsuitkering,
bedoeld in onderdeel a, tevens verstaan een uitkering als hiervoor
bedoeld.
S.
In artikel 79, vierde lid,
onderdeel a, wordt "Landelijk instituut sociale verzekering" vervangen
door: Landelijk
instituut sociale verzekeringen.
T. [MvT]
Artikel 81 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de
aanduiding "-1." geplaatst.
2. Aan het artikel worden
twee nieuwe leden toegevoegd, luidende:
-2. In afwijking van het
eerste lid blijft artikel 29b van de Ziektewet, zoals dat artikel luidde
voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, niet van toepassing op de
persoon die werkzaam is in een dienstbetrekking in de zin van de Wet sociale werkvoorziening die is aangevangen voorafgaand aan de dag waarop deze wet
in werking treedt.
-3. Artikel 29b van de Ziektewet is niet van
toepassing indien de dienstbetrekking met de in
het eerste lid van dat artikel bedoelde werknemer is aangevangen
voorafgaand aan de dag waarop deze wet in werking treedt en op die
werknemer artikel 29b van de Ziektewet, zoals dat artikel luidde
voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, niet van toepassing was.
U.
In artikel 12, eerste lid,
wordt de zinsnede "die recht hebben op een uitkering op grond van de
Algemene bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen" vervangen door: die uitsluitend recht hebben op
een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 33.
Wet
overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen [MvT]
De Wet overheidspersoneel onder de
werknemersverzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 44 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt,
onder vernummering van het tweede tot en met zesde lid tot vijfde tot en
met negende lid, vervangen door vier leden, luidende:
-1. Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen liquideert vóór het tijdstip gelegen twee jaar
na het tijdstip van aanvang van fase 1 van deze wet het vermogen van het
FAOP.
-2. In verband met de
uitvoering van het eerste lid gaan alle vermogensbestanddelen van het FAOP
op het tijdstip
van aanvang van fase 1 van deze wet over op het
Landelijk instituut sociale verzekeringen.
-3. Het Landelijk instituut
sociale verzekeringen beheert en administreert het vermogen dat op grond
van het tweede lid is overgegaan in de vorm van een afzonderlijke
rekening.
-4. Het Landelijk instituut
sociale verzekeringen draagt vóór het tijdstip gelegen één jaar na het
tijdstip van aanvang van fase 1 van deze wet een deel van het vermogen,
bedoeld in het derde lid, over aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds,
bedoeld in artikel 72 van de WAO.
2. In het tot vijfde lid
vernummerde tweede lid wordt de zinsnede "Het in het eerste lid bedoelde
deel van het vermogen" vervangen door: Het in het vierde lid bedoelde deel
van het vermogen.
3. In het tot zesde lid
vernummerde derde lid wordt "het eerste lid" vervangen door: het vierde
lid.
4. In het tot zevende lid
vernummerde vierde lid wordt "in het tweede lid, onderdeel a,
genoemd"
vervangen door: in het vijfde lid, onderdeel a, genoemd.
5. In het tot achtste lid
vernummerde vijfde lid wordt "het eerste en het tweede lid" vervangen door:
het vierde en het vijfde lid.
B. Vervallen.
C. [MvT]
In artikel 54, onderdeel B,
wordt "artikel 17b, zesde lid" vervangen door:
artikel 17b, zevende lid.
Art. 34.
Wet
privatisering FVP [MvT]
Indien de Wet
privatisering FVP in werking treedt, wordt artikel 15 van die
wet als volgt gewijzigd:
1. Het tweede lid komt te
luiden:
-2. Het Fonds Voorheffing
Pensioenverzekering is ontbonden met dien verstande dat, onverminderd artikel 3, tweede lid, het bestuur van het
fonds nadien de jaarrekening
en het jaarverslag van het fonds vaststelt tot aan de dag van
inwerkingtreding van het besluit tot aanwijzing van de stichting.
2. Na het tweede lid worden
twee leden toegevoegd, luidende:
-3. Zolang bezwaar- of
beroepstermijnen van het betreffende besluit nog niet zijn verstreken,
blijft, in afwijking van het eerste lid, de rechtsgang van de FVP-wet van
toepassing op besluiten:
a. van het fonds; en
b. van de stichting indien
het recht op een bijdrage vóór de dag van inwerkingtreding van het besluit tot aanwijzing van de stichting is
geëindigd.
-4. Bij civielrechtelijke
procedures ter zake van handelingen of besluiten van het fonds alsmede voor
de toepassing van het derde lid treedt de stichting met ingang van de
inwerkingtreding van het besluit tot aanwijzing van die stichting
in de plaats van het fonds zonder dat daarvoor een betekening
nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing
van een gemachtigde.
Art. 35.
Wet vaartijden
en bemanningssterkte binnenvaart [MvT]
De Wet
vaartijden en bemanningssterkte binnenvaart wordt als volgt gewijzigd.
A. [MvT
+
bis]
Aan artikel 1 wordt, onder
vervanging van de punt achter onderdeel h door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
i. havensleepboot: vaartuig
met eigen mechanische aandrijving dat voor het slepen, het duwen
of het assisteren van zeeschepen is gebouwd of uitgerust.
B.
[MvT
+
bis]
In artikel 4, onderdeel i,
aanhef, wordt na "zeeschepen" ingevoegd: , niet zijnde
havensleepboten,.
Art. 36.
Wet van 9 april
1998, Stb. 1998, 278 [MvT]
In artikel I, onderdeel C,
van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de
Toeslagenwet, de Algemene
Ouderdomswet, de Algemene Kinderbijslagwet, de
Algemene nabestaandenwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278)
wordt "artikel 93 en
94" vervangen door: "de artikelen 93 en
94".
Art. 37.
Wet vermindering
afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen [MvT]
Aan artikel 35, eerste lid,
van de Wet
vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen
wordt een zin toegevoegd,
luidende:
Voor het jaar 1998
wordt, in afwijking van de tekst, bedoeld in de tweede zin, onder
werkgeverspremies verstaan de premies die een werkgever verschuldigd is op
grond van de Ziekenfondswet, de Werkloosheidswet
voor wat
betreft het deel van de premie dat ten gunste komt van het Algemeen
Werkloosheidsfonds en de basispremie, bedoeld in artikel 76a, onderdeel
a,
van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Art. 38.
Wet
voorzieningen gehandicapten [MvT]
Artikel 4 van de Wet
voorzieningen gehandicapten wordt vervangen door:
Art. 4.
-1. Een vreemdeling kan voor
de in artikel 2, eerste lid, bedoelde voorzieningen slechts in aanmerking komen indien hij rechtmatig verblijf
houdt in de zin van artikel 1b, aanhef en onder 1, van de Vreemdelingenwet.
-2. Bij algemene maatregel
van bestuur kan worden bepaald dat hier te lande verblijvende vreemdelingen, anders dan die bedoeld in artikel
1b, aanhef en onder 1, van de Vreemdelingenwet, in aanmerking kunnen komen voor voorzieningen als
bedoeld in artikel 2, eerste lid, onverminderd de overige vereisten voor de
toekenning van een voorziening:
a. ter uitvoering van een
verdrag dan wel een besluit van een volkenrechtelijke organisatie; of
b. in nader bij die
maatregel aan te wijzen gevallen waarin de vreemdeling, na rechtmatig in
Nederland
verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 1b, aanhef en
onder 1, van de Vreemdelingenwet, tijdig toelating in aansluiting op
dat verblijf heeft aangevraagd, dan wel bezwaar heeft gemaakt of
beroep heeft ingesteld tegen de intrekking van het besluit tot toelating,
totdat op die aanvraag, dat bezwaar of dat beroep is beslist.
Art. 39.
Ziekenfondswet [MvT]
Artikel 3, vierde lid,
onderdeel d, van de Ziekenfondswet wordt vervangen door:
d. geen rekening gehouden
met de wijzigingen van het loon die tijdens de duur van de dienstbetrekking plaatsvinden of hebben plaatsgevonden
als gevolg van het genieten
van onbetaald verlof in de zin van artikel 1, onderdeel i, van de
Werkloosheidswet dan wel een publiekrechtelijke regeling inzake onbetaald
verlof of ouderschapsverlof;.
Art. 40.
Ziektewet [MvT]
De Ziektewet wordt als
volgt gewijzigd:
A.
Artikel 1 wordt als volgt
gewijzigd:
1. Onderdeel g wordt vernummerd tot eerste lid, onderdeel g.
2. Onderdeel h wordt vernummerd tot eerste lid, onderdeel h.
B. [MvT]
In artikel 6, eerste lid,
onderdeel a, wordt "artikel 2, onderdeel a, van de Ambtenarenwet" vervangen
door: artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Ambtenarenwet.
C. [MvT]
Aan artikel 11a worden,
onder vernummering van het tweede lid tot vijfde lid, drie leden toegevoegd, luidende:
-2. In geval van overgang van
een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een
dergelijke overgang bij
faillissement, waarbij de werkgever, bedoeld in het eerste lid, de onderneming
overdraagt, is het eerste lid niet langer van toepassing.
-3. Indien de onderneming van
de werkgever, bedoeld in het eerste lid, wordt overgenomen als bedoeld in het tweede
lid en de werkgever die
de onderneming verkrijgt het
in het eerste lid bedoelde risico zelf draagt, wordt de uitbetaling van het
ziekengeld voortgezet door tussenkomst van laatstbedoelde werkgever.
-4. Indien slechts een deel
van een onderneming wordt overgenomen als bedoeld in het tweede lid, blijft, in afwijking van het tweede lid, het
eerste lid van toepassing
als de werknemer, bedoeld in dat lid, in dienstbetrekking blijft staan tot de
werkgever, bedoeld in dat lid. Indien de werknemer in
dienstbetrekking komt te staan tot de werkgever die een deel van de onderneming
verkrijgt en die werkgever het in het eerste lid bedoelde risico zelf draagt,
wordt de uitbetaling van het ziekengeld voortgezet door tussenkomst
van die werkgever.
D. [MvT]
Artikel 29 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
de zinsnede "de artikelen 29a en
29b" vervangen door: het tweede
lid, onderdeel e, en de artikelen 29a
en 29b.
2. In het tweede lid,
onderdeel c, wordt "privaatrechtelijke dienstbetrekking"
vervangen door:
dienstbetrekking.
E. [MvT
+
bis]
Artikel 29b wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
de zinsnede "die gelegen zijn in de vijf jaren na aanvang van de
dienstbetrekking" vervangen door: die aangevangen
zijn in de vijf jaren na
aanvang van de dienstbetrekking. [MvT]
2. Het vijfde lid wordt als
volgt gewijzigd: [MvT]
a. De aanhef komt te luiden:
Dit artikel is niet van toepassing, indien:.
b. Onderdeel b komt te
luiden:
b. de werknemer werkzaam is
in een dienstbetrekking in de zin van de Wet sociale werkvoorziening
of de Wet inschakeling werkzoekenden.
F.
[MvT]
Artikel 30, derde lid, wordt
vervangen door:
-3. Het Landelijk
instituut sociale verzekeringen kan de in het eerste lid bedoelde werknemer verplichten zich als werkzoekende bij de
Arbeidsvoorzieningsorganisatie te laten registreren en die registratie tijdig te doen
verlengen, indien
hem daartoe het recht toekomt op grond van artikel 69 van de
Arbeidsvoorzieningswet 1996.
G.
[MvT]
Artikel 32, tweede lid,
wordt vervangen door:
-2. Indien de verzekerde ter
zake van de ongeschiktheid tot werken wegens ziekte zowel recht
heeft op toekenning van ziekengeld op grond van deze wet als op
herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met de artikelen
38, 39 of 39a
van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering,
14, 15 of 16 van de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de
artikelen 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, wordt het
ziekengeld slechts uitbetaald, voor zover:
a. het bedrag waarmee de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten in verband met die herziening is verhoogd,
overtreft, indien artikel 14, 15
of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of artikel 13, 14
of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten van toepassing is; of
b. het bedrag waarmee de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
in verband met die
herziening is verhoogd,
overtreft, indien zowel artikel 38, 39 of
39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
als artikel 14, 15
of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of artikel 13, 14
of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, van toepassing zijn, dan wel
uitsluitend artikel 38, 39 of
39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
van toepassing is.
H.
[MvT]
Artikel 32a komt als volgt
te luiden:
Art. 32a.
Indien de verzekerde ter
zake van de ongeschiktheid tot werken wegens ziekte zowel recht heeft op
ziekengeld op grond van deze wet als op toekenning van een
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van artikel 20 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen, artikel 19 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, dan wel artikel 43a
van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, wordt het ziekengeld slechts
uitbetaald, voor zover het:
a. de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten overtreft,
indien artikel 20 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of artikel 19 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten van toepassing is; en
b. de
arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
overtreft, indien zowel artikel 20 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen of artikel 19 van
de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten als artikel
43a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
van toepassing zijn, dan wel uitsluitend
laatstgenoemd artikel van toepassing is.
I.
Indien artikel XIX,
onderdeel e, van de Wet van 9 april 1998 tot wijziging van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Werkloosheidswet, de Ziektewet, de
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de
Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, de Toeslagenwet, de
Algemene Ouderdomswet, de Algemene
Kinderbijslagwet, de Algemene nabestaandenwet, de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten met
betrekking tot terugvordering en verhaal (terugvordering en
verhaal in verband met herziening van het debiteurenbeleid) (Stb.
1998, 278)
in werking treedt, wordt het bij dat onderdeel tot zesde lid vernummerde
vijfde lid van artikel 33 vernummerd tot zevende lid.
