|
11 oktober 2002/nr.
Z/F-2320804
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport;
Gelet op artikel 3a,
eerste lid, eerste volzin, van de Ziekenfondswet
en artikel 9, tweede lid, van de Coördinatiewet
Sociale Verzekering;
Gezien het rapport van het College
voor zorgverzekeringen van 26
september 2002 (V&U/22044678);
Besluit:
Art. 1.
Het in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de
Ziekenfondswet
genoemde bedrag wordt verhoogd
tot €|31
750,00.
Art. 2.
Het in artikel 3c, eerste
lid, van de Ziekenfondswet genoemde
bedrag wordt verhoogd tot €|20
200,00.
Art. 3.
Het in artikel 3d, eerste
lid, van de Ziekenfondswet genoemde
bedrag wordt verhoogd tot €|20
250,00.
Art. 4.
Het in artikel 9, tweede
lid, van de Coördinatiewet Sociale
Verzekering genoemde bedrag wordt
verhoogd tot €|111,00.
Art. 5.
Deze regeling treedt in
werking met ingang van 1 januari
2003.
Deze regeling zal met de
toelichting in de Staatscourant
worden geplaatst.
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E.J. Bomhoff.
TOELICHTING
[11 oktober 2002]
In de Wet van 28 oktober
1999, houdende uitbreiding van de kring
van verzekerden ingevolge de Ziekenfondswet met
zelfstandigen voor wie, gelet op hun
inkomen, toegang tot de sociale ziektekostenverzekering is aangewezen en
tijdelijke wijziging van de indexering van de loongrens alsmede
wijziging van de wet op de
inkomstenbelasting 1964 (zelfstandigen in Zfw)
(Stb. 1999, 461) is geregeld dat
zelfstandigen per 1 januari 2000 toegang
tot de ziekenfondsverzekering krijgen. De instroom van
zelfstandigen in de ziekenfondsverzekering zal worden gecompenseerd door een
even grote uitstroom van werknemers
en hun medeverzekerden uit de
ziekenfondsverzekering. In artikel II van de
Wet van 28 oktober 1999 is
daartoe een bepaling opgenomen die
regelt dat de gebruikelijke methodiek
waarbij de loongrens van de
ziekenfondsverzekering wordt aangepast op grond
van de ontwikkeling van het loonindexcijfer tijdelijk wordt vervangen
door een indexering op grond
van de prijsindex (tabelcorrectiefactor).
In het algemeen is de
ontwikkeling van de prijsindex lager dan de loonindex.
Om te bepalen op welke
moment er weer overgestapt kan worden op de gebruikelijke indexering is
destijds een telmechanisme ontwikkeld. Dit telmechanisme luidt:
"Uitgangspunt is het aantal
ziekenfondsverzekerden per 1 april dat voor de ziekenfondsbudgettering
wordt gebruikt. Deze cijfers komen in juni beschikbaar. In die periode
is ook de omvang van de Nederlandse
bevolking bekend. Op basis van deze
twee cijfers is het percentage
ziekenfondsverzekerden te bepalen. Dit percentage is voor het jaar 1999
berekend en vormt het ijkpercentage
aan de hand waarvan wordt bepaald of
normale indexering weer kan
worden toegepast. Zodra het gerealiseerde
percentage in enig jaar kleiner of
gelijk is aan het ijkpercentage - te bepalen in juli - zal met ingang
van het daaropvolgende kalenderjaar de normale indexering weer van
kracht zijn. Voor de afronding wordt
uitgegaan van tienden van procenten.
Het College voor zorgverzekeringen (CVZ) zal de uitkomsten van deze berekeningen
opnemen in zijn rapporten over de
loongrens en zal daarbij tevens
aangeven op welk moment het
huidige evenwicht weer zal zijn bereikt."
In het loongrensadvies
voor het jaar 1999 is het
ijkpercentage voor 1999 bepaald op 62,9%. Hierbij is uitgegaan van een aantal van
9 918 144 ziekenfondsverzekerden en
een omvang van de Nederlandse
bevolking van 15 779 079.
In de jaren 2000, 2001 en
2002 was het evenwicht nog niet
bereikt en is de loongrens met de prijsindex geïndexeerd.
