Nadere
regelgeving:
- Bekendmakingsbesluit
- Bekendmakingsregeling
- Besluit uitgifte Staatsblad en Staatscourant
(vervallen)
WET van 4 februari 1988, houdende
regeling van de uitgifte van het Staatsblad en de Staatscourant en van
de bekendmaking en de inwerkingtreding van wetten, algemene maatregelen
van bestuur en vanwege het Rijk anders dan bij wet of algemene maatregel
van bestuur vastgestelde algemeen verbindende voorschriften
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat ingevolge de artikelen 88
en 89 van de Grondwet de wet de bekendmaking en de inwerkingtreding van
wetten, algemene maatregelen van bestuur en vanwege het Rijk anders dan
bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgestelde algemeen
verbindende voorschriften dient te regelen, en dat het in verband
daarmee tevens gewenst is enkele andere voorzieningen te treffen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
1. De regering geeft het Staatsblad en de Staatscourant
uit.
2. De uitgifte van het
Staatsblad
en de Staatscourant
geschiedt elektronisch op een algemeen toegankelijke wijze.
3. Na de uitgifte blijven het
Staatsblad
en de Staatscourant
elektronisch op een algemeen toegankelijke wijze beschikbaar.
4. Voor het inzien van het
Staatsblad
en de Staatscourant
worden geen kosten in rekening gebracht.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere
regels gesteld omtrent de uitgifte en het beschikbaar blijven van het
Staatsblad
en de Staatscourant.
Artikel 2
1. De zorg voor de uitgifte van het
Staatsblad
berust bij Onze Minister van Justitie.
2. De zorg voor de uitgifte van de Staatscourant
berust bij Onze Minister van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties.
Artikel 3
De bekendmaking van:
a. wetten,
b. algemene maatregelen van bestuur en
c. andere koninklijke besluiten waarbij algemeen verbindende
voorschriften worden vastgesteld,
geschiedt door plaatsing in het
Staatsblad.
Artikel 4
De bekendmaking van:
a. bij ministeriële regeling vastgestelde algemeen verbindende
voorschriften en
b. de overige vanwege het Rijk vastgestelde algemeen verbindende
voorschriften, voor zover deze niet in het
Staatsblad
geplaatst dienen te worden,
geschiedt door plaatsing in de Staatscourant.
Artikel 5
1. In afwijking van artikel 3 of 4 kan een wet, algemene maatregel
van bestuur of vanwege het Rijk anders dan bij wet of algemene
maatregel van bestuur vastgesteld algemeen verbindend voorschrift
bepalen dat een bij het voorschrift behorende bijlage wordt
bekendgemaakt door terinzagelegging.
2. Van een bekendmaking als in het eerste lid bedoeld, wordt
mededeling gedaan in de Staatscourant.
Artikel 6
Een besluit tot vaststelling van het tijdstip waarop een wet, een
algemene maatregel van bestuur of een vanwege het Rijk anders dan bij
wet of algemene maatregel van bestuur vastgesteld algemeen verbindend
voorschrift in werking treedt, wordt bekendgemaakt op dezelfde wijze als
waarop die regeling zelf is bekendgemaakt.
Artikel 7
Wetten, algemene maatregelen van bestuur en vanwege het Rijk anders
dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgestelde algemeen
verbindende voorschriften treden, indien een aanduiding daaromtrent
ontbreekt, in werking met ingang van de eerste dag van de tweede
kalendermaand na de datum van bekendmaking.
Artikel 7a
1.Indien bij of krachtens de wet is bepaald dat na de bekendmaking
van een algemene maatregel van bestuur of een vanwege het Rijk anders
dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgesteld algemeen
verbindend voorschrift een bepaalde periode dient te verstrijken
alvorens de regeling in werking kan treden, kan in afwijking daarvan
een eerder tijdstip van inwerkingtreding worden vastgesteld, indien de
regeling uitsluitend strekt tot uitvoering van een bindend besluit van
de Raad van de Europese Unie, van het Europees Parlement en de Raad
gezamenlijk of van de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
2.Artikel 1:8, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van
overeenkomstige toepassing.
Artikel 8
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met
betrekking tot de plaatsing van wetten en besluiten in het Staatsblad en
de Staatscourant, met
betrekking tot de verdere inhoud van de Staatscourant
en met betrekking tot de bewaring van oorspronkelijke exemplaren van
wetten, koninklijke besluiten en daarbij behorende stukken.
Artikel 9
Indien elektronische uitgifte van het
Staatsblad
onderscheidenlijk van de Staatscourant
op de in artikel 1 voorziene wijze geheel of gedeeltelijk onmogelijk is,
voorziet Onze Minister van Justitie onderscheidenlijk Onze Minister van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een vervangende uitgave
volgens bij ministeriële regeling te stellen regels.
Artikel 10
1. Aan een ieder wordt op verzoek een papieren afschrift van het
Staatsblad
onderscheidenlijk de Staatscourant
verstrekt tegen ten hoogste de kosten van het maken van een zodanig
afschrift.
2. Onze Minister van Justitie onderscheidenlijk Onze Minister van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wijst een uitgiftepunt aan
waar het in het eerste lid bedoelde afschrift van het
Staatsblad
onderscheidenlijk de Staatscourant
verkregen kan worden.
Artikel 10a
1. De teksten van wetten, algemene maatregelen van bestuur en
vanwege het Rijk anders dan bij wet of algemene maatregel van bestuur
vastgestelde algemeen verbindende voorschriften zijn in
geconsolideerde vorm voor een ieder beschikbaar door middel van een
bij algemene maatregel van bestuur aangewezen algemeen toegankelijk
elektronisch medium.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van
algemeen verbindende voorschriften worden aangewezen, waarop het
eerste lid niet van toepassing is.
3. Een geconsolideerde tekst van een regeling die op grond van het
eerste lid beschikbaar is gesteld, blijft beschikbaar indien de
regeling na de beschikbaarstelling is gewijzigd of ingetrokken.
Artikel 11
Deze wet kan worden aangehaald als: Bekendmakingswet.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad
zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 4 februari 1988
BEATRIX
De Minister van Justitie,
F. Korthals Altes
De Minister van Binnenlandse Zaken,
C.P. van Dijk
Uitgegeven de elfde februari 1988
De Minister van Justitie,
F. Korthals Altes
|