|
BEKENDMAKING van de
Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 juni
2009, IVV/FB/2009/11667, betreffende
herziening van normen en bedragen, genoemd in de Wet werk en bijstand, met
ingang van 1 juli 2009
De
Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid maakt op grond van
artikel 38, zesde lid, van de
Wet werk en bijstand bekend dat met
ingang van 1 juli 2009 in de
Wet werk en bijstand:
1.
in artikel 20, eerste lid, "€|221,81"
wordt herzien in: €|223,74; "€|443,62"
in: €|447,48 en "€|863,74"
in: €|871,28;
2. in artikel
20, tweede lid, "€|478,58"
wordt herzien in: €|482,75; "€|700,39"
in: €|706,49 en "€|1120,51"
in: €|1130,29;
3. in artikel
21 "€|641,93" wordt herzien
in: €|647,54; "€|898,70"
in: €|906,55 en "€|1283,86"
in: €|1295,07;
4. in artikel
22 "€|985,42" wordt herzien
in: €|994,64; "€|1240,38"
in: €|1252,56 en "€|1353,95"
telkens in: €|1368,01;
5. in artikel
23, eerste lid, "€|285,88"
wordt herzien in: €|288,37 en "€|444,66"
in: €|448,53;
6. in artikel
25, tweede lid, "€|256,77"
wordt herzien in: €|259,01;
7. in artikel
31, tweede lid, onderdeel j en o, "€|2196,00"
wordt herzien in: €|2219,00 en "€|184,00"
in: €|186,00;
8. in artikel
31, tweede lid, onderdeel o, "€|183,00"
in: €|186,00, indien het bij koninklijke
boodschap van 15 december 2008 ingediende voorstel van wet houdende
wijziging van een aantal wetten van het ministerie
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW-wetgeving
2009) (Kamerstukken 31 811), nadat het tot wet is verheven, in werking
treedt, waarbij deze herziening terugwerkende kracht heeft tot en met 1
juli 2009.
Den Haag, 19 juni 2009.
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
namens deze,
de directeur Inkomensverzekeringen en -voorzieningen,
I.D. Nijboer.
TOELICHTING
[19 juni 2009]
Bij
de Regeling van 28 mei 2009 (Stcrt. 2009,
103) is het wettelijk
minimumloon met ingang van 1 juli 2009
vastgesteld op €|1398,60 per maand. In
verband hiermee zal het nettominimumloon, bedoeld in artikel 37
van de Wet werk en bijstand (Wwb), eveneens
veranderen. Als gevolg hiervan wijzigen tevens de aan het nettominimumloon
gekoppelde bijstandsnormen. Hieronder volgt de berekening van het
nettominimumloon (A) alsmede van de bijstandsnorm per 1 juli 2009 voor
gehuwden, een alleenstaande ouder en een alleenstaande van 21 jaar tot
65 jaar (B).
Ten slotte wordt in onderdeel 8
het herziene bedrag in artikel
31, tweede lid, onderdeel o, nogmaals bekendgemaakt voor de
situatie dat het bij koninklijke boodschap van 15 december 2008
ingediende voorstel van wet houdende wijziging van een aantal wetten
van het ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW-wetgeving 2009) (Kamerstukken 31
811) (hierna: Verzamelwet) in werking treedt. Dit omdat in de
Verzamelwet het tweede lid, onderdeel o, van artikel
31 opnieuw met terugwerkende kracht tot en met 1 juli 2009 wordt
vastgesteld waarbij een alsdan onjuist bedrag (€|183,00
in plaats van €|186,00) wordt genoemd.
A. Berekening nettominimumloon,
bedoeld in artikel 37
van de Wet werk en bijstand,
per 1 juli 2009:
| 1.
Brutominimumloon inclusief
vakantie-uitkering |
€|1510,48 |
| af:
inkomensafhankelijke bijdrage Zvw |
€|104,22 |
| bij:
vergoeding inkomensafhankelijke bijdrage Zvw |
€|104,22 |
| af:
premie AWf |
€|0,00 |
| af:
loonheffing |
€|215,41 |
| Nettominimumloon
ex artikel 37, eerste lid, Wwb |
€|1295,07 |
| xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx |
x |
| 2.
Brutominimumloon exclusief
vakantie-uitkering |
€|1398,60 |
| af:
inkomensafhankelijke bijdrage Zvw |
€|96,50 |
| bij:
vergoeding inkomensafhankelijke bijdrage Zvw |
€|96,50 |
| af:
premie AWf |
€|0,00 |
| af:
loonheffing |
€|166,33 |
| Nettominimumloon
zonder vakantie-uitkering |
€|1232,27 |
De in het nettominimumloon
begrepen nettovakantie-uitkering bedraagt: €|1295,07
- €|1232,27
= €|62,80
B. Berekening
van de bijstandsnorm per maand voor gehuwden, een alleenstaande ouder en
een alleenstaande van 21 tot 65 jaar per 1 juli 2009:
gehuwden, beide partners 21
jaar of ouder: 100% van €|1295,07 = €|1295,07
hierin begrepen vakantietoeslag: 5% ¹ van €|1295,07
= €|64,75
alleenstaande ouder 21 jaar
of ouder: 70% van €|1295,07 = €|906,55
hierin begrepen vakantietoeslag: 5% ¹ van €|906,55 = €|45,33
alleenstaande 21 jaar of
ouder: 50% van €|1295,07 = €|647,54
hierin begrepen vakantietoeslag: 5% ¹ van €|647,54 = €|32,38
1. Het percentage, genoemd
in artikel 19, derde lid, van de Wwb,
geeft de verhouding weer tussen de nettoaanspraak op vakantietoeslag en
het maandloon inclusief vakantietoeslag die bij het nettominimumloon
bestaat.
Nettovakantie-uitkering: €|62,80
Nettominimumloon: €|1295,07
Verhouding: €|62,80
/ €|1295,07 x 100% =
4,85%, afgerond 5%
De Staatssecretaris van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
namens deze,
de directeur Inkomensverzekeringen en -voorzieningen,
I.D. Nijboer.
|
|