WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het met het oog op de
algehele herziening van het stelsel van advisering in zaken van algemeen
verbindende voorschriften of beleid van het Rijk wenselijk is een vast
college van advies van het Rijk in te stellen op het terrein van het
energiebeleid en dat het in verband met artikel 79 van de Grondwet
noodzakelijk is daartoe wettelijke bepalingen vast te stellen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
Er is een Algemene Energieraad.
Artikel 2
De Algemene Energieraad heeft tot taak de regering en de beide kamers
der Staten-Generaal van advies te dienen omtrent het te voeren
energiebeleid, waarbij onder meer aandacht wordt besteed aan de
wisselwerking tussen het te voeren energiebeleid enerzijds en
maatschappelijke ontwikkelingen en het te voeren beleid op andere
gebieden anderzijds.
Artikel 3
De Algemene Energieraad bestaat uit ten hoogste tien leden.
Artikel 4
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 1997.
Artikel 5
Deze wet wordt aangehaald als: Wet op de Algemene Energieraad 1997.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 25 september 1996
BEATRIX
De Minister van Economische Zaken,
G.J. Wijers
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,
J. Kohnstamm
Uitgegeven de zevende november 1996
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager