|
Parlementaire behandeling:
Kamerstukken II 2009-2010, 2010-2011,
2011-2012, 32 154.
Handelingen II 2010-2011, nr. 74, item 10; 2011-2012, nr. 5, item 8, nr.
7, item 14.
Kamerstukken I 2011-2012, 32 154 (A, B, C, D, E).
Handelingen I 2011-2012, nr. 16, item 8, nr. 17, item 5.
MEMORIE
VAN TOELICHTING
WET van 2 februari 2012, Stb.
2012, 77, houdende wijziging van de Algemene
Wet Bijzondere Ziektekosten en de Wet
toelating zorginstellingen in verband met het regelen van de
voorwaarden voor aanspraken op langdurige zorg buiten Nederland en de
financiering van deze aanspraken (Wet AWBZ-zorg buitenland).
Inwerkingtreding: 7 april 2012 (Stb. 2012,
144).
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
wenselijk is nadere regels te stellen met betrekking tot de wijze waarop
aanspraken op langdurige zorg in het buitenland gerealiseerd kunnen
worden en de financiering van deze aanspraken transparant te regelen;
Zo is het, dat Wij, de Raad
van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben
goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Art.
I. [MvT]
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
In artikel 1 wordt het eerste lid,
onderdeel d,¹ onder 2º, vervangen door:
2º. een organisatorisch verband dat
gevestigd is buiten het grondgebied van het Europese deel van Nederland
en overeenkomstig de daar geldende wetgeving rechtmatig gezondheidszorg
verstrekt als bedoeld bij en krachtens artikel
6;.
B.² [MvT]
Artikel 10, eerste tot en met derde lid,
komt te luiden als volgt:
-1. De verzekerde die zijn aanspraak op
zorg tot gelding wil brengen, wendt zich daartoe tot een zorgaanbieder
naar eigen keuze, met wie de zorgverzekeraar waarbij hij is ingeschreven
tot dat doel een overeenkomst als bedoeld in artikel 15 heeft gesloten.
Een aanspraak als bedoeld in de vorige volzin kan uitsluitend tot
gelding worden gebracht bij een zorgaanbieder die is gevestigd binnen
het grondgebied van het Europese deel van Nederland, de staten behorende
tot de Europese Unie, de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland
en die de zorg waarop aanspraak bestaat, levert binnen het desbetreffende
grondgebied.
-2. Een verzekerde heeft buiten het
grondgebied van het Europese deel van Nederland, maar binnen het
grondgebied van de staten behorende tot de Europese Unie, de Europese
Economische Ruimte en Zwitserland, ook aanspraken op zorg als bedoeld
bij en krachtens artikel 6 van deze wet,³ niet zijnde zorg met verblijf
in een instelling, indien deze wordt verleend door een zorgaanbieder met
wie een zorgverzekeraar geen overeenkomst heeft gesloten.
-3. Bij algemene maatregel van bestuur kan
worden bepaald:
a. in welke gevallen en onder welke
voorwaarden een verzekerde die een aanspraak op zorg als bedoeld bij en
krachtens artikel 6 van deze wet,³ tot gelding wil
brengen, zich voor
deze zorg kan wenden tot een zorgaanbieder met wie de zorgverzekeraar
geen overeenkomst heeft gesloten;
b. in welke gevallen en onder welke
voorwaarden zorg als bedoeld bij en krachtens artikel 6 van deze
wet,³
buiten het grondgebied van het Europese deel van Nederland, de staten
behorende tot de Europese Unie, de Europese Economische Ruimte en
Zwitserland kan worden verleend;
c. in welke gevallen en onder welke
voorwaarden de verzekerde in plaats van aanspraak op zorg als bedoeld
bij en krachtens artikel 6 van deze wet,³ aanspraak heeft op gehele of
gedeeltelijke vergoeding van de voor deze zorg gemaakte kosten;
d. door wie in welke gevallen en onder
welke voorwaarden werkzaamheden die zijn opgedragen aan het
indicatieorgaan, bedoeld bij en krachtens de artikelen
9a en 9b, in
plaats van door dat orgaan kunnen worden verricht.
De voordracht voor een krachtens de
eerste volzin, aanhef en onder b, vast te stellen algemene maatregel
van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp
aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
C.² [MvT]
Artikel 11 vervalt.
D.² [MvT]
Aan artikel 15 wordt een zesde lid
toegevoegd, luidende:
-6. De zorgverzekeraar die een
overeenkomst sluit als bedoeld in artikel
10, eerste lid, met een
zorgaanbieder buiten het Europese deel van Nederland stelt de
zorgautoriteit daarvan in kennis. De zorgverzekeraar is gehouden
desgevraagd aan de zorgautoriteit of aan een door deze aangewezen
persoon kosteloos een afschrift van de gesloten overeenkomst te
overleggen.
E. [MvT]
In artikel 16b, eerste lid, wordt na de
zinsnede "met iedere instelling" een zinsnede ingevoegd, luidende: als
bedoeld in artikel 1, onderdeel e, onder
1º,.
EE.
In artikel 16c, eerste lid, wordt
"Een
instelling als bedoeld in artikel
1, onderdeel d, onder 1º" vervangen
door: Een instelling als bedoeld in artikel
1, onderdeel e, onder 1º.
1. Volgens de redactie
dient "onderdeel d" te worden vervangen door: onderdeel e.
2. Ingevolge artikel 2 van het Besluit
van 16 maart 2012, Stb. 2012, 144, treedt artikel I, onderdeel
B, C en D, in werking met
ingang van 1 januari 2013, red.
3. Volgens de redactie dient "van deze wet" telkens te
vervallen.
Art. II.
[MvT]
In artikel 41, eerste lid, van de Wet
toelating zorginstellingen wordt, onder vervanging van de punt aan het
slot van dat lid door een komma, een zinsnede toegevoegd, luidende: voor zover het betreft instellingen die op het grondgebied van het
Europese deel van Nederland werkzaam zijn.
Art. IIa.
De Zorgverzekeringswet wordt als volgt
gewijzigd:
A.
Artikel 1, eerste lid,¹ onderdeel m, onder
2º, komt te luiden:
2º. een organisatorisch verband dat
gevestigd is buiten het grondgebied van het Europese deel van Nederland
en overeenkomstig de daar geldende wetgeving rechtmatig gezondheidszorg
verstrekt als bedoeld bij en krachtens artikel
11;.
B.
In artikel 9d, vierde lid, wordt
"is, afdeling 5.3.1 van de
Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van
de artikelen 5:25 en
5:27 tot en met 5:30 van die wet van
overeenkomstige toepassing" vervangen door: , is ² afdeling 5.3.1 van de
Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de
artikelen 5:25 en
5:27 tot en met 5:30 van die wet, van overeenkomstige toepassing.
C.
In artikel 18g, vierde lid, wordt
"de
bestuursrechtelijke premie int" vervangen door: de bestuursrechtelijke
premie int en wordt bepaald welk gedeelte van de geïnde
bestuursrechtelijke premie door dat college in ’s Rijks kas wordt
gestort.
D.
In artikel 39, tweede lid, onderdeel g,
wordt "de bestuursrechtelijke premies" vervangen door: met
uitzondering van het gedeelte, bedoeld in artikel
18g, vierde lid, de
bestuursrechtelijke premies.
E.
Artikel 69 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel a van het zevende lid komt
te luiden:
a. kan worden bepaald dat organen die
pensioen of rente verschuldigd zijn of werkgevers in opdracht van het
College zorgverzekeringen werkzaamheden verrichten ter voorbereiding of
uitvoering van beschikkingen als bedoeld in het vierde lid, waarbij kan
worden bepaald dat die organen of werkgevers de bijdragen, bedoeld in
het tweede lid, inhouden op het pensioen, op de rente of op het loon van
een grensarbeider wier gezinsleden onder dit artikel vallen;
2. In het zevende lid, onderdeel b, wordt
"organen" vervangen door "organen of werkgevers".
3. Onder vernummering van het achtste lid
tot tiende lid worden na het zevende lid twee leden ingevoegd,
luidende:
-8. Artikel 18f, derde lid, is van
overeenkomstige toepassing.
-9. Het College zorgverzekeringen kan de
bijdrage, bedoeld in het tweede lid, of een boete als bedoeld in het
derde lid bij dwangbevel invorderen.
F.
In artikel 124 wordt "19, vijfde en
zesde lid" vervangen door: 19, vierde en vijfde lid.
1. Volgens de redactie
dient "eerste lid," te vervallen.
2. Volgens de redactie
dient ", is" te worden vervangen door: is.
Art. III.
[MvT]
Indien vóór de inwerkingtreding van
deze wet een overeenkomst als bedoeld in artikel 15 van de
Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten is gesloten met een buiten het grondgebied van
het Europese deel van Nederland gevestigde rechtspersoon die voldeed aan
artikel 1, eerste lid, onderdeel e, onder 2º, van die wet zoals dat
onderdeel luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze
wet en die rechtspersoon niet voldoet aan dat onderdeel zoals dat luidt
vanaf de inwerkingtreding van deze wet, wordt die rechtspersoon
gedurende één jaar na de inwerkingtreding van deze wet geacht een
instelling te zijn in de zin van dat onderdeel zoals dat luidt vanaf de
inwerkingtreding van deze wet en blijft de overeenkomst gedurende die
periode van kracht of zoveel korter als de resterende duur van de
overeenkomst korter dan één jaar was.
Art. IV.
De artikelen van deze wet treden in
werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de
verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden
vastgesteld en waarbij artikel IIa, onderdeel C en
D, terugwerkt
tot en met 1 januari 2011.¹
1. Bij Besluit
van 16 maart 2012, Stb. 2012, 144, is het tijdstip van
inwerkingtreding bepaald op 7 april 2012, met uitzondering van artikel I, onderdeel
B, C en D, dat in werking
treedt met ingang van 1 januari 2013, red.
Lasten en
bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage, 2 februari
2012
BEATRIX
De Staatssecretaris van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
M.L.L.E. Veldhuijzen van Zanten-Hyllner
Uitgegeven de negenentwintigste
februari 2012
De Minister van Veiligheid en Justitie,
I.W. Opstelten
|
|