BESLUIT van 13 augustus 2004, houdende aanwijzing van
gevallen waarin een uitvoeringsorgaan mag afwijken van de verplichting
om met iedere instelling op haar verzoek een overeenkomst te sluiten als
bedoeld in artikel 42, eerste lid, van de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten (Besluit opheffing contracteerplicht extramurale zorg
AWBZ)
WIJ
BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de
voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
van 4 juni 2004, Z/P-2487628;
Gelet op artikel 45 van de Algemene Wet
Bijzondere Ziektekosten;
De Raad van State gehoord (advies van 2 juli
2004, nr. W13.04.0227/III);
Gezien het nader rapport van de
Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 augustus
2004, Z/P-2503254;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
De verplichting om met iedere instelling op haar verzoek een
overeenkomst te sluiten als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, geldt niet voor zover de
instelling zorg verleent als bedoeld in de artikelen 4 tot en met 8, van
het Besluit zorgaanspraken AWBZ welke niet gepaard gaat met verblijf als
bedoeld in artikel 9 van dat besluit, alsmede voor zover de instelling
zorg verleent als bedoeld in de artikelen 11 en 16 van dat besluit.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Artikel 3
Dit besluit wordt aangehaald: Besluit opheffing contracteerplicht
extramurale zorg AWBZ.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de
daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal
worden geplaatst.
's-Gravenhage, 13 augustus 2004
BEATRIX
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
J.F. Hoogervorst
Uitgegeven de dertigste augustus 2004
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner