| |
|
|
|
|
vorige
REGLEMENT
VOOR DE GOUVERNEUR VAN SINT MAARTEN
Tekst zoals deze geldt op
16 januari 2012
|
|
|
Nadere regelgeving:
- Geen
RIJKSWET van 7 juli 2010, houdende Reglement voor de Gouverneur van
Sint Maarten
WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der
Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen,
saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het
noodzakelijk is, in verband met het verkrijgen van de hoedanigheid van
land in het Koninkrijk door Sint Maarten, uitvoering te geven aan het
bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, van het Statuut voor het
Koninkrijk;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het
Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de
bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde,
hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij
deze:
Eerste afdeling. Benoeming en ontslag van de Gouverneur
Artikel 1
1. De Gouverneur is vertegenwoordiger van de Koning in diens
hoedanigheid van hoofd van de regering van Sint Maarten. Hij is tevens
vertegenwoordiger van de regering van het Koninkrijk.
2. De Gouverneur wordt bij koninklijk besluit voor de tijd van zes
jaren benoemd. Bij het verstrijken van deze termijn kan hij eenmaal
worden herbenoemd voor de tijd van ten hoogste zes jaren.
3. De Gouverneur kan te allen tijde bij koninklijk besluit worden
ontslagen.
4. Bij algemene maatregel van rijksbestuur wordt zijn materiële
positie geregeld.
5. Het pensioen van de Gouverneur en zijn nagelaten betrekkingen
wordt bij rijkswet geregeld.
6. Alle uitgaven, verband houdende met de uitoefening van het ambt
van Gouverneur, komen ten laste van het land Nederland, behoudens de
verrekening bedoeld in artikel 35 van het Statuut voor het Koninkrijk.
Artikel 2
De Gouverneur legt in handen van de Koning of van degene, door de
Koning hiertoe aangewezen, de eed (verklaring en belofte) af:
«Ik zweer (verklaar), dat ik, middellijk noch onmiddellijk, onder
welke naam of wat voorwendsel ook, in verband met het verkrijgen van
mijn benoeming tot Gouverneur aan iemand, wie hij ook zij, iets heb
gegeven of beloofd, noch zal geven.
Ik zweer (beloof), dat ik om iets hoegenaamd in dit ambt te doen of
te laten, van niemand hoegenaamd enige beloften of geschenken aannemen
zal, middellijk of onmiddellijk.
Ik zweer (beloof), trouw aan de Koning en aan het Statuut voor het
Koninkrijk; dat ik het welzijn van Sint Maarten naar mijn vermogen
bevorderen zal; dat ik de Staatsregeling van Sint Maarten en het
Reglement voor de Gouverneur van Sint Maarten steeds zal onderhouden en
doen onderhouden en dat ik mij in alles zal gedragen, zoals een goed
Gouverneur betaamt.
Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!» («Dat verklaar en beloof
ik»).
Artikel 3
De Gouverneur aanvaardt zijn ambt door overlegging in een plechtige
vergadering van de Staten van een afschrift van het koninklijk besluit
houdende zijn benoeming en van het procesverbaal van zijn eedaflegging,
en brengt de aanvaarding van zijn ambt bij proclamatie ter kennis van de
ingezetenen.
Artikel 4
Onverminderd hetgeen elders in dit reglement is bepaald, is de
Gouverneur verplicht zijn ambt te blijven uitoefenen totdat zijn
opvolger het ambt heeft aanvaard, tenzij de uitoefening van zijn ambt
eindigt op een eerder tijdstip ingevolge Koninklijke opdracht of
toestemming.
Artikel 5
De Gouverneur mag zonder verlof van Onze Minister van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties Sint Maarten niet verlaten.
Artikel 6
1. De Gouverneur mag rechtstreeks noch zijdelings deelhebber zijn
in, noch borg zijn voor enige onderneming, ten grondslag hebbende een
overeenkomst om winst of voordeel aangegaan met Nederland, Aruba,
Curaçao of Sint Maarten.
2. Hij mag, behalve openbare schuldbrieven, geen schuldvorderingen
ten laste van een van de landen van het Koninkrijk bezitten.
3. Hij mag rechtstreeks noch zijdelings deel hebben in enige
concessie in een van de landen van het Koninkrijk, noch in enige
onderneming van welke aard ook, in het Koninkrijk gevestigd of in het
Koninkrijk haar bedrijf uitoefenende.