J. [MvT
+
bis
+ bis]
Artikel 38 wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt
na "loon" ingevoegd: als bedoeld in artikel 629 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek. [MvT]
2. In het derde lid wordt
voor ", de eerste dag waarop de verzekerde weer geschikt is tot het verrichten van zijn
arbeid" een zinsnede
ingevoegd, luidende: dan
wel, indien die vierde dag van geschiktheid gelegen is vóór de eerste
dag nadat de ongeschiktheid dertien weken heeft geduurd, bedoeld in
het eerste lid, in elk geval niet later dan die eerste dag. [MvT]
3. Het vijfde lid wordt
vervangen door:
-5. Dit artikel is niet van
toepassing op de werkgever van de verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld op grond van
artikel 29, tweede lid,
onderdeel e, f of g. [MvT]
K. [MvT
+ bis]
Artikel 38a wordt als volgt
gewijzigd:
1. In het derde lid wordt "aanspraak" vervangen door
"recht" en wordt de zinsnede "gaat het ziekengeld niet eerder in dan met ingang
van"
vervangen door: wordt het
ziekengeld niet uitbetaald tot. [MvT]
2. In het zesde lid vervalt
de zinsnede "jegens wie de verzekerde geen aanspraak heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van
Boek 7 van het Burgerlijk
Wetboek,". [MvT]
L. [MvT]
Artikel 45, eerste lid,
wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt "artikel 44 of
45, onderdeel
a of b, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 36 of
37, onderdeel a of
b,
van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten"
vervangen door: artikel 45 of 46, onderdeel a of b, van de
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 37 of
38, onderdeel
a of b, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten.
2. In onderdeel h wordt "artikel 91, vierde lid, van de Organisatiewet sociale
verzekeringen" vervangen door: artikel 89, vierde lid, van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997.
3. Onder vervanging van de
punt achter onderdeel j door een puntkomma wordt een
onderdeel toegevoegd, luidende:
k. indien de verzekerde een
hem op grond van artikel 30 opgelegde verplichting niet nakomt,
tenzij artikel 30, tweede lid, van toepassing is.
M. [MvT]
Artikel 47a, derde lid,
onderdeel c, komt te luiden:
c. artikel 44, eerste lid,
van toepassing is of de verzekerde of zijn wettelijk vertegenwoordiger
een verplichting als bedoeld in artikel 30, 31,
45 of 49 niet of niet
behoorlijk is nagekomen.
N.
In artikel 51 wordt "artikel 68 van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997" vervangen door:
artikel 69 van de
Organisatiewet sociale
verzekeringen 1997.
O.
In artikel 45g, derde lid,
wordt de zinsnede "of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen" vervangen door: , de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Art. 40a.
Wet beperking
export uitkeringen
Indien het bij koninklijke
boodschap van 25 november 1997 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de
Ziektewet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
en enkele andere wetten in
verband met de beperking van het exporteren
van uitkeringen (Wet beperking export uitkeringen;
Kamerstukken 25 757) tot wet
wordt verheven, wordt in de artikelen VIII, IX,
X, XI, XIV en
XV de zinsnede
"woont buiten Nederland" vervangen door "buiten Nederland
woont"
en wordt in artikel XIV de zinsnede "Genoemd hoofdstuk" vervangen door:
Genoemde paragraaf.
Art. 40b.
Wet brutering
overhevelingstoeslag lonen
In artikel 2, tweede lid,
van de Wet
brutering overhevelingstoeslag lonen wordt de zinsnede
"Wet overhevelingstoeslag lonen" vervangen
door: Wet
overhevelingstoeslag opslagpremies.
Art. 40c.
Wet
inschakeling werkzoekenden
De Wet inschakeling werkzoekenden wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 13a, eerste lid,
wordt vervangen door:
-1. Indien de persoon,
bedoeld in artikel 2, alsmede de persoon die uitsluitend recht heeft op
een uitkering op grond van de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars,
arbeidsgehandicapte is als bedoeld in de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten, kan de gemeente ter uitvoering van
artikel 12 van
die wet
aan of ten behoeve van de arbeidsgehandicapte die uitsluitend recht heeft
op een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de Wet
inkomensvoorziening kunstenaars dan wel die arbeid verricht in een
dienstbetrekking, voorzieningen als bedoeld in artikel 3 mede inzetten indien zij
strekken tot behoud, herstel of bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
C.¹
Artikel 13b, eerste lid,
wordt vervangen door:
-1. Indien de persoon,
bedoeld in artikel 2, alsmede de persoon die uitsluitend recht heeft op
een uitkering op grond van de
Wet inkomensvoorziening kunstenaars,
arbeidsgehandicapte is als bedoeld in de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten, verstrekt de gemeente ter uitvoering van
artikel 12
van die wet op aanvraag aan de werkgever die met de
arbeidsgehandicapte
die uitsluitend recht heeft op een uitkering op grond van de Algemene
bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
of de Wet inkomensvoorziening kunstenaars dan wel die
werknemer is, voor de duur
van ten minste zes maanden een arbeidsovereenkomst aangaat of hem aanstelt om
arbeid te verrichten, een subsidie in de vorm van een
plaatsingsbudget als bedoeld in artikel 17 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
1. Volgens de redactie
dient onderdeel C te worden verletterd tot onderdeel B.
Art. 40d.
Wet
overhevelingstoeslag opslagpremies
In artikel 1, eerste lid,
van de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies vervalt de zinsnede
"gedurende de jaren 1990 tot en met 1997".
Art. 40e.
Wet sociale
werkvoorziening
In artikel 8, eerste lid,
van de Wet sociale werkvoorziening wordt "de
hoofdstukken 2 en 3" vervangen door: de
hoofdstukken 2, 3 en
5.
Art. 41.
Tijdelijke
wijziging Werkloosheidswet [MvT]
A. [MvT
+ bis]
Gedurende de periode 1
januari 1998 tot 1 juli 1998 komt artikel 19, eerste lid, onderdeel b, van
de Werkloosheidswet te luiden:
b.
1º. een uitkering
ontvangt op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten, berekend
naar een arbeidsongeschiktheid van ten minste 80%, of een
uitkering ontvangt die naar aard en strekking met één van de genoemde
uitkeringen overeenkomt of die een toelage ontvangt op grond van
artikel 58, eerste of derde lid, van de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet die, al dan niet vermeerderd met één van de genoemde uitkeringen, 70% of
meer bedraagt van het dagloon of de grondslag waarnaar de
arbeidsongeschiktheidsuitkering is of zou zijn berekend; of
2º. een uitkering ontvangt
op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen, berekend naar
een arbeidsongeschiktheid van ten minste 80%, tenzij de
werknemer werkloos is geworden uit een dienstbetrekking die hij,
voorafgaand aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid in de zin van de Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, vervulde
naast de werkzaamheden uit hoofde waarvan hij verzekerd was op grond van
de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen;.
B. [MvT
+ bis]
1. Gedurende de periode 1
januari 1998 tot 1 juli 1998 komt artikel 93 van de Werkloosheidswet
te luiden:
Art. 93.
Ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds komen:
a. de op grond van deze wet
te betalen uitkeringen, met uitzondering van de uitkeringen, bedoeld in artikel
90, eerste lid;
b. de op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel d, e, f en g, en
artikel 70 van de
Ziektewet te betalen uitkeringen;
c. de uitvoeringskosten, voor zover deze betrekking hebben op de in de onderdelen a en b bedoelde
uitkeringen;
d. de op grond van enige wet
over de uitkeringen, bedoeld in onderdeel a en b, door het
Landelijk
instituut sociale verzekeringen verschuldigde
premies die niet op deze
uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
e. de bedragen die op grond
van artikel 90, vierde lid, door het Landelijk instituut sociale verzekeringen ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds zijn
gebracht;
f. de subsidies op grond van
de Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening
havens;
g. de premies voor de
betaling waarvan aan werkgevers op grond van artikel 5 van de Wet premieregime bij marginale arbeid vrijstelling is
verleend, voor zover deze
niet ten laste komen van een wachtgeldfonds;
h. de te betalen reïntegratie-uitkeringen ter zake van proefplaatsingen als bedoeld in
artikel 63
van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
2. Gedurende de periode van
1 juli 1998 tot 1 oktober 1998 komt artikel 93 van de Werkloosheidswet
te luiden: [MvT
+ bis]
Art. 93.
Ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds komen:
a. de op grond van deze wet
te betalen uitkeringen, met uitzondering van de uitkeringen, bedoeld in artikel
90, eerste lid;
b. de op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel d, e, en f, en
artikel 70 van de
Ziektewet te betalen uitkeringen;
c. de uitvoeringskosten, voor zover deze betrekking hebben op de in de onderdelen a en b bedoelde
uitkeringen;
d. de op grond van enige wet
over de uitkeringen, bedoeld in onderdeel a en b, door het
Landelijk
instituut sociale verzekeringen verschuldigde
premies die niet op deze
uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
e. de bedragen die op grond
van artikel 90, vierde lid, door het Landelijk instituut sociale verzekeringen ten laste van het Algemeen
Werkloosheidsfonds zijn
gebracht;
f. de subsidies op grond van
de Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening
havens;
g. de premies voor de
betaling waarvan aan werkgevers op grond van artikel 5 van de Wet premieregime bij marginale arbeid vrijstelling is
verleend, voor zover deze
niet ten laste komen van een wachtgeldfonds;
h. het op grond van artikel
42 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten aan het Reïntegratiefonds
af te dragen bedrag.
C. [MvT]
1. Gedurende de periode van
1 augustus 1996 tot en met 28 februari 1997 komt artikel
89, eerste
lid, onderdeel h, van de Werkloosheidswet
te luiden:
h. bedragen die de
bedrijfsvereniging ontvangt door toepassing van artikel 45a
van de
Ziektewet.
2. Gedurende de periode van
1 maart 1997 tot en met 31 december 1997 komt artikel
89, eerste
lid, onderdeel h, van de Werkloosheidswet
te luiden: [MvT]
h. bedragen die het Landelijk
instituut sociale verzekeringen ontvangt door toepassing van artikel
45a van de Ziektewet.
D.
[MvT]
1. Gedurende de periode van
1 augustus 1996 tot en met 28 februari 1997 komt artikel
92,
onderdeel f, van de Werkloosheidswet te luiden:
f. bedragen die de
bedrijfsvereniging ontvangt door toepassing van artikel 45a
van de
Ziektewet.
2. Gedurende de periode van
1 maart 1997 tot en met 31 december 1997 komt artikel
92,
onderdeel f, van de Werkloosheidswet te luiden: [MvT]
f. bedragen die het Landelijk
instituut sociale verzekeringen ontvangt door toepassing van artikel
45a van de Ziektewet.
HOOFDSTUK
III
Wijziging
van wetten in verband met wetgeving boeten, maatregelen en terug- en
invordering sociale zekerheid
Art. 42. Algemene
bijstandswet
De Algemene bijstandswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 14 wordt, onder
vernummering van het derde en vierde lid tot vierde en vijfde lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 65, eerste lid, niet heeft
geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
bijstand, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het opleggen van een
maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van
de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is
gegeven.
B.
In artikel 14a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
65,
eerste lid, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen
van bijstand, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een
zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 14f, elfde lid,
wordt "14a, vierde lid" vervangen door:
14a, vijfde lid.
D.
In artikel 143, eerste lid,
wordt "14a, vierde lid" vervangen door:
14a, vijfde lid.
Art. 43.
Algemene
Kinderbijslagwet
De Algemene Kinderbijslagwet wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 17 wordt, onder
vernummering van het derde tot met vijfde lid tot vierde tot en met zesde lid, een nieuw derde lid ingevoegd,
luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
15, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van kinderbijslag,
kan de Sociale
Verzekeringsbank afzien van het opleggen van een maatregel
als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een
schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting,
tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt
binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder
aan de verzekerde of de persoon aan wie op grond van artikel 21
kinderbijslag wordt betaald een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 17a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
15, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
kinderbijslag, kan de Sociale
Verzekeringsbank afzien van het opleggen van
een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van
de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de verzekerde of de persoon
aan wie op grond van artikel 21
kinderbijslag wordt betaald een zodanige
waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 17g, negende lid,
wordt "17a, vierde lid" vervangen door:
17a, vijfde lid.
Art. 44.
Algemene
nabestaandenwet
De Algemene nabestaandenwet wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 38 wordt, onder
vernummering van het derde tot met vijfde lid tot vierde tot en met zesde lid, een nieuw derde lid ingevoegd,
luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
35, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering kan
de Bank afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het
eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing
ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het
niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee
jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de nabestaande,
het ouderloos kind of zijn wettelijke vertegenwoordiger een
zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 39 wordt onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en
met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
35, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering kan de Bank afzien van het opleggen van een boete als bedoeld in
het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke
waarschuwing ter zake van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting,
tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de nabestaande, het ouderloos kind of zijn
wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 45, negende lid,
wordt "39, vierde lid" vervangen door:
39, vijfde lid.
Art. 45.
Algemene
Ouderdomswet
De Algemene Ouderdomswet wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 17b wordt, onder
vernummering van het derde tot met vijfde lid tot vierde tot en
met zesde lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
49, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
ouderdomspensioen kan de Sociale
Verzekeringsbank afzien van het opleggen van een
maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van
de verplichting plaatsvindt
binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder
aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 17c wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
49, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
ouderdomspensioen, kan de Sociale
Verzekeringsbank afzien van het opleggen van
een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het
geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen
van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de pensioengerechtigde, zijn
echtgenoot of zijn wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is
gegeven.
C.
In artikel 17j ¹, negende lid,
wordt "17c, vierde lid" vervangen door:
17c, vijfde lid.
1. Volgens de redactie
dient "artikel 17j" te worden vervangen door: artikel
17i.
Art. 46.
Toeslagenwet
De Toeslagenwet wordt als
volgt gewijzigd:
A.
In artikel 14 wordt, onder
vernummering van het derde tot met vijfde lid tot vierde tot en met zesde lid, een nieuw derde lid ingevoegd,
luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
12, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van toeslag, kan
het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van
een maatregel en volstaan met het geven van een schriftelijke
waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het
niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee
jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende
een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 14a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
12, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
toeslag, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het
opleggen van een boete en volstaan met het geven van een schriftelijke
waarschuwing ter zake van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de
datum waarop eerder aan degene die aanspraak maakt op toeslag, zijn
echtgenoot of zijn wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is
gegeven.
C.
In artikel 14g, negende lid,
wordt "14a, vierde lid" vervangen door:
14a, vijfde lid.
Art. 47.
Werkloosheidswet
A.¹
In artikel 27 wordt, onder
vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot zesde
tot en met achtste lid, een nieuw vijfde lid ingevoegd, luidende:
-5. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
25, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, of
indien de werknemer zich niet houdt aan de voorschriften, bedoeld in
artikel 26, eerste lid, onderdeel a, b of d, kan het
Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in
het derde lid en volstaan met het geven van een schriftelijke
waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting of het zich
niet houden aan de voorschriften, tenzij het niet tijdig nakomen van de
verplichting of het zich niet houden aan de voorschriften plaatsvindt
binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder
aan de werknemer een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 27a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
25, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de werknemer een zodanige
waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 27g wordt "artikel 27a, vierde lid" vervangen door:
27a, vijfde lid.²
1. Volgens de redactie
dient boven "A." te worden ingevoegd: De Werkloosheidswet
wordt als volgt gewijzigd:.
2. Volgens de redactie dient na "artikel
27g" te worden ingevoegd ", negende lid," en
voor "27a, vijfde lid":
artikel.
Art. 48.
Wet
arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen
De Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 47 wordt, onder
vernummering van het tweede tot met vierde lid tot derde tot en met vijfde lid, een nieuw tweede lid ingevoegd,
luidende:
-2. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
70, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een uitkering
als genoemd in dat artikel of indien de verzekerde zich niet houdt
aan het voorschrift, bedoeld in artikel 35, vierde lid, of
39, tweede lid, kan
het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van
een maatregel en volstaan met het geven van een schriftelijke
waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, of het zich
niet houden aan het voorschrift, tenzij het niet tijdig nakomen van de
verplichting of het zich niet houden aan de voorschriften plaatsvindt
binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder
aan de verzekerde een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 48 wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en
met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
70, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een
uitkering als genoemd in dat artikel, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een boete als bedoeld in het
eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing
ter zake van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting,
tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de verzekerde of zijn wettelijke vertegenwoordiger
een zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 54, negende lid,
wordt "48, vierde lid," vervangen door:
48, vijfde lid.
Art. 49.
Wet
arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening
jonggehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 39 wordt, onder
vernummering van het tweede tot met vierde lid tot derde tot en met vijfde lid, een nieuw tweede lid ingevoegd,
luidende:
-2. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
62, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een uitkering
als genoemd in dat artikel of indien de jonggehandicapte zich niet
houdt aan de voorschriften, bedoeld in artikel
28, vierde lid, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een
maatregel en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing
ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting of het zich
niet houden aan de voorschriften, tenzij het niet tijdig nakomen van de
verplichting of het zich niet houden aan de voorschriften plaatsvindt
binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder
aan de jonggehandicapte een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 40 wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en
met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
62, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een
uitkering als genoemd in dat artikel, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een boete als bedoeld in het
eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing
ter zake van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting,
tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de jonggehandicapte of zijn wettelijke vertegenwoordiger
een zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 46, negende lid,
wordt "40, vierde lid" vervangen door:
40, vijfde lid.
Art. 50.
Wet
inkomensvoorziening kunstenaars
De
Wet inkomensvoorziening kunstenaars wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 16 wordt, onder
vernummering van het derde en vierde lid tot vierde en vijfde lid,
een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
15, tweede lid, onderdeel
c, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het
opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig
nakomen van de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de
verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf
de datum waarop eerder aan de kunstenaar een zodanige waarschuwing is
gegeven.
B.
In artikel 17 wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en
met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
15,
tweede lid, onderdeel c, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog
bedrag verlenen van uitkering, kunnen burgemeester en wethouders
afzien van het opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en
volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van
het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het
niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een
periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de
belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
Art. 51.
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
De Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
wordt
gewijzigd als volgt:
A.
In artikel 20 wordt, onder
vernummering van het vijfde en zesde lid tot zesde en zevende lid, een nieuw vijfde lid ingevoegd, luidende:
-5. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
13, eerste lid, niet heeft
geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het opleggen van
een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van
de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is
gegeven.
B.
In artikel 20a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
13,
eerste lid, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen
van uitkering, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een
zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 20f, elfde lid,
wordt "artikel 20a, vierde lid" vervangen door:
artikel 20a, vijfde lid.
Art. 52.
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers
De Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers wordt
als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 20 wordt, onder
vernummering van het vijfde en zesde lid tot zesde en zevende lid, een nieuw vijfde lid ingevoegd, luidende:
-5. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
13, eerste lid, niet heeft
geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het opleggen van
een maatregel als bedoeld in het derde lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van
die verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is
gegeven.
B.
In artikel 20a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
13,
eerste lid, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen
van uitkering, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een
zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 20f, elfde lid,
wordt "20a, vierde lid" vervangen door:
20a, vijfde lid.
Art. 53.
Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering
De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
wordt als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 29 wordt, onder
vernummering van het tweede tot en met vierde lid tot derde tot
en met vijfde lid, een nieuw tweede lid ingevoegd, luidende:
-2. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
80, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering of
indien de belanghebbende zich niet houdt aan de voorschriften, bedoeld in
artikel 34, derde lid, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een maatregel
als bedoeld in artikel 28 en
volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van
het niet tijdig nakomen van de verplichting of het zich niet houden aan de
voorschriften, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting of het
zich niet houden aan de voorschriften plaatsvindt binnen een
periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de
belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 29a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
80, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende of zijn
wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 29g ¹ wordt "artikel 29a, vierde lid" vervangen door:
artikel
29a, vijfde lid.
1. Volgens de redactie
dient na "artikel 29g" te
worden ingevoegd: , negende lid,.
Art. 54.
Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten
In artikel 46 van de Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten wordt, onder vernummering
van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot en zevende lid,
een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
45, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag toekennen of
verstrekken van een van een reïntegratie-instrument, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van een boete en
volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van
het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het
niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een
periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de
belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
Art. 55.
Ziektewet
De Ziektewet wordt als volgt
gewijzigd:
A.
In artikel 45 wordt, onder
vernummering van het derde tot met vijfde lid tot vierde tot en met zesde lid, een nieuw derde lid ingevoegd,
luidende:
-3. Indien het niet tijdig
nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
49, niet heeft geleid tot
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, kan
het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het opleggen van
een maatregel als bedoeld in het derde lid en volstaan met het geven van
een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van
de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting
plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum
waarop eerder aan de verzekerde een zodanige waarschuwing is gegeven.
B.
In artikel 45a wordt, onder
vernummering van het derde tot en met zesde lid tot vierde tot
en met zevende lid, een nieuw derde lid ingevoegd, luidende:
-3. Indien het niet of niet
behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel
49, niet
heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van
uitkering, kan het Landelijk
instituut sociale verzekeringen afzien van het
opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met
het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of
niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk
nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te
rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de verzekerde een zodanige
waarschuwing is gegeven.
C.
In artikel 45g, negende lid,
wordt "45a, vierde lid" vervangen door:
45a, vijfde lid.
HOOFDSTUK
IV
Slotbepalingen
Art. 56.
Inwerkingtreding [MvT]
-1. Deze wet treedt in
werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad
waarin zij wordt geplaatst, met uitzondering van artikel
17, dat in
werking treedt met ingang van het tijdstip dat artikel XV van de
Veegwet SZW 1997
in werking treedt.¹
-2. Deze wet werkt wat de
artikelen 1, 2, 8, onderdeel B, 11, onderdeel
B, 13, onderdeel C, 16,
onderdeel Q en
R, 18, onderdeel C, onder 2, E en
F, 21, 28, onderdeel G,
H, J,
onder 2, O, onder 1 en 2, Q, R,
S, W en X, onder 2 en 3,
37, 40, onderdeel D, onder 1, G, en
H, 40e en
41, onderdeel A en B, onder 1,
betreft terug tot en met 1 januari 1998.
-3. Deze wet werkt wat de
artikelen 13, onderdeel D, 14, onderdeel F, 16, onderdeel D en
I, 18, onderdeel B, 28, onderdeel
Z, onder 2, 32, onderdeel A, onder 1, H, onder 1 en 2,
R en T, 40, onderdeel
E, onder 1, en 41, onderdeel B, onder 2,
betreft terug tot en met 1 juli 1998.
-4. Deze wet werkt wat de
artikelen 20, onderdeel A, en 41, onderdeel C, onder 2, en
D, onder 2, betreft terug tot en met 1 maart 1997.
-5. Deze wet werkt wat de
artikelen 4, onderdeel A, 5, onderdeel B, 14, onderdeel
C, onder 1, 16, onderdeel P, 19,
onderdeel B, 22, onderdeel B,
en 28, onderdeel Z, onder 1,
betreft terug tot en met 1 oktober 1998.
-6. Deze wet werkt wat
artikel 39 betreft terug tot en met het tijdstip van inwerkingtreding van
artikel
IV van de Wet van 11 juni 1998 tot wijziging van de
Ziektewet, de WAO, de WW en enkele andere wetten in verband met het wegnemen van
belemmeringen in sociale verzekeringswetten bij het opnemen van onbetaald
verlof (Stb. 1998, 412).²
-7. Deze wet werkt wat
artikel 41, onderdeel C, onder 1, en D, onder 1, betreft terug tot en met 1
augustus 1996.
-8. Indien de datum van
uitgifte van het Staatsblad, bedoeld in het eerste lid, gelegen is na 31
december 1998, werkt deze wet wat de artikelen 10, 22, onderdeel
A, 25, 32, onderdeel Q, en 34 betreft terug tot en met 1 januari 1999.
1. Ingevolge artikel
LXXII,
eerste lid, van de Veegwet SZW 1997
is het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XV van die
wet bepaald op 1 januari 1999, red.
2. Bij Besluit van 15 september 1998, Stb.
1998, 554, is het tijdstip van inwerkingtreding bepaald op 1 oktober
1998, red.
Art. 57.
Citeertitel
Deze wet wordt aangehaald
als: Veegwet SZW 1998.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage,
24 december 1998
BEATRIX
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
K.G. de Vries
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
J.F. Hoogervorst
Uitgegeven de dertigste
december 1998
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals
|
|