St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
•
•
•
•

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
•
•
•
•

 

             

  
vorige

Geschiedenis socialezekerheidswetten

 

REGELING  WIJZIGING  INKOMENSGRENS  VERPLICHTE  ZIEKENFONDSVERZEKERING  AOW-GERECHTIGDEN  PER  1  JANUARI  1996
 
 
26 oktober 1995, Stcrt. 1995, 210
Inwerkingtreding: 1 januari 1996
(T.a.v. art. 3a:9 Zfw)

 

  
•
•
•
•
 

 

 
26 oktober 1995/nr. VMP/FAV-953442

     De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
     Gelet op artikel 3a, negende lid, van de Ziekenfondswet;
     Gezien het advies van de Ziekenfondsraad (advies van 28 september 1995, VERZ/39382/95);

     Besluit:

 

 

Enig artikel.
De in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van de Ziekenfondswet genoemde bedragen worden met ingang van 1 januari 1996 verhoogd tot ƒ31 450,00.

 

 

     Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

 

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E. Borst-Eilers
.

 

 

 

TOELICHTING
[26 oktober 1995]

 

     Met ingang van 1 juli 1994 is in werking getreden de Wet tot wijziging van de Ziekenfondswet en enige andere wetten in verband met uitbreiding van de personele werkingssfeer van de Ziekenfondswet met een bepaalde categorie van AOW-gerechtigden (verplichte ziekenfondsverzekering AOW-gerechtigden) en aanpassing van AOW-rechten in verband met te betalen premies ziektekostenverzekering (Stb. 1994, 465).
     In die wet is bepaald dat AOW-gerechtigden in beginsel verplicht ziekenfondsverzekerd zijn indien hun AOW-pensioen, vermeerderd met hun inkomsten uit of in verband met het verrichten van arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven, op jaarbasis niet meer bedraagt dan ƒ30 500,-. Bij ministeri๋le regeling d.d. 31 oktober 1994 is dit bedrag met ingang van 1 januari 1995 verhoogd tot ƒ30 950,-.
     Met ingang van 1 januari 1996 wordt het genoemde bedrag opnieuw verhoogd, en wel tot ƒ31 450,-. Met deze verhoging wordt afgeweken van de aanpassingssystematiek die op grond van de Ziekenfondswet (Zfw) wordt gehanteerd ten aanzien van de Zfw-loongrens voor werknemers, ondanks het feit dat artikel 3a, negende lid, van de Zfw bepaalt dat de jaarlijkse aanpassing van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden geschiedt conform de aanpassingssystematiek voor de bedoelde loongrens voor werknemers. Met deze afwijking wordt vooruitgelopen op de inwerkingtreding, met terugwerkende kracht tot 15 oktober 1995, van een wetsvoorstel houdende invoeging van een nieuw artikel 3b in de Zfw. Bedoeld wetsvoorstel beoogt de aanpassingssystematiek met betrekking tot de inkomensgrens voor AOW-gerechtigden in de Zfw te wijzigen.
     Het kabinet acht deze wijziging noodzakelijk om de volgende reden:
     In de thans geldende bepaling inzake de aanpassingssystematiek van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden is geen rekening gehouden met het feit dat de in de aanvang genoemde Wet tot wijziging van de Ziekenfondswet, enz. (de zogenoemde Wet-Van Otterloo) mede voorziet in een aanpassing van de Zfw-premiesystematiek voor AOW-gerechtigden waardoor, als gevolg van toepassing van de netto-nettokoppeling, het bruto-AOW-pensioen stijgt (AOW-brutering). In het kader van de herziening van de premiesystematiek regelt artikel I, onderdeel D, van de Wet-Van Otterloo (door middel van toevoeging van een derde lid aan artikel 18 van de Zfw) dat AOW-gerechtigden over hun AOW-pensioen een procentuele premie verschuldigd zijn naar hetzelfde percentage als ingevolge artikel 15, eerste lid, eerste volzin, van de Zfw voor de verzekering van de aldaar bedoelde werknemers wordt vastgesteld. Artikel VIII, tweede lid, van de Wet-Van Otterloo regelt voorts dat bovengenoemd artikel I, onderdeel D, met ingang van 1 januari 1995 in werking treedt en dat de invoering van dat artikel in ten hoogste vier fasen plaatsheeft. Hiermee wordt beoogd de nagestreefde premieverhoging voor AOW-gerechtigden in vier jaar, te rekenen met ingang van 1 januari 1995, te realiseren. Aan deze regeling is mede gekoppeld dat het bruto-AOW-pensioen - eveneens in vier fasen tot en met 1 januari 1998 - door toepassing van de netto-nettokoppeling zal stijgen, zodat deze premieoperatie plaatsvindt zonder nettonadeel voor de betrokken AOW-gerechtigden. Hoewel AOW-gerechtigde Zfw-verzekerden door de combinatie van premiestijging en AOW-brutering geen nettovoordeel (of -nadeel) zullen ondervinden, zal door de AOW-brutering wel het (bruto-)inkomen, dat jaarlijks aan de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden wordt getoetst, stijgen. Dit wordt onder meer bewerkstelligd door een wijziging van de artikelen 81 en 82 van de Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Wauoo) (artikel V van de Wet-Van Otterloo), waardoor de hier bedoelde stijging van het bruto-AOW-pensioen niet van invloed is op de hoogte van de aanvullende pensioenen. De AOW-brutering op grond van de Wet-Van Otterloo leidt derhalve in alle gevallen tot een stijging van het totale brutopensioeninkomen.
     Indien met deze stijging van het totale brutopensioeninkomen in de systematiek van de jaarlijkse aanpassing van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden geen rekening wordt gehouden, zal dit tot gevolg hebben dat Zfw-verzekerde AOW-gerechtigden met een inkomen net onder het huidige bedrag van de inkomensgrens, alleen al door de AOW-brutering de ziekenfondsverzekering zouden moeten verlaten. Dit wordt onwenselijk geacht.
     Om die reden voorziet het eerdergenoemde wetsvoorstel houdende invoeging van een nieuw artikel 3b in de Zfw, in een nieuwe aanpassingssystematiek voor de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden, waarin rekening wordt gehouden met de werkelijke ontwikkeling van het bedrag van de bruto-AOW. Dit gebeurt op de volgende wijze: het AOW-deel van het bedrag van de inkomensgrens wordt jaarlijks aangepast aan de hand van de nominale stijging of daling van het bruto-AOW-pensioen van het lopende jaar ten opzichte van het vorige jaar. Door op deze wijze de bruto-AOW-ontwikkeling te volgen, worden alle AOW-maatregelen, zowel incidentele als structurele - zoals de brutering op grond van de Wet-Van Otterloo - in de aanpassing van de inkomensgrens meegenomen. Vervolgens wordt het overige (aanvullend) pensioendeel van het bedrag van de inkomensgrens aangepast op de wijze waarop ook de Zfw-loongrens voor werknemers jaarlijks wordt herzien. Dat betreft een aanpassing aan de hand van de index van regelingslonen van volwassen werknemers in particuliere bedrijven, inclusief vakantietoeslag en andere bijzondere uitkeringen, zoals die door het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt gepubliceerd.
     Met betrekking tot de verdeling van het bedrag van de inkomensgrens voor AOW-gerechtigden in onderdelen, waarop de onderscheiden manieren van aanpassing worden toegepast, wordt aangesloten bij het (70%-)AOW-pensioen voor een alleenstaande. Dit betekent dat bij de herziening van het bedrag van de inkomensgrens met ingang van 1 januari 1996 voor ca. 60% aanpassing plaatsvindt op basis van de bruto-AOW-ontwikkeling (bruto-AOW bedraagt ƒ18 156,24, dat is ca. 60% van het bedrag van de inkomensgrens 1995: ƒ30 950,-), terwijl voor ca. 40% de regelingsloonindex wordt toegepast (ƒ12 793,76).
     Toepassing van de bovenbeschreven systematiek bij de herziening van het bedrag van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden voor het jaar 1996 leidt tot de volgende uitkomst.
     Een bedrag van ƒ18 156,24 wordt aangepast aan de hand van de mutatie tussen het bruto-AOW-pensioen voor een ongehuwde pensioengerechtigde in 1995 ten opzichte van 1994. De hier bedoelde pensioenen bedragen respectievelijk ƒ18 156,24 (1995) en ƒ17 841,60 (1994). Dit resulteert in een nominale stijging van ƒ314,64.
     Het resterende bedrag van ƒ12 780,64 (ƒ30 936,88 [het bedrag van de inkomensgrens 1995 v๓๓r afronding] minus ƒ18 156,24) wordt aangepast aan de hand van het procentuele verschil tussen het indexcijfer der regelingslonen op 31 juli 1995 (114,8) en het indexcijfer dat bij de laatste herziening van de loongrens voor werknemers is gehanteerd (113,3). Dit verschil bedraagt ca. 1,32%. Dit leidt tot een stijging van het bedrag van ƒ12 780,64 met ƒ169,21.
     De som van de beide stijgingsbedragen is ƒ483,85. Het bedrag van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden - dat voor 1995 v๓๓r afronding ƒ30 936,88 bedraagt - komt daarmee voor het jaar 1996 uit op een bedrag van ƒ31 420,73. Na afronding bedraagt de inkomensgrens voor AOW-gerechtigden voor het jaar 1996 ƒ31 450,-.
     De aangegeven vaststelling van het nieuwe bedrag van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden voor het jaar 1996 wijkt af van het advies van de Ziekenfondsraad d.d. 28 september 1995 dienaangaande. Dit advies was gebaseerd op de thans geldende wettelijke aanpassingssystematiek en hield geen rekening met het - toen nog niet ingediende - meermalen genoemde wetsvoorstel houdende invoeging van een nieuw artikel 3b in de Zfw. In de toelichting bij dit wetsvoorstel wordt uitvoerig ingegaan op de opvatting van de Ziekenfondsraad - verwoord in het rapport betreffende evaluatie van de Wet-Van Otterloo d.d. 22 juni 1995 en aangehaald in het hierboven bedoelde advies d.d. 28 september 1995 - dat er geen mechanisme voorhanden is voor de aanpassing van het bedrag van de Zfw-inkomensgrens voor AOW-gerechtigden dat volledig voldoet aan de functie die een dergelijk mechanisme zou moeten hebben. Hoewel het kabinet, m้t de Ziekenfondsraad, van mening is dat een perfect werkend mechanisme inderdaad niet voorhanden is, heeft het toch gemeend met de in het voorgaande beschreven systematiek een zo goed mogelijk werkende methode te moeten ontwerpen. Voor een nadere uitweiding hierover wordt verwezen naar de toelichting bij het wetsvoorstel. Aan het slot van deze toelichting is het volgende vermeld: "Gelet op het feit dat het hier een technische en noodzakelijke wijziging betreft, zal de regering ervan uitgaan dat deze wet tot stand zal komen en zal de met de uitvoering van de inkomenstoetsing belaste organen worden medegedeeld op de onderhavige wijziging te anticiperen." De voorliggende ministeri๋le regeling legt de hier bedoelde intentie van de regering vast.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | geschiedenis | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x