WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de
invoering te regelen van de wet tot vaststelling van titel 7.17
(verzekering) en titel 7.18 (lijfrente) van het nieuwe Burgerlijk
Wetboek en in verband daarmee de wetgeving aan te passen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Wijzigt het Burgerlijk Wetboek]
Artikel II
[Wijzigt het Wetboek van Koophandel]
Artikel III
[Wijzigt de Wet op de kansspelen]
Artikel IV
[Wijzigt de wet van 22 december 2005 tot vaststelling van titel 7.17
(verzekering) en titel 7.18 (lijfrente) van het nieuwe Burgerlijk
Wetboek]
Artikel V
[Wijzigt de Pensioen- en spaarfondsenwet]
Artikel VI
[Wijzigt de Wet verplichte beroepspensioenregeling]
Artikel VII
[Wijzigt de Zee- en luchtvaartverzekeringswet 1939]
Artikel VIII
[Wijzigt de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek]
Artikel IX
Op een vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet gelegd
beslag op de rechten uit een sommenverzekering, een voor dat tijdstip
uitgesproken faillissement of toepassing van de schuldsaneringsregeling
natuurlijke personen zijn de artikelen III en IV van de wet van 22
december 2005 tot vaststelling van titel 7.17 (verzekering) en titel
7.18 (lijfrente) van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (Stb. 700) niet van
toepassing en blijft het tevoren geldende recht ook na dit tijdstip van
toepassing.
Artikel X
1. Onze Minister van Justitie stelt de nummering van de
artikelen van het bij koninklijke boodschap van 16 mei 1986
ingediende voorstel van wet tot vaststelling van titel 7.17
(verzekering) en titel 7.18 (lijfrente) van het nieuwe Burgerlijk
Wetboek (Kamerstukken I 2002/03, 19 529, nr. 206), nadat het tot wet
is verheven en in werking is getreden, en deze wet, opnieuw vast, en
brengt in die wetten voorkomende aanhalingen met die nummering in
overeenstemming.
2. Hij draagt ervoor zorg dat de overeenkomstig lid 1 bijgewerkte
teksten van die wetten in het Staatsblad worden geplaatst.
Artikel XI
Deze wet, alsmede het bij koninklijke boodschap van 16 mei 1986
ingediende voorstel van wet tot vaststelling van titel 7.17
(verzekering) en titel 7.18 (lijfrente) van het nieuwe Burgerlijk
Wetboek (Kamerstukken I 2002/03, 19 529, nr. 206), nadat het tot wet is
verheven, treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip.
Artikel XII
Deze wet wordt aangehaald als: Invoeringswet titel 7.17 en titel 7.18
Burgerlijk Wetboek.
Lasten en bevelen dat deze in het
Staatsblad zal worden geplaatst en
dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage, 22 december 2005
BEATRIX
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
Uitgegeven de achtentwintigste december 2005
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner