WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een vast
college van advies in te stellen op het terrein van het openbaar bestuur
en aan de Kiesraad een uitvoeringstechnische adviestaak op het terrein
van het kiesrecht en de verkiezingen toe te kennen en dat het in verband
met artikel 79 van de Grondwet noodzakelijk is daartoe wettelijke
bepalingen vast te stellen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
1. Er is een Raad voor het openbaar bestuur.
2. De Raad bestaat uit een voorzitter en ten hoogste elf andere
leden.
Artikel 2
De Raad heeft tot taak de regering en de beide kamers der
Staten-Generaal te adviseren over de inrichting en het functioneren van
de overheid met het oog op het vergroten van haar doeltreffendheid en
doelmatigheid en met bijzondere aandacht voor de uitgangspunten van de
democratische rechtsstaat.
Artikel 3
[Wijzigt de Kieswet]
Artikel 4
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 1997.
Artikel 5
Deze wet wordt aangehaald als: Wet op de Raad voor het openbaar
bestuur.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden
geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren
wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 12 december 1996
BEATRIX
De Minister van Binnenlandse Zaken,
H.F. Dijkstal
Uitgegeven de negentiende december 1996
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager