WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het, in het bijzonder voor
een verhoogde bescherming en een beter behoud van het mariene milieu,
wenselijk is de rechtsmacht van het Koninkrijk uit te breiden en daartoe
over te gaan tot de instelling van een exclusieve economische zone;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en
met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut
voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en
verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
1. Er is een exclusieve economische zone van het Koninkrijk.
2. De exclusieve economische zone van het Koninkrijk is het
gebied buiten en grenzend aan de territoriale zee van het Koninkrijk dat
zich niet verder uitstrekt dan tweehonderd zeemijlen vanaf de
basislijnen, vanaf welke de breedte van de territoriale zee wordt
gemeten.
Artikel 2
De buitengrens van de exclusieve economische zone wordt voor
Nederland vastgesteld bij algemene maatregel van bestuur en voor de
Nederlandse Antillen, onderscheidenlijk Aruba, bij algemene maatregel
van rijksbestuur.
Artikel 3
Het Koninkrijk heeft, met inachtneming van de grenzen die het
volkenrecht stelt, in de exclusieve economische zone:
a. soevereine rechten ten behoeve van de exploratie en
exploitatie, het behoud en het beheer van de levende en niet-levende
natuurlijke rijkdommen van de wateren boven de zeebodem en van de
zeebodem en de ondergrond daarvan, en met betrekking tot andere
activiteiten voor de economische exploitatie en exploratie van de
zone, zoals de opwekking van energie uit het water, de stromen en de
winden;
b. rechtsmacht ten aanzien van de bouw en het gebruik van
kunstmatige eilanden, installaties en inrichtingen, het
wetenschappelijk zeeonderzoek en de bescherming en het behoud van
het mariene milieu.
Artikel 4
Deze rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip, dat voor elk der landen van het Koninkrijk
verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel 5
Deze rijkswet kan worden aangehaald als: Rijkswet instelling
exclusieve economische zone.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad, in het
Publicatieblad
van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal
worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en
ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand
zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 27 mei 1999
BEATRIX
De Minister van Buitenlandse Zaken,
J.J. van Aartsen
De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,
J.M. de Vries
Uitgegeven de dertiende juli 1999
De Minister van Justitie,
A.H. Korthals