|
27 maart 1996/nr. BZ/UK/96/1406
Directie Bijstandszaken
De Minister
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op artikel 5, zesde en zevende lid, van
de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers en artikel
5, zesde en
zevende lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere
en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
Besluit:
Art. I.
De bedragen, genoemd in
artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, worden
als volgt gewijzigd:
1. In artikel 5, derde lid,
onderdeel a, wordt
"ƒ963,32"
vervangen door: ƒ970,56.
2. In het vierde lid wordt
"ƒ1733,97" vervangen door: ƒ1747,00;
"ƒ1348,65" vervangen door: ƒ1358,78;
"ƒ1120,93" vervangen door: ƒ1131,09 en
"ƒ982,05" vervangen door: ƒ991,11.
3. In het vijfde lid wordt
"ƒ1677,49" vervangen door: ƒ1687,78;
"ƒ1264,29" vervangen door: ƒ1271,56;
"ƒ931,94" vervangen door: ƒ937,66 en
"ƒ518,74" vervangen door: ƒ521,44.
Art.
II.
De bedragen, genoemd in
artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, worden
als volgt gewijzigd:
1. In artikel 5, tweede en
derde lid, wordt "ƒ37 800,00"
vervangen door: ƒ38 100,00.
2. In het vijfde lid wordt
"ƒ963,32" vervangen door: ƒ970,56;
"ƒ1733,97" vervangen door: ƒ1747,00 en
"ƒ1348,65" vervangen
door: ƒ1358,78.
Art.
III.
Deze regeling treedt in
werking met ingang van 1 maart 1996.
Deze regeling zal met de
toelichting in de Staatscourant worden
geplaatst.
’s-Gravenhage, 27 februari
1996.
De Minister voornoemd,
A.P.W. Melkert.
TOELICHTING
[27 februari 1996]
In de
Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw) en de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) zijn de nettobedragen
opgenomen waaraan de op grond van
artikel 5 van de Ioaw en de Ioaz vast te
stellen grondslagen netto gelijk
dienen te zijn. De genoemde bedragen
dienen te worden aangepast met ingang
van de dag waarop het nettominimumloon en het nettominimumjeugdloon wijzigen.
Als gevolg van de Wet
uitbreiding loondoorbetalingsplicht bij
ziekte is de werknemer vanaf 1 maart 1996
geen Ziektewetpremie meer
verschuldigd. Ook is een verschuiving
aangebracht in de AWf-premieverdeling over
werknemers en werkgevers. Aangezien
hierdoor het nettominimumloon en het nettominimumjeugdloon
veranderen, ondergaan ook de in de Ioaw
en de Ioaz genoemde nettobedragen
een wijziging.
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,
A.P.W. Melkert.
|
|