4. Hij mag geen bestuurder, commissaris, adviseur of werknemer zijn
van enige onderneming van welke aard ook.
5. Het bij het eerste en derde lid bepaalde blijft op hem van
toepassing gedurende één jaar na zijn aftreden.
6. Het bij het vierde lid bepaalde blijft op hem van toepassing
gedurende één jaar na zijn aftreden voor zover het een onderneming
betreft die in het Koninkrijk is gevestigd of in het Koninkrijk haar
bedrijf uitoefent.
7. Indien een verbod als bedoeld in het vijfde en zesde lid ten
aanzien van een gewezen Gouverneur kennelijk onredelijk is te achten,
kan bij koninklijk besluit daarvan ontheffing worden verleend.
Artikel 7
1. Bloed- of aanverwantschap tot en met de tweede graad of huwelijk
mag niet bestaan tussen de Gouverneur enerzijds en de vice-voorzitter,
de overige leden of buitengewone leden van de Raad van Advies, een
minister of de Gevolmachtigde Minister anderzijds.
2. Hij, die na zijn benoeming komt te verkeren in een van de
gevallen, genoemd in het eerste lid, behoudt zijn ambt niet dan met
bij koninklijk besluit verleende toestemming.
3. De aanverwantschap houdt op door ontbinding of nietigverklaring
van het huwelijk, waardoor zij ontstaan is.
Artikel 8
1. Wanneer er vermoeden bestaat, dat de Gouverneur lijdt aan een
zodanige ziekelijke stoornis van de geestvermogens dat hij niet in
staat moet worden geacht het ambt naar behoren uit te oefenen, belegt
de voorzitter van de raad van ministers uit eigen beweging of op
verzoek van twee leden een vergadering van die raad, ten einde de
gegrondheid van het vermoeden te onderzoeken.
2. De raad van ministers, oordelende dat daartoe termen bestaan,
beveelt het instellen van een geneeskundig onderzoek aan een
commissie, tezamen gesteld uit drie geneeskundigen waaronder ten
minste één geneeskundige, gespecialiseerd in de psychiatrie dan wel
in de zenuw- en zielsziekten.
3. Deze commissie is bevoegd de gewone geneesheer van de Gouverneur
in haar midden te roepen en dient de raad van ministers van bericht.
4. Van het in de raad van ministers verhandelde worden nauwkeurige
processen-verbaal in dubbel opgemaakt en door de voorzitter, de leden
en de secretaris ondertekend.
5. Als de raad, na de Raad van Advies te hebben gehoord, oordeelt,
dat het bericht van de commissie het bestaande vermoeden bevestigt,
wordt onverwijld een van de dubbelen van de processen-verbaal gezonden
aan de Koning en belegt de voorzitter van de raad van ministers een
vergadering van de Staten.
6. De vergadering wordt gehouden met gesloten deuren. De
vergadering verklaart, na de personen, die inlichtingen geven kunnen,
onder ede gehoord te hebben, en bij volstrekte meerderheid van stemmen
van de aanwezige leden, of er termen bestaan de Gouverneur niet in
staat te achten zijn ambt naar behoren uit te oefenen.
7. De verklaring, dat zodanige termen bestaan, ontheft, zolang zij
niet, na gelijk onderzoek, op gelijke wijze is ingetrokken en in
afwachting van een bij koninklijk besluit te nemen beschikking, de
Gouverneur van de uitoefening van zijn ambt.
8. Van het in de Staten verhandelde wordt een nauwkeurig
proces-verbaal in dubbel opgemaakt en door al de leden en de griffier
ondertekend.
9. Een van de dubbelen wordt onverwijld gezonden aan de Koning.
10. Wanneer de Gouverneur door een plotselinge ziektetoestand
anders dan bedoeld in het eerste lid niet in staat is om zijn ambt uit
te oefenen en om de uitoefening hiervan overeenkomstig artikel 13,
derde lid, tijdelijk aan de aldaar bedoelde persoon over te dragen,
worden de in dit artikel opgenomen bepalingen eveneens toegepast, met
dien verstande echter, dat de Gouverneur, nadat hij voldoende hersteld
is, de uitoefening van zijn ambt hervat.
Artikel 9
1. De Gouverneur kan, zolang hij zijn ambt bekleedt, niet voor de
strafrechter in Aruba, Curaçao of Sint Maarten worden gedagvaard,
noch aldaar in burgerlijke gijzeling gebracht, noch zonder koninklijke
toestemming als getuige in een rechtsgeding geroepen worden.
2. Hij kan, ook na zijn ontslag, wegens feiten, tijdens zijn
ambtsperiode gepleegd, in Aruba, Curaçao of Sint Maarten niet tot
straf vervolgd worden.
Artikel 10
De Gouverneur staat wegens ambtsmisdrijven in zijn betrekking
gepleegd, ook na zijn aftreden terecht voor de Hoge Raad der
Nederlanden. De opdracht tot vervolging wordt gegeven bij koninklijk
besluit of bij een besluit van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
Artikel 11
1. De Gouverneur staat in Nederland, behalve wegens
ambtsmisdrijven, terecht voor de rechter, die volgens de aldaar
geldende wetten bevoegd zou zijn geweest, naar gelang van de tegen het
feit bedreigde straffen, daarvan kennis te nemen, ware het gepleegd in
de gemeente in welke de zetel van de regering van het Koninkrijk
gevestigd is.
2. De straf tegen het feit bedreigd, is die welke daartegen
bedreigd wordt bij het strafrecht van de plaats, waar het feit is
begaan.
Artikel 12
Indien tegen de Gouverneur, hetzij in het geval voorzien in artikel
10, hetzij ter zake van andere strafbare feiten, een vervolging in
Nederland wordt ingesteld, draagt hij de uitoefening van zijn ambt over
aan degene, die bij koninklijk besluit is aangewezen om tijdelijk het
ambt van Gouverneur uit te oefenen.
Artikel 13
1. Wanneer de Gouverneur overeenkomstig artikel 8 tijdelijk van de
uitoefening van zijn ambt is ontheven, of wanneer hij niet in staat is
om het uit te oefenen, treedt als waarnemende Gouverneur op de
persoon, bij koninklijk besluit daartoe aangewezen.
2. Hetzelfde geschiedt wanneer de Gouverneur overlijdt of de
uitoefening van zijn ambt tussentijds beëindigt en zijn opvolger nog
niet is benoemd of nog niet kan optreden.
3. Wanneer ziekte van de Gouverneur anders dan bedoeld in artikel
8, eerste lid, een voorziening noodzakelijk maakt, onderscheidenlijk
wanneer hij verlof verkrijgt, draagt de Gouverneur de uitoefening van
zijn ambt tijdelijk over aan de persoon, bedoeld in het eerste lid.
4. Telkenmale wanneer de waarnemende Gouverneur als zodanig
optreedt in de gevallen, bedoeld in het eerste en tweede lid, doet hij
hiervan mededeling aan de Staten en brengt hij dit bij proclamatie ter
kennis van de ingezetenen.
5. De mededeling, onderscheidenlijk de proclamatie, bedoeld in het
vierde lid, worden gedaan door de Gouverneur in de gevallen, genoemd
in het derde lid.
6. Wanneer de Gouverneur in gevallen als bedoeld in het eerste en
derde lid, de uitoefening van zijn ambt hervat, doet hij hiervan
mededeling aan de Staten en brengt hij dit bij proclamatie ter kennis
van de ingezetenen.
Artikel 14
1. Al wat in dit reglement en in de Staatsregeling van Sint Maarten
is bepaald omtrent de Gouverneur is van overeenkomstige toepassing op
de waarnemende Gouverneur, met uitzondering van de voorschriften in de
artikelen 3 en 7 van dit reglement, en met dien verstande, dat de
verbodsbepalingen van artikel 6 van dit reglement niet gelden voor het
deel dat de waarnemende Gouverneur in de daarbij bedoelde concessies
en ondernemingen had, alsmede voor door hem vervulde betrekkingen als
genoemd in het vierde lid bij de aldaar bedoelde ondernemingen, voor
zover verworven onderscheidenlijk aanvaard buiten de tijd dat hij als
waarnemende Gouverneur optreedt, en dat het vijfde en zesde lid van
dat artikel niet op hem van toepassing zijn.
2. De waarnemende Gouverneur legt in een plechtige vergadering van
de Staten een afschrift over van het koninklijk besluit, bedoeld in
artikel 13, eerste lid, en van het proces-verbaal van zijn
eedaflegging.
