|
Art. 37.
[Afwijking toeslag voor
alleenstaanden 21 en 22 jaar | Definitie minimumjeugdloon]
[Geschiedenis:
versie 12 april 1995; Stb.
2003, 376]
-1. Burgemeester en wethouders kunnen voor een
alleenstaande van 21 of 22 jaar de toeslag, bedoeld in artikel 33,
afwijkend vaststellen voor zover zij van oordeel zijn dat, gezien de hoogte van het
minimumjeugdloon, de hoogte van
deze
toeslag een belemmering kan vormen voor de aanvaarding van arbeid.
-2. Onder het minimumjeugdloon, bedoeld in het
eerste lid, wordt verstaan het voor de betreffende leeftijd
geldende minimumloon, bedoeld in artikel 8, derde lid, van de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag.
|
|