WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de regering in het kader
van beperking van de overheidsuitgaven heeft besloten wijzigingen aan te
brengen in de overheidspensioenvoorzieningen ten gevolge waarvan
lastenverlichting zal optreden voor het Algemeen burgerlijk
pensioenfonds, uitmondend in een vermindering van de benodigde
pensioenbijdrage;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
In afwijking van artikel C 3, tweede lid, van de Algemene burgerlijke
pensioenwet bedraagt over het jaar 1984 de pensioenbijdrage 18,7% van de
som der bijdragegrondslagen.
Artikel 2
1. Deze wet treedt in werking met ingang van de twintigste dag
na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt
geplaatst en werkt terug tot 1 januari 1984.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 20 februari 1986
BEATRIX
De Minister van Binnenlandse Zaken,
F. Korthals Altes
De Minister van Financiλn,
H.O.C.R. Ruding
Uitgegeven de vijfentwintigste maart 1986
De Minister van Justitie,
F. Korthals Altes