|
Het bestuur van het
Landelijk instituut sociale verzekeringen;
Gelet op de artikelen 31 van
de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten
en 11 van het Reïntegratie-instrumentenbesluit Wet
Rea;
Besluit:
Art. 1.
Het Landelijk instituut
sociale verzekeringen hanteert bij de uitvoering
van de artikelen 31 van de Wet
op de (re)integratie
arbeidsgehandicapten en 11, tweede lid, onderdeel c, van
het Reïntegratie-instrumentenbesluit
Wet Rea inzake de erkenning van
rechtspersonen die tot doel hebben diensten te verlenen die kunnen
worden aangemerkt als persoonlijke ondersteuning, de erkenningscriteria
vermeld in de bijlage bij deze regeling.
Art. 2.
De rechtspersoon die op de
dag van inwerkingtreding van deze
regeling persoonlijke ondersteuning
biedt die vergoed wordt op grond van
artikel 31 van de Wet Rea, dan wel vóór die datum namens een cliënt een
aanvraag voor vergoeding bij de uitvoeringsinstelling heeft ingediend,
dan wel na
die datum een aanvraag indient
voor een cliënt wiens dienstverband
vóór die datum is ingegaan, wordt
erkend tot en met 31 december 2000,
onder voorwaarde dat hij zich vóór 1 juli
2000 meldt bij het Lisv voor erkenning met ingang van 1 januari 2001.
Art. 3.
Deze regeling treedt in
werking op de tweede dag na de dag van
uitgifte van de Staatscourant waarin ze
wordt bekendgemaakt.
Art. 4.
Deze regeling wordt
aangehaald als: Regeling erkenningscriteria
voor jobcoachorganisaties.
Deze regeling wordt met de
bijlage gepubliceerd in de Staatscourant.
Amsterdam, 28 maart 2000.
J.F. Buurmeijer, voorzitter.
TOELICHTING
[BIJLAGE,
red.]
[28 maart 2000]
1. Inleiding
De erkenningstaak van het
Lisv [zie Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV), red.] komt voort uit de Wet Rea en is
gekoppeld aan het reïntegratie-instrument persoonlijke ondersteuning van de
arbeidsgehandicapte werknemer zoals beschreven in artikel
31, tweede
lid, onderdeel b, Wet Rea.
Volgens de toelichting op
artikel 11 van het Reïntegratie-instrumentenbesluit
Wet Rea is het de taak van
het Lisv om de ontwikkelingen op
het gebied van persoonlijke ondersteuning te volgen en eventueel met
erkenningsvoorwaarden daarin te sturen.
Persoonlijke ondersteuning
kan worden gezien als de
eindfase van de methodiek begeleid werken.
Bij deze methodiek, ook bekend onder
de naam supported employment,
gaat het om een gestructureerde
werkwijze van arbeidstoeleiding en
training en begeleiding op de werkplek.
In de praktijk komt het vaak voor
dat dezelfde organisatie en
dezelfde functionaris deze werkwijze in zijn
geheel ten uitvoer brengt. In dit
licht bezien is de kwaliteit van
persoonlijke ondersteuning vaak een afgeleide van de kwaliteit van de toepassing
van de methodiek begeleid werken.
Het Lisv heeft zich echter bij het formuleren van kwaliteitscriteria
beperkt tot persoonlijke ondersteuning en de organisaties die (mede) tot doel hebben
dit specifieke
reïntegratie-instrument in te zetten ten behoeve van
reguliere arbeid.
Het Lisv wil met de
voorgestelde erkenningscriteria een minimumkwaliteitsnorm stellen waaraan de
organisatie die persoonlijke
ondersteuning bieden, moeten voldoen. Uiteraard zal het Lisv de ontwikkelingen
op het gebied van begeleid werken
en in het bijzonder persoonlijke
ondersteuning blijven volgen en indien
nodig de erkenningscriteria aanpassen.
2. Erkenningscriteria
De erkenningscriteria kunnen
worden onderverdeeld naar de
volgende drie categorieën:
1. organisatie;
2. personen die persoonlijke
ondersteuning bieden: de jobcoaches;
3. dienstverlening.
Met betrekking tot de organisatie
Artikel 11 van de Wet Rea
spreekt van personen verbonden aan
een door het Lisv erkende
rechtspersoon die tot doel heeft diensten
te verlenen die kunnen worden aangemerkt
als persoonlijke ondersteuning.
Elke vorm van rechtspersoon
is acceptabel. Bijvoorbeeld
stichting, vereniging, BV en NV
De activiteiten die worden
beschouwd als persoonlijke
ondersteuning zijn nader beschreven in de
indicatieve lijst die als bijlage is
gevoegd bij de Lisv-Mededeling M 98.84 van 26 juni 1998 over werkvoorzieningen
in het kader van de Wet Rea (zie bijlage). Uitgangspunt is dat de
rechtspersoon zich ten doel stelt om
ondersteuning te bieden gericht op het
functioneren van de werknemer in de
reguliere arbeidssituatie, met andere woorden werkgerelateerde
ondersteuning.
Criterium
1: de organisatie
moet aantonen dat er sprake is van een
rechtspersoon in welke vorm dan ook waarvan het verlenen van
persoonlijke ondersteuning één van de doelstellingen is.
Aan de hand van te
overhandigen statuten of een ander
notarieel document dient de organisatie aan te tonen dat het bieden van
persoonlijke ondersteuning een
doelstelling is van het bedrijf.
Van belang is dat de
organisatie qua personele bezetting een
minimale waarborg biedt voor de
continuïteit en de kwaliteit van de
dienstverlening. Uitgangspunt is dat jobcoaches elkaar moeten kunnen
vervangen en vakmatig onderling kunnen
afstemmen (intervisie, intercollegiale
toetsing). Een continue bezetting van twee fulltimejobcoaches (36/38 uur) of
meerdere parttimejobcoaches
die bij elkaar twee fulltimefuncties
invullen, is een minimale voorwaarde om
vervanging en onderlinge afstemming
goed te kunnen regelen. Dit
criterium sluit individuen die zich als
zelfstandige jobcoach willen vestigen uit.
Criterium 2: de organisatie
dient een minimale bezetting van twee fulltimejobcoaches te hebben, eventueel
verdeeld over meerdere parttimejobcoaches.
De jobcoachorganisatie dient
informatie over te leggen (bijvoorbeeld arbeidsovereenkomsten of detacheringsovereenkomsten)
waaruit blijkt hoeveel jobcoaches in dienst
zijn. Uit deze informatie moet ook
blijken wat de taakomschrijving is van
de functionarissen die als jobcoach in dienst zijn.
De jobcoach is een
belangrijke intermediair tussen de
arbeidsgehandicapte werknemer en de werkgever.
De jobcoachorganisatie moet erop toezien dat de jobcoach hierin zorgvuldig opereert. Klachten over de
wijze van dienstverlening, met name
over de bejegening van cliënt en
zijn werkgever, dienen zorgvuldig en volgens
een vooraf afgesproken procedure
behandeld te worden.
Criterium 3: de organisatie
beschikt over een klachtenregeling en
rapporteert jaarlijks over de klachtenbehandeling.
De klachtenregeling, die
minimaal een heldere beschrijving
moet bevatten van de te volgen procedure,
dient aan het Lisv overgelegd te
worden. De jobcoachorganisatie dient jaarlijks een evaluatierapport
aangaande de klachtenbehandeling op te
(doen) stellen en op aanvraag aan het Lisv te kunnen overleggen.
De jobcoach heeft te maken
met vertrouwelijke informatie over de cliënt en de werkgever.
De jobcoach heeft bij de
uitoefening van zijn functie een
geheimhoudingsplicht. De jobcoachorganisatie dient in het privacyreglement te
beschrijven op welke wijze moet worden omgegaan met vertrouwelijke
informatie over de werkgever en de
cliënt.
Criterium 4: de organisatie
beschikt over een privacyreglement.
Het privacyreglement dient
aan het Lisv overgelegd te worden.