Tweede afdeling. De bevoegdheden van de Gouverneur als orgaan van het
Koninkrijk
Artikel 15
1. De Gouverneur vertegenwoordigt de regering van het Koninkrijk en
waakt daarbij over het algemeen belang van het Koninkrijk
overeenkomstig de bepalingen van dit reglement en met inachtneming van
de bij of krachtens koninklijk besluit te geven aanwijzingen. Hij is
verantwoordelijk aan de regering van het Koninkrijk.
2. Indien de Gouverneur dan wel de Gouverneur van Aruba of Curaçao
het gewenst acht, plegen zij onderling overleg omtrent aangelegenheden
waarbij het belang van het Koninkrijk is betrokken.
3. Onze Minister-President of een andere minister van het
Koninkrijk kan overleg voeren met de Gouverneur, de Gouverneur van
Aruba en de Gouverneur van Curaçao.
4. Ten minste tweemaal per jaar vindt er een overleg plaats tussen
de Gouverneur, de Gouverneur van Aruba, de Gouverneur van Curaçao en
Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties omtrent
aangelegenheden waarbij het belang van het Koninkrijk is betrokken.
Aan dat overleg kunnen eveneens deelnemen Onze Ministers van het
Koninkrijk wie de te bespreken onderwerpen aangaan.
5. Indien Onze Minister-President deelneemt aan een overleg als
bedoeld in het derde of vierde lid, zit hij de vergadering voor.
Artikel 16
De Gouverneur zorgt voor de afkondiging van de hem daartoe vanwege de
Koning toegezonden rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur.
Hij draagt eveneens zorg voor de uitvoering van de rijkswetten en
algemene maatregelen van rijksbestuur en van de in Sint Maarten geldende
verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties, tenzij deze
uitdrukkelijk aan een landsorgaan is opgedragen.
Artikel 17
1. De Gouverneur kan om gewichtige redenen de hem bevolen
afkondiging of uitvoering van de in artikel 16 bedoelde rijkswetten en
algemene maatregelen van rijksbestuur opschorten en geeft hiervan
terstond kennis aan de regering van het Koninkrijk.
2. Wanneer de afkondiging of uitvoering van een rijkswet door de
Gouverneur is opgeschort, wordt hiervan door de Koning ten spoedigste
mededeling gedaan aan de vertegenwoordigende lichamen van de landen.
3. Indien de handeling van de Gouverneur niet de instemming van de
regering van het Koninkrijk verwerft, dan wordt de Gouverneur hiervan
in kennis gesteld. De afkondiging of uitvoering heeft daarna
onverwijld plaats.
Artikel 18
1. De rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur worden
afgekondigd door plaatsing in het officiële publicatieblad, met
vermelding van de datum van uitgifte.
2. Het formulier van afkondiging luidt:
«In naam van de Koning!
«De Gouverneur van Sint Maarten,
«Vanwege de Koning de last ontvangen hebbende tot afkondiging van
onderstaande rijkswet (onderstaande algemene maatregel van
rijksbestuur):
(Mededeling van de wettelijke regeling)
«Heeft opneming daarvan in het officiële publicatieblad bevolen.
Gedaan te , de .»
(Ondertekening van de Gouverneur)
3. Ingeval de uitoefening van het ambt van Gouverneur wordt
waargenomen, heeft voor zoveel nodig wijziging van dat formulier
plaats.
Artikel 19
De afgekondigde rijkswet of algemene maatregel van rijksbestuur
treedt in werking op het in of krachtens die regeling te bepalen
tijdstip.
Artikel 20
De Gouverneur houdt toezicht op de naleving van de rijkswetten en
algemene maatregelen van rijksbestuur en van de verdragen en besluiten
van volkenrechtelijke organisaties. Ter zake doet hij de nodige
voordrachten aan de regering van het Koninkrijk.
Artikel 21
De Gouverneur stelt een landsverordening en een hem voorgedragen
landsbesluit niet vast, wanneer hij de verordening of het besluit in
strijd acht met het Statuut, een internationale regeling, een rijkswet
of een algemene maatregel van rijksbestuur, dan wel met belangen,
waarvan de verzorging of waarborging aangelegenheid van het Koninkrijk
is. Hij geeft hiervan terstond kennis aan de Koning als hoofd van de
regering van het Koninkrijk. Wanneer bij koninklijk besluit, de Raad van
State van het Koninkrijk gehoord, wordt beslist dat zodanige strijd niet
aanwezig is, stelt de Gouverneur de landsverordening of het landsbesluit
alsnog vast. Het koninklijk besluit, waarbij wordt beslist dat zodanige
strijd wel aanwezig is, wordt in het officiële publicatieblad bekend
gemaakt.
Artikel 22
1. De Gouverneur zendt elke vastgestelde landsverordening en elk
vastgesteld landsbesluit, houdende algemene maatregelen, onverwijld
aan de Koning als hoofd van de regering van het Koninkrijk.
2. Wetgevende en bestuurlijke maatregelen in Sint Maarten
getroffen, kunnen op grond van strijd met het Statuut, een
internationale regeling, een rijkswet of algemene maatregel van
rijksbestuur, dan wel met belangen, waarvan de verzorging of
waarborging aangelegenheid van het Koninkrijk is, geheel of
gedeeltelijk bij koninklijk besluit, de Raad van State van het
Koninkrijk gehoord, worden geschorst en vernietigd. De voordracht tot
vernietiging geschiedt door de raad van ministers van het Koninkrijk.
3. Het besluit tot schorsing of vernietiging wordt in het
officiële publicatieblad geplaatst.
4. De schorsing stuit onmiddellijk de werking van de geschorste
bepalingen.
5. Is binnen één jaar na de dagtekening van het schorsingsbesluit
geen besluit tot vernietiging tot stand gekomen, dan vervalt de
schorsing. Hiervan geschiedt kennisgeving in het officiële
publicatieblad.
6. Bepalingen, die geschorst zijn geweest, kunnen niet opnieuw
worden geschorst.
7. Het besluit tot vernietiging regelt de gevolgen van de
vernietiging.
Artikel 23
De landsverordening kan aan de Gouverneur als orgaan van het
Koninkrijk met koninklijke toestemming bevoegdheden met betrekking tot
aangelegenheden van Sint Maarten opdragen, welke hij niet uitoefent als
vertegenwoordiger van de Koning als hoofd van de regering van Sint
Maarten.
Artikel 24
1. De landsorganen verlenen op verzoek van de Gouverneur hun
medewerking bij de uitoefening van de hem in dit reglement toegekende
bevoegdheden.
2. De onder hen ressorterende diensten en ambtenaren staan daartoe
te zijnen dienste.
Artikel 25
1. De Gouverneur is naar de bepalingen, vervat in de wet van 22
april 1855 (Stb. 33), houdende regeling der verantwoordelijkheid van
de hoofden der ministeriële departementen, tot straf vervolgbaar:
a. wanneer hij opzettelijk uitvoering geeft of doet geven aan
koninklijke besluiten, niet voorzien van de vereiste
mede-ondertekening van een der ministers van het Koninkrijk;
b. wanneer hij opzettelijk beschikkingen neemt, of opdrachten
geeft, of bestaande beschikkingen of opdrachten handhaaft,
waardoor de bepalingen van dit reglement of andere in Sint Maarten
geldende wettelijke regelingen worden geschonden;
c. wanneer hij opzettelijk nalaat uitvoering te geven of te
doen geven aan de voorschriften van dit reglement of andere in
Sint Maarten geldende wettelijke regelingen, of aan koninklijke
besluiten, geen wettelijke regelingen zijnde, doch waarvan hem de
uitvoering is opgedragen;
d. indien hij zonder opzet de uitvoering onder letter c
omschreven, grovelijk verzuimt.
2. De feiten in dit artikel vermeld worden beschouwd als
misdrijven.
3. De feiten, vermeld onder letters a, b en c worden gestraft met
de straf genoemd in artikel 355, en het feit, vermeld onder letter d,
met de straf genoemd in artikel 356 van het Nederlandse Wetboek van
Strafrecht.
Artikel 26
Deze rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te
bepalen tijdstip.
Artikel 27
Deze rijkswet wordt aangehaald als: Reglement voor de Gouverneur van
Sint Maarten.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad,
in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad
van Aruba zal worden geplaatst en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de
nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage, 7 juli 2010
BEATRIX
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
A.Th.B. Bijleveld-Schouten
Uitgegeven de eerste september 2010
De Minister van Justitie,
E.M.H. Hirsch Ballin
|
|
|