WET van 28 juli 1924, houdende regeling omtrent het dragen der kosten
van openbare verpachtingen en het uitloven van premiën bij openbare
verkoopingen en verpachtingen
WIJ WILHELMINA,
bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz., enz., enz.
Allen, die deze
zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het
in het algemeen belang wenschelijk is, eene regeling vast te stellen
omtrent het dragen der kosten van openbare verpachtingen en het uitloven
van premiën bij openbare verkoopingen en verpachtingen;
Zoo is het, dat Wij, den Raad van State
gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden
en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1 [Vervallen per 01-05-1958]
Artikel 2
[1.] Het is verboden, bij eene
openbare verkooping of openbare verpachting eenigerlei premie uit te
loven of uit te keeren; met uitzondering van - voorzoover betreft eene
openbare verkooping - strijkgeld. Onder strijkgeld wordt verstaan de
premie in geld, welke wordt uitgeloofd voor dengeen, die bij eene
openbare verkooping, in twee of meer zittingen of instantiën
gehouden, bij de eerste zitting of instantie het hoogste bod voor een
goed doet.
[2.]
Overtreding van dit verbod wordt gestraft met
hechtenis van ten hoogste ééne maand of geldboete van de eerste
categorie.
[3.]
Het strafbaar gestelde feit wordt beschouwd als
eene overtreding.
Artikel 3
Deze wet treedt in werking op een door
Ons te bepalen tijdstip.
Lasten en
bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat
alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren,
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Stockholm, den
28sten Juli 1924
WILHELMINA
De Minister van
Binnenlandsche Zaken en Landbouw,
Ch. Ruys de Beerenbrouck
De Minister van Justitie,
Heemskerk
Uitgegeven den zes en twintigsten
Augustus 1924
De Minister van Justitie,
Heemskerk
|