|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2009-2010, 2010-2011,
32 131.
Handelingen II 2010-2011, nr. 71, item 7, nr. 72, item 14.
Kamerstukken I 2010-2011, 32 131 (A, B, C, D, E, ...).
Handelingen I 2010-2011, nr. 28, item 11 en 13, nr. 29, item 6.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 6 juni 2011, Stb.
2011, 288, tot wijziging van een aantal wetten ter uniformering van het
loonbegrip (Wet uniformering loonbegrip). Inwerkingtreding: 1
januari 2013 (Stb. 2012, 45).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is de loonbegrippen voor de loonheffingen te uniformeren;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord,
en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art. I.
[MvT]
De Wet financiering sociale verzekeringen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 16 komt te luiden:
Art. 16. Loon
-1. Voor de toepassing van dit hoofdstuk
wordt onder loon verstaan het loon en de gage overeenkomstig de Wet
op de loonbelasting 1964.
-2. Tot het loon behoren niet:
a. hetgeen uit een vroegere
dienstbetrekking als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 wordt
genoten met uitzondering van uitkeringen op grond van een
werknemersverzekering en de aanvullingen daarop van degene tot wie de
werknemer in dienstbetrekking staat en met uitzondering van toeslagen op
grond van de Toeslagenwet;
b. eindheffingsbestanddelen als bedoeld
in artikel 31, eerste lid, onderdeel b tot en met h, van de
Wet op
de loonbelasting 1964.
B. [MvT]
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "Onze
Minister" vervangen door: Onze
Minister, in overeenstemming met Onze
Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van
Financiën,.
2. Het tweede lid vervalt, onder
vernummering van het derde lid tot tweede lid.
3. In het tweede lid (nieuw) wordt "De
bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden" vervangen door
"Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, eerste volzin, wordt", wordt
"Onze Minister dit" vervangen door "Onze Minister dit, in
overeenstemming met Onze Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
en van Financiën," en komt de laatste zin te luiden: Het dagloon wordt
herleid en vastgesteld voor loontijdvakken waarvoor Onze Minister dit
nodig acht.
4. Het vierde lid vervalt, onder
vernummering van het vijfde en zesde lid tot derde en vierde lid.
5. In het derde lid (nieuw), eerste
volzin, wordt "Wet
op de Loonbelasting 1964" vervangen door
"Wet
op de loonbelasting 1964". Voorts vervalt "dan wel bij het gelijktijdig
genieten van meer dan één uitkering of toeslag als bedoeld in artikel
16, derde en vierde lid".
C. [MvT]
In artikel 19 wordt "Artikel
17, eerste
tot en met derde lid" vervangen door: Artikel
17, eerste en tweede lid.
D. [MvT]
Artikel 20 komt te luiden:
Art. 20. Verbod verhaal op werknemer
De werkgever mag de door hem
verschuldigde premie niet verhalen op de werknemer. Elk beding waarbij
van de eerste zin wordt afgeweken, is nietig.
Da.
Het opschrift van hoofdstuk 3, afdeling
1, paragraaf 3, komt te luiden: § 3. Uitzondering en uitbreiding
premieplicht
Db.
Na artikel 21 wordt een artikel
ingevoegd, luidende:
Art. 21a. Premieplicht Wet WIA tijdens
levensloopverlof
Voor de toepassing van dit hoofdstuk
wordt in afwijking in zoverre van artikel 8, derde lid, van de
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen mede als werknemer in de zin van de Wet
werk en inkomen naar arbeidsvermogen beschouwd degene die levensloopverlof geniet in het
kader van de toepassing van de levensloopregeling, bedoeld in artikel 19g van de
Wet op
de loonbelasting 1964.
E. [MvT]
In artikel 22, eerste lid, vervalt "of
een wijziging in de verdeling van de premie op grond van artikel
25,
tweede lid,".
F. [MvT]
Het opschrift van hoofdstuk 2, afdeling
2, paragraaf 3,¹ komt te luiden: § 3. Premieplicht
G. [MvT]
Artikel 25 komt te luiden:
Art. 25. Premieverschuldigdheid
werkgever
De premie is verschuldigd door de
werkgever in de zin van de Werkloosheidswet.
H. [MvT]
In artikel 28, vierde lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
I. [MvT]
In hoofdstuk 3, afdeling 3, vervalt het
opschrift van paragraaf 1 en vervalt
paragraaf 2.
J. [MvT]
In artikel 34, tweede lid, wordt "In
afwijking van artikel 20, tweede lid," vervangen door: In afwijking van
artikel 20.
K. [MvT
+ bis]
In artikel 38a, tweede lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
Ka.
Artikel 44, zesde lid, vervalt.
L. [MvT]
Artikel 59 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het zesde lid vervalt, onder
vernummering van het zevende tot en met negende lid tot zesde tot en met
achtste lid.
2.² Het zevende lid (nieuw) komt te
luiden:
-7. In afwijking van de artikelen 25, 30
en 34, eerste lid, en met overeenkomstige toepassing van artikel 13bis,
zestiende lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964, is de premie door de
werknemer verschuldigd in de gevallen, bedoeld in artikel 13bis,
zestiende lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964.
3. In het achtste lid (nieuw) wordt "Het
zevende lid" vervangen door: Het zesde lid.
M. [MvT]
Artikel 65 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid, tweede volzin,
vervalt.
2. In het derde lid vervalt "en wordt de
bijdragevervangende belasting, bedoeld in het eerste lid en in artikel
57 van de Zorgverzekeringswet, beschouwd als inkomensafhankelijke
bijdrage op grond van die wet".
Ma.
Artikel 74, derde lid, vervalt.
N. [MvT]
Aan artikel 83, tweede lid, wordt, onder
vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door een puntkomma,
een onderdeel toegevoegd, luidende:
d.²* de bijdrage, bedoeld in artikel 87a.
O. [MvT]
Na artikel 87 wordt een artikel
ingevoegd, luidende:
Art. 87a. Bijdrage
Zorgverzekeringsfonds
-1. Periodiek wordt door de SVB een
bijdrage ten laste gebracht van het Ouderdomsfonds die ten gunste komt
van het Zorgverzekeringsfonds, bedoeld in artikel
39, eerste lid, van de
Zorgverzekeringswet.
-2. De bijdrage, bedoeld in het eerste
lid, vormt het verschil tussen het in het kalenderjaar geldende
percentage, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, dat wordt toegepast voor het loon, bedoeld in
artikel 42, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet,
en het in het
kalenderjaar geldende percentage, bedoeld in artikel
45, tweede lid, van
de Zorgverzekeringswet, dat wordt toegepast voor het bijdrage-inkomen,
bedoeld in artikel 43, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet,
vermenigvuldigd met de lasten van de algemene ouderdomsverzekering en de
vrijwillige algemene ouderdomsverzekering.
-3. De SVB stelt regels omtrent de
termijnen waarin en de wijze waarop de bijdrage, bedoeld in het eerste
lid, betaalbaar wordt gesteld.
-4. De door de SVB op grond van het derde
lid gestelde regels behoeven de goedkeuring van Onze
Minister, na
overleg met Onze Ministers van Financiën en
van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport.
P. [MvT]
In artikel 100, onderdeel d, wordt "of
vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet"
vervangen door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
Q.³ [MvT
+ bis]
In artikel 104, onderdeel f, wordt "of
vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet"
vervangen door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
R. [MvT]
In artikel 105, derde en vierde lid,
wordt "of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en de inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
S. [MvT
+ bis]
In artikel 108, eerste lid, onderdeel f,
wordt "of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en de inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
T. [MvT
+ bis]
Artikel 115, eerste lid, wordt als volgt
gewijzigd:
1. In onderdeel f wordt "of vergoedingen
als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door:
en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
2. Onderdeel i, onder 2º, komt te
luiden:
2º. de op grond van artikel 42 van de Zorgverzekeringswet
over dat bedrag verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage;.
