St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

REGELING  WIJZIGING  BEDRAGEN  EX  ARTIKELEN  31  EN  43  ABW  PER  1  JULI  2001
 
 
11 oktober 2001, Stcrt. 2001, 198
Inwerkingtreding: 1 juli 2001
(T.a.v. artt. 56 en 59 Abw)
(Zie ook: Abw-normen 1 juli 2001 t/m 31 december 2001)

 

 

 

 
11 oktober 2001/nr. BZ/IW/01/66435
Directie Bijstandszaken

     De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
     Gelet op de artikelen 56 en 59 van de Algemene bijstandswet;

     Besluit:

 

 

Art. I.
De bedragen, genoemd in de artikelen 31 en 43 van de Algemene bijstandswet, worden als volgt gewijzigd:
A.
In artikel 31 wordt "ƒ509,38" vervangen door: ƒ517,23 en "ƒ792,37" vervangen door: ƒ804,59.
B.
In artikel 43, tweede lid, wordt "ƒ2670,00" vervangen door: ƒ2710,00; "ƒ3970,00" vervangen door: ƒ4020,00; "ƒ181,00" telkens vervangen door: ƒ183,00; "ƒ332,00" telkens vervangen door: ƒ337,00 en "ƒ165,00" vervangen door: ƒ168,00.

 

Art. II.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2001.

 

 

     Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

’s-Gravenhage,11 oktober 2001.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
W.A. Vermeend
.

 

 

 

TOELICHTING
[11 oktober 2001]

 

     Bij de Wet van 14 september 2001 tot wijziging van de Abw in verband met het vrijlaten van de individuele uitkeringen in het kader van de tegoeden Tweede Wereldoorlog, alsmede wijziging van de Abw, de Ioaw, de Ioaz en de Wik in verband met een aantal andere technische aanpassingen (Stb. 2001, 426) zijn onder meer de bijstandsnormen voor personen die in een inrichting verblijven extra verhoogd. De verhoging bedraagt ca. ƒ50,- voor een alleenstaande en ca. ƒ31,- voor gehuwden.
     De verhogingen vonden plaats overeenkomstig mijn daartoe strekkende toezegging aan de Tweede Kamer tijdens de begrotingsbehandeling 2001 (Handelingen II 2000-2001, blz. 33-2794). De verhogingen vloeien voort uit een aanpassing van het zak- en kleedgeld aan de door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gehanteerde bedragen voor de eigen bijdrage van personen die in een AWBZ-inrichting verblijven. De in voormelde Wet van 14 september 2001 genoemde bedragen zijn vastgesteld op het niveau van 1 januari 2001. Blijkens de toelichting op het desbetreffende artikel (te weten, artikel I, onderdeel A) zullen - bij de aanpassing van het nettominimumloon per 1 juli 2001 - deze bedragen bij ministeriλle regeling opnieuw worden vastgesteld. Deze regeling strekt daartoe. 
     De in artikel I, onderdeel C, van de Wet van 14 september 2001 genoemde bedragen (te weten, de bedragen vervat in artikel 43, tweede lid, onderdeel i, j, m, n en p) zijn eveneens vastgesteld op het niveau van 1 januari 2001. Uit artikel V van genoemde wet vloeit voort dat het onderhavige onderdeel van dit artikel met ingang van 3 oktober 2001 in werking is getreden. Inmiddels zijn deze bedragen gewijzigd bij de Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 26 juni 2001, Stcrt. 2001, 122. Om misverstand te voorkomen over welke bedragen er vanaf juli 2001 van toepassing zijn, zijn in artikel I, onderdeel B, van die regeling de bedragen vermeld zoals die vanaf 1 juli 2001 van toepassing zijn.
     De regeling werkt terug tot en met 1 juli 2001.

 

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
W.A. Vermeend
.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x