Per 1 april 2002 zijn er 10 145 558 ziekenfondsverzekerden en
is de omvang van de Nederlandse
bevolking 16 122 526. In zijn
advies van 22 september 2002
concludeert het CVZ dat het evenwicht,
bedoeld in artikel II van de Wet
zelfstandigen in de Zfw, per 1 april 2002
is bereikt. Derhalve moet bij het
vaststellen van de loongrens voor het
jaar 2003 worden uitgegaan van het normale
aanpassingsmechanisme, bedoeld in artikel 3a van de
Ziekenfondswet,
dat wil zeggen aanpassen op basis
van het loonindexcijfer.
De loongrens voor het
jaar 2002 was onafgerond €|30
693,59. Verhoging van dat bedrag
met het loonindexcijfer ten
opzichte van juli 2001 (3,3%) levert voor
het jaar 2003 een bedrag op van: €|30
693,59 x 1,033 = €|31
706,48. Met
toepassing van artikel
3a, derde
lid, van de Ziekenfondswet wordt dit
bedrag afgerond op €|50,- naar
boven, dat leidt derhalve tot een
loongrens van €|31
750,-.
Ingevolge artikel
3c,
vierde lid, en artikel 3d, vijfde lid,
van de Ziekenfondswet is de indexeringsmethodiek
van artikel 3a van de Ziekenfondswet
van
overeenkomstige toepassing op de opt-in-grens voor particulier verzekerden
van 65 jaar en ouder en op de
inkomensgrens voor zelfstandigen
ondernemers.
De opt-in-grens voor
particulier verzekerden van 65 jaar of ouder voor het jaar 2002 was onafgerond €|19
518,85. Verhoging
van dat bedrag met het
loonindexcijfer (3,3%) levert voor het jaar 2003
een bedrag op van: €|19
518,85 x
1,033 = €|20
162,97. Ook hier
geldt artikel 3a, derde lid, van de
Ziekenfondswet en derhalve wordt het bedrag
afgerond op €|20
200,-.
De inkomensgrens voor
zelfstandigen voor 2002 was onafgerond €|19
602,99. Verhoging
van dat bedrag met het
loonindexcijfer (3,3%) levert voor het jaar 2003
het volgende bedrag op: €|19
602,99 x 1,033 = €|20 249,89. Met toepassing van artikel
3a, derde lid, van de Ziekenfondswet wordt dit
bedrag afgerond op een
bedrag van €|20
250,-.
De inkomensgrens voor
zelfstandigen ondernemers is op grond van artikel
3e, tweede lid, van de
Ziekenfondswet mede
van toepassing op alimentatiegenietenden.
Het maximumpremiedagloon,
genoemd in artikel 9,
tweede lid, van de Coördinatiewet Sociale
Verzekering, wordt
jaarlijks geïndexeerd overeenkomstig de methode neergelegd in artikel 3a
van de Ziekenfondswet. Op grond
van dit artikel dient aanpassing
van het bedrag van de loongrens
zelf ook te leiden tot aanpassing van
het bedoelde maximumpremiedagloon. Dit
betekent dat het
maximumpremiedagloon aangepast wordt aan de
hand van het indexcijfer van CAO-lonen
per maand, inclusief
bijzondere uitkeringen, sector particuliere
bedrijven.
In de jaren 2000, 2001 en
2002 is het maximumpremiedagloon,
krachtens artikel II van de Wet zelfstandigen in
Zfw, gewoon met het
loonindexcijfer geïndexeerd. Dit in
tegenstelling tot de loongrens die in
deze jaren, krachtens artikel II van de Wet zelfstandigen in
Zfw, met de
prijsindex is geïndexeerd. Tengevolge van deze verschillende
indexeringsmethoden zijn de premiegrens en de
loongrens voor de
ziekenfondsverzekering naar elkaar toegegroeid. Aangezien beide vanaf 2003 weer
met het loonindexcijfer worden
aangepast, zullen deze grenzen niet
verder naar elkaar toegroeien.
Het maximumpremiedagloon
was voor het jaar 2002 €|108,-. Aanpassing van dit bedrag
met het loonindexcijfer (3,3%)
levert voor het jaar 2003 het bedrag op
van €|108,- x
1,033 = €|111,56. Afgerond luidt het maximumpremiedagloon voor
het jaar 2003 €|111,-.
De Minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E.J. Bomhoff.
|
|