WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regels
vast te stellen betreffende ministeriële bevoegdheden ten aanzien van
de besteding van subsidies die ten laste komen van de begroting van de
Europese Unie;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
In deze wet wordt verstaan onder:
a. Onze Minister: Onze Minister wie het aangaat;
b. EG-subsidie: een subsidie die door de Raad van de Europese
Unie, het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk of de Commissie
van de Europese Gemeenschappen op grond van een vastgesteld
programma rechtstreeks of middellijk wordt verstrekt, voorzover uit
deze subsidie verplichtingen voortvloeien welke bij of krachtens de
oprichtingsverdragen van de Europese Gemeenschappen op de Staat
rusten;
c. betrokken bestuursorgaan: een niet tot de Staat behorend
bestuursorgaan dat een EG-subsidie ontvangt dan wel belast is met
aan de lidstaat bij of krachtens de oprichtingsverdragen van de
Europese Gemeenschappen opgelegde verplichtingen aangaande beheer,
controle of toezicht ten aanzien van EG-subsidies.
Artikel 2 [Vervallen per 13-01-2006]
Artikel 3
1.
Onze Minister kan het betrokken
bestuursorgaan aanwijzingen geven omtrent de rechtmatige en doelmatige
aanwending van de EG-subsidie dan wel de wijze van beheer, controle of
toezicht met betrekking tot de EG-subsidie, indien sprake is van verzuim
van het betrokken bestuursorgaan in de nakoming van de bij of krachtens
de oprichtingsverdragen van de Europese Gemeenschappen opgelegde
verplichtingen dan wel in geval een dergelijk verzuim dreigt te
ontstaan. Voorafgaand aan het geven van een dergelijke aanwijzing vindt
overleg plaats met het betrokken bestuursorgaan.
2. Een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid wordt, behoudens
in spoedeisende gevallen, niet eerder gegeven dan nadat het betrokken
bestuursorgaan in de gelegenheid is gesteld om binnen een door Onze
Minister gestelde termijn alsnog het verzuim te herstellen dan wel een
dergelijk verzuim te voorkomen.
Artikel 4
1. In geval de Staat aansprakelijk wordt gesteld door een
instelling van de Europese Gemeenschappen voor het verzuim van een
betrokken bestuursorgaan in de nakoming van bij of krachtens de
oprichtingsverdragen van de Europese Gemeenschappen opgelegde
verplichtingen ten aanzien van de rechtmatige en doelmatige aanwending
van de EG-subsidie dan wel de wijze van beheer, controle of toezicht
met betrekking tot de EG-subsidie en verplicht wordt tot:
a. het betalen van een forfaitaire som,
b. het betalen van een dwangsom, of
c. het terugbetalen van de aan het betrokken bestuursorgaan
verstrekte EG-subsidie vermeerderd met de eventueel daarover berekende
rente kan Onze Minister besluiten deze bedragen te verhalen op het
betrokken bestuursorgaan, voorzover de aansprakelijkheid van de Staat
het gevolg is van het verzuim van dit bestuursorgaan.
2. Voorafgaand aan het nemen van een besluit tot verhaal als
bedoeld in het eerste lid vindt overleg plaats met het betrokken
bestuursorgaan.
3. Onze Minister kan in overeenstemming met het betrokken
bestuursorgaan bedragen die krachtens wettelijk voorschrift aan het
betrokken bestuursorgaan worden uitbetaald, verrekenen met de op grond
van het eerste lid door hem te innen bedragen.
Artikel 5
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst. Indien het
Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1
januari 2002, treedt zij in werking met ingang van de eerste dag van de
derde kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin
zij wordt geplaatst.
Artikel 6
Deze wet wordt aangehaald als: Wet toezicht Europese subsidies.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en
dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 17 januari 2002
BEATRIX
De Minister van Financiën,
G. Zalm
Uitgegeven de vijfde februari 2002
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals