Nadere regelgeving:
- Geen
WET van 13 april 2004 tot wijziging van
de Brandweerwet 1985, de Wet rampen en zware ongevallen en de Wet
geneeskundige hulpverlening bij rampen in verband met de bevordering van
de kwaliteit van de rampenbestrijding door middel van een planmatige
aanpak en de aanscherping van het provinciale toezicht en tot wijziging
van de Wet ambulancevervoer (Wet kwaliteitsbevordering
rampenbestrijding)
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de
kwaliteit van de rampenbestrijding te versterken door het bevorderen van
territoriale congruentie, het verbeteren van de planmatige aanpak, en
aanscherping van het provinciale toezicht;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Wijzigt de Brandweerwet 1985]
Artikel II
[Wijzigt de Wet rampen en zware ongevallen]
Artikel III
[Wijzigt de Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen]
Artikel IV
[Wijzigt de Wet ambulancevervoer]
Artikel V
A. [Wijzigt de Wet rechtspositionele voorzieningen
rampbestrijders]
B. [Wijzigt de Wet op de economische delicten]
C. [Wijzigt de Gemeentewet]
D. [Wijzigt de Provinciewet]
E. [Wijzigt de Politiewet 1993]
Artikel VI
A. Artikel 3, derde lid, van de Brandweerwet 1985 zoals dat
komt te luiden na de inwerkingtreding van deze wet is niet van
toepassing op de eerste voordracht van een algemene maatregel van
bestuur tot vaststelling van de verdeling van gemeenten in regio's,
ter gelegenheid van de inwerkingtreding van deze wet.
B.
1. De organisatieplannen, bedoeld in artikel 4a van de Brandweerwet
1985 en artikel 6 van de Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen en
zware ongevallen, zoals deze komen te luiden na de inwerkingtreding van
deze wet, en de rampenplannen, rampbestrijdingsplannen en
beheersplannen, bedoeld in de artikelen 3, 4 en 5 van de Wet rampen en
zware ongevallen, zoals deze komen te luiden na de inwerkingtreding van
deze wet, worden uiterlijk een jaar na de inwerkingtreding van deze wet,
vastgesteld.
2. De termijnen, bedoeld in de artikelen 7, tweede lid, 8, tweede lid
en 9, tweede lid, van de Wet rampen en zware ongevallen, zoals deze
komen te luiden na de inwerkingtreding van deze wet, worden ten behoeve
van de beoordeling van de in die artikelen bedoelde plannen die
uiterlijk een jaar na de inwerkingtreding van deze wet zijn vastgesteld,
verlengd tot zes maanden.
Artikel VII
A. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit
informatie inzake rampen en zware ongevallen, voor zover het berustte
op de Wet rampen en zware ongevallen, op de artikelen 10a, derde lid,
10b, vierde lid, 11a, vierde lid, en 11b, derde lid, van die wet.
B. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit
rampbestrijdingsplannen inrichtingen op artikel 4a, eerste en tweede
lid, van de Wet rampen en zware ongevallen.
C. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit
rampbestrijdingsplannen luchtvaartterreinen op artikel 4a, eerste en
tweede lid, van de Wet rampen en zware ongevallen.
D. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit
rijksbijdragen bijstands- en bestrijdingskosten, voor zover het berustte
op de Wet rampen en zware ongevallen, op artikel 25, vierde lid, van die
wet.
E. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Bijdragebesluit
kosten ruiming explosieven Tweede Wereldoorlog 1999 op artikel 25,
vierde lid, van de Wet rampen en zware ongevallen.
F. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit
risico's zware ongevallen 1999, voor zover het berustte op de Wet rampen
en zware ongevallen, op de artikelen 10a, 10c en 25b van die wet.
G. Na de inwerkingtreding van deze wet berust het
Vuurwerkbesluit, voor zover het berustte op de Wet rampen en zware
ongevallen, op artikel 10a, derde lid, van die wet.
Artikel VIIA
[Wijzigt wetsvoorstel 28 635]
Artikel VIII
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of
onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en
dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 13 april 2004
BEATRIX
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
J.W. Remkes
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
J.F. Hoogervorst
Uitgegeven de zesde mei 2004
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner
|