|
Art. 47.
[Definitie inkomen] [Geschiedenis:
MvT; versie 12 april 1995; Stb.
1995, 200; Stcrt.
1996, 247; Stcrt.
1997, 244; Stb. 1997,
789; Stcrt. 1998, 60;
Stcrt. 1998, 242; Stcrt.
1999, 243; Stcrt.
2000, 245; Stcrt.
2001, 244; Stb.
2003, 376] •
[Jurisprudentie: LJN
AA3468; AE2699; AE6815]
-1. Onder inkomen wordt verstaan de op grond
van paragraaf 1 in aanmerking genomen middelen voor zover deze:
a. betreffen inkomsten uit of in verband
met arbeid, inkomsten uit vermogen, een premie voor het
voltooien van een scholing of opleiding of voor het aanvaarden of
behouden van betaalde arbeid of een subsidie voor het onverplicht,
in georganiseerd verband, verrichten van onbetaalde
maatschappelijk nuttige activiteiten, inkomsten uit verhuur,
onderverhuur of uit het hebben van één of meer kostgangers,
socialezekerheidsuitkeringen, uitkeringen tot levensonderhoud op
grond van Boek
1 van het Burgerlijk Wetboek, voorlopige teruggave
of teruggave van inkomstenbelasting, loonbelasting en premies volksverzekeringen, dan wel naar hun aard
met deze inkomsten en uitkeringen overeenkomen; en
b. betrekking hebben op een periode
waarover beroep op bijstand wordt gedaan.
-2. Middelen die het karakter hebben van
uitgesteld inkomen worden in aanmerking genomen naar de periode
waarin deze zijn verworven. Middelen die het karakter hebben van
doorbetaling van inkomen over een periode worden in aanmerking genomen naar de periode waarin deze te gelde kunnen worden
gemaakt.
-3. In afwijking van het eerste lid, onderdeel
b,
wordt bij de bijstandverlening aan een zelfstandige rekening
gehouden met het inkomen over een boekjaar, zoals dat aan de hand
van zijn administratie wordt vastgesteld. Een teruggave van
inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen wordt bij een
zelfstandige niet als inkomen aangemerkt.
|
|