St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Ambtenarenwet (AW)

 

BESLUIT  AANVULLENDE  REGELS  RECHTSPOSITIE  AMBTENAREN  BIJ  DE  BINNENLANDSE  VEILIGHEIDSDIENST

Tekst zoals deze geldt op 28 januari 2009

Verwijderd uit ons regelingenbestand

 

  
 

 

 
BESLUIT van 27 mei 1986, houdende vaststelling van aanvullende regels ten aanzien van de rechtspositie van de ambtenaren bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 12 februari 1986, nr. 26.993 SG/Kab., Directie Personeelszaken/Kabinet;
     Overwegende dat het in verband met de inwerkingtreding van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 (Stb. 1983, 571) en de invoering van hoofdstuk XIa van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (Stb. 1982, 526) wenselijk is gebleken een nieuwe aanvullende regeling tot stand te brengen betreffende de rechtspositie van de ambtenaren bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst;
     Gelet op de artikelen 125, eerste lid, en 134, eerste lid, van de Ambtenarenwet 1929 (Stb. 1929, 530);
     De Raad van State gehoord (advies van 17 april 1986, nr. W04.86.0090);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 16 mei 1986, nr. 28.441 SG/Kab.;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Definities

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder de ambtenaar: de ambtenaar, bedoeld in artikel 1 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, die is aangesteld bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.

Bezoldiging

Artikel 2

De bezoldiging van het hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst wordt vastgesteld bij Koninklijk besluit.

Artikel 3 [Vervallen per 01-10-2000]

Wachtgeld

Artikel 4

In afwijking van het bepaalde in artikel 6, eerste lid, van het Rijkswachtgeldbesluit 1959 (Stb. 1959, 319), is de duur van het wachtgeld voor de ambtenaar, aan wie krachtens artikel 96, eerste lid, van het Algemeen rijksambtenarenreglement ontslag is verleend, gelijk aan de diensttijd in de zin van het Rijkswachtgeldbesluit 1959.

Artikel 5 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 6 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 7 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 8 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 9 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 10 [Vervallen per 03-12-1999]

Artikel 11 [Vervallen per 03-12-1999]

Intrekking bestaand besluit

Artikel 12

Het Rechtspositiebesluit Binnenlandse Veiligheidsdienst (Stb. 1955, 34) wordt ingetrokken.

Inwerkingtreding

Artikel 13

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt voor wat betreft de artikelen 5 tot en met 11 terug tot en met 24 augustus 1984.

 

 

     Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

 

's-Gravenhage, 27 mei 1986

 

BEATRIX

 

De Minister van Binnenlandse Zaken,
R.W. de Korte

 

Uitgegeven de negentiende juni 1986
De Minister van Justitie a.i.,
R.W. de Korte

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Ambtenarenwet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x