U. Vervallen. [MvT
+ bis]
V. [MvT]
In artikel 117b, derde lid, onderdeel f,
wordt "en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en de inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
1. Volgens de redactie dient "hoofdstuk 2, afdeling
2, paragraaf 3" te worden vervangen door: hoofdstuk
3, afdeling
2, paragraaf 3.
2. Redactie: ingevolge artikel XXXI,
onderdeel A, van de Wet uitwerking autobrief
wordt "zestiende lid" telkens vervangen door: zestiende
en twintigste lid.
2*. Volgens de redactie dient de letteraanduiding "d."
te worden vervangen door: c.
3. Redactie: ingevolge artikel
XVIII, onderdeel A, van de Fiscale verzamelwet
2012 wordt "In artikel 104,
onderdeel f" vervangen door: In artikel
104, eerste lid, onderdeel f.
[Redactie: ingevolge artikel
XXXI, onderdeel B, van de Wet uitwerking
autobrief wordt na artikel I
een artikel ingevoegd,
luidende:
Art. Ia.
In de Wet financiering sociale
verzekeringen wordt met ingang van 1 januari 2015 in artikel
59, zevende lid, "zestiende en twintigste lid" telkens vervangen door: vijftiende
en negentiende lid.]
Art.
II. [MvT]
De Zorgverzekeringswet wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel l wordt "dan wel in de
zin van de Wet financiering sociale verzekeringen" vervangen door: dan
wel de werkgever in de zin van de Wet financiering sociale verzekeringen.
2. Onderdeel u komt te luiden:
u. inspecteur: de functionaris van de
rijksbelastingdienst die als zodanig bij regeling van Onze Minister van
Financiën is aangewezen;.
B. [MvT]
Aan artikel 39, tweede lid, wordt, onder
vervanging van de punt aan het slot van onderdeel i ¹ door een puntkomma,
een onderdeel toegevoegd, luidende:
j.¹ de bijdrage, bedoeld in artikel 87a
van de Wet financiering sociale verzekeringen.
C. [MvT]
In artikel 41 wordt: "De
verzekeringsplichtige is" vervangen door: De inhoudingsplichtige en de
verzekeringsplichtige zijn.
D. [MvT]
Artikel 42 komt te luiden:
Art. 42.
-1. De inhoudingsplichtige is een
inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd over het door hem verstrekte
loon overeenkomstig de Wet
op de loonbelasting 1964 uit:
a. tegenwoordige dienstbetrekking als
bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964 van de verzekeringsplichtige
of van degene, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, van deze
wet, met uitzondering van:
1º. de eindheffingsbestanddelen, bedoeld
in artikel 31, eerste lid, onderdeel b tot en met h, van de
Wet op
de loonbelasting 1964;
2º. het in artikel 13bis van de Wet
op de loonbelasting 1964 bedoelde voordeel, voor zover dit voordeel door
middel van een aan de werknemer opgelegde naheffingsaanslag in
aanmerking is genomen;
3º. het loon van degene, bedoeld in
artikel 4, onderdeel f, van de Wet
op de loonbelasting 1964;
4º. het loon van de
directeur-grootaandeelhouder, bedoeld in artikel
6, eerste lid,
onderdeel d, van de Ziektewet;
b. vroegere arbeid als bedoeld in de Wet
op de loonbelasting 1964 van de verzekeringsplichtige of van degene,
bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, tot de eerste dag van de
kalendermaand volgende op de maand waarin deze de leeftijd van 65 jaar
bereikt, met uitzondering van bij ministeriële regeling aan te wijzen
bestanddelen van het loon.
-2. Het loon waarover de
inkomensafhankelijke bijdrage ingevolge het eerste lid wordt geheven,
wordt ten minste gesteld op nihil en wordt bij dezelfde
inhoudingsplichtige tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het
door Onze Minister, in overeenstemming met
Onze Ministers van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën, in een kalenderjaar
vastgestelde bedrag.
-3. Het bedrag, bedoeld in het tweede lid,
wordt vastgesteld voor loontijdvakken waarin loon als bedoeld in het
eerste lid wordt genoten waarvoor Onze Minister, in overeenstemming met
Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, dit nodig acht.
-4. Voor de herleiding naar een ander
loontijdvak van het bedrag, bedoeld in het derde lid, is artikel 25,
eerste en vierde lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964 van
overeenkomstige toepassing.
-5. De inkomensafhankelijke bijdrage
wordt, met inachtneming van het tweede lid, per loontijdvak berekend
over het verschil tussen het loon dat de werknemer in het kalenderjaar
heeft genoten tot en met dat loontijdvak en het loon dat de werknemer in
dat kalenderjaar heeft genoten tot en met het aan dat loontijdvak
voorafgaande loontijdvak.
-6. Het tweede en vijfde lid zijn niet van
toepassing in de gevallen, bedoeld in artikel 26b, eerste volzin, van de
Wet op
de loonbelasting 1964.
-7. De inhoudingsplichtige mag de door hem
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage niet verhalen op de
verzekeringsplichtige of op degene, bedoeld in artikel
2, tweede lid,
onderdeel b. Elk beding waarbij van de eerste volzin wordt afgeweken, is
nietig.
-8. De rijksbelastingdienst stort de
inkomensafhankelijke bijdrage die is geheven over het loon van degene,
bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, van deze wet, op de
rekening, bedoeld in artikel 70, eerste dan wel tweede lid.
E. [MvT]
Artikel 43 komt te luiden:
Art. 43.
-1. De verzekeringsplichtige is een
inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd over het in een kalenderjaar
genoten bijdrage-inkomen.
-2. Het bijdrage-inkomen is het
gezamenlijke bedrag van hetgeen door de verzekeringsplichtige is genoten
aan:
a. loon overeenkomstig de Wet
op de loonbelasting 1964, verminderd met:
1º. het loon waarop artikel 42 van
toepassing is;
2º. de eindheffingsbestanddelen, bedoeld
in artikel 31, eerste lid, onderdeel b tot en met h, van de
Wet op
de loonbelasting 1964;
en vermeerderd met loon bepaald volgens
de regels van artikel 3.82 van de Wet
inkomstenbelasting 2001;
b. belastbare winst uit onderneming
bepaald volgens de regels van afdeling 3.2 van de Wet
inkomstenbelasting 2001;
c. belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden bepaald volgens de regels van afdeling 3.4 van de Wet
inkomstenbelasting 2001, met uitzondering van de in artikel 3.91, eerste
lid, onderdeel a en b, en artikel 3.92 van de Wet
inkomstenbelasting 2001 bedoelde werkzaamheden;
d. belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen bepaald volgens de regels van afdeling 3.5 van de Wet
inkomstenbelasting 2001.
-3. Het bijdrage-inkomen wordt ten minste
op nihil gesteld en wordt tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen
dan het bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met
Onze Ministers van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën, in een
kalenderjaar vastgestelde bedrag.
-4. Ingeval de inkomensafhankelijke
bijdrage ingevolge artikel 49, tweede lid, bij wijze van inhouding wordt
geheven, is artikel 42, tweede tot en met zesde lid, van overeenkomstige
toepassing.
-5. Ingeval de inkomensafhankelijke
bijdrage ingevolge artikel 49, derde lid, bij wege van aanslag wordt
geheven, wordt daarbij als bijdrage-inkomen ten hoogste in aanmerking
genomen een bedrag gelijk aan het in het derde lid bedoelde bedrag,
verminderd met het loon, bedoeld in artikel
42, van de
verzekeringsplichtige en met het door de verzekeringsplichtige van een
inhoudingsplichtige genoten loon, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a.
F. [MvT]
Artikel 44 vervalt.
G. [MvT]
Artikel 45, eerste tot en met derde lid,
komt te luiden:
-1. De door de inhoudingsplichtige
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage bedraagt een percentage van
het loon, bedoeld in artikel 42, eerste lid.
-2. De door de verzekeringsplichtige
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage bedraagt een percentage van
het bijdrage-inkomen.
-3. De in het eerste en tweede lid
bedoelde bijdragepercentages worden vastgesteld bij regeling van Onze
Minister, in overeenstemming met Onze Ministers van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën, waarbij voor daarbij aan te geven
bestanddelen van het loon of het bijdrage-inkomen een afwijkend
percentage kan worden vastgesteld.
H. [MvT]
Artikel 46 vervalt.
I.² [MvT]
Artikel 49 komt te luiden:
Art. 49.
-1. De door de inhoudingsplichtige
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage wordt geheven met
overeenkomstige toepassing van de voor de heffing van loonbelasting
geldende regels.
-2. Voor zover het bijdrage-inkomen
bestaat uit loon als bedoeld in artikel 43, tweede lid, onderdeel a, dat
van een inhoudingsplichtige wordt genoten, wordt de inkomensafhankelijke
bijdrage bij wijze van inhouding geheven met overeenkomstige toepassing
van de voor de heffing van loonbelasting geldende regels.
-3. Voor zover het bijdrage-inkomen
bestaat uit andere dan de in het tweede lid bedoelde bestanddelen, wordt
de inkomensafhankelijke bijdrage bij wege van aanslag geheven met
overeenkomstige toepassing van de voor de heffing van de
inkomstenbelasting geldende regels, met uitzondering van artikel 3 154
van de Wet
inkomstenbelasting 2001.
-4. Artikel 13bis, zestiende lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964 is van overeenkomstige toepassing.
J. [MvT]
Artikel 50 komt te luiden:
Art. 50.
-1. De inspecteur verleent bij voor
bezwaar vatbare beschikking aan de verzekeringsplichtige een teruggaaf
van de op het loon ingehouden inkomensafhankelijke bijdrage voor zover
het loon van de verzekeringsplichtige waarover inkomensafhankelijke
bijdrage is geheven hoger is dan het in artikel
43, derde lid, bedoelde
bedrag.
-2. Een teruggaaf wordt niet verleend
indien het met toepassing van het eerste lid berekende bedrag niet meer
bedraagt dan het in artikel 9.4, vijfde lid, van de Wet
inkomstenbelasting 2001 genoemde bedrag.
-3. Bij ministeriële regeling worden
regels gesteld ter zake van het verlenen van een voorschot op het bij de
beschikking, bedoeld in het eerste lid, vast te stellen bedrag.
-4. Ingeval een voorschot is verleend doch
ingevolge het eerste en tweede lid geen recht bestaat op een teruggaaf,
wordt het bedrag van het verleende voorschot bij een door de inspecteur
te nemen voor bezwaar vatbare beschikking teruggevorderd.
-5. Bij de voor bezwaar vatbare
beschikking, bedoeld in het eerste lid, en bij de voor bezwaar vatbare
beschikking, bedoeld in het vierde lid, wordt enkelvoudige heffingsrente
als bedoeld in hoofdstuk Va van de Algemene
wet inzake rijksbelastingen berekend over het tijdvak dat aanvangt op de dag na het einde van het
kalenderjaar waarop de bijdrage betrekking heeft en eindigt op de dag
van de dagtekening van de beschikking.
-6. Indien de verrekening van een
voorschot als bedoeld in het derde lid met het bij de beschikking,
bedoeld in het eerste lid, bedoelde bedrag leidt tot een terug te
vorderen bedrag, alsmede indien sprake is van een terugvordering als
bedoeld in het vierde lid, zijn bij de invordering hiervan de regels die
gelden voor de inkomstenbelasting van overeenkomstige toepassing.
K. [MvT]
Artikel 51, tweede lid, komt te luiden:
-2. Bij de invordering van de bijdrage
zijn, naargelang artikel 49, eerste of tweede, dan wel derde lid, van
toepassing is, de regels geldende voor de invordering van loonbelasting
onderscheidenlijk de inkomstenbelasting van overeenkomstige toepassing.
L. [MvT]
Artikel 57 komt te luiden:
Art. 57.
-1. Van de persoon die op grond van
artikel 2, tweede lid, onderdeel b, niet verzekeringsplichtig is, wordt
bijdragevervangende belasting geheven tot het bedrag van de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel
43, tweede lid, dat
deze persoon verschuldigd zou zijn als hij verzekeringsplichtig zou
zijn.
-2. In afwijking in zoverre van artikel 43
wordt van de persoon aan wie met toepassing van artikel 64 van de
Wet financiering sociale verzekeringen een ontheffing is verleend in het
kader van één of meer volksverzekeringen anders dan die volgens de
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, geen inkomensafhankelijke bijdrage
geheven, maar een bijdragevervangende belasting tot het bedrag van de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel
43, tweede lid.
-3. De heffing van de bijdragevervangende
belasting vindt plaats met overeenkomstige toepassing van artikel
49,
tweede, derde en vierde lid.
-4. De rijksbelastingdienst stort de
belasting, bedoeld in het eerste lid, op de rekening, bedoeld in artikel
70, eerste dan wel tweede lid.
[M.]
³
1. Volgens de redactie
dient "onderdeel i" te worden vervangen door
"onderdeel j" en dient de letteraanduiding "j."
te worden vervangen door: k.
2. Redactie: ingevolge artikel XXXI,
onderdeel C, van de Wet uitwerking autobrief
komt
artikel 49, vierde lid, van de Zorgverzekeringswet
te luiden als volgt:
-4. Artikel 13bis, zestiende en twintigste
lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964 is van overeenkomstige
toepassing.
3. Redactie: ingevolge artikel
XVIII, onderdeel B, onder 2, van de Fiscale
verzamelwet 2012 wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
M.
Artikel 69 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het derde lid komt te luiden:
-3. Voor zover een pensioen- of renteverstrekkend orgaan aan een in het
eerste lid bedoelde persoon loon als bedoeld in artikel
42 verstrekt, is dat orgaan een bij ministeriële regeling te
bepalen bijdrage verschuldigd.
2. In het vierde lid wordt "van de bijdrage, bedoeld in het tweede
lid" vervangen door: van de bijdragen, bedoeld in het tweede en
derde lid.
3. Het negende lid komt te luiden:
-9. Indien de melding, bedoeld in het eerste lid, niet is geschied
binnen vier maanden nadat het recht, bedoeld in het eerste lid, is
ontstaan, legt het College zorgverzekeringen degene die de melding had
moeten doen een bestuurlijke boete op ter hoogte van driemaal de tot een
maandbedrag herleide standaardpremie, bedoeld in de Wet
op de zorgtoeslag.
4. Na het negende lid wordt, onder vernummering van het tiende lid tot
elfde lid, een lid ingevoegd, luidende:
-10. Het College zorgverzekeringen kan de bijdrage, bedoeld in het
tweede of derde lid, of een boete als bedoeld in het negende lid, bij
dwangbevel invorderen.
5. In het elfde lid (nieuw) wordt "bedoeld in het derde lid"
vervangen door: bedoeld in het negende lid.
[Redactie: ingevolge artikel
XXXI, onderdeel D, van de Wet uitwerking
autobrief wordt na artikel II
een artikel
ingevoegd, luidende:
Art. IIa.
In de Zorgverzekeringswet wordt met
ingang van 1 januari 2015 in
artikel 49, vierde lid, "zestiende en
twintigste lid" vervangen door: vijftiende en negentiende lid.]
Art.
III. [MvT]
De Wet
op de loonbelasting 1964 wordt als
volgt gewijzigd:
0A.
Aan artikel 6 wordt een lid toegevoegd,
luidende:
-6. Een in Nederland gevestigd onderdeel
van een concern waartoe ook een onderdeel behoort dat op grond van het
derde lid, onderdeel b, als inhoudingsplichtige wordt aangemerkt, kan op
gezamenlijk verzoek van deze concernonderdelen, in afwijking in zoverre
van het eerste, tweede en derde lid, door de inspecteur, die daarbij
voorwaarden kan stellen, worden aangewezen als inhoudingsplichtige voor
één of meer personen die bij het niet in Nederland gevestigde
concernonderdeel in dienst zijn. De aanwijzing en de daarbij gestelde
voorwaarden kunnen, al dan niet op verzoek, worden gewijzigd of
ingetrokken. Aanwijzing, wijziging of intrekking vinden plaats bij voor
bezwaar vatbare beschikking.
A.
[MvT]
Artikel 11, eerste lid, wordt als volgt
gewijzigd:
1. Onderdeel j, onder 2º, vervalt, onder
vernummering van onder 3º tot met onder 5º tot onder 2º tot en met
onder 4º.
2. Onderdeel j, onder 3º (nieuw), komt
te luiden:
3º. in plaats van bijdragen als bedoeld
onder 2º;.
B.
[MvT]
In artikel 11c wordt voor de punt aan het
slot ingevoegd: of met de omstandigheid dat met toepassing van artikel
59, zevende lid, van die wet de op de voet van
hoofdstuk 3 van die wet
verschuldigde premies worden nageheven van de werknemer.
C.
[MvT]
Na artikel 11c wordt een artikel
ingevoegd, luidende:
Art. 11d.
Bij de bepaling van de omvang van het
loon wordt geen rekening gehouden met de ter zake van het loon
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in de Zorgverzekeringswet.
D.
[MvT]
In artikel 18a, achtste lid, onderdeel a,
wordt "en zesde lid" vervangen door: en vijfde lid.
E.
[MvT]
In artikel 18d, derde lid, wordt "en
zesde lid" vervangen door: en vijfde lid.
F.
[MvT]
In artikel 18e, vijfde lid, wordt "en
zesde lid" vervangen door: en vijfde lid.
G.
[MvT]
In artikel 20a, eerste lid, wordt de
tabel als volgt gewijzigd:
1. Het in kolom I in de tweede regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de eerste regel vermelde bedrag
worden verhoogd met €|700.
2. Het in kolom I in de derde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de tweede regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
3. Het in kolom I in de vierde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de derde regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
4. Het in kolom IV in de eerste regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 2,8.
5. Het in kolom IV in de tweede regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 0,25.
H.
[MvT]
In artikel 20b, eerste lid, wordt de
tabel als volgt gewijzigd:
1. Het in kolom I in de tweede regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de eerste regel vermelde bedrag
worden verhoogd met €|700.
2. Het in kolom I in de derde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de tweede regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
3. Het in kolom I in de vierde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de derde regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
4. Het in kolom IV in de eerste regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 2,8.
5. Het in kolom IV in de tweede regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 0,25.
I.
[MvT]
Het in artikel 22, tweede lid, genoemde
bedrag wordt verlaagd met €|35.
J.
[MvT]
Artikel 22a wordt als volgt gewijzigd:
1. Het in het tweede lid, onderdeel b,
laatstgenoemde bedrag wordt verlaagd met €|125.
2. Het in het tweede lid, onderdeel c,
genoemde percentage wordt verhoogd met 2,75.
3. Het in het tweede lid, onderdeel c,
laatstgenoemde bedrag wordt verhoogd met €|900.
4. De in het derde lid genoemde bedragen
worden verlaagd met €|125.
5. Het vierde lid komt te luiden:
-4. Met loon uit tegenwoordige arbeid
wordt gelijkgesteld:
a. loon genoten wegens tijdelijke
inactiviteit als bedoeld in artikel 628 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede hetgeen door de werknemer met een publiekrechtelijke
dienstbetrekking wordt genoten op grond van naar aard en strekking
overeenkomstige regelingen, voor een tijdvak van maximaal 104 weken;
b. loon genoten als garantieloon als
bedoeld in artikel 628a van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek;
c. loon genoten wegens tijdelijke
arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel 629 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede hetgeen door de werknemer met een
publiekrechtelijke dienstbetrekking wordt genoten op grond van naar aard
en strekking overeenkomstige regelingen en hetgeen wordt genoten
ingevolge de Ziektewet;
d. uitkeringen op grond van de Wet arbeid
en zorg en aanvullingen daarop door degene tot wie de belastingplichtige
in dienstbetrekking staat.
6. Het vijfde lid vervalt, onder
vernummering van het zesde lid tot vijfde lid.
K.
[MvT]
Artikel 22b komt te luiden:
Art. 22b.
-1. Voor de werknemer die de leeftijd van
65 jaar heeft bereikt, is de ouderenkorting van toepassing.
-2. De ouderenkorting bedraagt €|884
indien de belastingplichtige een tijdvakloon heeft dat op jaarbasis niet
meer bedraagt dan €|34 934. De ouderenkorting bedraagt €|150 indien
de belastingplichtige een tijdvakloon heeft dat op jaarbasis meer
bedraagt dan €|34 934.
L.
[MvT]
Het in artikel 22c, tweede lid, genoemde
bedrag wordt verlaagd met €|60.
M.
[MvT]
Artikel 31, derde lid, wordt als volgt
gewijzigd:
1. In de eerste volzin wordt "bedoeld in
artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door
"bedoeld in
artikel 43 van de Zorgverzekeringswet". Voorts vervalt
"alsmede de
daarover verschuldigde premie ingevolge hoofdstuk 3 van de
Wet financiering sociale verzekeringen".
2. In de tweede volzin wordt "premie"
vervangen door: bijdrage.
Ma.
Artikel 31a wordt als volgt gewijzigd:
1. Het in het tweede lid, aanhef,
laatstgenoemde percentage wordt verhoogd met 0,1 procentpunt.
2. Het in het vijfde lid genoemde
percentage wordt telkens verhoogd met 0,1 procentpunt.
N.
[MvT]
In artikel 32a, eerste lid, vervalt de
derde volzin.
O.
[MvT]
In artikel 35, derde lid, onderdeel g,
vervalt "als premie ingevolge hoofdstuk 3 van de
Wet financiering sociale verzekeringen
en".
P.
[MvT]
In artikel 35g, derde lid, onderdeel g,
vervalt "als premie ingevolge hoofdstuk 3 van de
Wet financiering sociale verzekeringen
en".
Art.
IV. [MvT]
De Algemene nabestaandenwet wordt als
volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:
1.¹ Het eerste lid, onderdeel b, komt te
luiden:
b. nettominimumloon: het brutominimumloon na aftrek van
premies volksverzekeringen en loonbelasting, waarbij de loonbelasting en
premie voor de volksverzekeringen, bedoeld in artikel 1 van de
Wet financiering sociale verzekeringen, worden berekend voor een
werknemer
jonger dan 65 jaar, rekening houdend met uitsluitend tweemaal de
algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 22 van de Wet
op de loonbelasting 1964, over het brutominimumloon;.
2.² Het tweede lid vervalt, onder
vernummering van het derde en vierde lid tot tweede en derde lid.
3. In het derde lid (nieuw) wordt "bedoeld in het derde
lid" telkens vervangen door: bedoeld in het
tweede lid.
B. [MvT]
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te luiden:
-1. De brutonabestaandenuitkering wordt
op een zodanig bedrag vastgesteld dat nadat de over dat bedrag in te
houden loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen voor een
persoon jonger dan 65 jaar, rekening houdend met uitsluitend de algemene
heffingskorting, bedoeld in artikel 22 van de Wet
op de loonbelasting 1964, is afgetrokken, de
nettonabestaandenuitkering gelijk is aan 70%
van het nettominimumloon.
2. Het tweede lid komt te luiden:
-2. In afwijking van het eerste lid wordt
de brutonabestaandenuitkering van de nabestaande, zolang hij een
gezamenlijke huishouding ten behoeve van de verzorging van een
hulpbehoevende voert, op een zodanig bedrag vastgesteld dat nadat de
over dat bedrag in te houden loonbelasting en premie voor de
volksverzekeringen voor een persoon jonger dan 65 jaar, rekening houdend
met uitsluitend de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 22 van
de Wet
op de loonbelasting 1964, is afgetrokken, de
nettonabestaandenuitkering gelijk is aan 50% van het nettominimumloon.
C. [MvT]
Artikel 25, eerste lid, komt te luiden:
-1. De brutohalfwezenuitkering wordt op
een zodanig bedrag vastgesteld dat nadat de over dat bedrag in te
houden loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen voor een
persoon jonger dan 65 jaar, rekening houdend met uitsluitend de algemene
heffingskorting, bedoeld in artikel 22 van de Wet
op de loonbelasting 1964, en de alleenstaandeouderkorting, bedoeld in artikel 8.15 van de
Wet
inkomstenbelasting 2001, is afgetrokken, de nettohalfwezenuitkering
gelijk is aan 20% van het nettominimumloon.
1. Redactie: ingevolge artikel
XIXa van de Verzamelwet
SZW 2012 komt onder 1 te luiden als volgt:
1. In het eerste lid, onderdeel b, wordt
in de eerste zin de zinsnede "premies op grond van de Wet financiering
sociale verzekeringen, de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in
artikel 41 van de Zorgverzekeringswet, over het
brutominimumloon en
loonbelasting, en vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46
van de Zorgverzekeringswet" vervangen door
"premies volksverzekeringen
en loonbelasting" en vervalt in de tweede zin de zinsnede "vermeerderd
met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de
Zorgverzekeringswet, en
verminderd met het werknemersaandeel in de premie, bedoeld in afdeling 2
van hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen".
2. Redactie: ingevolge artikel XI, onderdeel
B, van de Wet van 15
december 2011, Stb. 2011, 647, wordt "onder vernummering
van het derde en vierde lid tot tweede en derde lid" vervangen
door: onder vernummering van het derde tot en met vijfde lid tot tweede
tot en met vierde lid.
Art.
V. [MvT]
De Algemene Ouderdomswet wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het derde lid komt te luiden:
-3. Onder het nettominimumloon wordt
verstaan het brutominimumloon na aftrek van premies op grond van de Wet financiering sociale verzekeringen
en loonbelasting.
2. In het vierde lid vervalt "vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, en verminderd met het werknemersaandeel in de
premie, bedoeld in afdeling 2 van hoofdstuk 3 van de
Wet financiering sociale verzekeringen".
3. Het vijfde lid vervalt, onder
vernummering van het zesde tot en met negende lid tot vijfde tot en met
achtste lid.
4. In het achtste lid (nieuw) wordt "achtste
lid" vervangen ¹ door: zevende lid.
B.² [MvT]
In artikel 33b, derde lid, wordt "Artikel
9, achtste lid" vervangen door: Artikel
9, zevende lid.
1. Volgens de redactie
dient "vervangen" te worden vervangen door: telkens vervangen.
2. Ingevolge artikel
XLI komt onderdeel B te vervallen, red.
Art.
VI.
De Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering
zelfstandigen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 56 vervalt.
B.¹ [MvT]
Artikel 58, vierde lid, onderdeel b, komt
te luiden:
b. het bedrag aan inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, dat het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij uitbetaling over dat
bedrag verschuldigd zou zijn.
1. Gelet op het bepaalde in artikel
XI, onderdeel B, van de Verzamelwet SZW 2012,
dient volgens de redactie onderdeel B te
vervallen.
Art.
VII.
De Wet op de
arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt als volgt gewijzigd:
0A.
Aan artikel 9 wordt, onder vervanging van
de punt aan het slot van onderdeel 2º door een puntkomma, een onderdeel
toegevoegd, luidende:
3º. de aangewezen inhoudingsplichtige,
bedoeld in artikel 6, zesde lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964.
A. [MvT]
In artikel 10, derde lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
B.¹ [MvT]
Artikel 44, vierde lid, onderdeel b, komt
te luiden:
b. het bedrag aan inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, dat het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij uitbetaling over dat
bedrag verschuldigd zou zijn.
C. Vervallen. [MvT]
D. Vervallen. [MvT]
E. Vervallen. [MvT]
F. [MvT]
In artikel 91b, eerste lid wordt ", met
dien verstande dat met ingang van de inwerkingtreding van de Zorgverzekeringswet
het krachtens artikel 75a, vierde lid, tweede zin,
te verhalen bedrag respectievelijk het krachtens artikel 75a, vijfde
lid, aan 's Rijks kas af te dragen bedrag wordt vermeerderd met de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, over de
uitkering" vervangen door: , met dien verstande dat het krachtens
artikel 75a, vierde lid, tweede zin, te verhalen bedrag respectievelijk
het krachtens artikel 75a, vijfde lid, aan 's Rijks kas af te dragen
bedrag wordt vermeerderd met de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld
in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over de uitkering.
G. Vervallen. [MvT]
1. Redactie:
ingevolge artikel XVIII, onderdeel D, van
de Fiscale verzamelwet 2012 vervalt onderdeel
B.
Art.
VIII. [MvT]
In artikel 15, tweede lid, van de Toeslagenwet
vervalt "en ter zake van het verschuldigd zijn van
inkomensafhankelijke bijdrage, van de heffing en invordering van
inkomensafhankelijke bijdrage, zoals deze zijn opgenomen in de Zorgverzekeringswet,".
Art.
IX. [MvT]
De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 72, tweede lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, over deze
uitkering" vervangen door: en de verschuldigde inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze
uitkering.
B. [MvT]
In artikel 83, tweede en derde lid, wordt "de vergoeding, bedoeld in
artikel 46 van de Zorgverzekeringswet"
telkens vervangen door: de verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage,
bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
C. [MvT]
In artikel 84, tweede en vierde lid,
wordt "en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, over deze
uitkering" telkens vervangen door: en de
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze uitkering.
Art.
X. Vervallen. [MvT]
Art.
XI.
De Werkloosheidswet wordt als volgt
gewijzigd:
0A.
Aan artikel 10 wordt ¹ een onderdeel
toegevoegd, luidende:
c. de aangewezen inhoudingsplichtige,
bedoeld in artikel 6, zesde lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964.
A. [MvT]
In artikel 11, tweede lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijk bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
B. [MvT]
In artikel 79, eerste lid, onderdeel b,
wordt "of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en de inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
1. Volgens de redactie
dient na "wordt" te worden ingevoegd: , onder vervanging van
de punt aan het slot van onderdeel b door een puntkomma,.
Art.
XII.
De Ziektewet wordt als volgt gewijzigd:
0A.
Aan artikel 10 wordt ¹ een onderdeel
toegevoegd, luidende:
3º. de aangewezen inhoudingsplichtige,
bedoeld in artikel 6, zesde lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964.
A. [MvT]
In artikel 11, derde lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
B. [MvT]
In de artikelen 39a, eerste lid, 61,
tweede lid, 63a, derde lid, en 63b, tweede lid, wordt
"en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
1. Volgens de redactie
dient na "wordt" te worden ingevoegd: , onder vervanging van
de punt aan het slot van onderdeel 2º door een puntkomma,.
Art.
XIII.
De Wet werk en arbeidsondersteuning
jonggehandicapten wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
De artikelen 2:54 en 3:46 vervallen.
B.¹ [MvT]
Artikel 3:48, vierde lid, onderdeel b,
komt te luiden:
b. het bedrag aan inkomensafhankelijke
bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, dat het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij uitbetaling over dat
bedrag verschuldigd zou zijn.
C. [MvT]
Artikel 5:3, eerste lid, onderdeel b,
komt te luiden:
b. de op grond van enige wet over de
uitkeringen en inkomensvoorzieningen op grond van deze wet door het
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die
niet op deze uitkeringen en inkomensvoorzieningen in mindering kunnen
worden gebracht en de op grond van artikel 42 van de Zorgverzekeringswet
verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage;.
1. Redactie:
ingevolge artikel XVIII, onderdeel E, van
de Fiscale verzamelwet 2012 vervalt onderdeel
B.
Art.
XIV. [MvT]
De Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 10 vervalt.
Aa.
Artikel 25, vierde lid, tweede volzin,
komt te luiden: Loonbelasting en de premie voor de volksverzekeringen
waarvoor het college dat de uitkering verstrekt krachtens de Wet
op de loonbelasting 1964, onderscheidenlijk de Wet financiering sociale verzekeringen, inhoudingsplichtige is, kunnen worden
teruggevorderd
voor zover deze belasting en premie niet verrekend kunnen worden met de
door het college af te dragen loonbelasting en premie
volksverzekeringen.
B. [MvT]
Artikel 31 komt te luiden:
Art. 31.
Onder uitkering in de zin van deze
paragraaf wordt verstaan de uitkering, bedoeld in artikel
9.
Art.
XV. [MvT]
De Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 10 vervalt.
Aa.
Artikel 25, vierde lid, tweede volzin,
komt te luiden: Loonbelasting en de premie voor de volksverzekeringen
waarvoor het college dat de uitkering verstrekt krachtens de Wet
op de loonbelasting 1964, onderscheidenlijk de Wet financiering sociale verzekeringen,
inhoudingsplichtige is, kunnen worden teruggevorderd voor
zover deze belasting en premie niet verrekend kunnen worden met de door
het college af te dragen loonbelasting en premie volksverzekeringen.
B. [MvT]
Artikel 31 komt te luiden:
Art. 31.
Onder uitkering in de zin van deze
paragraaf wordt verstaan de uitkering, bedoeld in artikel
9.
Art.
XVI. [MvT]
De Wet inkomensvoorziening oudere
werklozen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 28 vervalt.
B. [MvT]
In artikel 40, eerste lid, wordt "de
door het UWV te verstrekken vergoeding als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: de door het
UWV verschuldigde
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet,.
Art.
XVII.¹
De Wet investeren in jongeren wordt als
volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 8 komt te luiden:
Art. 8. Kinderbijslag en premies
In deze wet en de daarop berustende
bepalingen wordt verstaan onder:
- kinderbijslag: kinderbijslag op grond van de Algemene
Kinderbijslagwet;
- premies volksverzekeringen: premies volksverzekeringen als bedoeld in
de Wet financiering sociale verzekeringen.
B.
[MvT]
Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt ", premies
volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet, en vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in
artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en premies
volksverzekeringen.
2. In het tweede lid vervalt ",
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, en verminderd met de premies
werknemersverzekeringen".
3. Het derde lid vervalt.
C. [MvT]
In artikel 34, tweede lid, vervalt "en
de daarover verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in
artikel 41 van de Zorgverzekeringswet".
D. [MvT]
In artikel 36, derde lid, vervalt ",
alsmede met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet".
E. [MvT]
In artikel 47, tweede lid, wordt "en de
vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen
door: en de inkomensafhankelijk bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
1. Gelet op het bepaalde in artikel
II van de Wet van 22 december 2011, Stb.
2011, 650, dient volgens de redactie artikel XVII
te vervallen.
Art.
XVIII.
De Wet werk en bijstand wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 2 komt te luiden:
Art. 2. Premies en kinderbijslag
In deze wet en de daarop berustende
bepalingen wordt verstaan onder:
a. premies volksverzekeringen: premies volksverzekeringen als bedoeld in
de Wet financiering sociale verzekeringen;
b. kinderbijslag: kinderbijslag op grond van de Algemene
Kinderbijslagwet.
B. [MvT]
In artikel 19, vierde lid, vervalt ",
alsmede met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet".
C. [MvT]
In artikel 31, derde lid, onderdeel b,
wordt "premies volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen dan
wel een inhouding die met één of meer van deze premies overeenkomt,
alsmede de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: premies volksverzekeringen dan wel
een inhouding die met één of meer van deze premies overeenkomt alsmede
de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 43 van de Zorgverzekeringswet.
D. [MvT]
In artikel 32, eerste lid, onderdeel a,
wordt "artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door:
artikel
43 van de Zorgverzekeringswet.
E. [MvT]
In artikel 35, achtste lid, vervalt ",
alsmede met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet".
F. [MvT]
Artikel 37 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt ", premies
volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet, en vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in
artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en premies
volksverzekeringen.
2. In het tweede lid vervalt ",
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, en verminderd met de premies
werknemersverzekeringen".
3.¹ Het derde lid vervalt, onder
vernummering van het vierde lid tot derde lid.
G. [MvT]
In artikel 53, tweede lid, wordt ", en
de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet"
vervangen door: en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
H. [MvT]
Artikel 58, vierde lid, tweede volzin,
komt te luiden: Loonbelasting en de premies
volksverzekeringen waarvoor de gemeente die de bijstand verstrekt
krachtens de Wet
op de loonbelasting 1964 inhoudingsplichtige is, kunnen
worden teruggevorderd voor zover deze belasting en premies niet
verrekend kunnen worden met de door het college af te dragen
loonbelasting en premies volksverzekeringen.
I. [MvT]
In artikel 69, eerste lid, tweede volzin,
wordt ", de premies volksverzekeringen die daarover verschuldigd zijn
en de in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet
bedoelde vergoedingen van
de inkomensafhankelijke bijdragen daarover" vervangen door: , de
premies volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld
in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, die daarover verschuldigd
zijn.
1. Redactie:
ingevolge artikel XI, onderdeel B,
van de Wet van 15 december 2011, Stb. 2011,
647, wordt "vernummering van het vierde lid tot derde lid"
vervangen door: vernummering van het vierde en vijfde lid tot derde en
vierde lid.
Art.
XIX.¹
De Wet werk en inkomen kunstenaars wordt
als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 16, tweede lid, onderdeel a,
wordt "artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door
"artikel
43 van de Zorgverzekeringswet" en vervalt
", voor zover deze hen niet
op grond van artikel 46 van de Zorgverzekeringswet
zijn vergoed".
B. [MvT]
Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid wordt ", premies
volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en premies volksverzekeringen.
2. In het derde lid vervalt ",
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, en verminderd met de premies
werknemersverzekeringen".
3. Het vierde lid vervalt, onder
vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot vierde tot en met
zesde lid.
4. In het vierde lid (nieuw) vervalt ",
alsmede met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet".
5. In het vijfde lid (nieuw) wordt "bedoeld in het vijfde
lid" vervangen door: bedoeld in het vierde lid.
C. [MvT]
In artikel 43, eerste lid, onderdeel b,
wordt: "artikel 41 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door:
artikel
43 van de Zorgverzekeringswet.
D. Vervallen. [MvT]
1. Gelet op het bepaalde in artikel
I van de Wet van 22 december 2011, Stb.
2011, 645, dient volgens de redactie artikel
XIX te vervallen.
Art.
XX. [MvT]
In artikel 3.24 van de Wet arbeid en zorg
wordt "en aan vergoeding als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: en aan inkomensafhankelijke
bijdrage als bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
Art.
XXI. [MvT]
In artikel 6, eerste lid, onderdeel j,
van de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag vervalt "een
vergoeding als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet
of".
Art.
XXII.¹ [MvT]
Artikel XXVI, onderdeel A, onder 1, van
de Reparatiewet VWS 2006 vervalt.
1. Gelet op het bepaalde in
het enig artikel van het Besluit
van 11 december 2006, Stb. 2006, 701, dient volgens de redactie
artikel XXII te vervallen.
Art.
