WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nadere
voorzieningen te treffen met betrekking tot het tijdstip met ingang
waarvan waterschapsomslagen kunnen worden geheven indien tegen de
goedkeuring van de desbetreffende belastingverordening beroep op de
Kroon open staat of is ingesteld;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
Het dagelijks bestuur van een waterschap is bevoegd aanslagen in
omslagen op te leggen vanaf het tijdstip waarop gedeputeerde staten de
door het algemeen bestuur vastgestelde belastingverordening waarop die
aanslagen berusten, hebben goedgekeurd en die verordening in werking is
getreden.
Artikel 2
Tegen de heffing van omslagen door het waterschap zijn bezwaar en
beroep als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Stb.
1959, 301) niet toegelaten op grond van de omstandigheid dat beroep op
de Kroon open staat of is ingesteld tegen de goedkeuring van de
desbetreffende belastingverordening.
Artikel 3
1. Vσσr de inwerkingtreding van deze wet opgelegde aanslagen
in omslagen, die berusten op een belastingverordening tegen de
goedkeuring waarvan beroep op de Kroon open staat of is ingesteld,
worden aangemerkt als bevoegdelijk opgelegde aanslagen.
2. De in het eerste lid bedoelde aanslagen ten aanzien waarvan
vσσr de inwerkingreding van deze wet op bezwaar of beroep een
beslissing is genomen, worden aangemerkt als bevoegdelijk opgelegde
aanslagen tot de bedragen waarop die aanslagen ingevolge die beslissing
zijn vastgesteld.
Artikel 4
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 18 december 1991
BEATRIX
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
J.R.H. Maij-Weggen
Uitgegeven de zestiende januari 1992
De Minister van Justitie a.i.,
C.I. Dales