1. Hij
die een nalatenschap verkoopt zonder de goederen daarvan stuk voor
stuk op te geven, is slechts gehouden voor zijn hoedanigheid van
erfgenaam in te staan.
2. Heeft
de verkoper reeds vruchten genoten, een tot de nalatenschap behorende
vordering geïnd of goederen uit de nalatenschap vervreemd, dan moet hij
die aan de koper vergoeden.
3. De
koper moet aan de verkoper vergoeden hetgeen deze wegens de schulden en
lasten der nalatenschap heeft betaald en hem voldoen hetgeen hij als
schuldeiser van de nalatenschap te vorderen had.