| |
|
|
|
|
vorige
WET
AFSCHAFFING DOODSTRAF
Tekst zoals deze geldt op
17 januari 2012
|
|
Nadere regelgeving:
- Geen
WET van 17 september 1870 tot afschaffing der doodstraf
WIJ WILLEM III, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van
Oranje-Nassau, Groot-Hertog van Luxemburg, enz., enz., enz.
Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is de
doodstraf af te schaffen, met het na te melden voorbehoud ten aanzien
van de militaire strafwetten;
Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1 [Vervallen per 01-09-1886]
Artikel 2
[1.] De doodstraf wordt mede
afgeschaft in de gevallen, waarin zij door de militaire strafwetten
wordt bedreigd, doch alleen ten aanzien van misdrijven in tijd van vrede
en niet voor den vijand gepleegd.
[2.] Niettemin blijft de doodstraf gehandhaafd in alle gevallen
van oproer, opstand, zamenzwering, zamenrotting of muiterij, voorzien
bij de artt. 85 tot 92 van het Crimineel Wetboek voor het krijgsvolk te
water, voor zooverre deze misdrijven aan boord worden gepleegd in volle
zee of in den vreemde ook in tijd van vrede.
Artikel 3 [Vervallen per 01-09-1886]
Artikel 4 [Vervallen per 01-09-1886]
Artikel 5 [Vervallen per 01-09-1886]
Artikel 6 [Vervallen per 01-09-1886]
Artikel 7
De doodstraf, door de militaire strafwetten bedreigd, wordt, in de
gevallen, voorzien bij het eerste lid van art. 2, vervangen:
die met den strop door militaire gevangenisstraf van ten hoogste
twintig jaren;
die met den kogel door militaire gevangenisstraf van ten hoogste tien
jaren.
Artikel 8 [Vervallen per 01-09-1886]
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden
geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten,
Collegien en Ambtenaren, wien zulks aangaat, aan de naauwkeurige
uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's Gravenhage, den 17den September 1870
WILLEM
De Minister van Justitie,
Van Lilaar
De Minister van Oorlog,
J.J. van Mulken
De Minister van Marine,
Brocx
Uitgegeven den negentienden September 1870
De Minister van Justitie,
Van Lilaar
|
|
|