XXIII. [MvT]
Artikel 2.5.8 van de Invoerings- en
aanpassingswet Zorgverzekeringswet vervalt.
Art.
XXIV. [MvT]
De Wet op de zorgtoeslag wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 1, eerste lid, onderdeel f,
vervalt ", verminderd met het werknemersaandeel in de premie ingevolge
artikel 25, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen
en
vermeerderd met de vergoeding ingevolge artikel
46, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet
over dat loon".
B. Vervallen. [MvT]
Art.
XXV.
De Wet
buitengewoon pensioen 1940-1945 wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 3a vervallen het tweede lid
alsmede de aanduiding "-1." voor het eerste lid.
B. [MvT]
Artikel 31h wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "artikel 41"
vervangen door "artikel 43". Voorts wordt "artikel
43, eerste lid,
onderdeel a" vervangen door: artikel
43, tweede lid, onderdeel
a.
2. In het derde lid wordt "artikel
43,
tweede lid" vervangen door: artikel 43, derde lid.
C. [MvT]
Artikel 36 vervalt.
Art.
XXVI.
De Wet
buitengewoon pensioen Indisch verzet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
1. De aanduiding "-1." voor het eerste
lid vervalt.
2. Het tweede lid vervalt.
B. [MvT]
Artikel 35d wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "artikel 41"
vervangen door "artikel 43". Voorts wordt "artikel
43, eerste lid,
onderdeel a" vervangen door: artikel
43, tweede lid, onderdeel
a.
2. In het derde lid wordt "artikel
43,
tweede lid" vervangen door: artikel 43, derde lid.
C. [MvT]
Artikel 43 vervalt.
Art.
XXVII.
De Wet
buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 2, vierde lid, vervalt.
B. [MvT]
Artikel 28h wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "artikel 41"
vervangen door "artikel 43". Voorts wordt "artikel
43, eerste lid,
onderdeel a" vervangen door: artikel
43, tweede lid, onderdeel
a.
2. In het derde lid wordt "artikel
43,
tweede lid" vervangen door: artikel 43, derde lid.
C. [MvT]
Artikel 32 vervalt.
Art.
XXVIII.
De Wet
uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 19 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid vervalt ", nadat
dit is verminderd met het bedrag, bedoeld in artikel 26, eerste lid".
2. In het derde lid vervalt ", nadat dit
is verminderd met het bedrag, bedoeld in artikel 26, eerste lid".
B. [MvT]
Artikel 23a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "artikel 41"
vervangen door "artikel 43". Voorts wordt "artikel
43, eerste lid,
onderdeel a" vervangen door: artikel
43, tweede lid, onderdeel
a.
2. In het derde lid wordt "artikel
43,
tweede lid" vervangen door: artikel 43, derde lid.
C. [MvT]
Artikel 26 vervalt.
Art.
XXIX.
De Wet
uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 17a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt "artikel 41"
vervangen door "artikel 43". Voorts wordt "artikel
43, eerste lid,
onderdeel a" vervangen door: artikel
43, tweede lid, onderdeel
a.
2. In het derde lid wordt "artikel
43,
tweede lid" vervangen door: artikel 43, derde lid.
B. [MvT]
Artikel 19a vervalt.
Art.
XXX. [MvT]
De Wet
inkomstenbelasting 2001 wordt als
volgt gewijzigd:
A.
[MvT]
In artikel 2.10 wordt de tabel als volgt
gewijzigd:
1. Het in kolom I in de tweede regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de eerste regel vermelde bedrag
worden verhoogd met €|700.
2. Het in kolom I in de derde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de tweede regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
3. Het in kolom I in de vierde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de derde regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
4. Het in kolom IV in de eerste regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 2,8.
5. Het in kolom IV in de tweede regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 0,25.
B.
[MvT]
In artikel 2.10a wordt de tabel als volgt
gewijzigd:
1. Het in kolom I in de tweede regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de eerste regel vermelde bedrag
worden verhoogd met €|700.
2. Het in kolom I in de derde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de tweede regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
3. Het in kolom I in de vierde regel
vermelde bedrag en het in kolom II in de derde regel vermelde bedrag
worden verlaagd met €|500.
4. Het in kolom IV in de eerste regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 2,8.
5. Het in kolom IV in de tweede regel
genoemde percentage wordt verhoogd met 0,25.
C.
[MvT]
In artikel 3.16, tweede lid, onderdeel e,
wordt "paragraaf 5.2" vervangen door:
artikel
43.
D. [MvT]
Het in artikel 3.79a genoemde percentage
wordt verhoogd met 2.
Da.
Artikel 8.1 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het tweede lid komt te luiden:
-2. Tot het arbeidsinkomen wordt tevens
gerekend:
a. loon genoten wegens tijdelijke
inactiviteit als bedoeld in artikel 628 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede hetgeen door de werknemer met een publiekrechtelijke
dienstbetrekking wordt genoten op grond van naar aard en strekking
overeenkomstige regelingen, voor een tijdvak van maximaal 104 weken;
b. loon genoten als garantieloon als
bedoeld in artikel 628a van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek;
c. loon genoten wegens tijdelijke
arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel 629 van Boek
7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede hetgeen door de werknemer met een
publiekrechtelijke dienstbetrekking wordt genoten op grond van naar aard
en strekking overeenkomstige regelingen en hetgeen wordt genoten
ingevolge de Ziektewet;
d. uitkeringen op grond van de Wet arbeid
en zorg en aanvullingen daarop door degene tot wie de belastingplichtige
in dienstbetrekking staat.
2. Het vierde lid vervalt.
E. [MvT]
Het in artikel 8.10, tweede lid, genoemde
bedrag wordt verlaagd met €|35.
F. [MvT]
Artikel 8.11 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het in het tweede lid, onderdeel b,
laatstgenoemde bedrag wordt verlaagd met €|125.
2. Het in het tweede lid, onderdeel c,
vermelde percentage wordt verhoogd met 2,75.
3. Het in het tweede lid, onderdeel c,
als tweede genoemde bedrag wordt verhoogd met €|900.
4. De in het derde lid genoemde bedragen
worden verlaagd met €|125.
G. [MvT]
Artikel 8.17 komt te luiden:
Art. 8.17. Ouderenkorting
-1. De ouderenkorting geldt voor de
belastingplichtige die bij het einde van het kalenderjaar, of indien de
belastingplicht in de loop van het jaar is geëindigd, bij het einde van
de belastingplicht, de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.
-2. De ouderenkorting bedraagt €|884
indien de belastingplichtige een verzamelinkomen heeft van niet meer dan €|34 934. Indien de belastingplichtige een verzamelinkomen heeft van
meer dan €|34 934, bedraagt de ouderenkorting €|150.
H. [MvT]
Het in artikel 8.18, tweede lid, genoemde
bedrag wordt verlaagd met €|60.
I. [MvT]
Artikel 10.7 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het derde lid, onderdeel a, wordt
"verminderd met het werknemersaandeel in de premie, bedoeld in afdeling
2 van hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen,
en
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet,
en" vervangen door "vermeerderd met". Voorts
wordt het in het derde lid, onderdeel a, genoemde bedrag verlaagd met €|534.
2. In het vierde lid vervalt ",
verminderd met het werknemersaandeel in de premie, bedoeld in afdeling 2
van hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen,
en
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet".
3. In het vijfde lid wordt "verminderd
met het werknemersaandeel in de premie, bedoeld in afdeling 2 van
hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen, en
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet" vervangen door: verminderd met €|2600.
4. In het zesde lid, onderdeel a, wordt
"verminderd met het werknemersaandeel in de premie, bedoeld in afdeling
2 van hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen,
en
vermeerderd met de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet,
en" vervangen door "vermeerderd met". Voorts
wordt het in het zesde lid, onderdeel a, genoemde bedrag verlaagd met €|534.
