WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is een
aantal socialeverzekeringswetten te wijzigen met het oog op de
verduidelijking van de verzekeringspositie van personen wier verzekering
voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een
besluit van een volkenrechtelijke organisatie en met het oog op de met
de verzekering onlosmakelijk verbonden premieplicht op grond van die
wetten;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:
HOOFDSTUK I. WIJZIGING VAN WETTEN
ARTIKEL I. ZIEKTEWET
[Wijzigt de Ziektewet]
ARTIKEL II. WERKLOOSHEIDSWET
[Wijzigt de Werkloosheidswet]
ARTIKEL III. WET OP DE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING
[Wijzigt de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering]
ARTIKEL IV. ALGEMENE OUDERDOMSWET
[Wijzigt de Algemene Ouderdomswet]
ARTIKEL V. ALGEMENE NABESTAANDENWET
[Wijzigt de Algemene nabestaandenwet]
ARTIKEL VI. ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET
[Wijzigt de Algemene Kinderbijslagwet]
ARTIKEL VII. ALGEMENE WET BIJZONDERE ZIEKTEKOSTEN
[Wijzigt de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten]
ARTIKEL VIII. WET ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING ZELFSTANDIGEN
[Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen]
HOOFDSTUK II. OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
ARTIKEL IX. PREMIEPLICHT ALGEMENE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSWET
Voor de toepassing van artikel 6 van de Wet financiering
volksverzekeringen wordt in perioden gelegen voor 1 januari 1998:
a. mede als verzekerde in de zin van de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, zoals deze wet luidde voor 1 januari
1998, aangemerkt de persoon van wie in die perioden de verzekering
voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van
een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;
b. niet als verzekerde in de zin van de Algemene
Arbeidsongeschiktheidswet, zoals deze wet luidde voor 1 januari
1998, aangemerkt de persoon op wie in die perioden op grond van een
verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de
wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is.
ARTIKEL X. PREMIEPLICHT ALGEMENE WEDUWEN- EN WEZENWET
Voor de toepassing van artikel 6 van de Wet financiering
volksverzekeringen wordt in perioden gelegen voor 1 juli 1996:
a. mede als verzekerde in de zin van de Algemene Weduwen- en
Wezenwet, zoals deze wet luidde voor 1 juli 1996, aangemerkt de
persoon van wie in die perioden de verzekering voortvloeit uit de
toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een
volkenrechtelijke organisatie;
b. niet als verzekerde in de zin van de Algemene Weduwen- en
Wezenwet, zoals deze wet luidde voor 1 juli 1996, aangemerkt de
persoon op wie in die perioden op grond van een verdrag of een
besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een
andere mogendheid van toepassing is.
ARTIKEL XI. INWERKINGTREDING
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en werkt:
a. wat de artikelen I, II en III betreft terug tot en met 1
januari 1992;
b. wat de artikelen IV, VI, VII, IX en X betreft terug tot en met
1 januari 1989;
c. wat artikel V betreft terug tot en met 1 juli 1996;
d. wat artikel VIII betreft terug tot en met 1 januari 1998.
ARTIKEL XII. CITEERTITEL
Deze wet wordt aangehaald als: Wet verduidelijking verzekerings- en
premieplicht.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en
dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 29 april 1998
BEATRIX
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
F.H.G. de Grave
Uitgegeven de veertiende mei 1998
De Minister van Justitie,
W. Sorgdrager