Onder de Wet
bescherming persoonsgegevens die in de plaats komt van de bestaande privacywetgeving
zullen jobcoachorganisaties
waarschijnlijk een meldingsplicht krijgen. Het overleggen van deze melding bij de
Registratiekamer [zie College bescherming
persoonsgegevens, red.] aan het Lisv zal dan
voldoende zijn om aan dit criterium te voldoen.
Met betrekking tot de personen die de
persoonlijke ondersteuning bieden: de jobcoaches
Belangrijk is de kwaliteit
van de persoonlijke ondersteuning die wordt geboden. Naast de toegepaste
methodiek van begeleiding is
de vakbekwaamheid van de jobcoach bepalend voor de effectiviteit van de dienstverlening. Voor het
vak van jobcoach bestaat nog geen reguliere opleiding. Door de
jobcoachorganisaties worden nieuwe medewerkers veelal met een HBO-opleiding
of een HBO-werk- en denkniveau in
de praktijk opgeleid tot jobcoach (training on the job). De jobcoaches
in opleiding functioneren onder
supervisie van een ervaren jobcoach. Praktiserende jobcoaches
houden hun vakbekwaamheid op peil
door bijscholing en
intercollegiale toetsing. Jobcoachorganisaties staan garant voor de
vakbekwaamheid van hun jobcoaches.
Criterium 5: de organisatie
staat garant voor de kwaliteit van
de dienstverlening door haar
jobcoaches en maakt inzichtelijk op
welke wijze zij de vakbekwaamheid van
haar medewerkers waarborgt.
Voornoemde indicatieve lijst
van activiteiten die beschouwd
kunnen worden als persoonlijke
ondersteuning vormt onder meer het
toetsingskader voor dit criterium. Het gaat
er immers om dat deze
activiteiten door de jobcoach vakbekwaam en
efficiënt kunnen worden uitgevoerd. Een jobcoachinstelling moet
kunnen aantonen dat de kwaliteit
van haar jobcoaches een permanent
aandachtspunt is. Dit kan onder meer door het overleggen van een:
- deskundigheidsomschrijving;
- functieprofiel;
- inwerkprogramma nieuw
personeel;
- (bij)scholingsbeleid
c.q. opleidingsplan;
- systeem van
intercollegiale toetsing.
Met betrekking tot de dienstverlening
Aangaande de dienstverlening
van de jobcoachorganisaties zijn
een aantal minimale eisen te
formuleren.
Het gaat daarbij om zaken
als bereikbaarheid,
beschikbaarheid, continuïteit en procedures
rondom aanvraag en declaratie. De
jobcoachorganisatie dient te beschikken over een interne
beschrijving waarin de normen en procedure met
betrekking tot deze aspecten beschreven staan.
Criterium 6: de organisatie
dient te beschikken over een interne
beschrijving van de afspraken rondom de
te leveren diensten onder meer
ter zake van bereikbaarheid, tijdigheid en continuïteit.
Deze beschrijving dient
minimaal de volgende normvoorschriften
te bevatten:
- de jobcoachorganisatie
is tijdens kantooruren telefonisch
bereikbaar;
- de jobcoach is tijdens
werkdagen binnen 24 uur oproepbaar;
- de jobcoachorganisatie
garandeert de vervanging van de
jobcoach in geval van ziekte en
vakantie;
- de organisatie volgt de
procedure van de uvi’s [uitvoeringsinstellingen,
red.] met
betrekking tot de aanvragen en declaraties van
jobcoachuren in het kader van de Wet Rea.
3. De wijze van erkennen
Volgens de wet dient het
Lisv jobcoachorganisaties te erkennen. In de
vorige paragraaf zijn
hiertoe zes criteria geformuleerd. Per
organisatie geeft het Lisv een erkenningsbeslissing af en stelt de
uitvoeringsinstellingen daarvan op de hoogte.
Deze beslissing is een beslissing
als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht
(Awb). Zonder zo’n
erkenningsbeslissing zal na volledige invoering
van de erkenningscriteria de
persoonlijke ondersteuning niet meer
subsidiabel zijn vanuit de Wet Rea.
Deze erkenningsregeling is
voor de jobcoachorganisaties die
zich na de invoeringsdatum van de
erkenningsregeling voor het eerst op deze markt begeven meteen van kracht.
De bestaande
jobcoachorganisaties krijgen tot 1 juli 2000 de
tijd om aan deze criteria te voldoen en
het Lisv hiervan op de hoogte te
stellen door overhandiging van de benodigde documenten.
Als bestaande organisaties
worden aangemerkt:
• jobcoachorganisaties die
vóór de ingangsdatum van de regeling
al persoonlijke ondersteuning bieden die vergoed wordt op grond van
artikel 31 van de Wet Rea; of
• jobcoachorganisaties die
vóór de ingangsdatum van de regeling
een aanvraag voor vergoeding bij
de uitvoeringsinsteling hebben ingediend; of
• jobcoachorganisaties die
na de ingangsdatum van de regeling
een aanvraag indienen voor een
cliënt wiens dienstverband vóór
die datum is ingegaan.
De beslissing van het
Lisv wordt uiterlijk vóór 1 oktober
2000 afgegeven. In geval van een afwijzende beslissing krijgen de
jobcoachorganisaties nog twee maanden de tijd om te voldoen aan de ontbrekende
erkenningsvoorwaarden. In december wordt dan het definitieve besluit
afgegeven. De hierboven voorgestelde
criteria zijn geformuleerd als voorwaarden waarvoor de bewijslast bij
de jobcoachorganisatie ligt. De jobcoachorganisatie dient aan het Lisv
onderliggende bescheiden te overhandigen waaruit blijkt dat aan de
gestelde voorwaarden wordt voldaan.
Het Lisv toetst deze documenten zelf
op plausibiliteit. In geval van twijfel of
onduidelijkheid wordt de organisatie nader door het Lisv bevraagd en/of
bezocht. Eenmaal erkende organisaties hebben de verplichting om
wijzigingen in hun organisatie die direct de zes erkenningscriteria betreffen direct te melden
bij het Lisv.
Vanuit het
Lisv zal nog een
systeem van herkeuring ontwikkeld
worden waarbij gedacht kan worden
aan een steekproefsgewijze toetsing
van erkende jobcoachorganisaties.
INDICATIEVE
LIJST VAN
BEGELEIDINGSACTIVITEITEN
Indicatieve lijst van
begeleidingsactiviteiten die vallen onder de
voorziening "persoonlijke ondersteuning" volgens de AAW-Regeling persoonlijke
ondersteuning gehandicapte werknemers, vanaf 1 juli 1998 ex artikel
31,
tweede lid, onderdeel c, Wet op de
(re)integratie arbeidsgehandicapten.
Algemeen
Het gaat om ondersteuning
bij het verrichten van arbeid,
werkgerelateerde begeleiding, gegeven door
een jobcoach die verbonden is aan een
door het Lisv erkende jobcoachinstelling.
Activiteiten
1. Het introduceren van de
cliënt:
in het bedrijf
in het team (directe
collega’s)
2. Structureren van het werk, adviseren over:
inrichting werk
(aanpassing) organisatie van
het werk
3. Inwerken van de cliënt:
aanleren handelingen
trainen benodigde
vaardigheden
aanleren sociale
vaardigheden (bedrijfscultuur)
4. Opsporen en verhelpen
storingen in arbeidssituatie (bij
calamiteit of crisis):
bij de werknemer
bij de werkgever
bij beiden
5. Begeleiden werknemer (o.a.
afspraken maken en bewaken):
in contact met collega’s
in contact met
leidinggevende
bij de verwerking van
algemene bedrijfsinformatie
bij interne voorlichting/cursussen
6. Begeleiding werkgever
(voor zover gerelateerd aan functioneren
werknemer):
bij belangrijke gesprekken
o.m. over functioneren
reorganisatie
7. Evaluatie en coördinatie van de werkafspraken (tussen
werknemer en werkgever):
van de
jobcoachdienstverlening o.m. verantwoording aan
uitvoeringsinstelling met het oog op voortzetting vergoeding
|