5. Het zevende lid vervalt, onder
vernummering van het achtste lid tot zevende lid.
Art.
XXXI. [MvT]
De Wet
vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen
wordt als volgt
gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 31 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het tweede lid komt te luiden:
-2. Het in artikel 14, derde lid, vermelde
toetsloon wordt gesteld op 130% van het twaalfvoud van het in
artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet
minimumloon en minimumvakantiebijslag bedoelde bedrag.
2. Het derde lid vervalt.
B. [MvT]
Artikel 33 vervalt.
Art.
XXXII. [MvT]
Artikel 2 van de Wet
op het kindgebonden budget wordt als volgt gewijzigd:
1. In het vierde en vijfde lid wordt het
eerstgenoemde bedrag verlaagd met €|2750,00.
2. In het zesde lid wordt het genoemde
bedrag telkens verlaagd met €|2750,00.
Art.
XXXIII. [MvT]
De Wet
tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 2.23, tweede lid, tweede volzin,
komt te luiden: Naar de maatstaf van het schooljaar of studiejaar 2009-2010 bedraagt het grensbedrag €|30 276,21.
B. [MvT]
In artikel 10.6, eerste lid, onderdeel b, wordt "artikel 41 van de
Zorgverzekeringswet" vervangen door: artikel 43 van
de Zorgverzekeringswet.
Art.
XXXIV. [MvT]
Artikel 3.9, derde lid, van de Wet
studiefinanciering 2000 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de tweede volzin wordt "naar de
maatstaf van 2008 gelijk aan €|15 928,16" vervangen door: naar de
maatstaf van 2009 gelijk aan €|14 797,69.
2. In de vijfde volzin wordt "naar de
maatstaf van 2008 gelijk is aan €|20 199,42" vervangen door: naar de
maatstaf van 2009 gelijk is aan €|19 168,69.
Art.
XXXV. [MvT]
Artikel 24, zevende lid, van de Waterleidingwet
vervalt.
Art.
XXXVI. [MvT]
In artikel 29 van de Wet
financiële voorzieningen privatisering ABP vervallen het tweede lid alsmede de
aanduiding "-1." voor het eerste lid.
Art.
XXXVII. [MvT]
-1. Artikel
17, vierde lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, zoals dat luidde op 31 december
voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, blijft van toepassing
met betrekking tot premie die over de jaren tot de inwerkingtreding van
deze wet is betaald.
-2. Artikel 50 van de Zorgverzekeringswet
en de daarop berustende bepalingen, zoals die luidden op 31 december
voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet, blijven van toepassing
met betrekking tot inkomensafhankelijke bijdrage die over de jaren tot
de inwerkingtreding van deze wet is ingehouden.
Art.
XXXVIII. Tijdelijke heffingskorting met betrekking
tot de inkomstenbelasting [MvT]
-1. In de eerste drie kalenderjaren dat
deze wet in werking is, geldt een heffingskorting met betrekking tot de
inkomstenbelasting voor de belastingplichtige die bij het einde van het
kalenderjaar, of indien de belastingplicht in de loop van het
kalenderjaar is geëindigd, bij het einde van de belastingplicht, de
leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt en die een uitkering geniet
ingevolge een pensioenregeling of regeling voor vervroegde uittreding
als bedoeld in de Wet
op de loonbelasting 1964 waarop de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 43 van de Zorgverzekeringswet,
wordt ingehouden.
-2. In het jaar van inwerkingtreding van
deze wet bedraagt de heffingskorting 1% van de in het eerste lid
bedoelde uitkeringen, met een maximum van €|182,00.
-3. In het jaar volgend op het jaar van
inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,67% van de
in het eerste lid bedoelde uitkeringen, met een maximum van €|121,00.
-4. In het tweede jaar volgend op het jaar
van inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,33% van
de in het eerste lid bedoelde uitkeringen, met een maximum van €|61,00.
Art.
XXXIX. Tijdelijke heffingskorting met betrekking
tot de loonbelasting [MvT]
-1. In de eerste drie kalenderjaren dat
deze wet in werking is, geldt een heffingskorting met betrekking tot de
loonbelasting voor de werknemer die de leeftijd van 65 jaar nog niet
heeft bereikt en die een uitkering geniet ingevolge een pensioenregeling
of een regeling voor vervroegde uittreding waarop de
inkomensafhankelijke bijdrage als bedoeld in artikel 43 van de Zorgverzekeringswet
wordt ingehouden.
-2. In het jaar van inwerkingtreding van
deze wet bedraagt de heffingskorting 1% van de in het eerste lid
bedoelde uitkering, met een maximum van €|182,00.
-3. In het jaar volgend op het jaar van
inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,67% van de
in het eerste lid bedoelde uitkering, met een maximum van €|121,00.
-4. In het tweede jaar volgend op het jaar
van inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,33% van
de in het eerste lid bedoelde uitkering, met een maximum van €|61,00.
Art.
XL. [MvT]
Op het moment dat deze wet in werking
treedt, worden de bedragen in kolom III van de tabel in artikel 2.10 van
de Wet
inkomstenbelasting 2001 bij ministeriële regeling gewijzigd door
de bedragen welke na toepassing van dat onderdeel voortvloeien uit de in
de kolommen I en II van die tabel vermelde bedragen en de in kolom IV
van die tabel vermelde percentages. De eerste volzin is van
overeenkomstige toepassing op de bedragen in kolom III van de tabel in
artikel 2.10a van de Wet
inkomstenbelasting 2001, op de bedragen in
kolom III van de tabel in artikel 20a, eerste lid, van de Wet
op de loonbelasting 1964 en op de bedragen in kolom III van de tabel in
artikel 20b van de Wet
op de loonbelasting 1964.
Art.
XLI. [MvT]
Indien het bij koninklijke boodschap van
24 september 2010 ingediende voorstel van wet tot introductie van een
regeling die het mogelijk maakt oudere belastingplichtigen een
tegemoetkoming te verstrekken met het oog op compensatie van
koopkrachtverlies als gevolg van beleidsmaatregelen (Wet
mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen) (Kamerstukken 32
521) tot wet is of wordt verheven en artikel 14 van
die wet eerder in
werking is getreden of treedt dan de onderhavige wet, vervalt artikel V,
onderdeel B.
Art.
XLII. [MvT]
Indien het bij koninklijke boodschap van
27 augustus 2009 ingediende voorstel van wet
tot wijziging van de Wet werk en bijstand, de Algemene Ouderdomswet en
de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in verband met
de overheveling van de uitvoering van de aanvullende bijstand voor
personen van 65 jaar of ouder van de gemeenten naar de Sociale
verzekeringsbank en het aanbrengen van enkele andere aanpassingen in de
Algemene Ouderdomswet en tot wijziging van enkele
socialeverzekeringswetten in verband met de gelijkstelling binnen de
sociale zekerheid van voormalige pleeg- en stiefkinderen met eigen
kinderen (Kamerstukken 32 037) tot wet is of
wordt verheven en artikel III van die wet eerder in werking is getreden
of treedt dan de onderhavige wet, wordt in artikel
51, eerste lid, van de
Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen "en de
vergoedingen, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, van
inkomensafhankelijke bijdragen" vervangen door: en de
inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet.
Art.
XLIII. [MvT]
Deze wet treedt in werking met ingang van
een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende
artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.¹
1. Bij Besluit
van 6 februari 2012, Stb. 2012, 45, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 1 januari 2013, red.
Art.
XLIV.
Deze wet wordt aangehaald als: Wet
uniformering loonbegrip.
Lasten en
bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage, 6 juni 2011
BEATRIX
De Staatssecretaris van Financiën,
F.H.H. Weekers
De Minister van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid,
H.G.J. Kamp
De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
E.I. Schippers
Uitgegeven de eenentwintigste juni
2011
De Minister van Veiligheid en Justitie,
I.W. Opstelten
|
|