|
Art. 33.
[Toeslag op de bijstandsnorm] [Geschiedenis:
MvT; versie 12 april 1995; Stb.
1995, 200; Stcrt.
1996, 43; Stcrt. 1996, 121;
Stcrt. 1996, 247; Stcrt.
1997, 119; Stcrt.
1997, 244; Stb. 1997, 791;
Stcrt.
1998, 60; Stb.
1998, 205; Stcrt.
1998, 119;
Stcrt. 1998, 242; Stcrt.
1999, 122; Stcrt. 1999, 243;
Stcrt. 2000, 123; Stcrt.
2000, 245; Stcrt.
2001, 122; Stcrt. 2001, 244;
Stcrt. 2002, 125; Stcrt.
2002, 241; Stcrt. 2003, 57;
Stcrt. 2003, 119; Stb.
2003, 376] •
[Jurisprudentie: LJN
AA6936; AB3333; AE3712;
AE8643]
-1. Burgemeester en wethouders verhogen voor
een belanghebbende van 21 jaar of ouder doch jonger dan 65 jaar
die een alleenstaande of een alleenstaande ouder is, de
bijstandsnorm met een toeslag voor zover de belanghebbende hogere
algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan heeft dan waarin de
bijstandsnorm voorziet, als gevolg van het niet of niet geheel kunnen delen van deze kosten met een ander.
-2. De toeslag bedraagt ten hoogste
€|227,93 per kalendermaand.
|
|