|
Uitspraak
enkelvoudige kamer 05/1773
NABW
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet
bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger
beroep van:
[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 3 februari 2005,
03/942 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen
(hierna: College).
Datum uitspraak: 6 juni 2007.
I. PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet
bestuursrecht (hierna: Awb) en artikel 21 van de Beroepswet van 13 juli
2006 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de
aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 13 juli 2006 heeft appellant verzet
gedaan.
Het geding is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 23 mei
2006, waar partijen, met voorafgaand bericht, niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
De Raad is, mede gelet op hetgeen appellant in verzet heeft aangevoerd,
van oordeel dat in dit geval geen sprake is van kennelijke
niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep. De Raad acht het aangewezen
dat een meervoudige kamer oordeelt over de kwestie van (het niet betalen
van) het griffierecht.
In die omstandigheden dient het verzet gegrond te worden verklaard.
Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 13 juli 2006 vervalt en
dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
De zaak zal worden geagendeerd voor een zitting van (een meervoudige
kamer van) de Raad als bedoeld in artikel 8:56 van de Awb en artikel 21
van de Beroepswet.
Van kosten waarop een veroordeling in de proceskosten van het verzet
betrekking kan hebben, is de Raad niet gebleken.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in
tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier, uitgesproken in het
openbaar op 6 juni 2007.
(get.) T.G.M. Simons.
(get.) R.L. Rijnen.
|
|