|
Art.
11:1.
[Verslaglegging en evaluatie] (7.2a)
[Geschiedenis:
VvW2 + bis;
MvT2 + bis;
Stb. 1996, 333; versie
1 januari 1998]
-1. Onze Ministers van Justitie en
van
Binnenlandse Zaken zenden binnen drie jaren na de
inwerkingtreding van deze wet en vervolgens om de vijf jaren aan
de Staten-Generaal een verslag over de wijze waarop zij is
toegepast.
-2. Het eerste lid is niet van toepassing ten
aanzien van de voorschriften betreffende beroep bij een
administratieve rechter.
Art.
11:2.
[Inwerkingtreding] (7.3) [Geschiedenis:
VvW; MvT;
VvW2; MvT2;
Stb. 1996, 333; versie
1 januari 1998]
Deze wet treedt in werking op een bij
koninklijk besluit te bepalen tijdstip.Ή
1. Bij Besluit van
23 december 1993, Stb.
1993, 693, is het tijdstip van inwerkingtreding bepaald op 1
januari 1994,
red.
Art.
11:3.
[Nummering] (7.4) [Geschiedenis:
VvW; MvT;
VvW2; MvT2;
Stb. 1996, 333; versie
1 januari 1998]
Vσσr de bekendmaking van deze wet stelt Onze
Minister van Justitie de nummering van de artikelen, afdelingen,
titels en hoofdstukken van deze wet opnieuw vast en brengt hij de
in deze wet voorkomende aanhalingen van artikelen, afdelingen,
titels en hoofdstukken daarmee in overeenstemming.
Art.
11:4.
[Citeertitel] (7.5) [Geschiedenis:
VvW; MvT;
VvW2; MvT2;
Stb. 1996, 333; versie
1 januari 1998]
Deze wet wordt aangehaald als: Algemene wet
bestuursrecht.
Lasten en bevelen dat deze in het
Staatsblad
zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten,
colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige
uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te s-Gravenhage, 4
juni 1992
BEATRIX
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
De Minister van Binnenlandse Zaken,
C.I. Dales
Uitgegeven de dertigste juni 1992
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|